Nieuw record tijdens de Regio Big Day!

Zaterdag 14 mei 2022

Vandaag is het dan eindelijk zover: de Big Day in de regio staat vandaag op de planning. Verschillende groepjes vogelen de hele dag in de gehele regio (knnvsticht.waarneming.nl) om zoveel mogelijk soorten te zien in 24 uur tijd. Vorig jaar was de eerste editie en dit jaar doen 5 groepjes mee om het record van vorig jaar te verbeteren (122 soorten). Net als vorig jaar doen Daan van Braak, Evert Florijn, Jorian Eijkelboom en ik weer mee onder de teamnaam “De uilskuikens”.

Voorbereiding
De afgelopen weken hebben we een en ander voorbereid. Met pijn en moeite vinden we enkele plekken voor uilen. Vooral Bosuil kon nog wel eens een probleem gaan worden, aangezien ze dit jaar niet erg dik bezaaid zijn. Afgelopen week vond ik ineens op 3 plekken rondom Woerden broedverdachte IJsvogels. Ook vonden Daan en ik compleet onverwacht een nest met Boomvalken en bezochten we plekken rondom Kockengen die we Big Day aan moesten doen. Uiteindelijk maken we in goed overleg een route voor die dag.

De dag zelf
Om 0.45 spreken we af op station Gouda Goverwelle. Naast het station kunnen we gelijk de eerste goede soort noteren, want in het Goudse Hout zingt een Nachtegaal. Deze soort is zeldzaam in onze regio, maar is dit jaar goed vertegenwoordigd met zeker 10 territoria. Een andere leuke soort zijn de twee Bosrietzangers die net weer zijn teruggekeerd uit de overwinteringsgebieden uit Afrika. Ook Waterhoen, Meerkoet, Krakeend en Blauwe Reiger zijn blijkbaar al wakker.
1     00:56   Krakeend
2     00:56   Nachtegaal
3     00:57   Meerkoet
4     01:05   Bosrietzanger
5     01:07   Waterhoen

Nu de eerste 2 leuke soorten binnen zijn, wordt het tijd om op zoek te gaan naar uilen. Daan had rondom Haastrecht nestlocaties gevonden van Bos- en Kerkuil, maar beide soorten geven helaas niet thuis. Voor Bosuil is het te laat in het jaar, want de jongen zijn waarschijnlijk net uitgevlogen. We noteren wel wat algemene soorten, maar vrolijk worden we er niet van.
6     01:11    Blauwe Reiger
7     01:23    Scholekster
8     01:23    Wilde Eend
9     01:46    Grauwe Gans
10   01:46    Kauw
11   01:51    Kokmeeuw
12   01:56    Grutto
13   01:56    Rietzanger

We proberen het aan de zuidkant van de Reeuwijkse Plassen. Een tweede plek voor Kerkuil is wel succesvol, want een oudervogel vliegt roepend rond. Dat geeft moed! We proberen een andere locatie voor Bosuil, maar ook hier horen we deze uil niet. Vanuit de rietranden zingt wel een Kleine Karekiet en Cetti’s Zanger; we merken ook roepende Brandganzen op langs de Twaalfmorgen, een fijne soort om te hebben!
14   02:15    Kerkuil
15   02:25    Knobbelzwaan
16   02:27    Brandgans
17   02:36    Cetti’s Zanger
18   02:39    Kleine Karekiet
19   03:15    Fuut

Rondom Gouda hebben we een plek voor Roerdomp. Het duurt even, maar na een paar minuten begint het dier te hoempen. Fijn! Vervolgens zetten we trend richting Zaans Rietveld om een (niet-geplande) poging te doen voor Kwartel die daar gisteren gehoord was. Die horen we helaas niet, wel roepen Kievit en Tureluur vanuit het plasdras. We rijden via de westkant van de Nieuwkoopse Plassen naar de locatie waar we met het eerste licht willen zijn: de Groene Jonker. Onderweg stoppen we bij Aarlanderveen, bij een boerderij waar een Steenuil moet zitten. Vanuit de Nieuwkoopse Plassen klinkt de zang van onze 2e Nachtegaal van de dag. De Steenuil laat zich helaas niet horen, maar gelukkig ziet Daan er ineens eentje zitten op een paaltje langs de weg. In het licht van de auto is deze kleine uil prima te bewonderen, gaaf! Iets verderop jaagt een Ransuil in de wegberm en laat zich geruime tijd prachtig bewonderen. Dit betekent dat we alle geplande nachtsoorten, behalve Bosuil, binnen hebben! We rijden door richting de Groene Jonker, maar stoppen bovenaan de dijk bij de Ruygeborg even om te luisteren, eventueel voor een leuke ral. Die horen we niet, maar wel horen we Snor, Sprinkhaanzanger, Rietgors, Koekoek, Wulp en zien we o.a. Bergeend en Kleine Mantelmeeuw.
20   03:19    Roerdomp
21   03:49    Tureluur
22   03:50    Kievit
23   04:22    Steenuil
24   04:25    Ransuil
25   04:36    Rietgors
26   04:36    Sprinkhaanzanger
27   04:47    Bergeend
28   04:47    Kleine Mantelmeeuw
29   04:47    Koekoek
30   04:47    Snor
31   04:47    Wulp
32   04:47    Zanglijster
33   04:53    Merel
34   04:53    Winterkoning
35   04:54    Koolmees
36   05:06    Kuifeend

De Groene Jonker is een van de beste en bekendste natuurgebieden binnen onze regio, het is dus niet voor niets dat we hier heel vroeg willen zijn. We rijden de parkeerplaats op en vlak voor ons vliegt (in het halfdonker) een kleine vogel met witte staart op die vlakbij weer gaat zitten: een Tapuit, yes! Vanuit het gebied horen we al snel de karakteristieke ‘zweepslag’ van een Porseleinhoen. Fijn dat deze schaarse soort er nog zit, want ze waren al ruim een week niet meer gemeld. In het eerste licht zien we dat er opvallend veel Zwarte Sterns overnacht hebben. Helaas zit er geen zeldzame stern tussen. We lopen een uurtje door het gebied om wat lastige Big Day soorten en typische Groene Jonker soorten te kunnen bijschrijven: o.a. Kolgans, Smient, Blauwborst, Waterral, Geoorde Fuut, Zwartkopmeeuw, Regenwulp en Zomertaling.
37   05:07    Grasmus
38   05:09    Slobeend
39   05:12    Tapuit
40   05:16    Porseleinhoen
41   05:18    Kemphaan
42   05:18    Oeverloper
43   05:22    Kolgans
44   05:22    Smient
45   05:22    Zwarte Stern
46   05:23    Kluut
47   05:23    Tafeleend
48   05:25    Geoorde Fuut
49   05:25    Zwarte Kraai
50   05:29    Zwartkopmeeuw
51   05:33    Zomertaling
52   05:35    Bruine Kiekendief
53   05:40    Blauwborst
54   05:46    Lepelaar
55   05:46    Regenwulp
56   05:46    Torenvalk
57   05:46    Waterral
58   05:50    Fitis
59   05:50    Tjiftjaf
60   05:56    Holenduif
61   06:08    Gierzwaluw
62   06:13    Visdief
63   06:19    Boerenzwaluw
64   06:19    Pimpelmees

Voordat we verder gaan naar de volgende bestemming, stoppen we even langs de boerderijen naast de Groene Jonker om enkele algemene zangvogels: zo horen we de eerste Tuinfluiter, Boomkruiper, Putter en Kneu. Aan de noordkant van de Groene Jonker maken we een korte stop, want vanaf hier heb je goed uitzicht op de plassen en is Ringmus een vaste gast. De Ringmus is inderdaad makkelijk en verder zien we in de Groene Jonker twee Kleine Plevieren lopen. De gehoopte Pijlstaart laat het helaas afweten, waarschijnlijk zijn ze allemaal alweer vertrokken.
65   06:19    Spreeuw
66   06:23    Huismus
67   06:25    Vink
68   06:33    Kneu
69   06:33    Putter
70   06:33    Tuinfluiter
71   06:39    Wintertaling
72   06:44    Boomkruiper
73   06:44    Zwartkop
74   06:46    Gaai
75   06:47    Houtduif
76   06:53    Kleine Plevier
77   06:53    Ringmus

Na de Groene Jonker wordt het tijd om naar Waverhoek te gaan. Onderweg stoppen omdat er in een weiland bij De Hoef veel meeuwen lopen: opmerkelijk veel Zwartkopmeeuwen, maar ook (wel nieuw) Storm- en Zilvermeeuw. Een Spotvogel zingt vanuit een tuin, er vliegen Huiszwaluwen rond en de 2e Tapuit van de dag zit op een paaltje vlak langs de weg. Op de Tweede Velddwarsweg roept Jorian ineens luid dat hij een Casarca ziet vliegen en inderdaad, er vliegt een Casarca over de auto heen! Gauw stoppen we en zien we de eendachtige kort in het weiland landen. Een dikke bonus! Verderop is het een goede strategie om met open raam te rijden, want langs de Botsholsedwarsweg hoor ik ineens duidelijk de roep van een Gekraagde Roodstaart uit een boerderijtuin komen! Uiteraard stoppen we even en zie ik de vogel, een vrouwtje, ook even zitten. Net op het moment dat we een bewijsplaatje willen maken, komt de boer woest naar ons toelopen met de vraag waarom we met dure apparatuur naar zijn erf kijken. Als we uitleggen dat we een schaarse vogel zien, gaat de boer nog verder over de rooie en schreeuwt dat we heel gauw moeten oprotten! Dan maar geen plaatje. Ik wijs Daan, Evert en Jorian nog gauw een Grauwe Vliegenvanger aan (boer: “Staan jullie hier nou nog steeds, oprotten!”) en dan rijden we toch maar door naar Waverhoek.
78   06:59    Ekster
79   06:59    Turkse Tortel
80   07:03    Spotvogel
81   07:05    Huiszwaluw
82   07:10    Stormmeeuw
83   07:10    Zilvermeeuw
84   07:17    Casarca
85   07:18    Aalscholver
86   07:37    Gekraagde Roodstaart
87   07:37    Grauwe Vliegenvanger

Casarca – Ruddy Shelduck (photo: Jorian Eijkelboom)

In Waverhoek krijgen we alles te zien waar we op gerekend hadden, plus nog meer! We hadden gerekend op Havik en Boompieper (een van de weinige broedplekken in onze regio) en deze twee soorten lukken. Verder lopen er korte tijd 2 Goudplevieren, een groepje Bontbekplevieren en Groenpootruiters, merkt Evert heel scherp 3 Koereigers op langs de dijk en zien we zelfs een Zeearend boven Botshol vliegen. Laatstgenoemde zien we helaas maar een paar tellen voordat deze achter de bomen verdwijnt en er nooit meer achter vandaan komt.
88   7:58    Goudplevier
89   7:58    Groenpootruiter
90   8:09    Koereiger
91   8:11    Grote Bonte Specht
92   8:11    Witte Kwikstaart
93   8:25    Bontbekplevier
94   8:25    Boompieper
95   8:39    Havik
96   8:59    Zeearend
97   9:06    Buizerd
98   9:06    Graspieper

Koereiger – Cattle Egret (photo: Daan van Braak)
Bontbekplevier – Common Ringed Plover (photo: Daan van Braak)
Goudplevier – European Golden Plover (photo: Jorian Eijkelboom)

Na dit succes wordt het tijd om voorzichtig richting het zuiden te rijden. Bij Marickenland lopen meerdere Steltkluten, maar verder valt er weinig nieuws te noteren. We rijden ff terug naar Botshol omdat Jorian zijn recorder is kwijtgeraakt. Het levert geen recorder op, wel een Heggenmus. Vlakbij Teckop zien we vanuit de auto zowel Grote Zilver- als Purperreiger in de veenweidepolders lopen. We lopen een stukje de Hollandse Kade bij Kockengen op, met als resultaat Ooievaar en een zingende Veldleeuwerik. Er is veel thermiek, zo pikken we o.a. Boomvalk en 2 cirkelende Raven op, weer een dikke bonussoort! Helaas geen Sperwer.
99        9:44    Steltkluut
100    10:28    Heggenmus
101    10:35    Grote Zilverreiger
102    10:36    Purperreiger
103    10:40    Ooievaar
104    10:54    Veldleeuwerik
105    10:57    Raaf
106    11:05    Boomvalk

Onderweg naar Haarzuilens pikken we vanuit de auto een Slechtvalk op. In het Wielreveld broeden Roodborsttapuiten, die moeten we hebben natuurlijk. Zo gezegd, zo gedaan. Bonussen zijn Staartmees, Groenling en de 1e Roodborst van de dag… Het begint warm te worden, helaas weer geen overvliegende Sperwer. De volgende stop is Vijverbos, waar we de drie doelsoorten waarnemen: Boomklever, IJsvogel en Groene Specht.
107    11:27    Slechtvalk
108    11:32    Roodborst
109    11:42    Staartmees
110    11:54    Roodborsttapuit
111    11:59    Groenling
112    12:26    Boomklever
113    12:43    Groene Specht
114    12:51    IJsvogel

Via Woerden (broedkolonie Roeken en een bekende plek voor Zwarte Roodstaart) wordt het tijd om richting de Lek te rijden. We rijden iets om omdat er bij Snelrewaard een Braamsluiper was ingevoerd op Waarneming.nl. Deze zit bij onze aankomst luid te zingen. Na een korte stop in Monfoort voor een ijsje bezoeken we de Bossenwaard. Hier valt het eigenlijk zwaar tegen, want hier hadden we gerekend op meer steltlopers. De enige nieuwe soorten zijn Bosruiter, Gele Kwikstaart en Oeverzwaluw. Geen Temmincks, Drieteenstrandloper of Noordse Kwikstaart die hier gisteren nog zaten. Het idee daarna is om een heel stuk langs de Lek te rijden voor grote meeuwen. En precies zoals gepland zien we Pontische en Grote Mantelmeeuw op bakens langs de rivier, fijn als een plan werkt!
115    13:30    Roek
116    13:51    Zwarte Roodstaart
117    14:18    Braamsluiper
118    15:21    Bosruiter
119    15:26    Gele Kwikstaart
120    15:47    Oeverzwaluw
121    16:19    Pontische Meeuw
122    16:54    Grote Mantelmeeuw

Zwarte Roodstaart in Woerden – Black Redstart

Nu wordt het tijd om rondom Gouda en Alphen aan den Rijn soorten te sprokkelen. Op de bekende plek zien we de laatste nachtsoort die we nog miste: Bosuil. Na een bezoekje aan de Mac rijden we door naar Zaans Rietveld. Hier waren de laatste weken veel Temmincks Strandlopers en soms een Kleine Strandloper gezien. Deze zijn vandaag echter allebei niet aanwezig, ook de Kwartel laat weer niet van zich horen. Via de Reeuwijkse Plassen (Krooneenden) rijden we naar Twaalfmorgen voor hopelijk nieuwe stelten (Watersnip, Witgat of strandlopers), maar hier zien we niks nieuws. Zelfs een dik half uur posten levert geen Sperwer op.
123    17:32    Bosuil
124    17:51    Dodaars
125    19:31    Krooneend

Bosuil – Tawny Owl (photo: Jorian Eijkelboom)

Tot slot rijden we naar het Doove Gat, het verzamelpunt om met de andere Big Day groepjes bij te praten. We maken de eindscores op, horen van elkaar hoe de dag verliep en wat grote missers of juist dikke bonussoorten waren. Er zwemt een Zomertaling en 2 2kj Zwartkopmeeuwen zitten in de Kokmeeuwenkolonie. Ineens schreeuwt Evert “Zwarte Ibis” en ja hoor, in het begin van de schemering landen ineens 3 Zwarte Ibissen in het Doove Gat!

126    22:03    Zwarte Ibis

Uiteindelijk blijft de teller bij ons groepje steken op 126 soorten, een nieuw record en een verbetering van 4 soorten ten opzichte van het vorige record. Ook hadden wij 11 soorten meer dan vorig jaar. De grootste missers waren Sperwer, Witgat, Zwarte Ruiter, Temmincks Strandloper en Geelpootmeeuw. Daar tegenover staan de vele bonussen die wij vandaag hadden.

Wageningen Fiets Big Day

Zaterdag 23 april 2022

Vrijdag spreken Bram de Vries, Jonathan Janse en ik af in Wageningen, want er staat een Wageningen fiets Big Day gepland voor de volgende dag. ’s Avonds bespreken we de route voor de volgende dag en noemen we een doelaantal: 110 moet zonder veel voorbereiding goed mogelijk zijn. Tijdens het bijpraten komt wel een kleine teleurstelling naar voren: Brams telescoop is kapot, dus we hebben geen telescoop tijdens de dag. Niet fijn, maar we laten ons hier niet uit het veld door slaan. Ook Brams vriendin Jolijn doet ’s ochtends en ’s avonds mee, gezellig! We gaan vroeg slapen en om half 6 gaat de wekker.

Ons afspreekpunt is de Rijnhaven, aan de zuidkant van Wageningen, om 6 uur. Hier horen en zien we de eerste 20 soorten van de dag. Naast algemene soorten nemen we ook de eerste goede soorten waar: een Slechtvalk zit op de fabriek, we horen een zingende Zwarte Roodstaart en er vliegen Roeken rond. We fietsen naar de Wageningse Bovenpolder, waar we stoppen langs de Nevengeul. We staan hier een dik kwartiertje om te luisteren en te kijken. Soorten waar we op gerekend hadden, zijn Sprinkhaanzanger, Cetti’s Zanger, Blauwborst, Rietzanger (lastig in dit deel van het land) en Lepelaar. Deze lukken allemaal en we horen ook een bonus in de vorm van een Nachtegaal. Hier tikken we de 47 soorten aan en het is nog niet eens half 7 geweest.

Nu we de meeste rietvogels wel binnen hebben, wordt het tijd om de Veluwe op te gaan. Bij Oranje Nassau’s Oord scoren we de 1e bossoorten, met als fijnste 3 Groene Spechten die op een grasveld foerageren. Ook Boomklever, Huiszwaluw en een zingende Goudhaan worden genoteerd. Een paar kilometer verderop stoppen we om een klein ommetje te maken door het Renkums Beekdal, met 2 doelsoorten: Middelste Bonte en Zwarte Specht. De eerste werkt helaas niet mee, maar laatstgenoemde horen we wel enkele malen roepen. We merken verder veel zingende vogels op: o.a. Zwarte en Kuifmees, Appelvink, Vuurgoudhaan en, langs de randen van het bos, Boompieper. Een fijne bonus is een overvliegende Sijs. Rond 7:40 stappen we weer op de fiets en gaan we nog dieper de Veluwe op, via Quadenoord richting de Telefoonweg. Op de velden bij Quadenoord foerageren aardig wat Grote Lijsters en vanuit de eiken langs het zandpad horen we ineens een Middelste Bonte Specht roepen (ook even gezien). Daar hadden we niet meer op gerekend! De Telefoonweg is goed voor Veld- en Boomleeuwerik, Gekraagde Roodstaart, Roodborsttapuit en Torenvalk. Een grotere roofvogel die langs de bosrand vliegt, blijkt een Rode Wouw te zijn. De vogel cirkelt laag en landt zelfs in het ruige veld, gaaf! De wouw is alweer soort nr. 68.

Rode Wouw langs de Telefoonweg

Het gaat erg voorspoedig, het is pas rond 8:20 maar we zijn wel ‘klaar’ op de Veluwe. Tijd om via Wageningen-Hoog richting het Binnenveld te fietsen. In Wageningen-Hoog horen we meerdere Bonte Vliegenvangers (nieuw). Noemenswaardig maar niet nieuw zijn Vuurgoudhaan en Appelvink. De bekende Bosuil is helaas niet thuis, maar gelukkig hebben we voor deze soort andere plekken achter de hand. Het landschap wordt opener en rap maken de bossoorten plaats voor soorten van het open landschap: zo pakken we Kievit, Scholekster, Graspieper, Gele Kwikstaart en Groenling vanaf de fiets. Het plasje langs de Egelsteeg brengt ons de gehoopte Dodaars en Kleine Plevier. Aan de rand van het Binnenveld worden bovendien Ringmus, Roodborsttapuit, Paapje en Regenwulp aan de lijst toegevoegd. Het Binnenveld ligt er mooi bij, want de plasjes zijn een eldorado voor eenden en steltlopers. Dat is te zien aan de daglijst, want die stijgt in slechts een halfuur tijd naar maar liefst 98 dankzij Ooievaar, Slobeend, Pijlstaart, Zomertaling, Bontbekplevier, Bosruiter, Tureluur, Zwarte Ruiter, Kemphaan, Witgat, Watersnip, Groenpootruiter, Grutto, Wulp en Patrijs. Langs het Valleikanaal merken we een Visdief op.

Nu het Binnenveld ‘geleverd heeft’, wordt het tijd om langs de Utrechtse Heuvelrug en de daaraan grenzende uiterwaarden te bezoeken. De Laarsenberg levert (om 10.42) onze 100e soort van de dag op: een vroege Tuinfluiter zingt vanuit de bosrand. Het bos is verder goed voor 2 Bosuilen en Glanskop. Drie overvliegende Kruisbekken worden door ons met luid gejuich ontvangen, want op deze lastige soort hadden we niet gerekend. Het wordt tijd om het bos te verlaten en de Blauwe Kamer te bezoeken. Onderweg worden we aangenaam verrast door overvliegende Sperwer, Havik en Raaf die allen boven de Grebbeberg vliegen, fijn! In de Blauwe Kamer lopen de bekende Koereigers nog steeds tussen de runderen. Verder zien we Grote Mantel- en Zilvermeeuw, loopt er een late Kolgans rond en zijn Bergeend en Braamsluiper nog nieuw voor de daglijst. Een Noordse Kwikstaart die eerder gezien was, is niet voor ons weggelegd. Bram wijst ons met gebalde vuisten een groepje Kokmeeuwen aan, mij verbijsterd achter latend want deze rete-algemene soort schijnt in deze tijd van het jaar erg schaars te zijn rondom Wageningen… Ik word een stuk vrolijker van de 2e Rode Wouw van de dag. In het bos op de Grebbeberg zoeken we tevergeefs naar Matkop en een recent gemelde Fluiter, maar worden we wel verrast door een zingende (!) Keep, een erg lastige soort eind april. Bovendien vliegt er enige tijd een dwergvleermuis spec rond in het bos, op klaarlichte dag!

Onderaan de Grebbeberg pikt Jonathan heel scherp een langsvliegende man Grote Zaagbek (#116) op, ook erg fijn! We fietsen al richting de Elster Buitenwaard als Jonathan gebeld wordt door Aart Vink dat hier 2 Dwergmeeuwen aanwezig zijn. We fietsen snel door, maar helaas pikken we deze schaarse meeuwensoort niet meer op. Kluut, Brandgans, Casarca en Bonte Strandloper brengt de score nog voor 14.00 op 120 soorten. Een kort uitstapje naar de andere kant van de weg (Plantage Willem III) levert ons 3 Beflijsters op. Daarna doen we, tegen beter weten in, een 2e poging voor Dwergmeeuw in de Elster Buitenwaard. Goed teamwork volgt: ik pik er scherp 2 Smienten uit (#122), Bram ziet ineens toch de Dwergmeeuwen (#123)rondvliegen op grote afstand en tot slot pikt Jonathan op nóg grotere afstand 2 moerassterns op boven de rivier. De laatste soort gaat op grote afstand (honderden meters) en in fel tegenlicht boven de achterste plas foerageren met de Dwergmeeuwen en Visdieven. Ik schiet gauw wat plaatjes, waar door de slechte omstandigheden amper iets op te zien is, en Jonathan meldt de beesten als Zwarte Stern in de Wageningse regioapp, want deze soort is zeldzaam in deze regio. Aart Vink fietst terug en samen zien we (door de verrekijker, want we hebben allemaal geen telescoop) de vogels foerageren. Witvleugelstern wordt nog even overwogen, maar die kunnen we op basis van de lichte ondervleugeldekveren uitsluiten. We houden het maar op Zwarte Sterns, al hebben we alle 4 het idee dat er iets niet helemaal klopt. En dat blijkt later, maar daar kom ik later op terug… De tijdsdruk van de Big Day zorgt ervoor dat we beseffen dat we verder moeten.

De Amerongse Bovenpolder levert niks nieuws op (überhaupt geen leuke soort), maar bij telpost de Pijp vliegen 2 adulte Geelpootmeeuwen (#125) rond. Op de Amerongse Berg horen we allemaal 2 Gekraagde Roodstaarten, Goudvink (#126) en Fluiter (#127), laatstgenoemde met dank aan Jonathans vader Mart Janse. In Veenendaal zelf pik ik scherp (al zeg ik ‘t zelf…) een Boomvalk (#128) op vanaf de fiets. Ons geluk kan niet op, want een wandeling van minder dan 5 minuten in de Groene Grens levert de gehoopte IJsvogel (#129) op. Hier krijgen we bericht dat Gydo Koster 2 Witwangsterns in de Elster Buitenwaard gevonden heeft. Dan pas begint er een lampje te branden bij Bram, Jonathan en mij, want onze moerassterns waren dus Witwangsterns in plaats van Zwarte Sterns! De enorme prutfoto’s die heb weten te schieten, lijken dit te bevestigen. Snel contact met Gydo doet blijken dat er geen andere moerassterns rondhangen, waardoor wij concluderen dat onze sterns echt Witwangsterns geweest moeten zijn. Het hoogtepunt en tegelijkertijd het dieptepunt van de dag en het levende bewijs dat Brams telescoop erg gemist wordt! Via het Valleikanaal fietsen we terug naar Wageningen. Een gemelde Kleine Karekiet wil niet meewerken, mogelijk vanwege de harde wind, maar wel zien we een Tapuit (#130) op een paaltje zitten en Wintertaling (#131) is ook nog nieuw.

Zwarte Stern, ehm… Witwangstern in de Elster Buitenwaard. Compilatie van de ‘beste’ foto’s, waarbij met wat fantasie nog bv de witte wang te herkennen is op de foto linksboven

Langs de Haarwal zien we helaas geen Bokjes of een andere nieuwe soort. Het is inmiddels half 6 geweest dus het wordt tijd voor een snelle hap. We kiezen voor een snackbarretje vlak bij de Wageningse uiterwaarden, zodat we het daar kunnen opeten. Dankzij een berichtje van een overvliegende Visarend in de Wageningse Bovenpolder scannen we buiten bij de snackbar de lucht af en als Bram een harde brul geeft, weten Jonathan en ik genoeg: er vliegt inderdaad een Visarend (#132) over de snackbar! De mensen op de terrassen om de snackbar heen kijken ons maar raar aan… De patat wordt opgegeten langs de dijk en daarna gaan we nogmaals de Wageningse Bovenpolder in. Het levert niet de gewenste Purperreiger op, maar een roepende Waterral betekent wel soort #133 van de dag. De hele dag waren we erg scherp en gemotiveerd, maar nu komt dan toch de bekende dip: tot het donker wordt lopen we wat te slenteren door de uiterwaarden zonder heel veel te zien. Er vliegen wat Oeverzwaluwen en een Gekraagde Roodstaart rond, een 2e IJsvogel is leuk en een Witgat vliegt roepend over. Toch komt er nog een nieuwe bij, want er lopen 2 Oeverlopers (#134) langs de rivier. In het laatste licht doen we een uiterste poging bij de Blauwe Kamer voor de Kwak. Geen Kwak, maar wel een Steenuil (#135). We proberen tot slot nog een plek voor Kerkuil, maar die geeft niet thuis.

En zo komt een einde aan deze dag. 135 soorten is een prachtig aantal, zeker als je bedenkt dat deze dag een voorbereiding was op een Big Day op 14 mei, we op 110-120 soorten gerekend hadden en we geen telescoop tot onze beschikking hadden. De grootste missers zijn Stormmeeuw, Kleine Bonte Specht, Rans- en Kerkuil en Pontische Meeuw, maar daar staat natuurlijk tegenover dat we vele bonussoorten hadden (o.a. Sijs, Kruisbek, Dwergmeeuw, Witwangstern, Rode Rouw, Keep, Grote Zaagbek) en sommige soorten gingen makkelijker dan gedacht (Middelste Bonte en Zwarte Specht). We hebben nog even overwogen om in de namiddag naar de Hoge Veluwe te gaan voor o.a. Draaihals, Koekoek, Blauwe Kiekendief, maar dit lukte niet doordat we last minute niet aan een auto konden komen. In totaal hebben we ruim 90 km gefietst, zie onderstaande kaartje. Zie ook onderstaande soortenlijst van de Big Day, op chronologische volgorde.

Bestreken gebied tijdens de Wageningen Big Day, allemaal op de fiets! Ruim 90 km gefietst en dan nog 10-15 km gelopen, genoeg lichaamsbeweging dus!
NrSoortTijd NrSoortTijd
1Huismus6:00 69Veldleeuwerik8:03
2Kauw6:00 70Torenvalk8:05
3Koolmees6:00 71Boomleeuwerik8:08
4Merel6:00 72Roodborsttapuit8:10
5Pimpelmees6:00 73Gekraagde Roodstaart8:13
6Roodborst6:00 74Bonte Vliegenvanger8:21
7Tjiftjaf6:00 75Kievit8:45
8Vink6:00 76Groenling8:47
9Winterkoning6:00 77Graspieper8:55
10Zwarte Roodstaart6:00 78Gele Kwikstaart8:58
11Zwartkop6:00 79Dodaars9:04
12Slechtvalk6:01 80Kleine Plevier9:07
13Zwarte Kraai6:02 81Ringmus9:07
14Meerkoet6:03 82Regenwulp9:09
15Holenduif6:04 83Paapje9:10
16Wilde Eend6:05 84Bontbekplevier9:14
17Witte Kwikstaart6:05 85Bosruiter9:14
18Roek6:06 86Slobeend9:14
19Grauwe Gans6:08 87Tureluur9:14
20Spreeuw6:12 88Zwarte Ruiter9:14
21Grasmus6:13 89Kemphaan9:15
22Turkse Tortel6:13 90Ooievaar9:15
23Zanglijster6:13 91Witgat9:15
24Ekster6:14 92Watersnip9:16
25Aalscholver6:15 93Groenpootruiter9:18
26Krakeend6:15 94Grutto9:24
27Putter6:15 95Wulp9:33
28Heggenmus6:16 96Pijlstaart9:37
29Rietgors6:19 97Patrijs9:44
30Sprinkhaanzanger6:19 98Zomertaling9:49
31Fuut6:20 99Visdief10:18
32Kuifeend6:20 100Tuinfluiter10:42
33Lepelaar6:20 101Bosuil10:49
34Waterhoen6:21 102Kruisbek10:55
35Tafeleend6:23 103Glanskop10:58
36Blauwe Reiger6:24 104Sperwer11:16
37Kneu6:24 105Raaf11:18
38Cetti’s Zanger6:25 106Havik11:19
39Nachtegaal6:25 107Oeverzwaluw11:24
40Bruine Kiekendief6:26 108Grote Mantelmeeuw11:37
41Houtduif6:26 109Koereiger11:38
42Rietzanger6:26 110Kolgans11:43
43Kleine Mantelmeeuw6:27 111Zilvermeeuw11:47
44Blauwborst6:28 112Bergeend11:50
45Fitis6:30 113Braamsluiper12:00
46Knobbelzwaan6:31 114Kokmeeuw12:27
47Scholekster6:31 115Keep12:51
48Boomkruiper6:35 116Grote Zaagbek13:20
49Gaai6:37 117Kluut13:42
50Grote Zilverreiger6:41 118Brandgans13:43
51Boomklever6:47 119Casarca13:43
52Groene Specht6:47 120Bonte Strandloper13:51
53Huiszwaluw6:50 121Beflijster14:12
54Grote Bonte Specht6:51 122Smient14:27
55Goudhaan6:54 123Dwergmeeuw14:31
56Appelvink7:00 124Witwangstern14:31
57Zwarte Specht7:01 125Geelpootmeeuw14:59
58Kuifmees7:07 126Goudvink15:30
59Zwarte Mees7:11 127Fluiter15:53
60Boompieper7:17 128Boomvalk16:28
61Buizerd7:20 129IJsvogel16:46
62Staartmees7:20 130Wintertaling17:28
63Boerenzwaluw7:38 131Tapuit17:35
64Sijs7:38 132Visarend18:15
65Vuurgoudhaan7:38 133Waterral18:42
66Grote Lijster7:44 134Oeverloper20:11
67Middelste Bonte Specht7:48 135Steenuil21:27
68Rode Wouw8:03    
Waargenomen soorten tijdens de dag

Geschiedenis herhaalt zich

Maandag 18 april 2022

Dit jaar probeer ik zoveel mogelijk soorten te zien binnen de gemeente Woerden. Januari begon heel voortvarend, en het vroege voorjaar ging ook lekker met o.a. Zeearend, Boomleeuwerik en Grote Lijster tp. De laatste weken is echter een klein beetje de klad erin gekomen. Uiteraard werd de jaarlijst gespekt met wat terugkerende zomergasten, zo werd o.a. Grasmus, Sprinkhaanzanger, Kleine Plevier, Kleine Karekiet, 2 soorten zwaluwen en Gele Kwikstaart bijgeschreven. Qua schaarse soorten viel het echter een beetje tegen, op twee Zeearenden die over de tuin vlogen na.

Zeearend nr. 1 over de tuin – White-tailed Eagle
Zeearend nr. 2 over de tuin – White-tailed Eagle

Daarom kies ik er vanochtend voor om wederom naar buiten te gaan, want met binnen zitten gaat het me sowieso niet lukken om bijvoorbeeld een Beflijster te zien. Een kort rondje door het Brediusbos levert weinig op (wel een gekleurringde Zwartkopmeeuw vlak naast het park) en ook begraafplaats Rijnhof verandert daar weinig aan (al zijn een Egel en Groene Specht wel leuk natuurlijk). Daarna is het plan om naar de Natuurplas Breeveld te gaan, misschien dat er daar meer te beleven is. Zo ver kom ik echter niet.

Ik fiets bij Geestdorp als ik pas vrij laat een Grote Zilverreiger opmerk in een smal slootje vlak naast me. Korte twijfel, maar ik besluit om mijn fiets af te stappen om een plaatje te maken. Terwijl ik de reiger aan het fotograferen ben, landt er een klein zangvogeltje recht voor me in de bramen aan de overkant van de sloot. Een seconde later is de rust bij mij volkomen weg, want ik sta oog in oog met een overduidelijke man Baardgrasmus! Na een paar tellen duikt de vogel dieper de bramen in en verdwijnt minutenlang in beeld. Gauw geef ik de grasmus door; gelukkig heb ik met trillende handjes een paar matige plaatjes kunnen maken waar de vogel net aan te herkennen is als Baardgrasmus spec. Daarna blijft de vogel tijdenlang uit beeld, ook als de eerste vogelaars aan komen lopen.

Eerste plaatje van de vogel, foto van cameraschermpje zoals gedeeld in de verschillende whatsappgroepen en DBA.

Een klein halfuur na de ontdekking wordt de grasmus dan eindelijk teruggevonden en kunnen de eerste vogelaars de zeldzaamheid zien, gelukkig! In de volgende paar uur wordt een voorzichtig patroon zichtbaar: de vogel zit regelmatig in het bramenstruweel van de ontdekking, maar vliegt zo nu en dan de weg over naar een aangrenzende tuin met dichte laurieren en een rode hazelaar. Hier laat de vogel zich met wat geduld erg fraai bewonderen en worden ook de eerste goede foto’s gemaakt. Ook onderstaande foto’s zijn daar ook gemaakt.

Westelijke Baardgrasmus – Western Subalpine Warbler
Westelijke Baardgrasmus – Western Subalpine Warbler

Er zijn 3 soorten Baardgrasmussen, die alle drie zeer zeldzaam zijn in Nederland: Moltoni’s (0 gevallen), Westelijke (9) en Balkanbaardgrasmus (39). De verschillen tussen deze drie soorten zijn klein, waarbij sommige (vooral vrouwtjes en juvenielen) niet met zekerheid op soort te determineren zijn. De verschillen zitten vooral in de uitgebreidheid en intensiteit van het rood op de onderdelen, het staartpatroon en het geluid. Vanwege de zeldzaamheid trekt een Westelijke Baardgrasmus (vanaf de ontdekking gingen de gedachten al hier naar uit) veel volk uit heel Nederland. Er waren echter geruchten dat het zelfs mogelijk om een Moltoni’s Baardgrasmus zou gaan, waardoor nog meer vogelaars voor de zekerheid de reis naar Woerden maken. Uiteindelijk ziet het er naar uit dat het gaat om de 10e Westelijke Baardgrasmus voor Nederland.

Opmerkelijk is dat ik bijna exact 6 jaar geleden ook al een Westelijke Baardgrasmus vond op het universiteitsterrein van Wageningen. Nu de andere twee nog 😉

Wéér naar Zeeuws-Vlaanderen

Zaterdag 26 februari 2022

Ruim 3 maanden na ons vorige bezoek wordt het wederom tijd om af te reizen naar Zeeuws-Vlaanderen. Was het in november een Oostelijke Vale Spotvogel, nu is een Zanggors de reden voor een tripje richting het zuiden. Deze vogel zwerft sinds 14 februari rond aan beide kanten van de de Nederlandse / Belgische grens in het gehuchtje Prosperdorp. Vandaag is eigenlijk de eerste dag dat we tijd kunnen vrij maken om naar deze extreme dwaalgast te gaan (er is eerder een niet twitchbaar geval geweest in Nederland); vorig weekend zaten we immers in Epen, Zuid-Limburg (ondanks storm Eunice toch Kuifaalscholver, Oehoe, 3 Kortsnavelboomkruipers, Middelste Bonte Specht, 2 groepjes Kraanvogels en last but not least, een groepje Bruinkopdiksnavelmezen). Ook doordeweeks gaan was geen optie.

Na een rit van ruim 1,5 uur en die ons door de Antwerpse haven en langs de kerncentrale van Doel voert, komen Frank, Peter en ik net voor 11 uur aan. De vogel is dan zoek. O.a. samen met Paul van de Werken lopen we ruim een half uurtje te zoeken naar de Amerikaanse gors, totdat iemand anders hem terugvindt, ”diep” in België. De Zanggors zingt redelijk vaak en laat zich op enige afstand aardig zien. Daarna verplaatst de vogel zich stapsgewijs richting Nederland en na een paar stops is het zover: de gors passeert de grens en ploft in Nederland neer! Fijn, dan hebben we daar ook geen gedoe over.

Zanggors – Song Sparrow

De Zanggors is behoorlijk mobiel en laat zich vaak maar kort zien op zijn zangposten. Tegen half 2 zit de vogel eindelijk wat langer langs een haag (in België) waar vogelaars voer gestrooid hebben. Hier laat de gors zich 5 minuutjes fraai bekijken!

Zanggors – Song Sparrow
Zanggors – Song Sparrow

Hierna laten we de gors met rust. We bezoeken eerst het Verdronken Land van Saeftinghe, waar de Grauwe Gorzen en Graszangers nergens te bekennen zijn. Een leuke bonus is een jonge Zeearend die boven de kwelder cirkelt. Vervolgens rijden we naar Breskens voor een tweede poging voor Graszanger. Hier hebben we meer succes, want naast een Graszanger zien we 2 Patrijzen en de eerste Zwartkopmeeuwen van het jaar (bovendien een nieuwe februarisoort!). Op de parkeerplaats zien we een mannetje Torenvalk op een geknotte wilg. Geen zeldzaamheid natuurlijk, maar de vogel blijft tegen de verwachting in zitten als we langslopen en laat zich tot een meter of 5 benaderen. Een waar fotomodel!

Torenvalk – Common Kestrel
Graszanger – Zitting Cisticola

Tot slot rijden we naar de andere kant, via de Westerscheldetunnel. Het geluk is aan onze zijde, want het blijkt een tolvrije dag te zijn en dus kunnen we doorrijden zonder te hoeven betalen. In de haven van Vlissingen is de adulte Grote Burgemeester snel gevonden. Een korte voerpoging lokt de vogel wel onze kant op, maar na een korte ronde draait de meeuw om en gaat weer op zijn vertrouwde paal zitten. Fijn om de vogel nu wel aan te treffen, nadat we de vogel in november dipten. Leuk zijn de 4 Zeekoeten die in de havens zwemmen.

Grote Burgemeester – Glaucous Gull

Het is inmiddels al 5 uur geweest en na zo’n lange dag is het tijd geworden om huiswaarts te keren. De eerste nieuwe soort van 2022 is een feit!

Jaarverslag 2021

In december is het vaste kost: een terugblik op het jaar. Ook hier mag zo’n jaaroverzicht niet ontbreken natuurlijk.

2021 in een notendop
Het jaar 2021 was erg goed voor zeldzaamheden, vooral het najaar was waanzinnig. Er waren 2 nieuwe soorten waarvan aanvaarding geen probleem zal zijn: Sardijnse Grasmus en Oostelijke Vale Spotvogel. Verder kunnen ook Geelkruinkwak (vondst van een dood exemplaar), Geelsnavelwouw en Purperkoet (2 gevallen) toegevoegd worden aan de Nederlandse lijst. Andere hoogtepunten van 2021 waren de 2e Hybride Zwarte x Oostelijke Zwarte Wouw en Balkanvliegenvanger, 3e Blauwe Rotslijster en Keizerarend, 4e Amerikaanse Zee-eend, Huisgierzwaluw, Kaspische Plevier en Swinhoes Boszanger, mogelijk de 4e Stejnegers Roodborsttapuit, de 4e en 5e Grijze Junco, 5e Renvogel en Monniksgier, 6e Balkanbergfluiter en Steltstrandloper (?), 7e Witkeelgors, 8e Dwergaalscholver en 11e Ringsnavelmeeuw. Verder was er de 3e goed twitchbare Schreeuwarend en 3e twitchbare Goudlijster ooit voor Nederland.

Vergeleken met vorig jaar heb ik het twitchen iets meer opgepakt, samen met Frank heb ik veel leuke krenten mee kunnen pakken dit jaar. Ik zag dit jaar (als alles meezit) maar liefst 10 nieuwe soorten, tegenover 2 vorig jaar! Dat betekent echter niet dat ik alleen maar heb getwitcht dit jaar. Ook het regiovogelen (wat vorig jaar tijdens corona een boost had gekregen) heb ik dit jaar voortgezet, al wel iets minder fanatiek dan vorig jaar (dat kan ook niet anders met al die knallers). Ik zag 5 (4 zekere) nieuwe soorten in de regio Woerden (Siberische Taling, Noordse Kwikstaart, Grauwe Kiekendief, Monniksgier en mogelijk Siberische Braamsluiper; totaal 246) en 6 nieuwe Texelsoorten (#319).


Mijn hoogtepunten per maand

Januari
Het jaar begon op Texel. In begin januari gingen Frank en ik op de terugweg langs Julianadorp voor de adulte Kumliens Meeuw. Deze Nearctische meeuw liet zich fraai zien in een woonwijk en betrof een nieuwe ondersoort voor me. De overwinterende adulte vrouw Zwartkeellijster in Utrecht liet zich erg fraai zien, in tegenstelling tot in 2020, toen ik de vogel meerdere malen miste. Nu liep de vogel geheel open en bloot op een plantsoentje in Hoograven. Het was mijn 2e exemplaar na het mannetje van Scheemda. Tot slot vormde de bekende Kortbekzeekoet het hoogtepunt tijdens een rondje vogelen door de Delta. De alkachtige zwom op zeer grote afstand op het Veerse Meer; vanaf andere plekken langs het meer konden we de vogel helaas niet vinden. Voor veel jongere vogelaars was dit een welkome inhaler, maar ik had de soort al eerder in ons land gezien bij Lauwersoog en Den Helder.

adulte Kumliens Meeuw in Julianadorp – ad Kumlien’s Gull

Februari
Al vroeg in het jaar was het tijd voor mijn eerste nieuwe soort. Op 28 februari zaten we rustig voor de tv naar PSV – Ajax te kijken, toen we in de 2e helft werden opgeschikt door een foto van een Steenarend zittend op een paaltje! Frank en ik keken gauw de wedstrijd af, zagen hoe Tadic in de laatste minuut een punt redde voor Ajax en snelden ons daarna naar Duiven. Rond kwart voor 6 stonden we te kijken naar een jonge Steenarend, weliswaar op flinke afstand (enkele 100en meters) maar door de telescoop was de vogel prima te bewonderen. De vogel zou nog lang in Nederland blijven hangen, maar het was in het algemeen erg lastig om de vogel te zien te krijgen.

In februari kreeg ik mijn eerste cameraset. Tijdens een weekend op Texel kon ik dat setje op de bekende Zwarte Zeekoet in de haven van Oudeschild uitproberen. Ook de Zwartkeellijster zag ik deze maand opnieuw, dit keer in een leuke setting: in de sneeuw.

Maart
Een erg rustige maand. Opnieuw zag ik de Zwartkeellijster in Utrecht, maar verder zag ik geen zeldzame soorten en waren echte hoogtepunten schaars.

April
Tijdens mijn verblijf op Texel zag ik opnieuw de Zwarte Zeekoet. Een echte knaller was de Siberische Taling die bijna een maand in de Groene Jonker verbleef. Het mannetje verbleef in de grote groepen Smienten en talingen. Dit betrof een hele fijne nieuwe regiosoort en mijn 3e in Nederland. Vogelen in de regio leverde verder geen wereldschokkende waarnemingen op, maar het was toch leuk met o.a. 2 Visarenden, 1 Zeearend, 1 Smelleken, 1 Steltkluut en Steen– en Bosuil.

Mei
Vanwege drukte op mijn werk heb ik in mei minder fanatiek gevogeld dan ik wenste. De Siberische Taling was ook in mei nog aanwezig in de Groene Jonker. Op 8 mei deden Daan van Braak, Jorian Eijkelboom en ik een Big Day in de regio, waarin we 115 soorten zagen, waaronder 2 die voor mij nieuw waren in de regio: Noordse Kwikstaart en Grauwe Kiekendief. Een andere leuke dag in de regio was 18 mei, toen ik een Kwartelkoning, Witwang- en Witvleugelstern waarnam bij de Reeuwijkse Plassen. Ik zat verder slechts 1 weekend op Texel, maar dat weekend was wel gelijk goed voor mijn 1e Grote Karekiet op het eiland en een waanzinnige Visarend. Mijn laatste hoogtepunt van de maand was de Bergfluiter van de Veluwe, die zich erg fraai liet zien en horen.

Juni
Halverwege het jaar zag ik mijn 2e nieuwe soort van het jaar en opnieuw was het een grote rover. Bij Breukelen (binnen de regiogrenzen!) zat namelijk een Monniksgier in een weiland. Ik had ooit al wel Carmen gezien in de Oostvaardersplassen, maar die vogel is niet aanvaard als wilde vogel. Dezelfde dag zag ik daar vlakbij ook al een zittende Zwarte Ooievaar, geen verkeerd dagje! Op dit moment had ik dus al net zoveel nieuwe soorten als in heel 2020!

Verder was juni een goede maand voor zeldzaamheden. Zo hoorde ik de bekende Italiaanse Dwergooruil in Delft (tussen 2 werksessies in) en reden Frank en ik helemaal naar Hengelo voor een Dwergaalscholver (niet eens nieuw voor ons en later zou dezelfde vogel een flink stuk dichterbij huis opduiken). Dat ik een gouden pik heb met mijn weekendjes Texel dit voorjaar, bleek wel toen ik bij mijn 2e weekend in mei / juni mijn 2e nieuwe Texelsoort kon noteren: een Ralreiger liet zich uiterst fraai bekijken in een tuin vlakbij De Koog. Ook zagen we een Struikrietzanger in de Tuintjes, later in het jaar zou bekend worden dat hier Nederlands eerste broedgeval zou plaatsvinden van deze soort. In tegenstelling tot andere jaren kon ik dit jaar eindelijk eens een Woudaap uitgebreid en van dichtbij bewonderen op een bekende broedplaats in Zuid-Holland. Vaak moet ik het doen met een paar zangsessies of een kortstondige vluchtwaarneming.

Juli
Zag ik vorige maand nog een Monniksgier in onze regio nabij Breukelen, deze maand was het de beurt aan een Vale Gier op vrijwel dezelfde plek. Geen nieuwe regiosoort helaas (daar ging mijn regioblocker, haha), maar als er eentje zo dichtbij zit, ben je gek als je er niet even langs gaat. Verder zag ik dezelfde Dwergaalscholver van Hengelo nu een heel stuk dichter bij huis: in de Everdingse uiterwaard. Hij zou later in het jaar nòg dichterbij opduiken. Een weekendje in de omgeving van het Drents-Friese Wold, Dwingelderveld en Fochteloërveen leverde leuke soorten op als Wielewaal, Draaihals, Grauwe Kiekendief, Grauwe Klauwier, Kraanvogel en zelfs een Gladde Slang.

Augustus
Zoals gezegd, de Dwergaalscholver dook in augustus nog dichter bij huis op, op een industrieterrein in Nieuwegein. Hier zat de vogel fraai dichtbij. Een ander hoogtepunt was de Koninginnenpage dat op 14 augustus ineens in de tuin hing. Tijdens een lang weekend met vrienden in de Ardennen zag ik oa een Graszanger, Zwarte Ooievaar (beiden in Nederland), Waterspreeuw, Draaihals, Rotsvlinder, heel veel Bleek Blauwtjes en een Gladde Slang.

September
De maand september moest even op gang komen, maar eindigde in complete waanzin. In het begin van de maand zag ik de Dwergaalscholver nogmaals. Mijn 1e najaarsweekend Texel van dit jaar was niet bijster interessant (al leverde het wel een hele mooie Kleine Jager en een Zwarte Ibis op), maar een weekje vakantie met Frank in de laatste week van de maand had ik haast niet beter kunnen plannen. Op zaterdagochtend misten Frank en ik nog de Balkanbergfluiter bij Jeroen de Bruijn in de tuin (wel 2-3x gehoord, maar dat vind ik niet genoeg voor zo’n soort). Deze sof waren we ’s middags echter allang weer vergeten toen in de Tuintjes een GOUDLIJSTER opdook! Wat een fantastische soort en bovendien nog nieuw voor me. Dit was het begin van een prachtige week en beter gezegd, een prachtig najaar met daarna knaller na knaller. De volgende dag zag ik een Amerikaanse Goudplevier, later in de week gevolgd door een Bonapartes Strandloper, Woestijnplevier en een over mijn geliefde Mandenvallei vliegende Bosgors (alleen Amerikaanse Goudplevier was niet nieuw voor mijn Texellijst).

Oktober
De vorige maand eindigde met een compleet belachelijke set aan zeldzaamheden en oktober maakte het waar mogelijk nog bonter. Ik zag namelijk maar liefst 4 nieuwe soorten, bijna elke week 1! En dan te bedenken dat Frank en ik er netjes eentje ‘bewaarden’ voor november en de Amerikaanse Zee-eend oversloegen. Aan het eind van mijn weekje Texel was het al gelijk tijd voor mijn 1e nieuwe deze maand, want we waren net thuisgekomen of we konden gelijk doorrijden naar het mooie Waspik in Noord-Brabant, waar we een prachtige Schreeuwarend zagen!

De vrijdag daarna spoedden Frank en ik ons naar de Maasvlakte om een Swinhoes Boszanger te twitchen. Deze vogel liet zich prachtig zien in de duindoorn en was nog nieuw voor ons omdat we de vogel van 2013 (Swifterbant) gelukkig nooit bezocht hebben (die vogel was erg lastig en liet zich vaak alleen horen). ‘Bijvangst’ hier was een zeer fotogenieke Aziatische Roodborsttapuit.

Tijdens het Dutch Birding Najaarsweekend waren er vrij weinig zeldzame soorten te bewonderen, maar de Daurische Klauwier (mijn 3e alweer) was natuurlijk erg fijn! De week daarna zag ik voor de verandering eens geen nieuwe soort (tsss) maar 24 oktober maakte dat meer dan goed met een twitchbare RENVOGEL in het Noordhollands Duinreservaat! Wat een waanzinnig fraaie soort en grote dank aan de betreffende boswachters en Dutch Birding voor het organiseren van excursies naar deze droomsoort.

Tussendoor zag ik nogmaals de Woestijnplevier op Texel. Wat blijft ie lang hangen zeg! Tot slot vertrokken Frank en ik op de laatste dag van de maand wat eerder van Texel om op de terugweg naar huis even langs de Hondbossche Zeewering te rijden, waar al dagenlang een Provençaalse Grasmus zat. De vogel was vliegerig, maar liet zich erg goed zien in de motregen. Dit betekende alweer mijn 4e nieuwe soort deze maand en 7e dit jaar!

November
Op 6 november moesten Frank en ik er ook aan geloven, want de al weken aanwezige Oostelijke Vale Spotvogel van Zeeuws-Vlaanderen moest maar eens met een bezoekje vereerd worden. Als je zo lang blijft hangen, vraag je daar natuurlijk gewoon om 😉

Verder had ik een aardig dagje Wassenaar met Daan van Braak, Jorian Eijkelboom en Joël de Jong. We zagen namelijk maar liefst 3 Siberische Tjiftjaffen en een Bruine Boszanger. Die laatste dachten we zelf te ontdekken maar al gauw bleek dat deze er al dagenlang zat. Volgende keer moeten we Waarneming.nl beter in de gaten houden de dagen voor zo’n bezoekje… November was ook eindelijk goed voor mijn 1e Koereiger(s) van het jaar. Dat dat zo lang heeft weten te duren, is eigenlijk een schande, zeker als je in het achterhoofd houdt dat ze bijna het hele jaar door wel ergens in de regio zitten.

December
In december was het een beetje aanmodderen, zoals wel vaker in de winter. Een alleraardigst rondje langs onze eigen Natuurplas Breeveld te Woerden leverde op 5 december 4 Kleine Barmsijsjes (nieuwe Utrechtsoort) en, nog beter, een IJslandse Koperwiek op (de allereerste ooit in de provincie Utrecht, zie filmpje van Frank). Een paar dagen later zag ik een andere zeldzame ondersoort, namelijk een Siberische Braamsluiper in het Reeuwijkse Hout. Er is, als het goed is, DNA verzameld, dus hopelijk heb ik dit taxon dan eindelijk met zekerheid in Nederland gezien. Tot nu toe zag ik zeer goede kandidaten op Texel en eenmaal in Breda, maar door gebrek aan DNA zijn die vogels nooit aanvaard. De laatste weekenden van 2021 stonden in het teken van de Purperkoet. Tijdens 2 bezoekjes zag ik de vogel van Alblasserdam maar eenmaal kort en diep in het riet, maar de 2e vogel bij Zevenhuizen werkte gelukkig beter mee. Bijzonder, want het betreffen de eerste 2 gevallen voor ons land.

Tot slot wil ik natuurlijk iets wensen aan alle lezers van mijn blog:

Blauwe kerstkip

Zaterdag 25 december 2021

Anderhalve week geleden dook een Purperkoet op bij Alblasserdam. Dit betekende het eerste geval ooit in Nederland van deze Mediterrane soort (die voorkomt in Spanje, Portugal en Frankrijk). Al kwam het opduiken van deze soort niet geheel onverwacht nadat de soort eerder dit jaar al in België (november) en Duitsland (augustus) opdook. Vorig weekend hebben Frank, mijn vader en ik op beide dagen die vogel getwitcht, maar geheel van harte ging het niet. Wij zagen op zaterdag de vogel tweemaal kort diep door het riet scharrelen, waarbij er niet heel veel meer te zien was dan een blauw voorwerp met hier en daar wat rood. Zondag stonden we er 2 uur voor lul, al was het wel gezellig.

Afgelopen week werd echter ineens nóg een Purperkoet op in Zuid-Holland, nu nog dichterbij huis, bij Zevenhuizen. Voor ons is het geen moeilijke keuze na de matige waarneming van vorige week. En dus staan we vanochtend rond 11 uur in een relatief nieuw natuurgebied opnieuw de rietkragen af te scannen. Al snel zien wij de Purperkoet het water over steken (vliegend!) en daarna in de rietkraag landen. Een paar minuten later zien we de vogel kort naast de rietkraag poetsen en rennend over het gras tussen twee rietkragen in. Het is niet heel dichtbij en het ging best snel, maar het is nu al een stuk beter dan vorige week.

Daarna begint het lange wachten. Onder haast Siberische omstandigheden, met een ijskoude oostenwind, is het amper vol te houden. Na een uur wachten staan we net op het punt om te vertrekken als iemand verderop ineens druk staat te fotograferen. Dat kan maar een ding betekenen en dus spoeden we ons die kant op. En inderdaad, de Purperkoet zit hier fraai dichtbij in het riet. De vogel foerageert op wortelscheuten van waterplanten en laat zich daarbij minutenlang erg fraai zien. Erg fijn!

Purperkoet – Western Swamphen

Na deze fraaie beloning van het lange wachten (vorige week ruim 4 uur, vandaag ook zeker een uur) hebben wij het allemaal zo koud dat we maar huiswaarts keren. Eindelijk hebben de een goede waarneming van een Purperkoet in Nederland!

Wie wat bewaart, heeft wat

Zaterdag 6 november 2021

Vandaag moet het dan eindelijk gebeuren. Ruim 2 weken konden we de Oostelijke Vale Spotvogel negeren. Geen tijd. (Te) Ver weg. Geen gebrek aan andere leuke soorten in de rest van het land die ook onze aandacht verdienen. Door zijn lange verblijf en de enorme zeldzaamheid (nieuwe soort voor Nederland) bleven we er toch tegenaan hikken en gisteravond komt het verlossende woord: Frank en ik gaan morgen een poging wagen in Zeeuws-Vlaanderen.

Om 5 uur gaat de wekker, drie kwartier later vertrekken we uit Woerden en om 8 uur precies arriveren we in het Beach Resort in Nieuwvliet-Bad. Met minder dan 5 andere vogelaars zoeken we naar deze dwaalgast uit ZO-Europa en binnen een halfuur is het raak: eerst horen we de Oostelijke Vale Spotvogel roepen, kort daarna kunnen we hem minutenlang bewonderen in de achtertuin van bungalow nr 151. De vogel poetst wat in de rozenbottels en laat zich op enige afstand prima zien, leuk!

Oostelijke Vale Spotvogel – Eastern Olivaceous Warbler

Na deze waarneming wordt de vogel lastiger. Doordat de spotvogel met enige regelmaat roept, lukt het ons wel om hem te lokaliseren, maar vaak zit de vogel diep verscholen in de dichte bossages. Zo af en toe laat de spotvogel zich langduriger zien. Inmiddels is het ook drukker geworden met waarnemers: voordeel is dat de vogel sneller opgepikt wordt, nadeel is echter dat je dan vaak net op de verkeerde plek staat en minder bewegingsruimte hebt om goed te gaan staan voor een plaatje.

Tegen half 12 hebben we genoeg genoten en vogelen we verder in Zeeuws-Vlaanderen. We stoppen in de Blikken, bij het nieuw aangelegde natuurreservaat de Waterdunen en op meerdere plekken vlakbij de befaamde telpost van Breskens. We zijn op zoek naar o.a. Patrijzen, leuke groepen ganzen en zilverreigers, maar verder dan een overvliegende Witgat en een foeragerende Kleine Zilverreiger komen we niet.

Tot slot zoeken we in de haven van Vlissingen naar de bekende (inmiddels) adulte Grote Burgemeester, maar tevergeefs. Iets verderop (ter hoogte van Ritthem) stoppen we om over de Westerschelde uit te kijken. Ondanks de hoge golven (door de harde wind) zien we minstens 6 Zeekoeten en 2 jonge Alken.

Zeekoet – Common Guillemot

Tegen half 5 zijn we weer in Woerden, na bijna 11 uur van huis te zijn geweest. Dit was 1 van onze verste twitches in ruim 14 jaar twitchen. Qua kilometers en reistijd wordt deze twitch alleen overtroffen door de Zwartkeellijster van Scheemda een paar jaar terug. Bovendien was dit mijn 2e twitch in Zeeuws-Vlaanderen, want in februari 2012 twitchten Frank, Cees Struijk, Fons van Haelst en ik een Giervalk. De zoveelste krent dit najaar en 8e nieuwe soort alweer in 2021, na Steenarend, Monniksgier, Goudlijster, Schreeuwarend, Swinhoes Boszanger, Renvogel en Provençaalse Grasmus.

Redelijk tam DB-weekend

Zaterdag 9 t/m maandag 11 oktober 2021

Zaterdagochtend vertrekken we naar ons favoriete Waddeneiland Texel, waar dit weekend het Dutch Birding Weekend plaatsvindt. We hebben de boot van 10 uur; een halfuurtje later staan we naar de Zwarte Ibis van de Petten te kijken. We maken een klein rondje door de Horsmeertjes, wat o.a. 2 Grauwe Franjepoten, een 1kj Pontische Meeuw, een Geoorde Fuut en overvliegende Middelste Zaagbekken en Roodkeelduiker oplevert.

De rest van het weekend brengen we veel tijd door op de noordkop. De Mandenvallei (inmiddels toch wel ‘ons’ plekje) wordt op zaterdagmiddag, zondag- en maandagochtend bezocht. Het levert helaas geen zeldzaamheden op en de aantallen vogels blijven wat achter in vergelijking met andere jaren. Toch zien we hier tweemaal trekkende IJsgorzen, meermaals roepende Kruisbekken, wat Kepen en Sijzen en 2 overvliegende Slechtvalken. In de struiken zien we een late Fitis, Kleine Karekiet en Grasmus, terwijl een Oeverzwaluw in een groep Boerenzwaluwen boven de zeereep hangt. Eveneens laat zijn enkele Kleine Parelmoervlinders die boven de valleitjes vliegen. Uit de lage vegetatie langs de plassen vliegen verschillende Watersnippen op en ook Bokjes zijn van de partij. In diezelfde vegetatie zoeken drie Oeverpiepers naar voedsel. Ook het Krimbos wordt uiteraard bezocht, wat een prachtige man Gekraagde Roodstaart en een opvliegende Grote Lijster oplevert.

Fitis – Willow Warbler
Kleine Karekiet – Eurasian Reed Warbler
Kleine Parelmoervlinder – Queen of Spain Fritillary

Net als de voorgaande week(enden) vallen de hoge aantallen alkachtigen voor de kust op. Zondagochtend dobberen 4 Alken en minstens 10 Zeekoeten op de Noordzee bij Paal 29. Diezelfde middag zijn de aantallen bij de Volharding nog hoger: hier zien we zeker 30(!) Alken, eenlingen en groepjes tot maar liefst 15 stuks. Ter vergelijking, tot dit weekend had ik in totaal 16 waarnemingen van 17 stuks in Nederland… De Zeekoeten zijn in de minderheid.

Grote Lijster – Mistle Thrush
Gekraagde Roodstaart – Common Redstart

Terwijl we hier naar de indrukwekkende aantallen Alken staan te kijken, ontdekt Guus Jenniskens op een steenworp afstand (in de Tuintjes) een Daurische Klauwier. We zijn er binnen een paar minuten en zo zien we de blikvanger van dit weekend, mijn 3e Daurische Klauwier in Nederland en mijn 2e op Texel. De vogel, een jong beest, is erg lastig, zit vooral uit beeld diep in de struiken en laat zich in een paar uur slechts een paar maal kort bewonderen.

Dubbelslag op de Maasvlakte

Vrijdag 8 oktober 2021

Rond half 2 belt broer Frank me op als ik op mijn werk zit. “Robert, heb je een mogelijkheid om eerder naar huis te komen zodat we naar de Maasvlakte kunnen?” Daar vond Bernd de Bruijn iets eerder op de middag namelijk een Swinhoes Boszanger, de 4e pas voor Nederland en voor een nieuwe soort voor mij! Mijn ochtenddienst zit er gelukkig bijna op en gelukkig mag ik van mijn baas iets eerder weg. Thuis grijp ik gauw de kijker en camera en een paar minuten later zitten Frank en ik in de auto onderweg naar de Maasvlakte. Een paar minuten file nemen we voor lief.

Om 4 uur parkeren we de auto en sluiten we ons aan bij de meute. Binnen enkele minuten zien we de Swinhoes Boszanger door de duindoorns heen schieten. Yes! In het daaropvolgende uur kunnen we de zeldzame Siberische gast uitgebreid bewonderen. Opvallend zijn de kenmerkende dubbele vleugelstreep, de lange snavel, de vuilwitte onderzijde, de lange, heldere lichte wenkbrauwstreep en de mosgroene bovenzijde. Fraai!

Swinhoes Boszanger – Two-barred Warbler
Swinhoes Boszanger – Two-barred Warbler
Swinhoes Boszanger – Two-barred Warbler

We praten bij met o.a. Daan van Braak, Johan van der Louw en Marten Miske. Terug op de parkeerplaats lopen we de auto even voorbij, want direct naast de parkeerplaats zoeken we naar de tweede zeldzame Aziatische zangvogel. En met succes, want de Aziatische Roodborsttapuit die hier gisteren ontdekt is, laat zich waanzinnig zien. De vogel trekt zich niks aan van de vogelaars, zit geregeld op een metertje of 20 en zit bovenop de vegetatie met het zonnetje mooi erop. Wat een juweeltje! Dit betreft mijn derde exemplaar in Nederland van deze soort, maar verreweg mijn mooiste waarneming.

Aziatische Roodborsttapuit – Siberian Stonechat
Aziatische Roodborsttapuit – Siberian Stonechat

Het idee was om vandaag nog naar Texel te gaan voor het Dutch Birding-weekend, maar omdat het al 6 uur geweest is en we langs thuis moeten om onze spullen te pakken, kiezen we ervoor om dat tot morgen uit te stellen.

Texel dag 9: twitch op het vasteland

Zondag 3 oktober 2021

Frank en ik pakken vandaag vroeg de tassen in, zodat we mooi op tijd weer in Woerden zijn. Onderweg stoppen we even langs de Hoofdweg ter hoogte van het vliegveld, want op een stoppelveld dicht langs de weg loopt een Casarca tussen de vele Nijl- en Grauwe Ganzen. Een jonge Havik landt kort op de akker. Bij de Petten zien we de Zwarte Ibis die al wekenlang aanwezig is. Bijvangsten zijn 2 Grutto’s en een Slechtvalk die in een mast zit. We zijn ruim op tijd voor de boot van half 12 en zijn iets voor tweeën weer in Woerden, mooi op tijd om naar Ajax te kunnen kijken.

Lang zijn we niet thuis, want als ik mijn schoenen wil uitdoen, wordt de Schreeuwarend die gisteren vlak bij de Biesbosch ontdekt is, teruggevonden. We twijfelen niet en zo zitten we enkele minuten later weer in de auto, onderweg naar Waspik. Hier zien we de Schreeuwarend al snel op een stoppelveld zitten. De arend loopt over het veld, op zoek naar prooien en vliegt tweemaal een paar meter. Gaaf! Er zit meer: tussen de vele Grote Zilverreigers zit zowaar een Koereiger (blijkt te zijn ontsnapt helaas), er vliegt een vrouwtype Blauwe Kiekendief rond en 2 Tapuiten zitten op de paaltjes.

Na anderhalf uur (waarin we veel bijpraten met bekenden) komt er meer beweging in de arend. De vogel schuift al vliegend wat weilanden op, zit een kwartiertje dichterbij in een grasveld maar besluit uiteindelijk de vleugels te nemen, waarbij hij heel dicht over enkele waarnemers komt vliegen (zie bv hier). Wij staan iets verderop, maar kunnen de Schreeuwarend gelukkig ook mooi in vlucht zien.

Schreeuwarend – Lesser Spotted Eagle

Als we denken dat het niet mooier kan, landt de arend in de kale takken van een boom langs een kanaal. In de scoop kunnen we de arend fantastisch zien op zo’n 150 meter, wat een geweldig beest! De kraaien vinden het maar niks, zo’n grote arend, maar de zeldzame arend trekt zich er niet veel van aan. Iets na 6 uur vliegt de vogel op, verdwijnt vrij snel achter de bomen en gaat waarschijnlijk in zijn slaapbosje zitten. Tijd voor ons om weer huiswaarts te keren.

Schreeuwarend – Lesser Spotted Eagle

En zo komt er een einde aan mijn weekje vakantie. Met Goudlijster, Amerikaanse Goudplevier, Bonapartes Strandloper, Bosgors, Woestijnplevier, Schreeuwarend (2 nieuwe soorten, 4 nieuwe Texelsoorten) is het natuurlijk een zeer succesvolle week geweest. Gelukkig wacht er aan het eind van komende week weer een weekend Texel en wel het Dutch Birding-weekend.