Maandelijkse archieven: juli, 2014

Bandjes

Zondag 27 juli 2014

Vandaag reizen Marianne Wüstenhoff, Maria van Antwerpen, mijn broer, vader en ondergetekende naar het prachtige Noord-Brabant af. Nabij Uden ligt namelijk een klein gebiedje waar m.i. een van onze mooiste libellensoorten vliegt: de Bandheidelibel. De brede donkere band in de (verder doorzichtige) vleugel maakt het waarschijnlijk de makkelijkst herkenbare libellensoort van Nederland. In het gebied zien we zeker 20 exemplaren en dat is hoogstwaarschijnlijk nog een ondertelling. Ook andere libellensoorten zijn goed vertegenwoordigd: veel Zwarte Heidelibellen, Grote Keizerlibellen, Gewone Oeverlibellen, een Bruine Glazenmaker, Tengere Grasjuffer, Koraaljuffer, Kanaaljuffers, Weidebeekjuffers (óók met bandjes in de vleugel) en dan vergeet ik vast nog wel enkele soorten.

Bandheidelibel – Banded Darter

Bandheidelibel – Banded Darter

Bandheidelibel – Banded Darter

Natuurlijk letten we niet alleen op libellen. Zo komen we o.m. een Roodborsttapuit en wat vlinders tegen. Vooral Oranje Zandoogjes, Hooibeestjes en Icarusblauwtjes zijn van de partij, maar we kunnen ook een Oranje Luzernevlinder en een Bruin Blauwtje op de daglijst noteren.

Oranje Zandoogje – Gatekeeper

Advertenties

Cadeautje

Donderdag 24 juli 2014

Gisterochtend (op mijn verjaardag) ontdekte Floor Aarts een mannetje Bruinkopgors op het opslagterrein in Westkapelle, op hetzelfde terreintje waar ik op 21 mei een (hoogstwaarschijnlijke) Oostelijke Blonde Tapuit zag. Vervolgwaarnemingen bleven aanvankelijk uit, totdat de vogel (die broedt in Centraal-Azië en overwintert in India) laat in de avond werd teruggevonden. Ook vanmorgen werd de vogel gemeld. Voor Paul van de Werken, Gert Vonk en mij genoeg reden om naar Zeeland af te reizen.

Paul en ik spreken om 15.45 uur af op station Woerden, waarna we Gert in Reeuwijk oppikken. Na een voorspoedige reis komen we rond 18.30 uur aan in Westkapelle. Hier lopen we al gauw de eerste vogelaars tegemoet, die ons vertellen dat de vogel al een half uur uit beeld is. In de daaropvolgende 5 kwartier zoeken we, samen met tientallen andere vogelaars, het terrein en de omringende zeereep af, maar zonder resultaat. Dan volgt er ineens paniek, de vogel zou vliegend richting het opslagterrein zijn gezien. Gelijk daarna zie ik met enkele anderen hoe de Bruinkopgors een rondje vliegt en vlak voor ons diep het struikgewas in duikt. In de volgende 10 minuten staren 100+ vogelaars naar het struweel. Dan volgt eindelijk het verlossende “Daar zit ie! Helemaal bovenin!”. Een seconde later sta ik naar een prachtige Bruinkopgors te kijken. De vogel kijkt wat om zich heen en na 10 seconden vliegt ie weer een klein stukje. Hier zie ik de vogel pas weer als ie opvliegt en over ons heen ver weg richting de zeereep vliegt. Omdat het inmiddels 20.00 uur is, besluiten we aan de ruim 7 kwartier durende terugweg te beginnen.

Bruinkopgors – Red-headed Bunting (photo: Paul vd Werken)

Het was weliswaar een korte waarneming van in totaal nog geen 15 seconden, maar in die tijd heb ik deze dwaalgast (er zijn pas 11 aanvaarde gevallen, de laatste in 1995) wel beeldvullend en met zeer mooi licht in de scoop gehad. Voor mij ging het allemaal te snel voor een fotootje, vandaar de foto’s hierboven van medewaarnemer Paul vd Werken. Het betreft mijn 375e vogelsoort in Nederland en alweer mijn 7e nieuwe soort dit jaar (na Witbandkruisbek, Bruine Klauwier, Witstuitbarmsijs, Roodborstlijster, Oostelijke Blonde Tapuit en Vale Gier). Kortom, een prachtig (verlaat) verjaardagscadeautje!

Weerribben

Zondag 20 juli 2014

Afgelopen woensdag hoorden Frank en ik bij de Oostelijke Vossen meerdere verhalen over prachtig te fotograferen Grote Vuurvlinders en Zilveren Manen in de Weerribben. Deze bedreigde en zeldzame dagvlinders zijn geen nieuwe soort voor me, maar het zijn wel prachtig gekleurde vlinders en zeker van de Grote Vuurvlinder heb ik in het verleden nog geen goede foto’s kunnen maken. Daarom reizen Marianne Wustenhoff, Maria van Antwerpen, mijn vader, mijn broer en ondergetekende vandaag af naar dit grote laagveengebied in de Kop van Overijssel.

Onze eerste stop ligt langs de Hoogeweg. Hier zouden beide soorten moeten vliegen. Het duurt inderdaad niet lang voordat we de eerste Zilveren Manen zien vliegen. Ze drinken (samen met o.a. Kleine Vossen en Bruin Zandoogjes) nectar uit de aanwezige distels (Kale jonker) en zijn erg goed te zien en te fotograferen. Een voorzichtige schatting komt uit op zeker 10 exemplaren. De Zilveren Maan is niet de enige leuke soort op dit stukje. Zo vliegen onder meer een Wespendief en Ooievaar over en komen we vele Bruine Glazenmakers en een Blauwe Breedscheenjuffer tegen. Een veel te snel voorbijvliegende vlinder zou goed een Grote Vuurvlinder geweest kunnen zijn, maar helaas vinden we hem niet meer terug.

Zilveren Maan – Small Pearl-bordered Fritillary

Blauwe Breedscheenjuffer – Blue Featherleg

Ik kies ervoor om niet met de auto naar de volgende plek (het Woldlakebos) te rijden, maar om een flink stuk langs de Hoogeweg te lopen. Deze weg loopt namelijk dwars door de Weerribben heen en is waarschijnlijk de beste plek voor de Grote Vuurvlinder in Nederland. Op de vele kruiden langs de weg stikt het van de vlinders: zo tel ik vele Kleine Vossen, Dagpauwogen en witjes, enkele Groot Dikkopjes en 2 Landkaartjes. Van onze doel ontbreekt voorlopig echter nog elk spoor. Uiteindelijk vindt mijn vader twee Grote Vuurvlinders die samen foerageren op Kattenstaart. Ze zitten helaas voor mij net te ver voor foto’s, dus hieronder staan enkele foto’s van mijn vader. Ook leuk zijn de Wielewalen die op de achtergrond zingen. Eenmaal zien Marianne en ik een mannetje uit een boom opvliegen en een stukje vliegen boven de boomtoppen. Iets verderop landt de vogel weer in een berk en dan doen zijn schutkleuren gelijk weer zijn werk. 😦

man Grote Vuurvlinder – male Large Copper (photo: Peter van der Meer)

man Grote Vuurvlinder – male Large Copper (photo: Peter van der Meer)

Na een kleine 2 kilometer lopen langs de weg (wat nog wel een zingende Snor en een mannetje Groene Glazenmaker oplevert) vind ik het wel genoeg en rijden we door naar het Woldlakebos. We verblijven hier niet al te lang, maar een vrouwtje Groene Glazenmaker is natuurlijk wel het noemen waard. De leukste waarneming hier betreft die van een Gevlekte Glanslibel. Deze zeer zeldzame libel vliegt boven een met krabbenscheer dichtgegroeide sloot en verjaagt alles wat hier rondvliegt (waaronder ook een Groene en Bruine Glazenmaker, die groter zijn dan de glanslibel!).

Op de terugweg rijden we nog langs de inmiddels beroemde camping De Boomgaard in Bunnik, waar al dagenlang een Oostelijke Vos zit. Voor Marianne, Maria en mijn vader is dit nog een nieuwe soort en Frank en ik hebben er natuurlijk ook geen moeite mee. Als we richting het speeltuintje lopen, krijgen we te horen dat de vos al enkele uren niet meer gezien is. Toch lopen we door. Vanaf een krakkemikkige rood bankje (waar al veel vlinderaars hebben gezeten 😉 ) hebben we een mooi uitzicht op de ‘bloedende’ berk waar de vlinder vaak op zit, maar in een krap uur tijd zien we enkel Atalanta’s van het sap van de boom drinken.

Oostelijke Vos

Woensdag 16 juli 2014

Sinds vorige week donderdag doken opeens veel ‘grote vossen’ op in ons land. Kars Veling, medewerker van de Vlinderstichting, merkte op dat het niet (zoals verwacht) om de zeer zeldzame Grote Vos, maar dat het om een nieuwe vlindersoort voor Nederland ging: de Oostelijke Vos. Deze soort (die normaal voorkomt vanaf Finland oostwaarts en daar met een flinke opmars bezig is) lijkt zeer sterk op de Grote Vos, maar er zijn enkele subtiele verschillen in de bovenvleugel. Het beste kenmerk lijkt de pootkleur te zijn: zwart bij de Grote Vos, licht (bruinig/gelig) bij de Oostelijke Vos. Zie hier voor een persbericht. Deze dagvlinder dook op veel plaatsen op, vaak zelfs met meerdere exemplaren tegelijk. Een van deze plekken is het Zwanenwater in de Kop van Noord-Holland, waar in totaal tot 15 exemplaren verblijven.

Samen met Pascal Wink en Frank reis ik vandaag af naar dit duingebied, waar we binnen de kortste keren op de eerste exemplaren worden gewezen. De vlinders zitten vooral op eiken en populieren, waar ze drinken van boomsap. Geregeld vliegen ze een rondje en landen dan ook wat lager, zoals op de grond of zelfs op de waarnemers (zie foto 4 hieronder). Zie hier voor een zelfgeschoten filmpje, waar de vlinder probeert een vlieg weg te jagen. Naast de Oostelijke Vos treffen we nog meer dagvlindersoorten: meerdere Eikenpages, Zwartsprietdikkopjes en Heivlinders en een Bruin Blauwtje. Ook een Groene Specht en zeker 4 Baardmannetjes (nieuwe jaarsoort!) zijn van de partij.

Oostelijke Vos – Yellow-legged Tortoiseshell

Oostelijke Vos – Yellow-legged Tortoiseshell

Oostelijke Vos – Yellow-legged Tortoiseshell

Oostelijke Vos – Yellow-legged Tortoiseshell

Oostelijke Vos met rechts Eikenpage – Yellow-legged Tortoiseshell with Purple Hairstreak (right)

Na ruim 2 uur verlaten we dit gebied en rijden we door naar het Noordhollands Duinreservaat, op zoek naar Bruine Eikenpages en Kommavlinders. Beide soorten lukken: van de eerste soort zien we 2-3 exemplaren, van de tweede zien we zeker 10 exemplaren. Verder komen we nog veel meer dagvlinders, libellen en sprinkhanen tegen, zie hieronder.

Aardig gesleten Bruine Eikenpage – Ilex Hairstreak

Kommavlinder – Silver-spotted Skipper

Kommavlinder – Silver-spotted Skipper

Kleine Parelmoervlinder – Queen of Spain Fritillary

Bruinrode Heidelibel – Common Darter

Blauwvleugelsprinkhaan – Blue-winged Grasshopper

Zomervakantie is begonnen

Donderdag 10 en vrijdag 11 juli 2014
Na een rustige periode (qua bloggen tenminste) is afgelopen maandag mijn vakantie begonnen. Jullie zullen dus weer meer van me horen de komende tijd 🙂

Donderdag
Na wat wikken en wegen besluiten we naar Kwintelooyen (zandafgraving bij Veenendaal) te gaan. Hier waren afgelopen week namelijk meerdere Zuidelijke Heidelibellen gezien, een zeer zeldzame libel die ik nog nooit gezien heb. In de paar uur dat we in dit gebied rondlopen, lukt het ons echter niet om deze soort te vinden. Wel vliegt boven de plas een verdachte keizerlibel. Als het insect kort in het riet landt, wordt mijn vermoeden bevestigd: een Zuidelijke Keizerlibel! Het lukt nog net om een enkel bewijsplaatje te maken voordat de libel weer op de wieken gaat. Deze soort is zeldzaam in Nederland en vliegt maar op enkele plaatsen in vooral Zuid-Nederland (vooral oostelijk Noord-Brabant en Limburg). Het betreft nog een nieuwe soort voor ons én voor Kwintelooyen (de 43e libellensoort voor dit gebied) en bovendien een leuk verjaardagscadeau voor mijn vader.

Zuidelijke Keizerlibel – Lesser Emperor

Verder treffen we wat algemenere libellen, zoals Tengere, Zwervende en Gewone Pantserjuffers, Grote Keizerlibellen en meerdere soorten heidelibellen (Bruin-, Bloedrode en Zwarte). Ook de vlinders zijn van de partij: een Zwartsprietdikkopje, Dagpauwoog, Icarusblauwtjes e.d. Verder zien we twee Raven en roept een Groene Specht meerdere malen.

Zwervende Pantserjuffer – Migrant Spreadwing

Zwartsprietdikkopje – Essex Skipper

Vrijdag
Sinds korte tijd is bekend geworden dat in Zoetermeer een paartje Woudapen succesvol heeft gebroed. Deze reigersoort, waarvan jaarlijks slechts ongeveer 10 paar broedt in Nederland, ontbreekt nog op de jaarlijst en dus mag het geen verrassing zijn dat wij vanmiddag deze zeer kleine reigersoort bezoeken. Gelijk bij aankomst zien we al een jong in het riet langs een klein plasje rusten. Later zien we een klein stukje naast dit jong nog een juveniel zitten. Tweemaal zien we de volwassen reigertjes langsvliegen om hun jonkies te voeren. Ondanks de luchttrilling lukt het me om aardige plaatjes te maken, zie hieronder.

Jonge Woudaap – juvenile Little Bittern

Jonge Woudaap – juvenile Little Bittern