Maandelijkse archieven: oktober, 2014

Wederom de Maasvlakte

Zondag 26 oktober 2014

Het plan voor vandaag is om richting het zuiden van onze regio te gaan. Bij Lopik verblijft namelijk net als vorig jaar een Witoogeend en vanochtend wordt bij Benschop een merkwaardige reiger gezien. De reiger staat eerst als Koereiger op Waarneming.nl. Later twijfelen de waarnemers en wordt de soort weer gewijzigd naar Kleine Zilverreiger, echter wel eentje “zonder gele tenen, maar wel met gele snavel“… Daarom rijden we eerst naar Benschop, waar we al vanuit een rijdende auto een kleine, gedrongen, witte reiger met gele snavel zien lopen in een slootkant: duidelijk een Koereiger. We parkeren de auto langs de rand van de weg (achter o.a. Kees de Leeuw en Leo Kramer). Vanaf hier kunnen we de zeldzame Mediterraanse reigersoort leuk bekijken, al blijft de vogel wel vliegerig. Dit is alweer mijn 10e Koereiger dit jaar (na een groepje van 7 bij Elburg en twee solitaire vogels op Texel), maar pas mijn allereerste exemplaar ooit in de regio (regiosoort #225).

Koereiger – Cattle Egret

Terwijl we de Koereiger bekijken, ontvangen we een piepje: “Spaanse Mus op de Maasvlakte”! Deze soort is voor ons allen nog een nieuwe soort en daarom laten we de Witoogeend voor wat ‘ie is. Een uur later rijden we de Missouriweg nabij Rotterdam op en kunnen we aansluiten bij circa 30 andere vogelaars, die ons helaas mededelen dat de vogel niet meer in beeld is. Het duurt zeker drie kwartier voordat de vogel weer in beeld komt: op grote afstand laat de zeer zeldzame mus (slechts 6 eerdere gevallen in Nederland) zich even zien tussen de Vinken, rustend op containers. Al gauw vliegt ‘ie weer op en wordt ons geduld weer op de proef gesteld. Inmiddels is het aardig druk geworden, met ongeveer 100 vogelaars. Hieronder zitten natuurlijk ook enkele bekenden: ontdekker Garry Bakker, Gert Vonk, Pascal Wink, Luuk Punt, Herman van den Brand, Pieter Doorn en vele anderen. Uiteindelijk laat de mus zich aan iedereen goed bekijken, al blijft de vogel erg vliegerig. Ik slaag erin om enkele ‘bewijsplaatjes’ te maken van de vogel, zie hieronder.

Man Spaanse Mus – Male Spanish Sparrow

Man Spaanse Mus – Male Spanish Sparrow

De locatie (grote haven met veel grote containers, met ook enkele boten uit het broedgebied van de soort) blijft verdacht, maar zolang er geen direct bewijs is van ‘ship-assisted’, is het voor mij geen enkel probleem. Leuke bijvangsten zijn een IJsvogel, een Keep en enkele Zwarte Roodstaarten. Rond half 5 maken we er een eind aan en rijden we weer naar huis, met een nieuwe soort rijker.

Baltische Mantelmeeuw

Maandag 20 oktober 2014

Vanochtend met Frank eerst een rondje gemaakt door Breeveld. Dit valt eigenlijk nogal tegen, alleen een Goudhaantje en de gebruikelijke Ringmussen zijn het noemen waard. Hierna pakken Frank en ik de trein naar Utrecht, om meeuwen te gaan kijken in Kanaleneiland. Langs het Amsterdam-Rijnkanaal zitten namelijk altijd veel meeuwen en vaak zitten er leuke soorten tussen. Bovendien komen ze vaak af op het brood dat langs het kanaal wordt gegooid (moslims mogen vanuit hun geloof geen voedsel weggooien, dus gooien ze het langs de kade voor de meeuwen / duiven) en zijn dan van zeer korte afstand te zien. We hopen daarnaast de eergisteren ontdekte 2kj Baltische Mantelmeeuw in beeld te krijgen, voor mij een nieuwe ondersoort.

Direct bij aankomst zien we een zwemmende 4e kalenderjaar Geelpootmeeuw, even later gevolgd door een zeer fraaie adult. De adult komt na een tijdje ook op de kade zitten en is dan fantastisch te zien en te fotograferen, zie hieronder.

4kj Geelpootmeeuw – 4cy Yellow-legged Gull

Adult winter Geelpootmeeuw – adult winter Yellow-legged Gull

Even later denken we de Baltische Mantelmeeuw in beeld te hebben, zwemmend op het kanaal tussen andere meeuwen. Als de vogel dichterbij komt, zien we dat enkele kenmerken toch niet helemaal kloppen. Als we de vogel vergelijken met foto’s op internet van de echte vogel, is zeker dat we naar de verkeerde vogel zitten te kijken. Wel een zeer goede look-a-like, helaas lukt het me niet om een open vleugel te fotograferen zodat we de ondersoort alsnog kunnen bepalen.

2kj Kleine Mantelmeeuw – 2cy Lesser Black-backed Gull

Tussen de vele tientallen Kleine Mantelmeeuwen, 2 Geelpootmeeuwen en enkele Zilvermeeuwen zitten ook enkele geringde meeuwen, het lukt ons om drie kleurringen af te lezen. De ringgegevens staan in het onderschrift bij de foto’s.

Kleine Mantelmeeuw (PJ2). Op 28 juni 1997 geringd als pul in de Europoort – Lesser Black-backed Gull (PJ2)

Kleine Mantelmeeuw (V3SJ). Geringd op 26 juni 2009 in Sprogø, Denemarken – Lesser Black-backed Gull (V3SJ).

Kleine Mantelmeeuw (S.L). Geringd in Lage Weide op 18 juni 2014 – Lesser Black-backed Gull (S.L)

Uiteindelijk komt de Baltische Mantelmeeuw toch nog in beeld. Eerst zwemt de vogel op een afstandje, maar nadat er gevoerd wordt, gaat deze zeldzaamheid tussen de andere meeuwen op de kade zitten. Hier laat hij zich prachtig zien en kunnen we enkele verschillen met de ‘look-a-like’ goed bekijken. De ‘echte’ Balt heeft o.a. nog enkele bandjes op de tertials, het zwart op de snavel loopt verder door tot de snavelbasis en de grote dekveren vertonen een opvallend bruin ‘gat’ met oude veren. Hierdoor is de vogel goed individueel herkenbaar. Baltische Mantelmeeuwen zijn erg moeilijk te herkennen: daarom werden vroeger alleen maar geringde vogels die uit een kolonie met alleen maar Baltische Mantelmeeuwen kwamen, aanvaard door de CDNA. Sinds een jaar of drie komen ook tweede-kalenderjaarvogels in aanmerking voor aanvaarding. Hiervoor gelden wel enkele eisen, zie ook dit artikel dat pas geleden in de Dutch Birding heeft gestaan. Deze vogel heeft goede papieren om aanvaard te worden: P1-2 zijn derde generatie en P3-10 tweede generatie met P10 nog groeiend. Ook de staart ziet er goed uit met met erg veel wit.

2kj Baltische Mantelmeeuw – 2cy Baltic Gull (Larus fuscus fuscus)

2kj Baltische Mantelmeeuw – 2cy Baltic Gull (Larus fuscus fuscus)

Rond twee uur besluiten Frank en ik een punt achter deze vogelochtend te zetten en gaan we weer naar huis.

Blonde Ruiter tijdens zondagmiddagtwitch

Zondag 19 oktober 2014

Gisteren, terwijl wij aan het bijkomen waren van een weekje Texel, werd op de Maasvlakte een Blonde Ruiter gevonden. Nou is deze soort niet extreem zeldzaam: op dit moment zijn er 75 gevallen van deze soort aanvaard, wat voor de CDNA reden is om de soort met ingang van volgend jaar niet meer te beoordelen. Ook ik heb een Blonde Ruiter in Nederland gezien. Op 9 oktober 2010 zag ik mijn eerste en enige exemplaar in De Slufter op Texel, op ongeveer 1 km afstand. Op zo’n grote afstand blijft er natuurlijk weinig over van zo’n klein vogeltje (+/- 20 cm groot), en tot vandaag schaamde ik me een beetje dat de soort op mijn lijst staat…

Als de Blonde Ruiter vandaag aan het eind van de ochtend weer gemeld wordt op de Maasvlakte, bedenken wij ons geen moment en even later zitten we in de auto richting de Maasvlakte. Rond kwart voor een komen we aan bij het Luzerneveld, waar de Amerikaanse steltloper moet zitten. Vijf minuten later hebben we hem al in beeld, op zeer korte afstand.

Blonde Ruiter – Buff-breasted Sandpiper

Blonde Ruiter – Buff-breasted Sandpiper

Deze vogel in zijn eerste kalenderjaar trekt zich helemaal niets van ons aan en laat zich fenomenaal bekijken. De vogel zit geregeld op minder dan 5 meter afstand en zit dan zelfs te dichtbij om door de scoop te kunnen bekijken. Zie hier voor een zelfgemaakt filmpje van de vogel. Na twee-en-een-half uur hebben we elk veertje intussen wel goed kunnen bekijken en fotograferen en vertrekken we zeer tevreden naar huis.

Blonde Ruiter – Buff-breasted Sandpiper

Blonde Ruiter – Buff-breasted Sandpiper

Blonde Ruiter – Buff-breasted Sandpiper

Dutch Birding-weekend: dag 7

Vrijdag 17 oktober 2014

Vandaag is alweer de laatste dag van de vakantie. Wat gaat zo’n week toch snel voorbij. Voordat we het huisje uit moeten, kijken we even bij het Reddingboothuisje en het aangrenzende deel van de Robbenjager. Helaas zit er erg weinig, we zien slechts enkele Goudhaantjes en Kepen. Na dit tegenvallende rondje fietsen we nog even naar het Renvogelveld. Net als gisteren is ook vandaag een Waterpieper aanwezig op het veld. Leuk is dat hij even samen in een telescoopbeeld is met een Oeverpieper, zodat de verschillen tussen deze gelijkende soorten goed te zien zijn. Hierna fietsen we voor de laatste keer naar het bungalowtje aan de Vuurtorenweg.

Nadat we alles hebben ingepakt, rijden we alvast naar de zuidpunt van het eiland, waar we nog even vogelen. We bezoeken de Petten, het Grote Vlak en de Jan Ayeslag, maar hier zien we niets wat het noemen waard is. Omdat er aan de overkant van het Marsdiep meerdere leuke soorten zitten, nemen we een vroege boot naar het vasteland. En dus staan we om iets voor twaalven in de rij voor de veerboot, maar helaas is het zo druk dat we pas twee boten later hebben.

Als we rond half twee de boot afrijden, spoeden we ons naar Fort Erfprins net buiten Den Helder. Gisteren is namelijk bekend gemaakt dat hier al enkele dagen een Steppeklapekster verblijft. Even later hebben we deze klauwier (pas de 5e voor Nederland en al de derde dit jaar) vanaf de dijk langs het Marsdiep in de scoop. Ondanks het tegenlicht is hij fraai te zien, vooral in een eenzaam meidoorntje maar ook wel op de bunkers van het fort. De vogel foerageert actief op insecten, zo zie ik eenmaal hoe de klauwier een hommel vangt. Dit was alweer mijn tweede Steppeklapekster, na de vogel van Texel twee jaar geleden. Buitendijks vliegen boven het Marsdiep een Visdief en Zwarte Zee-eenden en zie ik kort de vin van een Bruinvis.

Steppeklapekster – Steppe Grey Shrike

Na deze geslaagde twitch rijden naar de wijk ‘Oud Den Helder’, waar een juveniele Roze Spreeuw moet zitten. Ruim een uur zoeken we naar deze zeldzame, maar jaarlijks met enkele exemplaren in Nederland opduikende spreeuwensoort. Helaas krijg ik de vogel niet in beeld, ondanks dat de vogel door het grootste deel van de vogelaars wel gezien wordt. De vogel is namelijk erg vliegerig en ik ben overal net te laat om hem in beeld te krijgen. Wel zien we een fraaie man Keep en een late Boerenzwaluw.

Onze laatste stop is bij de Dijkwielen bij Den Oever. Hier verblijft buitendijks, op het IJsselmeer, al geruime tijd een Buffelkopeend. Lange tijd blijft de Noord-Amerikaanse eend uit beeld, maar na ongeveer een uur zoeken vinden we hem toch nog terug. De eend zit bij een groep Meerkoeten, duikeenden en futen en zit dicht tegen de kant aan. Hij is erg duikerig, maar laat zich op niet al te grote afstand toch leuk zien. Indien aanvaard gaat het hier om de 4e Buffelkopeend voor Nederland. De kans lijkt trouwens groot dat dit exemplaar aanvaard gaat worden, want de vogel is ongeringd en de vleugels vertonen ook geen vreemde afwijkingen. Dit beide is ook fotografisch vastgelegd. Het is sowieso leuk vogelen langs de dijk, met zeker 3 Geoorde Futen, 4 Toppers en langs de dijk veel zangvogeltjes: Tapuiten, Oever– en Graspiepers, een Waterpieper en Witte Kwikstaarten. Rond 6-en rijden we weer door, terug naar Woerden.

1w Buffelkopeend – 1w Bufflehead

Het was een prachtige week met erg veel vogels, veel leuke en zeldzame soorten en over het algemeen goed weer. Vooral het weekend en de eerste twee dagen daarna (dus maandag en dinsdag) waren erg goed, op de dagen daarna waren de bosjes aanmerkelijk leger en was het wat meer sprokkelen. Gelukkig heeft Texel ook andere opties dan alleen bosjes kloppen 🙂

Dutch Birding-weekend: dag 6

Donderdag 16 oktober 2014

Gezien de slechte weersvoorspellingen besluiten Frank en ik rond 8 uur niet verder te gaan vogelen dan het Reddingboothuisje, zodat we bij het uitbreken van de buien gauw weer thuis zijn. Net als de afgelopen dagen is het erg druk qua vogels in de bosjes bij het Reddingboothuisje. Zo zien we o.a. zeker 3 Tjiftjaffen, enkele Goudhaantjes en een fraai Vuurgoudhaantje. Het Bladkoninkje dat we tot nu toe elke dag hadden, laat vandaag niet van zich horen: zal ‘ie eindelijk doorgetrokken zijn? Terwijl ik intensief de bosjes afscan, hoor ik achter me ineens een lang, zuigend geluid. Het duurt even voordat bij mij het kwartje valt, maar als de vogel nog enkele malen van zich laat horen, besef ik dat ik naar een Buidelmees luister! In de volgende paar minuten laat deze kleine rietvogel nog enkele malen van zich horen, maar door de harde wind lukt het me niet de vogel te lokaliseren, jammer! Ook een zoektochtje vanaf het uitkijkpunt aan de Robbenjagerplas helpt niet, de vogel komt niet in beeld en laat ook niet meer van zich horen. Wel zien we vanaf hier een vrouwtje Brilduiker en hoor en zie ik een Beflijster in de struiken aan de overkant.

We besluiten weer naar huis te lopen. Gelukkig net op tijd, want even later begint het te regenen. Rond 12 uur wordt het, zoals voorspeld, droog en gaan we weer op pad. Op een akker langs de Stengweg lopen veel plevieren, hoofdzakelijk Goudplevieren. Hiertussen lopen ook enkele Bontbekplevieren, Bonte Strandlopers, Spreeuwen en een Drieteenstrandloper. We rijden door naar de zuidpunt. In Ceres zien we, op een overvliegende Groenpootruiter na, niets. Op het Grote Vlak laat de Waterpieper die we hier gisteren zagen, zich vandaag niet zien en ook op de parkeerplaatsen zit niets. Leuk en ook aan de late kant is een groep van maar liefst 15 Boerenzwaluwen in de duinen aan de Westerslag. Op de terugweg naar het noorden stoppen we even langs de Oorsprongweg om de grote groep Spreeuwen af te kijken en misschien een glimp van de Steppekiekendief op te vangen. De eerste kunnen we niet vinden, maar de kiekendief vliegt vandaag wel weer boven het koolzaadveld. Ondanks dat we de vogel net een minuutje kunnen bekijken voordat hij weer uit beeld verdwijnt, is het erg leuk dat de vogel nog aanwezig is.

We rijden door naar De Tuintjes, maar hier is het erg leeg. Daarna lopen we door naar het uitkijkpunt over het Renvogelveld. Net als gisteren stikt het hier van de piepers en lijsters. Leuk is een Kramsvogel die tussen de Koperwieken foerageert. Bijzonder en verrassend zijn de drie Waterpiepers die tussen de Graspiepers foerageren. Gisteren was het nog een nieuwe Texelsoort voor ons en een dag later zie je zelfs een groepje. Waterpiepers zijn erg zeldzaam op de Wadden. Veel waarnemingen van bijvoorbeeld groepjes Waterpiepers op de Waddeneilanden betreffen determinatiefouten: vaak gaat het om Graspiepers of Oeverpiepers, die beide wel veelvuldig voorkomen op de eilanden. Zie voor meer informatie over het voorkomen van Waterpiepers op de Wadden dit topic op het forum van Waarneming.nl. Het moge wel duidelijk zijn dat Waterpiepers op de Wadden zeldzamer zijn dan veel mensen denken, qua zeldzaamheid doen ze waarschijnlijk niet veel onder aan Grote Piepers. Daarom dienen waarnemingen van Waterpiepers op de Waddeneilanden goed gedocumenteerd te worden, het liefste met foto’s. Ik heb maar alvast het goede voorbeeld gegeven, zie hieronder 😉

Waterpieper – Water Pipit

Waterpiepers – Water Pipits

Waterpieper – Water Pipit

Dutch Birding-weekend: dag 5

Woensdag 15 oktober 2014

Net als gisteren zijn Frank en ik met het eerste licht buiten voor een rondje achter de Robbenjager langs. Voor de vijfde dag op rij geeft de Bladkoning van het Reddingboothuisje zich thuis, enkele malen horen we de vogel roepen. Hier roept vanuit het dichte struikgewas ook een Beflijster. De bosjes achter de Robbenjagerplas lijken leger dan gisteren, eigenlijk zien we niets noemenswaardigs. Het Renvogelveld daarentegen zit barstensvol met piepers, lijsters en spreeuwen. Leuk zijn de twee fraaie foeragerende Beflijsters en twee Oeverpiepers.

Aangezien er een Sperwergrasmus wordt doorgegeven in de Tuintjes, lopen we door naar deze zeldzaamhedenhotspot. Ondanks het uur dat hem proberen in beeld te krijgen, lukt het de grasmus om uit beeld te blijven. Wel hoor en zie ik hier mijn eerste IJsgors van het najaar en zit in een groep Goudhanen een Vuurgoudhaantje. Als we het opgeven en verder de Tuintjes in lopen, belt Marnix Jonker dat de Sperwergrasmus weer in beeld is. Gauw lopen we terug, maar het duurt nog zeker een half uur voordat hij in beeld komt. Dit gebeurt op een voor de soort kenmerkende manier: vliegend tussen twee boscomplexen. Zodra de vogel de bramen induikt, zit de vogel binnen een seconde zo diep dat ‘ie gelijk niet meer te zien. Uiteindelijk vliegt de vogel nog een stukje en laat zich enkele seconden mooi zien in de top van een bramenstruweel. Hierna laten we de Sperwergrasmus met rust en zoeken we nog even naar de Hop die we zondag nog zo mooi zagen. Deze fraaie soort laat zich echter niet meer zien, misschien weer doorgetrokken?

Roodborsttapuit – Stonechat

In de middag rijden we naar de haven van Oudeschild, maar hier zien we niets. Vanaf hier rijden we gauw door naar het zuiden, waar in de Molenkolk een Rosse Franjepoot gevonden is. Deze hyperactieve steltloper laat zich op enige afstand leuk bekijken. Daarna rijden we naar het Grote Vlak, waar we mijn derde nieuwe Texelsoort van de week zien: langs de plas vinden we namelijk een Waterpieper, een soort die op Texel tamelijk zeldzaam is. Samen met Marnix Jonker kunnen we de vogel leuk bekijken op niet al te grote afstand. Voor een bewijsplaatje duikt hij helaas net te snel een niet-afzoekbare hoek in. Na deze leuke en verrassende waarneming rijden we enkele parkeerplaatsen langs de Noordzeekant af. Op de bergen met stenen hebben in het verleden leuke dwaalgasten gezeten (o.a. Bonte Tapuit en Alpenheggenmus). Wij zien hier twee Roodborsttapuiten en een erg fotogenieke Tapuit. Daarna rijden terug naar het huisje, waar net als gisteren een Bladkoninkje in de bosjes in onze tuin rondhipt. Deze Siberische doortrekker foerageert op ooghoogte en laat zich een minuutje of 10 echt fantastisch bekijken.

Rosse Franjepoot – Red Phalarope

Tapuit – Northern Wheatear

Dutch Birding-weekend: dag 4

Dinsdag 14 oktober 2014

’s Ochtends beginnen Frank en ik de dag met een wandeling rond de Robbenjager. We zijn nog maar net begonnen of we horen het Bladkoninkje van het Reddingboothuisje enkele malen roepen. Een goed begin! Tijdens het rondje stuiten we op m.i. een van de mooiste vogelsoorten van het land, namelijk een foeragerend Vuurgoudhaantje. Verder worden de hoogtepunten gevormd door een late Tuinfluiter, een foeragerende Oeverpieper en prachtige Spreeuwentrek, met groepen van soms wel 1000+ vogels. Helaas lukt het ons niet om tussen de Spreeuwen die in het gebied landen een Roze Spreeuw te vinden.

Rond half 10 wordt in een tuin langs de Vuurtorenweg (op circa 500 meter van onze bungalow) een Kleine Vliegenvanger gevonden. We besluiten rustig die kant op te vogelen. Onderweg zien we nog twee Zwarte Roodstaarten bij het restaurant de Robbenjager. Eenmaal aangekomen bij de Kleine Vliegenvanger zien we de vogel gelijk op de grond zitten. In de daaropvolgende anderhalf uur is de vogel behoorlijk mobiel, maar laat deze eerste winter zich bij tijd en wijlen mooi zien. Met zeker 20 andere vogelaars lukt het bovendien om een vanaf de Robbenjager aangekondigde Visarend op te pikken en vliegen er, tussen de vele Koperwieken, 3 Beflijsters en een Grote Lijster over.

Kleine Vliegenvanger – Red-breasted Flycatcher

Rond het middaguur lopen we weer naar huisje in verband met naderende buien. Hier wacht ons een leuke verrassing: in de tuin vinden we namelijk een Bladkoning! Het boszangertje foerageert rustig in de bomen aan de rand van de tuin en laat zich hierbij mooi zien. Inmiddels wordt in de tuin waar de Kleine Vliegenvanger zit ook een Pallas Boszanger ontdekt. Rond drieën, als het eindelijk wat droger wordt, lopen we dan ook weer terug naar de tuin aan de Vuurtorenweg. De Kleine Vliegenvanger is gelijk weer in beeld, maar voor de Pallas Boszanger moeten we iets meer geduld hebben. Na ongeveer een halfuurtje wachten, wordt de boszanger weer teruggevonden. Het duurt dan nog even voordat ik de vogel in beeld heb, maar uiteindelijk lukt het ook mij om hem aardig te kunnen bekijken. Op enige afstand is het beste kenmerk, de gele stuit, goed te zien, zowel in zit als in vlucht. Na ongeveer een kwartiertje waarin de vogel onregelmatig in beeld is, vliegt hij weg om de rest van de dag niet meer in beeld te komen. De vliegenvanger daarentegen laat zich wel weer leuk zien en nu lukt het me zelfs om hem te digiscopen (zie hierboven). Na anderhalf uur dreigen wederom buien en zetten we een punt achter deze mooie vogeldag.

Dutch Birding-weekend: dag 3

Maandag 13 oktober 2014

Aan het eind van de schemering fietsen Frank en ik naar de Tuintjes. Al onderweg komen we erachter dat de lijsters massaal vliegen, meerdere gemengde groepen vliegen al over. In de Tuintjes aangekomen blijkt dat de lijstertrek echt is losgebroken. Mede door de slechte weersomstandigheden (harde ZO-wind en naderende buien) besluiten we niet om te gaan bosjeskloppen, maar ons bij bij het 1e tuintje te gaan concentreren op de lijstertrek. Door de weersomstandigheden vliegen de lijsters extreem laag en zijn dus goed te zien. Enkele groepjes vliegen zo laag dat ze bijna tegen onze hoofden aanvliegen. Het bosjescomplex achter ons werkt als een magneet op de lijsters. Het is lastig om schattingen te maken, maar zeker is dat aantallen van 1000 Koperwieken, 500 Zanglijsters, 10 Veldleeuweriken en 10 Kepen zeker een onderschatting zijn. Ter vergelijking, gisteren had ik pas mijn eerste Koperwiek van het najaar… Leuk zijn ook de Beflijsters, driemaal vliegt een roepend exemplaar over. Rond 10-en kiezen we het zekere voor het onzekere en fietsen we weer huiswaarts. Een goede keuze blijkt achteraf, want niet veel later breken flinke regenbuien uit.

Na een pauze van een paar uur klaart het rond het middaguur weer op en gaan Frank en ik weer naar buiten. We kiezen ervoor naar het Reddingboothuisje te fietsen. Tussen de tientallen Huismussen zitten zeker twee Ringmussen. Het Bladkoninkje dat al enkele dagen aanwezig is, laat zich vandaag ook weer even zien. Daarna gaan we weer door richting het Stormwachtershuisje, maar hier zit niets noemenswaardig. Daarom fietsen we weer terug en stoppen we nogmaals bij het Reddingboothuisje. Een Grote Gele Kwikstaart vliegt over, bedenkt zich en landt op het veldje. Aan de grond laat de kwikstaart zich mooi zien, volgens mij is dit mijn eerste Grote Gele Kwikstaart aan de grond op Texel!

Grote Gele Kwikstaart – Grey Wagtail

We besluiten een punt te zetten achter dit rondje en de Roze Pelikaan te gaan twitchen. Langs de Nieuwlanderweg (waar de vogel voor het laatst gezien is) is de vogel echter niet meer aanwezig. Hier horen we wel dat de vogel richting Oudeschild is gevlogen. Daarom rijden we willekeurig wat wegen tussen Oudeschild en De Waal in. Als we een rij vogelaars langs de weg zien staan, horen we dat het gigantische bakbeest net is opgevlogen. Gelukkig vinden we de Roze Pelikaan gauw terug op een akker langs de Veenselangweg. Vanaf de andere kant kunnen we de vogel daarna fantastisch bekijken op een metertje of honderd. Hier krijgen we gezelschap van o.a. Marc Plomp en Eric Menkveld, die de vogel ook komen bekijken, fotograferen en filmen. Na een halfuurtje vliegt de pelikaan vanuit het niets op en landt weer iets verderop. Dit gedrag herhaalt de vogel meerdere malen, tot hij zijn rust weer vindt op een weiland langs de Middellandseweg.

Roze Pelikaan – Great White Pelican

Vanaf hier kunnen we hem wederom leuk bekijken, ditmaal echter wel op grotere afstand. Leuk zijn ook de twee Beflijsters en het Witgatje die langsvliegen. Op basis van individuele kenmerken blijkt dat dit dezelfde vogel is die lange tijd in Hengelo heeft gezeten en gisteren boven Lauwersoog, Terschelling en Vlieland is gezien. De volgende dag is hij bovendien gezien bij Den Helder en Callantsoog. Deze pelikaan is ongeringd, heeft gave vleugels (beide zijn fotografisch vastgelegd) en dus staat er m.i. niets in de weg om de vogel te aanvaarden als wilde vogel. Na deze leuke waarneming rijden we weer terug naar het huisje en maken we een eind aan deze mooie vogeldag.

Dutch Birding-weekend: dag 2

Zondag 12 oktober 2014

Net als gisteren staan Frank en ik bij het opkomen van de zon bij de Vijver van Jochems. Hier blijkt de Beflijster van gisteren nog aanwezig te zijn, foerageren tussen de vele Vinken twee Kepen en verder zien we een Tapuit en enkele Roodborsttapuiten. Wat betreft de vogeltrek zijn twee Grote Gele Kwikstaarten, een Sijsje en de eerste Koperwiek van het najaar het noemen waard.

Beflijster – Ring Ouzel

Daarna rijden we naar de Slufter. Op het bekende veldje aan de zuidkant van de geul lopen deze keer geen Strandleeuweriken, maar wel minstens 4 Tapuiten. Langs de geul zelf foerageren vele soorten steltlopers (vooral Kanoeten, Bonte Strandlopers en Rosse Grutto’s), die nauwlettend in de gaten worden gehouden door een juveniele Slechtvalk. Later krijgt dit exemplaar gezelschap van nog 2-3 soortgenoten. Aan de overkant (op enkele 100-en meters) lopen dan toch nog zeker 13 Strandleeuweriken. Na deze wandeling passeren we met de auto de Oorsprongweg en nemen we uiteraard even een kijkje bij de Steppekiekendief. Aanvankelijk zit de vogel te poetsen op een gemaaide rietkraag, maar al gauw vliegt de vogel op. Samen met Bertus de Lange zien we hoe de de vogel kort boven het koolzaadveld jaagt om daarna op te schroeven. Samen met o.a. een Havik en Buizerds cirkelt de kiekendief even boven de golfbaan, maar daarna lijkt de vogel dan toch verder te trekken richting zuidoost. Des te opvallender dat de vogel later op de middag door anderen weer boven het koolzaadveld wordt gezien. Hier zien we bovendien een late Citroenvlinder boven de weg vliegen.

Na het middageten besluiten we de Grote Pieper op de dijk bij Dorpzicht te bezoeken. De pieper is helaas al even uit beeld, dus kijken eerst we met Ed Veling over het wad buitendijks (wat een Kanoet oplevert) en praten we wat bij. Gelukkig wordt de Grote Pieper al gauw weer teruggevonden, foeragerend op de dijk op ongeveer 200 meter afstand. In het kwartier dat we de pieper vanaf hier bekijken, vliegen een Slechtvalk, een Kleine Zilverreiger en een Oranje Luzernevlinder over. In overleg met de andere vogelaars besluiten we iets dichterbij te lopen, zodat we de pieper wat beter kunnen bekijken. Vanaf hier kunnen we de zeldzame pieper inderdaad een stuk fraaier zien, op ongeveer 100 meter afstand. Na ongeveer een halfuurtje vliegt de vogel op door een naderende fietser en landt ‘ie in het grasland op zulke grote afstand dat we hem niet eens meer kunnen zien. Voor ons een teken om weer verder te gaan.

Slechtvalk – Peregrine Falcon (photo: Peter van der Meer)

Grote Pieper – Richard’s Pipit

Aan het eind van de middag fietsen Frank en ik nog even naar de bosjes bij het Reddingboothuisje. De Bladkoning die we hier gisteren zagen, is gauw gevonden, al laat hij zich zeker niet zo mooi zien als gisteren. Terwijl we hier staan, krijgen we een spannend bericht door: “Hop op noordpunt, langs rand van akker, bij kar. Meer info heb ik niet”. Ondanks dat voor veel vogelaars de exacte locatie een vraagteken is, begint bij Frank en mij gelijk een lampje te branden: dat is ‘ons’ stukje, namelijk het stukje waar we zowel gisterochtend als vanochtend gevogeld hebben! Gauw fietsen we die kant op en zoeken we samen met o.a. Pieter en Maartje Doorn en August van Steensel tevergeefs naar de Hop. Als we ons verspreiden over de ruime omgeving, wordt er hard geschreeuwd en dat kan maar een ding betekenen. En ja hoor, enkele seconden later vliegt op enkele tientallen meters een prachtige Hop langs! Iets verderop landt de vogel in de top van een struik, maar hier blijft hij niet lang zitten. Uiteindelijk landt de vogel in de duinen aan de andere kant van het fietspad. Hier geeft deze Zuid-Europese vogel een show weg, op zeer korte afstand laat ‘ie zich prachtig bekijken. Later laat de vogel zich zo mogelijk nog beter zien, rustig foeragerend op minder dan 20 meter!

Hop – Hoopoe

Een prachtige afsluiter van een van mijn beste Dutch Birding-weekenden ooit. Zowel qua zeldzaamheden als qua weer, want de laatste jaren zijn we niet bepaald verwend geweest met het weer tijdens dit weekend. Gelukkig staat ons nog een midweek Texel te wachten 🙂

Dutch Birding-weekend: dag 1

Zaterdag 11 oktober 2014

Na weken wachten is het dit weekend eindelijk zo ver: het Dutch Birding-najaarsweekend op Texel staat voor de deur. Het hele weekend lang zoeken vele 100-en vogelaars dit Waddeneiland af op schaarse en zeldzame vogelsoorten. Vrijdag heb ik helaas nog verplichtingen in Wageningen, maar aan het eind van de middag neem ik toch nog de trein naar Den Helder, om rond half 9 de boot te kunnen hebben.

Zaterdagochtend staan Frank en ik bij het eerste licht al buiten en beginnen we met een rondje langs de Vijver van Jochems. Het is erg spannend vogelen (elke vogel kan zomaar die ene klapper zijn), maar veel zien we helaas niet. Het leukste is een foeragerende Beflijster. Verder zien we in deze hoek meerdere Zwartkoppen en een Tapuit en horen we een Waterral en eenmaal een roepje van een IJsgors. Op de terugweg zien we langs het pad bovendien een dode Egel, zonde!

Dode Egel – dead Western Hedgehog

Rond 10-en zijn we klaar met ons rondje en besluiten we wat rond te rijden over het noorden van het eiland. Eerst nemen we een kijkje langs de Oorsprongweg of de Steppekiekendief nog gezien wordt. Helaas is de vogel al lange tijd uit beeld. Aangezien kiekendieven in de regel vaak erg mobiel zijn, kiezen we ervoor om niet al te veel tijd te steken in het terugvinden van deze zeldzame roofvogel. We rijden terug naar de Volharding, waar we op een Tapuit stuiten. Iets verderop (bij het Reddingboothuisje) staat een flinke groep vogelaars. Het blijkt dat hier in de bosjes een Bladkoning rondscharrelt. Samen met enkele Tjiftjaffen foerageert de vogel aan de voorkant van de bosjes en laat zich hierbij zeer fraai zien. Het lukt me zelfs om de beweeglijke vogel te digiscopen, leuk! Een van mijn mooiste Bladkoninkjes ooit!

Bladkoning – Yellow-browed Warbler

Bladkoning – Yellow-browed Warbler

Daarna duiken we de Tuintjes in. Bij het eerste bosjescomplex stuiten we wederom op een Bladkoning. Af en toe laat deze zeldzame Siberische doortrekker haar kenmerkende roep horen en bij tijd en wijlen is hij ook aardig te zien. Verder is het erg rustig en door de naderende buien rijden we terug naar het huisje.

Terwijl wij een korte pauze nemen in ons huisje aan de Vuurtorenweg, wordt in De Nederlanden de Steppekiekendief weer teruggevonden. Samen met Eric Menkveld, die de vogel kort voor onze aankomst heeft zien overvliegen, zoeken we tevergeefs naar deze fraaie kiekendief. Hier ontvangt Eric een Whatsappje dat ons direct in de benen brengt: “Isabelklauwier bij Paal 12”, mét foto en exacte locatie! Direct besluiten we de poging om de Steppekiekendief te zien te staken en rijden we Eric (die veel beter bekend is met de wegen op het eiland) achterna. Ondanks dat we onderweg behoorlijk worden opgehouden door een groepje vervelende wielrenners, sluiten we al gauw aan in de rij auto’s aan de Jan Ayeslag. Vanaf hier is het nog ongeveer 200 meter lopen naar de klauwier. Tijdens de wandeling ontvangen we een alarmerend appje: “Die Daurische die net door komt op Texel lijkt een Turkestaan te gaan worden, voor de geïnteresseerden…”. Even later hebben we de betreffende vogel in beeld. Een uur lang laat de zeldzame zangvogel (afkomstig uit Centraal-Azië) zich zien, soms op erg korte afstand. Over de identiteit van de vogel is het laatste woord nog niet gezegd: zeker is dat het een izabelklauwier (= Daurische/Turkestaanse Klauwier) is. Maar welke van de twee het nou is, is nog verre van zeker. Wat ik zelf nogal opvallend vind aan de vogel, zijn de nogal koudgekleurde bovendelen (zeker in vergelijking met mijn twee eerdere Daurische Klauwieren). Het koppatroon lijkt daarentegen weer meer op Daurische te wijzen. Verder heb ik te weinig verstand van izabelklauwieren om er een duidelijke mening op na te houden. Fraai is de vogel in ieder geval wel!

Waarschijnlijke Daurische Klauwier – presumable Isabelline Shrike

Waarschijnlijke Daurische Klauwier – presumable Isabelline Shrike

Bij aankomst behoren wij tot de eerste 20 vogelaars die de vogel in beeld hebben, maar al gauw groeit de groep vogelaars uit tot zeker 200 man. Een van de voordelen van zo’n grote groep vogelaars, is dat er altijd wel wat oplettenden tussen staan. Als we eenmaal een luide, langgerekte, hoge roep horen, volgt daarna in koor de determinatie van de vogel: “ROODKEELPIEPER!”. Boven ons vliegt de zeldzame pieper in een groepje Graspiepers mee richting zuid.

Na deze fraaie waarnemingen vogelen we wat rond op de zuidpunt. Langs de Mokweg zien we vanuit de auto een spannende ringtail. Als we uitstappen is de vogel alweer zo ver dat ‘ie niet beter te zien is dan een stipje, maar we kunnen nog net enkele kenmerken zien die sterk doen denken aan een Blauwe Kiekendief. De volgende bestemming zijn de Horsmeertjes, waar we zowel een Grote als Kleine Zilverreiger zien, leuk! Verder zwemmen hier veel eenden (hoofdzakelijk Smienten waaronder een afwijkend licht exemplaar, maar ook Pijlstaarten en Brilduikers). Bij de Geul zien we opnieuw een juveniele Blauwe Kiekendief.

Op weg terug naar het noorden rijden we nog even langs de Muyweg. Hier zien we nog een Slechtvalk op een akker en een overvliegende Bruine Kiekendief, maar van de gehoopte Casarca ontbreekt ieder spoor. Tegen vijven  ontvangen we een zeer welkom berichtje: de Steppekiekendief is nu in beeld langs de Oorsprongweg! Als we aankomen op deze weg, is de vogel echter alweer uit beeld. Uiteraard laten we ons niet uit het veld slaan door deze tegenvaller en dat is maar goed ook, want even later vliegt deze nieuwe Texelsoort boven de velden! Zeker een halfuur lang kunnen we met zo’n 50 andere vogelaars (waaronder de bekendste blogger van het land: Luuk Punt) deze fraaie Steppekiekendief erg leuk bekijken. Een prachtige afsluiting van de dag en maar liefst mijn derde kiekendiefsoort van de dag!