Maandelijkse archieven: juni, 2016

Plan B

Zondag 26 juni 2016

Gisteren (zaterdag) liep ons plan om libellen en dagvlinders te kijken letterlijk in het water. Net nadat we aankwamen in het grensoverschrijdende natuurgebied De Plateaux (bij Bergeijk) begon het te regenen, en de rest van de dag werd het niet meer droog. Onze kans op o.a. Gewone Bronlibel en Bosbeekjuffer verdween als sneeuw voor de zon, behoorlijk balen. De enige meldenswaardige dieren waren enkele Weidebeekjuffers en Phegeavlinders (een zeldzame nachtvlindersoort die alleen in de Peelregio voorkomt) en een zingende Wielewaal, die zich blijkbaar niets aantrok van de regen.

Phegeavlinder – Nine-spotted

Voor vandaag staat aanvankelijk weer een insectendagje op het schema (nu op de Veluwe). De weersvoorspellingen gooien echter roet in het eten en dus gaan we over op plan B. Aan het begin van de middag bezoeken we de Eempolders bij Huizen, waar we gaan zoeken naar de eerder gemelde Witoogeend. In eerste instantie kunnen we de schaarse eendensoort niet vinden, maar nadat we samen met Tonny Bakker & man een kijkje nemen over het Eemmeer, zwemt de man Witoogeend ineens wel op het kleine plasje. Hij zwemt veel met de kop onder water, maar laat zich toch erg goed zien. Naast de Witoogeend bevolken ook een Bosruiter, ruim 100 Oeverzwaluwen, een Bontbekplevier en enkele Kemphanen het plasje, terwijl een Boomvalk over onze hoofden vliegt.

Witoogeend – Ferruginous Duck

Samen met Tonny en Will rijden we daarna naar het Eemmeer met als doel Casarca’s. Vanaf het eerste kijkpunt kunnen we de oranje bergeenden niet vinden, maar wel zien we twee jonge Raven op een hekje in de polder achter ons. Ook leuk. Vanuit de kijkhut hebben we meer succes: met de nodige moeite tellen we hier uiteindelijk 6 Casarca’s, op grote afstand en verspreid over het hele meer.

Na deze geslaagde tocht nemen we afscheid van Tonny en Will en rijden we naar Nijkerk, waar we tevergeefs zoeken naar een Roodhalsgans (leuk voor de maandlijst). Weer in de auto begint het weer zachtjes te regenen, voor ons een teken om weer huiswaarts te keren.

Lekker weekje met Witwangsterns, een Ralreiger en een Kleine Geelpootruiter

Maandag 6, vrijdag 10 en zaterdag 11 juni 2016

Afgelopen maandagavond werden vier Witwangsterns gemeld in de Blauwe Kamer (bij Rhenen). Aangezien ik toch in Wageningen was, besloot ik er samen met mede-bosbouwers Bram de Vries en Martijn van der Neut even langs te fietsen. Twee vogels bleken te zijn doorgevlogen naar de andere kant van de Nederrijn, maar gelukkig konden we de andere twee vogels wel terugvinden. De sterns lieten zich bij tijd en wijle erg mooi bekijken. Zo vlogen ze tijdens hun foerageerrondje af en toe op een meter over onze hoofden. De vogels riepen ook regelmatig. Ter plaatse spraken we even met o.a. Alex Bos, die de beesten uiteraard weer geweldig op de foto had gezet (linkje naar Alex’ PBase-site).

Vrijdagavond nemen mijn vader en ik een kijkje bij het dorpje Noordse Buurt, aan de rand van de Nieuwkoopse Plassen. Woensdag is namelijk bekend geworden dat hier een Ralreiger zit, een behoorlijk zeldzame reigersoort afkomstig uit het Mediterrane gebied. De vogel foerageert vooral op een veldje van Gele Plomp in een smal slootje en is alleen te zien vanaf een erf van een van de bewoners. Van de gastvrije bewoners mogen we gelukkig wel het erf op en daardoor kunnen we de reiger prachtig zien op een afstandje van zo’n 25 meter afstand. De bewoners staan wel andere vogelaars toe, maar willen uiteraard niet dat de hele tuin vol staat met vogelaars. Dat is dan ook de reden dat de vogel op Waarneming.nl onder embargo staat. Voor degenen die de vogel nog willen bezoeken, denk daaraan: gedraag je en luister naar de eigenaren.

Ralreiger – Squacco Heron

Ralreiger – Squacco Heron

Een zeer fijne verversing van deze soort, want mijn eerste en enige waarneming van een Ralreiger in Nederland was op 27 juni 2007, op de Put van Broeckhoven (tussen Bodegraven en Nieuwerbrug). Na deze geweldige waarneming rijden we naar de andere kant van de Noordse Buurt, waar net als in andere jaren een Grote Karekiet zit te zingen. De karekiet is onzichtbaar door het hoge riet, maar laat des te meer van zich horen.

Vanmiddag reizen we af naar het Doove Gat bij Haastrecht om de Kleine Geelpootruiter die hier sinds 25 mei zit, te bekijken. De Noord-Amerikaanse steltloper is snel gevonden, al zit de vogel wel op flinke afstand. Ruim anderhalf uur lang blijft de vogel op grote afstand. In die tijd vermaken we ons prima met o.a. 2 Ringmussen, 2 Zwarte Sterns, 2 Distelvlinders en een privéconcert van een Bosrietzanger. Daarna vliegt de Kleine Geelpootruiter gelukkig op en landt in de sloot naast de grote plas. Hier is de zeer zeldzame ruiter erg fraai te zien op een mooie afstand, foeragerend op wormpjes en dergelijke. Eindelijk een Kleine Geelpootruiter dit jaar, nadat we de soort eerder waren misgelopen in de Biesbosch en in Zeeland. Dit is alweer mijn vierde Kleine Geelpootruiter, na vogels op Texel (2012), Vattrop (2013) en Everdingen (2015).

Kleine Geelpootruiter – Lesser Yellowlegs

Veel krenten maar weinig pap tijdens lange periode Texel

Zaterdag 14 mei tot dinsdag 31 mei 2016

Het begint voor mij bijna een traditie te worden: de tweede helft van mei doorbrengen op Texel. Voor het derde jaar op rij zat ik namelijk in deze periode voor een langere tijd op dit Waddeneiland, deze keer tussen 14 en 31 mei in totaal drie weekenden en enkele doordeweekse dagen. Kort samengevat was het hard werken, maar in ruil hiervoor kregen we een paar hele leuke soorten ervoor terug. De grootste klappers waren de tweede Grote Kanoet voor Nederland, een geweldige Vale Gier en mijn 5e Breedbekstrandloper. In totaal zagen wij vier nieuwe Texelsoorten (naast de eerstgenoemde twee soorten ook Strandplevier en IJseend, die de Texellijst uitbreide naar 271 soorten). Meer over deze en alle andere hoogtepunten wordt hieronder toegelicht.

Zomertalingen zijn (door een gebrek aan zoetwaterplassen) behoorlijk schaarse broedvogels op Texel. Een van de beste locaties is Dijkmanshuizen, waar op 21 en 30 mei meerdere vogels aanwezig waren. Een andere leuke eendensoort was een mannetje IJseend in zomerkleed, dat op 28 mei op het Westelijke Horsmeertje zwom. Niet alleen fenologisch interessant, maar voor ons ook nog een nieuwe Texelsoort. Op 16 mei zwommen hier ook minstens 5 Geoorde Futen, ook een behoorlijk schaarse soort op Texel, zeker zo laat in het voorjaar. Het duingebied De Nederlanden was dit voorjaar een goede locatie voor Kleine Zilverreigers. Een korte kijk over zee bij de Vuurtoren leverde op 21 mei meerdere Jan-van-Genten op, pas mijn eerste Jannen in het eerste halfjaar ooit.

De spectaculaire roofvogelstroom tijdens het Dutch Birding-weekend was nu zo goed als opgedroogd. Desondanks zagen we op 21 mei nog een Visarend boven de Vijver van Jochems. Dit was alweer onze 6e dit voorjaar op Texel. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 6 Visarenden op Texel. Diezelfde dag vloog een Vale Gier het eiland op. Dezelfde vogel  werd een dag eerder nog gezien boven IJmuiden en werd op 21 mei ook opgepikt op meerdere plekken in de Kop van Noord-Holland, voordat hij Texel bereikte. Boven het eiland daalde de gier en na een paar korte stops van enkele minuten landde de vogel vlakbij Ecomare in een den om de rest van de dag door te brengen. Hier was hij fantastisch te zien en kon ook worden vastgesteld dat hij geringd was. De code op de ring verraadt dat dit dezelfde vogel is die vorig jaar ook al door Nederland rondzwierf en hierbij ook Texel aan deed en die Frank en ik zelfs boven onze tuin in Woerden kon oppikken. Ook de volgende dagen werd de vogel dagelijks gezien in de Staatsbossen. In de middag van 28 mei verliet de Vale Gier weer het eiland en zat hij enkele dagen in Den Helder.

Vale Gier – Griffon Vulture

Vale Gier – Griffon Vulture (photo: Peter van der Meer)

De steltlopers deden het erg goed. Zo zat een paartje Steltkluten in Dijkmanshuizen. Ze waren wel vaak erg lastig te vinden, doordat ze vaak achter een randje met hoog gras zaten. Ergens op het strand deed een paartje Strandplevieren een broedpoging. Baltsende Houtsnippen vlogen boven de Staatsbossen. Hier zat ’s avonds ook een exemplaar langs de weg, die in de koplampen erg leuk te zien was.

vrouw Strandplevier – female Kentish Plover

Bontbekplevier (pullus) – Common Ringed Plover (nestling; photo: Peter van der Meer)

Een geweldige vondst van Diederik Kok was een adult zomerkleed Grote Kanoet op de Volharding op 13 mei. Ook de volgende dagen was de vogel hier aanwezig. De vogel was vaak lastig te zien (zat veel achter andere steltlopers, op afstand, aanwezigheid afhankelijk van het getijde), maar bijna alle vogelaars slaagden erin om de vogel te zien. Dit was pas het tweede geval voor Nederland (na eentje in 1991). Een andere goede ontdekking van Diederik was een Breedbekstrandloper in de Mokbaai op 30 mei. De strandloper bevond zich op afstand tussen Bontbekplevieren en andere strandlopers. Mijn tweede op Texel (na een vogel vorig jaar) en vijfde in Nederland. Kleine Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen (max. 5 exemplaren), op het wad bij De Schorren (2) en in de Mokbaai (2). Maximaal 5 (op 21 mei) Temmincks Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen, een klassieke locatie voor deze soort op Texel. Een andere leuke strandloper zat op de Eierlandse Dam: twee Paarse Strandlopers in vol zomerkleed liepen hier op 16 mei samen met enkele Steenlopers naar voedsel te zoeken. De laatste leuke steltlopersoort was een een vrouwtje Grauwe Franjepoot in adult zomerkleed dat op 16 en 17 mei in Dijkmanshuizen zat.

ad zomer Grote Kanoet – ad summer Great Knot, 2nd for the Netherlands!

Paarse Strandloper – Purple Sandpiper

Opmerkelijk was een groepje van 5 Drieteenmeeuwen bij de Vuurtoren. De meeuwen zaten even op zee en vlogen daarna weg richting zuid. Andere leuke meeuwen waren 1 adulte Zwartkopmeeuw die over de Roggesloot vloog (Zwartkopmeeuwen zijn nog steeds behoorlijk schaars op Texel) en 2 jonge Dwergmeeuwen (op Dijkmanshuizen en de Volharding). Broedende Dwergsterns zaten op de Volharding (zeker 16 ex.) en foeragerende vogels waren ook te zien bij op zee bij de Vuurtoren. Noordse Sterns zaten in Dijkmanshuizen, Ottersaat en De Petten.

Dwergmeeuw – Little Gull

Zomertortels werden uitsluitend waargenomen op vakantiepark De Krim (2) en bij de Horsmeertjes. Net als de voorgaande jaren zong minstens 1 Nachtzwaluw ergens in de duinen. Fraai en fijn was een mannetje Grauwe Klauwier in De Nederlanden. De vogel liet zich fraai zien en zat af en toe zelfs te zingen; een territorium? Grote Lijsters zijn erg schaars op Texel en dus mag een overvliegende vogel over de Ploegelanden (in de Staatsbossen) niet ongenoemd blijven.

Zomertortel – European Turtle Dove

Grauwe Klauwer – Red-backed Shrike (photo: Frank van der Meer)

Het Renvogelveldje was ook deze periode weer goed voor zowel Noordse als Engelse Kwikstaarten, op 15 mei lieten 6 resp. 3 exemplaren zich hier bewonderen. Een dag later zong een Kleine Barmsijs uit het struweel langs het Westelijk Horsmeertje, de vogel liet zich ook even zien (aan Frank dan). In tegenstelling tot 2015 zagen wij dit jaar wel weer een Roodmus op Texel: op 21 mei liet in Dorpzicht een adulte man veel van zich horen en was met enig geduld ook leuk te zien. Net als vorig jaar was ook dit jaar weer een Appelvink aanwezig in het Krimbos, het bleef helaas bij een eenmalige waarneming. Een leuke waarneming, want Appelvinken zijn erg schaars op dit eiland (broeden er niet, voor zover ik weet).

Roodmus – Common Rosefinch (photo: Frank van der Meer)