Maandelijkse archieven: augustus, 2016

Hard werken op Vlieland

Maandag 22 t/m zaterdag 27 augustus 2016

Net als de laatste jaren vindt ook dit jaar weer een vogelkamp van de JNM plaats in de laatste week van augustus. Vorig jaar was dit in het Lauwersmeer, nu gaan we (net als in 2014) naar Vlieland. Het kamp begint op maandag 22 augustus als we gezamenlijk de half-3-boot nemen vanuit Harlingen. De rest van de dag doen we niet veel meer: fietsen huren, tent opzetten, elkaar beter leren kennen, etc. We zitten nog een uurtje aan zee, maar er vliegt niets noemenswaardig voorbij.

De dinsdag begint zeer vroeg, want al rond half zeven bevogelen we de oostpunt van het eiland. Op een zacht zingende Fitis na zit er helaas niet veel. Terug naar de camping (Lange Paal) voor ontbijt en dan verspreiden we ons in meerdere groepen over het eiland. Bij de Oostervallei krijgen Lonnie Bregman, Diedert Koppenol en ik de eerder op de ochtend door Lonnie gevonden Sperwergrasmus kort maar fraai te zien in een kaal struikje. Het is hier sowieso leuk vogelen met verder wat Tuinfluiters, Paapjes, een vroege Kramsvogel en een stille Sprinkhaanzanger. ’s Middags breekt de zon door en wordt het snikheet. In de Kroonspolders zit niet bijster veel, maar bij Bomenland is het wederom Lonnie die een Draaihals vindt. Ook de andere groepjes krijgen de vogel te zien. Bij de Oude Eendenkooi zien we bovendien nog een Grauwe en een Bonte Vliegenvanger. We zijn net terug op de camping als we het bericht krijgen dat de NJN (de ‘concurrent’) vanaf Terschelling over zee een Vale Pijlstormvogel richting Vlieland ziet vliegen. Als de wiederweerga fietsen we richting zee, maar wij moeten het doen met slechts een juveniele Zwarte Stern.

De volgende dag fietsen we richting de westkant. Tussen de Kroonspolders en de kazerne stop ik omdat ik duidelijk een Porseleinhoen hoor roepen. Het blijkt echter een tape te zijn dat vanaf de ringbaan komt… Een klein stukje verderop fietsen Lonnie, August van Steensel en ik bijna tegen een jonge Grauwe Klauwier aan. Het blijkt zelfs om twee exemplaren te gaan, die samen jagen vanuit de bosjes langs de weg. Net als gisteren is het al snel veel te warm om echt fanatiek te vogelen. De bosjes rondom de kazerne zijn angstvallig leeg. We zoeken tevergeefs naar een Sperwergrasmus van Gijsbert Twigt, wel komen we meerdere Paapjes, een groepje overvliegende Kruisbekken en roepende Baardmannen tegen. Bij de Nieuwe Eendenkooi zingt een Zwarte Mees. Na het avondeten inspecteren we het wad. Het zit barstensvol met steltlopers, maar gekke dingen komen we helaas niet tegen. De hoogtepunten worden gevormd door wat Kleine Strandlopers, Kanoeten, 1 Krombekstrandloper en een Zwarte Ruiter.

11818885

Grauwe Klauwier – Red-backed Shrike

De donderdagochtend begint met een roepende Witgat over mijn tent. In de Oostervallei vinden we de door Pieter van Veelen en co. gevonden Draaihals snel terug. Niet veel later worden we opgeschrikt door een luide kreet: “Wouw!”. En inderdaad, een paar tellen later hebben we een zeer fraaie jonge Zwarte Wouw in beeld. De roofvogel vliegt zeer laag boven de duintoppen en even later zien we de wouw zelfs in een den zitten. Erg gaaf! Hier vliegt ook een roepende Kruisbek over. Op de oostpunt is niet verder niet veel te beleven, dus besteden we de gehele middag aan zee. Een laagvliegende roofvogel boven de duinen blijkt opnieuw een (ongetwijfeld dezelfde) Zwarte Wouw te zijn. Over zee vliegt niet veel, alleen een groepje Zwarte Zee-eenden is het noemen waard. Een overvliegende kleinere Kokmeeuw met een opvallend doorschijnende handvleugel laat ons in verwarring achter… Tijdens het avondeten vliegt een Boomvalk over de camping en iets later krijgen we het bericht door dat Pieter en co. een Steppekiekendief hebben op de bij de kazerne. Daarom fietsen we terug de duinen in, maar helaas kunnen we de zeldzame kiekendief niet oppikken. Logisch, want later krijgen we bericht dat de kiekendief nog steeds in de duinen rondhangt. Voor velen van ons helaas te laat om actie te ondernemen.

11798200

Zwarte Wouw – Black Kite (photo: Casper Groenewegen)

De laatste hele kampdag beginnen we opnieuw aan zee. Op de weg daarheen stuit ik bij het bos van Lange Paal op een grote ‘flock’ met zangvogels. Het leukste zijn 2 Grauwe Vliegenvangers. Over zee zien we een clubje van 3 Drieteenmeeuwen, 2 Jan-van-Genten en een aantal Zwarte Zee-eenden. ’s Middags relaxen we wat en zien we niets noemenswaardigs.

De zaterdag staat in het teken van inpakken: om 12 uur precies nemen we de boot naar het vasteland. Ik word opgepikt door mijn broer en vader en we vogelen de rest van de dag langs de Friese Waddenkust. We beginnen bij de plasjes net ten zuiden van Harlingen (langs de N31), waar een van de eerste vogels die we hier zien een Koereiger blijkt te zijn! Andere leuke soorten zijn twee Goudplevieren, 1 Zomertaling en meerdere Zwarte Ruiters. Vervolgens zetten we koers richting Westhoek, waar we samen met Toy Janssen, Maartje Bakker en de mannen Molenaar intensief het wad afkijken voor strandlopers. Het tij blijkt echter niet mee te werken, want zelfs met hoogwater zitten de 10.000-en steltlopers te ver om te kunnen determineren. Mogelijk zorgt de oosterwind ervoor dat het wad niet onder water loopt? We kunnen slechts enkele Kleine en Krombekstrandlopers onderscheiden. Tijdens de terugweg stuiten we nog op de waarneming van de dag: een groep van 80+ Sneeuwganzen zit vlak langs de weg.  😉

11811362

Koereiger – Cattle Egret

11811886

Sneeuwganzen – Snow Geese

Helaas leverde het kamp geen knaller op (qua vogels viel het zelfs behoorlijk tegen), maar natuurlijk was het erg gezellig en dus zeker geen verspilde tijd. Volgende keer beter.  😉

Advertenties

Middagje vogelen in de regio

Zondag 28 augustus 2016

Na een drukke vogelweek op Vlieland (blog daarvan volgt komende week), kiezen Frank, mijn vader en ik er vandaag voor om dicht bij huis te blijven. Aan het begin van de middag rijden we naar Waverhoek, waar vanaf gisteravond een jonge Grauwe Franjepoot zit. Lang hoeven we niet te zoeken naar deze behoorlijk schaarse steltloper, die al zwemmend tussen de eenden foerageert. De afstand is niet heel groot, maar de harde wind (en daardoor het golvende wateroppervlak) maakt het lastig om deze vogel te digiscopen. Mijn 29e Grauwe Franjepoot in Nederland en tweede in de regio, na het exemplaar in Willeskop waar we zelf tegenaan blunderden.

Grauwe Franjepoot – Red-necked Phalarope

Door de hoge waterstand zitten er verder geen andere leuke soorten, al zijn 4 Zomertalingen natuurlijk het noemen waard.

Omdat het nog vroeg is, rijden we door naar de Groene Jonker. Een rondje door het gebied levert de nodige steltlopers op: Zwarte Ruiters, Bosruiters, Groenpootruiters, Kleine Plevieren, 3 Kleine Strandlopers, etc. Een volwassen Slechtvalk scant vanaf een bultje de omgeving af en net als in Waverhoek zwemmen ook hier enkele Zomertalingen. Het leukste hier is een foeragerend Porseleinhoen. Deze schaarse ral foerageert langs een liesgrasrandje vlakbij de kleine parkeerplaats, op 100-150 meter afstand.

Avondtwitch naar een Zwarte Ooievaar

Donderdag 18 augustus 2016

Na het avondeten rijden Frank, mijn vader en ondergetekende naar een nieuwbouwwijk in Driebergen-Rijsenburg. Hier verblijft namelijk al enkele dagen een jonge Zwarte Ooievaar, die zich (gezien de foto’s) erg fraai laat bekijken. Na een rit van een klein half uurtje komen we aan in de wijk, waar we de ooievaar al gelijk zien lopen. De vogel zit in een smalle groenstrook langs de Rodenbergsedreef (letterlijk tussen de huizen in) en laat zich op enkele meters afstand geweldig bekijken.

_Zwooi4

Sfeerplaatje

Samen met o.a. Michael Kars zien we hoe de vogel vooral staat te rusten, maar af en toe loopt de vogel een stukje laat hierbij ook de kop helemaal te zien.

Zwarte Ooievaar – Black Stork

Zwarte Ooievaar – Black Stork

_Zwooi1

Zwarte Ooievaar – Black Stork

Een uitgebreidere fotoserie staat bij de waarneming van mijn vader. Na een uur tijd vinden we het wel mooi geweest en beginnen we weer aan de weg terug.

Dit weekend

Zaterdag en zondag 13 en 14 augustus 2016

Na een lamlendige ochtend rijden we zaterdagmiddag rond drieën naar de Groene Jonker. Het doel is uiteraard het Kleinst Waterhoen, dat nu al een week in het gebied zit. Deze fraaie ral krijgen we niet te zien, mogelijk door de te harde wind (of is de vogel eindelijk vertrokken?). Wij moeten het doen met 2 verschillende Porseleinhoentjes (al zien we er allemaal maar 1), 1 jonge Waterral en een mooie gemengde groep strandlopers: 3 Bonte, 2 Temmincks en maar liefst 8 Kleine Strandlopers.

De zondag spenderen we op de Veluwe. Als eerste bezoeken we het Zuiderpark in Apeldoorn. In dit gebied zag ik in 2012 mijn eerste Sleedoornpages. We zoeken een uur tevergeefs. Net op het moment dat je er niet meer in gelooft, zie ik een opvallend oranje vlinder vliegen dat landt op ooghoogte: het blijkt een vrouwtje Sleedoornpage te zijn. Nadat ik mijn vader en broer heb gebeld, vliegt de zeldzame page op naar de hogere delen van het struweel.

Sleedoornpage – Brown Hairstreak (photo: Peter van der Meer)

Sleedoornpage – Brown Hairstreak (photo: Peter van der Meer)

Hierna bezoeken we het Kootwijkerzand. Een uur struinen over het stuifzand levert niet de gehoopte Kleine Heivlinder op, enkel wat Heivlinders. Ook 6 Boomleeuweriken die meerdere malen voor ons opvliegen, mogen niet onbenoemd blijven.

Heivlinder – Grayling

We verlaten het stuifzand en lopen de aangrenzende heide op. Het is hier vlinderrijker: veel Boomblauwtjes, Heivlinders, enkele Hooibeestjes, Kleine Vuurvlinders en zandoogjes en een Bruin Blauwtje. Het leukste zijn de Kommavlinders, een in ons een zeldzaam en bedreigd dikkopje. In totaal zien we zeker 3 exemplaren van laatstgenoemde soort. Ook fraai is een Raaf, die al roepend overvliegt.

Kommavlinder (vrouw) – Silver-spotted Skipper (female)

Kommavlinder (man) – Silver-spotted Skipper (male)

Hierna zetten we een punt achter deze dag en rijden we terug naar Woerden.

Gele Luzernevlinders en Kleinst Waterhoen

Zaterdag 6 augustus 2016

Vandaag rijden we naar het Bentwoud, een recent aangelegd recreatiegebied tussen Boskoop en Zoetermeer. In het kleine stukje aangeplante bos stuiten we op 10-tallen Paardenbijters, ze vliegen echt overal en ook vinden we enkele exemplaren in zit. Andere leuke soorten zijn enkele Citroenvlinders, een Landkaartje en een Argusvlinder.

Paardenbijter – Migrant Hawker

Al snel verlaten we het bos en komen we in het bloemrijke grasland terecht, waar het stikt van de dagvlinders: veel Distelvlinders, enkele Argusvlinders, Icarusblauwtjes en een Bruin Blauwtje. Ook vinden we al snel onze doelsoort voor dit gebied: we zien zeker drie Gele Luzernevlinders rondvliegen boven de velden vol met klaver. Er worden al enkele weken meerdere exemplaren van deze behoorlijk schaarse trekvlinder gezien in het Bentwoud, maar voor ons werd het pas afgelopen week bekend en natuurlijk moeten we daarvan profiteren  ;). Voor ons betreft dit nog een nieuwe soort, de laatste niet-zeldzame vlindersoort die wij nog moesten. Opvallend is dat er helemaal geen Oranje Luzernevlinders vliegen, terwijl er ook in de rest van Nederland amper Gele Luzernevlinders worden gezien.

Gele Luzernevlinder – Pale Clouded Yellow

Gele Luzernevlinder – Pale Clouded Yellow

Na het avondeten gaan we nog even naar buiten. De keuze valt op de Ruygeborg, maar als we bij de parkeerplaats horen dat de Aziatische Goudplevier al uren uit beeld is, rijden we gelijk door naar de Groene Jonker. We lopen gelijk naar het plasje waar we gisteren het Kleinst Waterhoen zagen. Net als gisteren duurt het even voor de ral in beeld komt. Na een uur komt de vogel uit de pitrus tevoorschijn. In het kwartier dat de vogel te zien is, laat hij zich bij tijd en wijle fenomenaal bekijken, op lekker korte afstand en met de zon in de rug.

Kleinst Waterhoen – Baillon’s Crake (photo: Peter van der Meer)

Twee knallers in de regio!

Vrijdag 5 augustus 2016

Het is twee uur ’s middags en ik ben net klaar met een aflevering van Castle als ik zie dat ik een telefoontje gemist heb. Via het ingesproken voicemailbericht blijkt dat het Hans Russer is, die meldt dat hij waarschijnlijk een Amerikaanse Goudplevier gevonden heeft in de Ruygeborg, een nieuw natuurgebied bij Nieuwkoop. Een paar minuten later belt Hans weer. De vogel is wat dichterbij komen zitten en Hans trekt zijn melding in, het gaat waarschijnlijk toch om een gewone Goudplevier. Jammer. We willen net weer verder gaan met waar we mee bezig waren als een derde belletje volgt: het is weer Hans. Hij meldt dat de vogel tussen wat Goudplevieren is gaan zitten en de betreffende vogel is toch overduidelijk een heel stuk kleiner. Samen met de andere waargenomen kenmerken durft Hans er weer een Amerikaan van te maken. Wat heen-en-weer-geapp met Paul van de Werken en een paar minuten later zijn we met z’n drieën (ook Frank gaat mee) onderweg naar de Ruygeborg.

Een kwartiertje later vergezellen we Sander Haak en Hans, later gevolgd door o.a. Marianne Wustenhoff, Dirk Dijkhof en Chris Groenendijk. De vogel is gelukkig nog gewoon in beeld, wel op grote afstand. Opvallend is het grootteverschil met de omringende Goudplevieren, de vogel is een behoorlijk stuk kleiner en vooral slanker dan een Goudplevier. Daarnaast valt ook de volledig zwarte anaalstreek op. Door de grote afstand is het moeilijk om de andere kenmerken te controleren, maar aanvankelijk lijken die inderdaad te wijzen op een Amerikaanse Goudplevier. Wanneer de zon achter de wolken verdwijnt, komen er toch wat meer twijfels: is het toch geen Aziatische Goudplevier? Naarmate de tijd vordert, gaan steeds meer meningen naar deze laatste soort. Een erg bijzondere waarneming, want van deze soort zijn slechts 60 eerdere aanvaarde gevallen, waarvan maar 2 buiten de kustzone.

Aziatische Goudplevier – Pacific Golden Plover

Aziatische Goudplevier – Pacific Golden Plover

Aziatische Goudplevier – Pacific Golden Plover

Rond een uurtje of 4 gaan we weer huiswaarts. We rijden bij Zegveld als we weer gebeld worden door Hans. We grappen wat over over welke soort hij nu weer gevonden heeft en Hans noemt lachend “Klein Waterhoen”. Hij blijkt echter bloedserieus te zijn… Even later corrigeert hij zich, want het blijkt om een Kleinst Waterhoen te gaan. Als de wiedeweerga draaien we om en haasten we ons naar de Groene Jonker, waar de zeldzame ral moet zitten. In de Jonker begroeten we o.a. Hans, Ellen Sandberg en Rob Halff. De ral is helaas al even uit beeld. Dat geldt niet voor een foeragerende jonge Waterral en onderstaande muis.

muis – mouse

Na een uur wachten, komt het Kleinst Waterhoen eindelijk de vegetatie uit lopen en laat zich fraai zien, vaak wel deels achter vegetatie. Na een paar minuten vliegt het waterhoen een slootje over en verdwijnt uit beeld, voor ons het teken om weer terug naar Woerden te gaan.

Kleinst Waterhoen – Baillon’s Crake (photo: Paul van de Werken)

100 procent

Zaterdag 30 en zondag 31 juli 2016

In augustus 2013 deden we een weekendje Zuid-Limburg, vooral gericht op dagvlinders. Dat weekend beviel zo goed dat we dit vaker wilden gaan doen. Door omstandigheden slaagden we er de afgelopen jaren niet in om af te zakken richting het Heuvelland, maar dit jaar moest het er van komen. Na wat voorbereidend werk viel de keuze op dit weekend, en gelukkig waren er nog kamers vrij in Valkenburg aan de Geul.

En dus vertrekken we zaterdagochtend richting Valkenburg. Op de weg daarnaartoe stoppen we wel een enkele maal, de eerste keer vlakbij Heteren. Op een grindstrand langs de Nederrijn loopt namelijk al enkele dagen een Griel. De vele vogelaars op de dijk geven aan waar we moeten zijn en even later is de Griel in beeld. De zeer zeldzame steltloper foerageert tussen de Kieviten op zo’n 250 meter afstand, maar is ondanks de afstand prima te zien. Leuk om weer eens een Griel te zien, onze laatste was op 25 april 2011 (in het Oudeland van Strijen, ten zuiden van Rotterdam). Een 4kj Geelpootmeeuw die op enkele 100-en meters van de Griel zit, mag zeker niet onbenoemd blijven.

De volgende stop is in Midden-Limburg, bij het riviertje de Roer. We zoeken hier ruim een uur naar de volgende doelsoort: de Gaffellibel, een extreem zeldzame rombout met maar 1-3 vaste locaties in ons land. Overal vliegen Weidebeekjuffers en ook qua vogels mogen we niet klagen: o.a. 2 overvliegende Appelvinken en een Wespendief. Net op het moment dat je er niet meer in gelooft, vliegt een vaalgroene libel voor me op en landt in de akker naast het smalle (wandel?)pad: het is de Gaffellibel. Gauw bel ik mijn vader en broer, maar voordat zij gearriveerd zijn, vliegt de libel op. Gelukkig kunnen we de rombout snel weer herlokaliseren en slagen we erin mooie foto’s van de soort te maken. Leuk om weer eens een nieuwe libellensoort te zien, dat was alweer 2 jaar geleden (Zuidelijke Heidelibel).

Gaffellibel – Green Snaketail

Gaffellibel – Green Snaketail

Via een geheime plek (6 Bijeneters) rijden we naar een andere geheime plaats, waar we één Donker Pimpernelblauwtje vinden.

3 van de 6 Bijeneters – 3 out of 6 European Bee-eaters

Donker Pimpernelblauwtje – Dusky Large Blue

Vanaf hier rijden we door naar Valkenburg, waar we aan het eind van de middag aankomen. Na een goed diner maken we plan de campagne voor morgen: we gaan de Sint Pietersberg beklimmen voor o.a. Oehoe en dikkopjes.

De zondagochtend valt nogal tegen; het is behoorlijk bewolkt en er valt zelfs motregen. Niet bepaald ideaal vlinderweer, dus we besluiten eerst via wat andere locaties (die helaas niets opleveren) naar de Sint Pietersberg te rijden. In Maastricht zelf blijken echter nogal wat wegen afgezet te zijn voor een triatlon genaamd de IRONMAN. Het blijkt dat we niet naar de gewenste parkeerplaats kunnen; we hebben al moeite zat om de wijk weer uit te komen (wat lukt dankzij wat gesleep met de hekken  😉 ). Uiteindelijk komen we weer op de goede weg terecht en parkeren we bij de ENCI B.V. Na een flinke klim bereiken we de Oehoevallei waar we al snel maar liefst 3 Oehoes vinden, rustend op een van de mergelwanden. Twee exemplaren zitten dicht tegen elkaar aan en zitten redelijk verstopt; het derde exemplaar zit iets verderop en laat zich bijzonder fraai bekijken.

Oehoe – Eurasian Eagle Owl

Het weer is niet veel beter geworden, het blijft behoorlijk wisselvallig. Niet echt het beste vlinderweer, maar alsnog lopen we terug naar de auto en parkeren we een paar kilometer verderop. De vlinders blijken gelukkig ‘gewoon’ te vliegen, getuige o.a. de vele Bruine Zandoogjes. Langs de bosrand komen we de eerste zeldzame vlindersoort tegen: hier vliegen enkele Boswitjes. Door wat belichtingsprobleempjes (het is voor mijn cameraatje blijkbaar niet makkelijk om compleet witte vlinders zonder duidelijke tekening te fotograferen) vallen de foto’s eerst wat tegen. Gelukkig slaag ik er toch nog in leuke foto’s te maken van deze soort, die in ons land alleen in Zuid-Limburg voorkomt. Net na het fotograferen van een van de witjes vliegt een exemplaar plotseling het web van een Wespenspin in, die wel raad weet met dit hapje. Een kort filmpje van dit spektakel is hieronder te zien.

Boswitje – Wood White

Boswitje – Wood White

Klein Geaderd Witje – Green-veined White

Na een kort gesprek met Pieter Doorn en vriendin Janneke vervolgen we onze weg naar de bloemrijke grasvelden. Door het koude weer (met zelfs wat regenbuitjes) zien we echter geen van de doelsoorten. Ons oog valt op een grote kever op een van de houten palen, na een korte speurtocht op internet komen we uit op een Vliegend Hert. EDIT: via Waarneming.nl blijkt het toch een Klein Vliegend Hert te zijn, ook leuk.

Klein Vliegend Hert – Lesser Stag Beetle

De zon breekt gelukkig iets vaker door het wolkendek heen. Dit heeft gelijk zijn werking op vlinders: als eerste stuiten we op een zeer fraaie Koninginnepage, iets verderop gevolgd door minstens twee Kaasjeskruiddikkopjes en 1 Bruin Dikkopje. Ook vlak naast de parkeerplaats stuiten we op 1 Bruin Dikkopje, die voor de foto iets beter meewerkt.

Koninginnepage – Swallowtail

Bruin Dikkopje – Dingy Skipper

Kaasjeskruiddikkopje – Mallow Skipper

Rond half 6 zijn we weer terug bij de auto en beginnen we aan de terugreis naar Woerden. Tijdens deze reis passeren geregeld de geweldige waarnemingen van dit weekend de revue. Hoe vaak komt het nou voor dat alle doelsoorten lukken?