Dag 8 Texel: van net niet naar net wel

Donderdag 20 oktober 2016

Door de vele buien en de veel te harde wind doen we ’s ochtends niet eens een poging om te gaan vogelen. Rond 11’en gaan we dan toch even naar buiten, naar Dorpzicht. Daar sta je nog een beetje beschut en enigszins uit de regen. Het leidt helaas niet tot leuke waarnemingen, slechts een enkele Tjiftjaf en Goudhaan laat zich zien.

Het eerste deel van de middag is een herhaling van het grootste deel van de ochtend: veel regen en wind; dus blijven we schuilen in ons huisje. Rond drieën wordt het iets droger en windstiller en geïnspireerd door een over ons vakantiepark vliegende Pestvogel (waargenomen door Guus Peterse) maken we een kort rondje over het park, zonder iets te zien. We besluiten in het zuiden te gaan vogelen, die Bergheggenmus moet toch ergens zitten?

We beginnen bij de Horsmeertjes, waar 3 Pestvogels (nieuwe Texelsoort) worden gezien. Als we aankomen, zijn ze even uit beeld, maar we horen dat ze er nog wel moeten zitten. Ik zonder me af van het groepje vogelaars, misschien zitten de Pestvogels iets verderop. Dit wordt genadeloos afgestraft: de andere vogelaars (inclusief mijn vader en broer) zien de drie Pestvogels opvliegen en verdwijnen richting het vasteland, maar ik ben net enkele seconden te laat. Balen! Een groepje van 7 barmsijzen (waaronder een waarschijnlijke man Grote), 2 Grote en 2 Kleine Zilverreigers en 2 late Grutto’s bieden een schrale troost.

We vogelen verder in het zuiden: over het Grote Vlak vliegt een vrouw(type) Blauwe Kiekendief en op de steenhopen langs de Jan Ayeslag zit helaas geen Bergheggenmus. De melding van een Bonte Tapuit in de Slufter doet ons besluiten om ons plan om te vogelen op de zuidpunt overboord te gooien. Bij de Kilstee pikken we Koen Stork op. Samen met 10 man zoeken we naar de dwaalgast (22e geval voor NL), maar zonder resultaat. Een tapuit op afstand verhoogt de adrenaline even. Als ik dichterbij loop, blijkt het echter een gewone Tapuit te zijn. Andere leuke soorten hier zijn 2 overvliegende IJsgorzen, de gebruikelijke groep Strandleeuweriken, een langsvliegend en verderop invallend Bokje en een erg laat Paapje.

Tapuit – Northern Wheatear (photo: Peter van der Meer)

We zijn net weer bij de auto gearriveerd als Frank een Goudvink doorappt. Gauw loop ik weer de dijk over en even later heb ik dan eindelijk een nieuwe Texelsoort in beeld. De Goudvink, een vrouwtje, zit langs het wandelpad tussen de Muy en de Slufter. De vogel roept geregeld (trompetgoudvink) en laat zich bij tijd en wijle prima zien. Veel tijd wordt ons echter niet gegund, want op de camping Robbenjager zit een Taigaboomkruiper, ook nog een nieuwe Texelsoort. Met dank aan Diederik Kok hebben Jolanda Wannet & man, Koen, Frank, mijn vader en ik in het laatste licht de Taigaboomkruiper in beeld. De vogel zit in het abelenbosje naast de chalet van Diederik en laat zich ondanks het afnemende licht prima zien, op korte afstand. Opvallend zijn de korte snavel en de zuiverwitte onderdelen. Voor andere kenmerken is het helaas al te donker, al zijn kenmerken als ‘het trapje’ altijd moeilijk te zien in het veld (vind ik).

Na dit geslaagde einde van deze dag zetten we Koen weer thuis af en gaan we naar huis. Het hadden zomaar vier nieuwe Texelsoorten kunnen zijn (Pestvogel, Bonte Tapuit, Goudvink, Taigaboomkruiper), maar met een middag met twee nieuwe mag je natuurlijk niet klagen (mijn vader had er ook twee, Frank drie).

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: