Maandelijkse archieven: december, 2017

Siberische Boompieper in Wageningen

Dinsdag 26 december 2017

De afgelopen weken hielden slecht weer, weinig leuke vogels en een flinke verkoudheid ons thuis, maar daar komt vandaag (2e kerstdag) een eind aan. Frank, mijn vader Peter en ik zijn alle drie een dag vrij en dus gaan we voor het eerst sinds tijden weer eens naar buiten. Ons oog is gevallen op Wageningen, uiteraard voor de Siberische Boompieper die daar vorige week gevonden is. Toen had ik helaas geen tijd om in de namiddag te gaan, maar nu moet het er toch maar van komen.

Voordat we de Wageningse Bovenpolder binnen rijden, nemen we eerst een kijkje bij twee uilen. In Wageningen-Hoog is een Bosuil gauw gevonden. De uil zit goed verscholen in een schoorsteen van een villa, zijn bekende stekje. De tweede uil, een Steenuil bij de veerpont tussen Wageningen en Randwijk, laat zich daarentegen niet zien.

Eenmaal in de Wageningse Bovenpolder sluiten we ons aan bij de andere vogelaars die al aan het zoeken zijn. De pieper schijnt net enkele minuten uit beeld te zijn. Siberische Boompiepers sluipen vaak als muisjes door de vegetatie en kunnen daardoor verrassend lastig te lokaliseren zijn. Het duurt dan ook even voordat wij de pieper zien. Aanvankelijk blijft het bij twee slechte waarnemingen van een overvliegende pieper. De laatste keer landt de pieper in een perceeltje met veel hoge vegetatie en een verspreide knotwilg, niet bepaald ideaal terrein om hem terug te vinden…

Plek pieper

Locatie van de pieper

Toch lukt het om de pieper terug te vinden. Na een aantal minuten valt het oog van een van de medevogelaars ineens op de zeldzaamheid en vanaf dat moment laat de Siberische Boompieper zich bij tijd en wijle erg fraai zien. Ongeveer een kwartier lang kunnen we de Noord-Aziatische gast volgen terwijl deze door het gras sluipt. Een erg gave waarneming, voor mij mijn 4e in Nederland, maar pas de eerste buiten Texel. Bovendien is dit al onze tweede leuke piepersoort in dit gebied, na mijn allereerste Grote Pieper in november 2008.

Als digiscoper is het haast ondoenlijk om een scherpe foto te maken van deze vogel (zie de foto hieronder, waar de onscherpte vanaf spat), maar gelukkig heeft mijn vader meer geluk. Een mooi einde van deze korte, maar succesvolle vogelmiddag.

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Advertenties

Jaarverslag 2017

We zetten de traditie ook dit jaar voort: aan het einde van het jaar een overzicht van de hoogtepunten van het afgelopen jaar.

2017 in een notendop
Het jaar 2017 was een prima jaar voor zeldzaamheden. Er werden drie nieuwe soorten voor ons land vastgesteld: Seebohms Tapuit, Siberische Gierzwaluw en Bruine Gent. Van deze drie soorten was helaas alleen de eerstgenoemde twitchbaar, en zelfs die was alleen voor snellen onder ons te doen. Andere hoogtepunten waren de 2e Bruine Klauwier, Zwartkoprietzanger, Blauwe Rotslijster en Keizerarend, de 3e Stejnegers Roodborsttapuit, Westelijke Blonde Tapuit, Grijze Junco en Kokardezaagbek en ook de eerste twitchbare Vale Lijster sinds de jaren ’80 mag natuurlijk niet onbenoemd blijven.

Voor mijn gevoel was vooral de winter erg leuk, met een grote diversiteit aan leuke dwaalgasten. Het voorjaar viel behoorlijk tegen, een (niet-telbare) Lammergier als hoogtepunt zegt al genoeg. Qua vogels was het een rustige zomer, maar gelukkig waren er genoeg leuke vlinders te zien. Erg leuk was een weekendje in de Eifel. Het najaar was vervolgens wel leuk, bovendien pikte ik zo beetje alle leuke soorten mee in deze periode. Het jaar ging vervolgens als een nachtkaars uit.

Nieuwe soorten
Het duurde ruim een half jaar, maar mijn eerste nieuwe soort van 2017 was er dan ook gelijk eentje met een verhaal. Jarenlang wist ik ze vakkundig mis te lopen, maar in de avond van 8 augustus was het dan eindelijk. In de Groene Jonker vonden mijn vader en ik al binnen enkele minuten de pleisterende Waterrietzanger terug. We moesten wel geduld hebben om hem goed in beeld te krijgen, maar uiteindelijk liet de vogel zich een minuutje fantastisch zien (en zelfs aardig fotograferen).

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Eind augustus werd het weer tijd voor mijn jaarlijkse JNM-kamp, net als de laatste jaren gingen we naar Vlieland. Al bij aanvang van het kamp wisten we dat er een Kortteenleeuwerik op het eiland naast ons (Terschelling) zat. Ik heb het nog een paar dagen uitgehouden, maar al gauw bleek dat er vrijwel niets op Vlieland zat en was een oversteek onvermijdelijk. Op 22 augustus werden plannen gemaakt en toen bleek dat kampdeelnemer Julian Bosch ook interesse had, was een plan voor morgen snel gemaakt. Het kon haast niet beter die dag: niet alleen was de Kortteenleeuwerik snel binnen, ook qua andere vogelsoorten was er genoeg te beleven. Zo pikte Julian vanaf de Kortteenplek op km’s afstand knap een arend spec. op die later laag over kwam flappen (Zeearend, zie foto’s), kaapte ik op het wad (!) een Grauwe Franjepoot voor de neus van NJN’ers weg (altijd een hoogtepuntje voor een JNM’er; foto), zwom de overzomerende Zwarte Zeekoet nog altijd in de Terschellingse veerhaven en zelfs terug op Vlieland konden we ons geluk niet op (eerste en enige vogel tijdens avondrondje: Draaihals in een abeeltje!).

Kortteenleeuwerik – Greater Short-toed Lark (photo: Julian Bosch)

Van 10 september tot 22 oktober zat ik non-stop op Texel. Het tweede weekend was al goed voor de eerste nieuwe soort van deze periode. Tegen de avond werd bekend dat aan de rand van het dorpje Oost een Noordse Boszanger zat. De boszanger zat in de tuin van een bungalowtje en betrof een langverwachte nieuwe soort voor Texel.

Tijdens mijn periode Texel heb ik twee keer het eiland verlaten voor een dagtochtje. De eerste keer was op 4 oktober, samen met Marc Plomp en Jos van den Berg (de tweede keer staat een paar soorten hieronder beschreven). Doel was uiteraard de Keizerarend die de avond ervoor net ten noorden van Zwolle was gaan slapen. Vooral het eerste uur na de eerste waarneming kostte ons veel stress omdat we de vogel een paar keer misliepen, maar uiteindelijk kwam het allemaal goed. De arend was prachtig te zien, zowel in zit als in vlucht. Extra bijzonder was dat dit mijn 400e soort in Nederland was!

Keizerarend – Eastern Imperial Eagle

Afgelopen najaar werd Nederland geteisterd door enkele harde westerstormen. Voor vogelaars vaak een teken om het slechte weer te trotseren en over zee te gaan kijken. Tijdens deze stormen worden aan open zee gebonden vogelsoorten richting de kust geduwd. Zo zag ik tijdens de stormen die halverwege september plaatsvonden maar liefst 300 Grote Jagers langs de Westerslag (Texel) trekken in een tijdsbestek van 2 uur. Ter vergelijking, tot dat moment had ik er slechts 18 gezien in mijn hele leven… Aan aantallen dus geen gebrek, aan soortendiversiteit helaas wel (bv helemaal geen Noordse Pijlstormvogels, die in de rest van Nederland wel erg goed vlogen). Begin oktober was er weer een westerstorm, van een iets mindere intensiteit. Toen ontdekten we een nieuw plekje dat tijdens stormen met een noordelijk accent erg goed kan zijn: de Volharding. Doordat je hier over de grens van de Wadden- en Noordzee kijkt, zijn de aantallen lager, maar hier komt veel wel erg dichtbij langs. Een verademing t.o.v. de Westerslag, waar de hoofdmoot op 100-en meters vliegt. Zo ook op 6 oktober. Een Vaal Stormvogeltje stal de show, twee voorbij vliegende Rosse Franjepoten werden ternauwernood opgepikt en de juveniele Kleinste Jager die op middelgrote afstand langs vloog, betekende een nieuwe soort. Weer een schaamsoortje minder, nu die Vale Pijlstormvogel en Papegaaiduiker nog 😉

Tijdens mijn anderhalve maand Texel leek 19 oktober een dag zoals vele andere te worden: rustig, met prima weer en weinig vogels. Al vroeg in de ochtend kregen we een appje van Koen Stork: hij had mogelijk een spannende tapuit onderweg naar school, waarbij hij dacht aan een blonde tapuit. Het was een korte waarneming (letterlijke tekst: “Waardeloze waarneming, maar miss toch het checken waard”) en dus gingen we gewoon verder met ons rondje. Halverwege de ochtend bleek snel dat er weinig te beleven was en na wat overleg gingen we toch maar Koens tapuit checken. Het zal vast niets zijn, maar wat moesten we anders doen? Rond kwart voor 11 lopen we heel ontspannen de Waal En Burgerdijk op, nog niet wetende wat er zo zou gaan gebeuren. Op de velden bij de boerderijen foerageren wat Graspiepers. Na een kwartiertje valt mijn oog op een vogel op een hekje. Een tapuitachtig beestje, maar dan net wat anders. “Frank, er zit echt een hele enge tapuit” is het enige dat ik kon uitbrengen. Een paar berichtjes in de BAT en binnen een halfuur staan we met vele vogelaars te kijken naar de 3e Westelijke Blonde Tapuit voor NL. Een geweldige vondst van Koen en achteraf maar goed dat we de melding zijn gaan checken.

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear (photo: Frank van der Meer)

Twee dagen later werd het tijd voor een van mijn meest memorabele twitches ooit. Op 20 oktober werd namelijk een Vale Lijster gevonden tijdens het 3e Deception Tours-weekend op Vlieland. De volgende dag zat de lijster er nog en dus werd door meerdere Texelaars een plan opgesteld om naar het buureiland te gaan. Door twaalf man wordt een bootje gecharterd om de oversteek over een woeste Waddenzee te maken. De lijster werkte uiteindelijk prima mee en foerageerde met vele lijstersoorten in de achtertuinen in het dorp. Wat een beest!

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Aan mijn laatste nieuwe soort van het jaar (indien aanvaard) wil ik niet te veel worden vuilmaken.

Kokardezaagbek – Hooded Merganser (photo: Peter van der Meer)

Andere hoogtepunten
Naast bovengenoemde nieuwe soorten zat er natuurlijk nog veel meer in het vat voor 2017. Het jaar 2017 begon steengoed met een grote diversiteit aan zeldzame (onder)soorten. De eerste zeldzaamheid van het jaar was een Humes Bladkoning bij Noordwijkerhout, die veel van zich liet horen en zich ook mooi liet zien. Mijn 3e alweer in NL, en allemaal in de Randstad. Een Oosterse Zwarte Roodstaart die op 14 januari op een deurmat in Barendrecht zat, oogde niet heelmaal lekker, maar was wel een nieuwe ondersoort voor ondergetekende. Een week later twitchten Frank, mijn vader en ik de overwinterende Mongoolse Pieper in de Biesbosch, op dezelfde middag zagen we een waarschijnlijke Siberische Braamsluiper in een troosteloze woonwijk in Breda. Ondanks de goede foto’s van deze vogel, kon er geen DNA worden verzameld, en daarom ontbreekt deze soort nog op mijn levenslijst. Ook qua zeldzame zwemvliezen konden we in de eerste drie maanden van het jaar onze harten naar ophalen met 2 (pleisterende) Buffelkopeenden (Barendrecht en Den Oever), een Siberische Taling (Noordwijkerhout) en een Kleine Topper (Den Oever). Mijn persoonlijke hoogtepunt van de winter was de tamme Bruine Klauwier in een stadsparkje in Den Helder.

De Amerikaanse Wintertaling in de Biesbosch op 23 maart was voor Joachim Bertrands, Anne Schumacher, Bram de Vries en mij slechts een troostprijsje voor het missen van de Zwartkoprietzanger. Een paar weken weken Texel in het voorjaar was goed voor 2-3 Roodstuitzwaluwen. Het hoogtepunt van het voorjaar was een Lammergier op Texel, weliswaar een projectvogel en dus niet telbaar, maar dat maakt de vogel niet minder indrukwekkend. Al die moeite die we gedaan hebben om de overvliegende vogel halverwege het eiland op te pikken, bleken teveel toen bleek dat de vogel op een kleine 50 meter op een hooibaal ging zitten. Als we dat geweten hadden…

Op Terschelling overzomerende een Zwarte Zeekoet. Door een werkweek voor mijn studie en de Kortteenleeuweriktwitch zag ik de vogel in totaal drie keer. Bovendien vloog tijdens het JNM-kamp Vlie III een exemplaar over de Vlielandse Noordzee (24 augustus). Een Ralreiger in de Eempolders (20 augustus) betekende een nieuwe Utrechtsoort. Naast vogels waren er talloze dagvlinder- en libellenhoogtepunten deze zomer, zowel in Nederland als in de Eifel. Zo zag ik in Nederland o.a. Grote Vuurvlinders, Dwerg– en Staartblauwtjes (beide nieuw voor mij in NL), Donker Pimpernelblauwtje, leuke dikkopjes en mijn eerste Kempense Heidelibellen.

De eerste tekenen van het najaar was een Bonapartes Strandloper op 29 augustus in Zuidland. Naast de hierboven genoemde nieuwe soorten waren de maanden september en oktober op Texel goed voor andere leuke soorten. Op de eerste dag (9 september) van mijn periode Texel liet een Balkanbaardgrasmus zich aardig bekijken aan de rand van camping de Robbenjager. Een paar kilometer verderop (De Tuintjes) zat op 28 september een oostelijke Braamsluiper, maar ook van deze vogel kon helaas geen DNA verzameld worden. Ook Texel kreeg zijn aandeel in de Grote Kruisbekkeninvasie. Net voor het DB-weekend zagen wij twee exemplaren in de Staatsbossen. Eenmaal weer van het eiland werd het tijd om richting Houten (Steenwaard) te gaan. Op 4 november liet een Bruine Boszanger zich hier alleen horen, maar de volgende dag had ik meer geluk: toen liet een vogel zich af en toe fraai zien. Het jaar werd afgesloten met een Siberische Boompieper in de Wageningse Bovenpolder, die zich zeer fraai liet bewonderen.

Tot slot een mededeling aan alle lezers:

Kerstkaart