Auteurarchief: robertbirding

De afgelopen weken

Zondag 9 & 16 juli 2017

Het is al een tijdje geleden dat ik hier iets geplaatst heb. Het is niet dat we niets gedaan hebben, maar het ontbrak me aan tijd (en soms ook zin) om wat te schrijven. Zo zat ik voor mijn studie eind juni anderhalve week op Terschelling. Echt fanatiek vogelen zat er natuurlijk niet in, al heb ik toch wel leuke soortjes meegepikt. O.a. de langverblijvende Zwarte Zeekoet in de veerhaven, maar ook een zingende Grote Karekiet, Kleine Barmsijs, enkele Duinparelmoervlinders en vanuit bed kon je jonge Ransuilen horen roepen. Op 2 juli zagen (en vooral hoorde) mijn vader en ik bij Hilversum vervolgens mijn eerste Graszanger in bijna zes jaar.

Vorige week stond in het teken van libellen. Zaterdag mislukte de zoektocht naar de Rivierrombout jammerlijk genoeg, maar de volgende dag was het wel raak. In de Plateaux (in het zuidelijkste puntje van Noord-Brabant) fladderden enkele Weide- en Bosbeekjuffers boven het beekje en langs een kanaaltje zagen we een nieuwe soort: de Beekoeverlibel. De gewenste Gewone Bronlibel werkte helaas niet mee, net als de Zwarte Ooievaars van De Banen (Nederweert).

Bosbeekjuffer – Beautiful Demoiselle

Bosbeekjuffer – Beautiful Demoiselle

Beekoeverlibel – Keeled Skimmer

Beekoeverlibel – Keeled Skimmer

Tot slot staat vandaag ons inmiddels jaarlijkse tochtje naar de Weerribben op de planning. Het weer valt behoorlijk tegen: het is de hele dag zwaar bewolkt met in de middag zelfs enkele miezerbuien. Ondanks het niet bepaald ideale insectenweer is het een uiterst succesvolle dag. We bezoeken twee locaties in het gebied: een veenmosrietveld langs de Hogeweg en het Woldlakebos. Op de eerste locatie vinden we tijdens een kort wandeltochtje bijna 10 Zilveren Manen, een parelmoervlinder waarvan het aantal vlieglocaties in Nederland op twee handen te tellen is. Langs de kattenstaart langs de sloten vinden we onze tweede doelsoort: de Grote Vuurvlinder. Niet een exemplaar, niet twee; nee, maar liefst 4 exemplaren van deze zeer zeldzame dagvlindersoort laten zich fraai bekijken op een traject van zo’n 200 meter. Het gaat om drie vrouwtjes en een niet te determineren exemplaar (alleen met gesloten vleugels gezien).

Zilveren Maan – Small Pearl-bordered Fritillary

Zilveren Maan – Small Pearl-bordered Fritillary

Grote Vuurvlinder – Large Copper

Grote Vuurvlinder – Large Copper

De tweede locatie, het Woldlakebos, is opnieuw goed voor een Grote Vuurvlinder. Hier zien we ook de tweede nieuwe libellensoort in een week tijd: in de miezerregen vinden we zeker twee verschillende Kempense Heidelibellen. Ook qua vogels is het goed toeven in de Weerribben. Een Wielewaal laat geregeld van zich horen en Roerdomp vliegt tweemaal langs.

Kempense Heidelibel – Spotted Darter

Kempense Heidelibel – Spotted Darter (photo: Peter van der Meer)

Roerdomp – Eurasian Bittern (photo: Peter van der Meer)

Volgend weekend gaan we voor het eerst naar insecten kijken in het buitenland (en natuurlijk ook wel naar vogels) en wel in de Eifel (Mechernich). Ik zal proberen een verslagje te schrijven als we terug zijn. 😉

Het vlinderseizoen is echt begonnen

Zondag 11 juni 2017

De dagen worden langer, de temperatuur neemt toe en de vogelactiviteit neemt flink af: het voorjaar nadert zijn einde (gezien deze en deze klapper van vandaag zit er echter nog wel het een en ander in het vat). In deze tijd van het jaar komt een andere hobby van ons weer bovendrijven: vlinders en libellen kijken. Na wat wikken en wegen besluiten we om met z’n drieën naar de Veluwe te gaan, naar een bekende plek voor Bosparelmoervlinders.

Aan het begin van de middag parkeren de auto op een zandpad net voorbij het kleine, knusse Vierhouten en begint de korte wandeltocht naar het Hendrik Mouwenveld, een klein heideveldje aan de noordkant van de Veluwe. Eenmaal op het heideveld aangekomen is de eerste Bosparelmoervlinder snel gevonden. In totaal zien we zeker 10 exemplaren van deze zeldzame dagvlinder die in ons land alleen op enkele plekken op de Veluwe voorkomt. Veel vlinderaars gaan voor deze soort naar de Hoge Veluwe, maar het grote voordeel van het Hendrik Mouwenveld is dat je geen entreegeld hoeft te betalen.

Bosparelmoervlinder – Heath Fritillary

Bosparelmoervlinder – Heath Fritillary (photo: Peter van der Meer)

Langs het pad foerageert een Boomleeuwerik, vanuit de bosrand klinkt de zang van een Geelgors en een roepende Kruisbek vliegt over. In de heide zit bovendien een Groentje, een klein groen dagvlindertje. Na een uurtje lopen we weer door het bos terug naar de auto. Erg leuk is het paartje Goudvinken dat we in het naaldbos tegenkomen. Weliswaar is het een relatief algemene soort in Nederland, maar het lukt ons altijd maar weer om deze soort te missen. Er gaan jaren voorbij met één of zelfs geen Goudvink.

We zijn alweer vlak bij de auto als ons oog valt op drie zoogdieren die midden op het pad staan. Onze eerste ingeving is drie loslopende honden, maar al gauw komt de ware aard naar boven: het zijn Wilde Zwijnen! Na een minuutje vluchten ze het bos weer in door een naderende wielrenner en blijken het zelfs 5 exemplaren te zijn (1 man en 4 vrouwtjes). Wat onwijs gaaf! Een waardige afsluiter van deze dag.

Wild Zwijn – Wild Boar (photo: Peter van der Meer)

Wild Zwijn – Wild Boar (photo: Peter van der Meer)

Dagje vlinders kijken eindigt in telpost zitten

Zaterdag 20 mei 2017

Vandaag moet het dan eindelijk gebeuren: het zien en fotograferen van een Bont Dikkopje. Twee jaar geleden zag ik een exemplaar in het Haaksbergerveen tijdens een excursie voor mijn studie. Een foto zat er toen niet in en natuurlijk willen Frank en mijn vader deze mooie soort ook graag eens zien. Al jaren staat zo’n dagje voor deze zeldzame doelsoort op de planning, maar door onze langdurige vakanties op Texel in deze periode kwam het er maar niet van.

Na wat voorbereiding kiezen we ervoor om vandaag richting Valkenswaard, onder Eindhoven, te gaan voor deze soort. De keuze is gevallen op een heideveldje met de naam Cartierheide. Het duurt wel even voor we deze zeldzame dagvlinder (die in Nederland alleen in enkele gebieden in Twente, de Achterhoek, delen van Noord-Brabant en aangrenzend Limburg voorkomt) zien. In de heidevegetatie langs het pad zien we een of twee erg vliegerige exemplaren, maar een klein stukje verderop is het raak: bij een klein vennetje kunnen we drie Bont Dikkopjes erg fraai bekijken én fotograferen. Vlakbij de parkeerplaats zien we bovendien nog eens 9 exemplaren. Erg leuk en wat zijn ze klein hè?!

Bont Dikkopje – Chequered Skipper

Bont Dikkopje – Chequered Skipper

Ook andere leuke soorten zijn van de partij.

Citroenvlinder – Brimstone

Grote Keizerlibel – Blue Emperor

Grote Keizerlibel – Blue Emperor (exuviae)

Wespendief – Eurasian Honey Buzzard (photo: Peter van der Meer)

Rond vier uur zijn we weer bij de auto en gaan we weer huiswaarts. Op de snelweg bij Zaltbommel bereiken ons echter berichten dat een groep Vale Gieren (29 vogels) boven de Alblasserwaard vliegt. Aangezien ze richting NO vliegen, zouden ze zomaar de regio binnen kunnen vallen. Telpost de Horde lijkt een goede kanshebber om ze op te kunnen pikken. Bij Nieuwegein-Zuid nemen we daarom even later de afslag. Op de telpost sluiten we ons aan bij Ronald Jansen en even later sluiten ook Arjan Boele en Gert Vonk aan. Opvallend is de man Grote Zaagbek die voor de telpost zwemt, dat is een late!

Grote Zaagbek – Goosander (photo: Peter van der Meer)

De gieren zien we helaas niet (die blijken al snel te ver ZO van de Horde te zijn doorgestoken). Het is echter een gekke telling, met weinig maar wel erg leuke soorten. Aan de andere kant van de Lek cirkelt een Rode Wouw, terwijl hoog boven ons de derde Wespendief van de dag vliegt. De leukste soort betreft echter een laag overvliegende, roepende zangvogel. Ondanks dat we er niets aan zien, laat de roep geen ruimte aan te twijfelen: een Europese Kanarie! Dat is voor ons zelfs nog een nieuwe regiosoort. Rond kwart over 6 zetten we een punt achter deze succesvolle dag en keren we definitief huiswaarts.

Texel in het voorjaar

Vrijdag 14 april t/m zondag 14 mei 2017

Terwijl ik dit weblog schrijf, zit een man Beflijster op 15 meter van het raam te foerageren 🙂

Ook dit voorjaar was Texel de plek waar we het grootste deel van het voorjaar doorbrengen. Een weekendje halverwege april en vanaf 27 april twee volle weekjes hebben we vele uren buiten gevogeld, op zoek naar leuke en zeldzame soorten. Een echte klapper bleef helaas uit (die vielen wel direct ten noordwesten en zuiden van ons), al mag je met 2-3 Roodstuitzwaluwen, 2 Steppekiekendieven en twee nieuwe Texelsoorten (Roek en Ortolaan, nu in totaal 284 soorten op het eiland) natuurlijk niet klagen. Uiteraard geef ik de voorkeur aan vogelen, ook in de avonduren, in plaats van elke dag een weblog te schrijven. Vandaar nu een overzicht van de leukste waarnemingen in deze periode.

man IJseend tussen Eiders – drake Long-tailed Duck in flock Common Eiders

Groepen rotganzen blijven tegenwoordig tot eind mei hangen. In deze groepen zijn vaak ook een enkele Witbuik- en Zwarte Rotgans te vinden. De omgeving van Dijkmanshuizen en Dorpzicht zijn goede plekken om deze zeldzamere rotganzen te vinden. Opmerkelijk was de Wilde Zwaan die op 16 april tussen enkele Knobbelzwanen langs de Kadijksweg zat, ongetwijfeld dezelfde vogel die afgelopen winter in de omgeving van Oudeschild werd gezien. Zomertalingen zijn erg schaars op Texel en mogen dus niet ontbreken in dit overzicht. Een paartje bevond zich op 15 april in het Grote Vlak en een man zwom op 4 en 9 mei in Dijkmanshuizen. Leuk was de zomerkleed man IJseend die op 28 april vlakbij de Vuurtoren zwom. Een Grote Zilverreiger (nog steeds behoorlijk schaars op Texel) stond op 10 mei in het Grote Vlak. Adulten Jan-van-Genten vlogen over de Noordzee bij de Vuurtoren en bij Paal 9 (Hoornderslag).

Zwarte Rotgans (midden) – Black Brant (center; photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwaan – Whooper Swan (photo: Peter van der Meer)

Op zondag 30 april was er in heel Nederland beukende roofvogeltrek. Ook Texel kon een graantje hiervan meepikken. Uiteindelijk pikten wij die dag op de noordpunt 2 Visarenden (waarvan eentje over de tuin!), 1 Zwarte Wouw, 1 Grauwe of Steppekiek (foto’s) en 4 Smellekens op.
Gelukkig vlogen ook op andere dagen leuke rovers rond op Texel. Zo joeg op 6 mei een Visarend boven de Vijver van Jochems. Naast de ongedetermineerde ringtail zagen we ook twee zekere Steppekiekendieven. Op 4 mei zagen we samen met Han Zevenhuizen een jonge vogel in de Eierlandse Duinen en de volgende dag zat een exemplaar te rusten op een duintje in de Bollekamer. Een Boomvalk trok op 3 mei over de Krimweg. Naast de vier Smellekens op 30 april, zagen we deze periode nog 4 andere exemplaren.

Fijn was de adulte Kraanvogel die op 14 mei in de Muy liep. Drie Steltkluten liepen op 29 april in de Westerkolk. Een typische voorjaarsgast op Texel is de Morinelplevier. Elk voorjaar doet een kleine groep van deze fraaie plevieren dit Waddeneiland aan. Dit jaar waren de akkers langs de Muyweg de uitverkoren locatie. Vanaf 29 april liepen daar maximaal 8 exemplaren. Paarse Strandlopers waren te zien in Ottersaat, in de veerhaven van Den Helder en op de Eierlandse Dam. Net als in andere voorjaren was Dijkmanshuizen een goede locatie voor steltlopers, getuige de vele strandlopers hier te vinden waren. Hiertussen zaten ook ten minste 2 Kleine en 3 Temmincks Strandlopers en zelfs een ad zomerkleed Grauwe Franjepoot.

Kraanvogel – Common Crane

Regenwulp – Whimbrel (photo: Peter van der Meer)

De omgeploegde akkers trekken vaak grote groepen meeuwen aan. Hieronder bevonden zich zeker 4 Zwartkopmeeuwen (2 1e zomers, 1 2e zomer, 1 ad zomer), een soort die nog steeds behoorlijk schaars is op Texel. Een andere 2e zomer, in Dijkmanshuizen, was gekleurringd, maar helaas zat deze te ver om af te lezen. Tot slot zaten twee adulten en een jong beest op het wad bij de Cocksdorp. Een andere leuke meeuwensoort is de Dwergmeeuw, waarvan op 5 mei twee kleine groepjes ver over de Noordzee ter hoogte van de Vuurtoren vlogen. Dwerg- en Noordse Sterns zijn beide schaarse tot zeldzame broedvogels op Texel, die vooral aan de oostkust tot broeden komen. Voor Dwergsterns zijn de Volharding en het strand bij de Vuurtoren en Paal 9 goede locaties, terwijl we onze enige 2 Noordse Sterns van dit voorjaar op Ottersaat (op 16 april) zagen.

ad zomer Zwartkopmeeuw – ad summer Mediterranean Gull

1e zomer Zwartkopmeeuw – 1st summer Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Zomertortels lijken met het jaar zeldzamer op Texel te worden. Een van de beste plekken op het eiland is de ruime omgeving van de Krimweg (vakantieparken de Krim & Sluftervallei en het Krimbos). Hier waren op meerdere dagen maximaal 2 exemplaren aanwezig. Met dank aan Tim Schipper zagen we op 28 april een Draaihals. Deze zeldzame spechtensoort foerageerde in een klein duinvalleitje net ten zuiden van de Vuurtoren op mieren en liet zich erg fraai bekijken.

Zomertortel – European Turtle Dove (photo: Peter van der Meer)

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Op 14 mei liet een Wielewaal in het Krimbos enkele malen van zich horen. De eerste nieuwe Texelsoort (#283) van dit jaar zagen we op 16 april. Aan het eind van de Oorsprongweg zaten 3 Roeken, een soort die niet broedt op Texel en hier dus erg schaars is. Een van de hoogtepunten van deze periode Texel was de Roodstuitzwaluw. In de hele periode vlogen 2-3 exemplaren rond op het eiland: naast het unieke geval van de Roggesloot (die er een week zat), slaagden Frank en ik erin om op 6 mei tweemaal een exemplaar bij de Vuurtoren op te pikken. De vraag is of het tweemaal hetzelfde individu was of dat het gaat om twee beesten gaat. Fluiters waren opmerkelijk goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met minstens drie exemplaren op alleen al de noordpunt: 30 april in de Tuintjes en 2 in het Krimbos op 4 mei. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 3 Fluiters op het eiland. Leuk was de Vuurgoudhaan die zich op 30 april in de Tuintjes bevond. In dit gebied zat op 6 mei een prachtige zwart-witte man Bonte Vliegenvanger; een noordelijke vogel dus.

Roodstuitzwaluw – Red-rumped Swallow (photo: Peter van der Meer)

Vuurgoudhaan – Firecrest (photo: Peter van der Meer)

In vergelijking met andere jaren leken Beflijsters in hogere aantallen aanwezig. Op vele dagen waren exemplaren aanwezig in de duingebieden. Een prachtige man zat zeker 5 dagen achtereenvolgend in de tuin van onze bungalow. Een late Kramsvogel liep op 6 mei op het Renvogelveld. Paapjes waren opmerkelijk schaars met drie exemplaren: 2 in de Tuintjes en in de Mokbaai. Op het Renvogelveld liep een mannetje Rouwkwikstaart (14 april) en op dezelfde plek liepen in mei 3 Noordse en Engelse Kwikstaarten. Laatstgenoemde was ook te zien in Dijkmanshuizen (4 mei) en De Nederlanden (6 mei). Een Appelvink vloog op 12 mei roepend rond boven het Krimbos. Tot slot betekende een man Ortolaan op 7 en 8 mei een nieuwe Texelsoort (#284). De gors foerageerde in de wegberm van de Redoute op paardenbloemzaden en liet zich op korte afstand fraai zien.

Beflijster in de tuin – Ring Ouzel in garden (photo: Peter van der Meer)

man Rouwkwikstaart – male Pied Wagtail ssp. yarrellii (photo: Peter van der Meer)

Noordse Kwikstaart – Grey-headed Wagtail ssp. thunbergi

Ortolaan – Ortolan Bunting

Dagje Biesbosch

Zondag 2 april 2017

Na gisteren een paar uurtjes in de buurt te hebben gevogeld (Groene Jonker, met een vroege Zwarte Stern als hoogtepunt) is vandaag het plan om richting de Biesbosch te gaan. Voor we vanochtend vertrekken, meldt Ronald Jansen een Buidelmees in de Everdinger Uiterwaarden. Aangezien we daar bijna langskomen en omdat het veel te lang geleden is dat we deze schaarse soort hebben gezien, passen we Everdingen in het plan in.

In Everdingen worden we welkom geheten door veel teruggekeerde zomergasten: meerdere Fitissen zingen vanuit de wilgen, terwijl de zang van Blauwborst en Rietzanger uit de rietkragen klinkt. Een Cetti’s Zanger laat zijn explosieve zang horen en op de slikplaatjes lopen een Kleine Plevier en onze eerste Gele Kwikstaart van het jaar. Voor de Buidelmees moeten we wat geduld hebben, maar het is Frank die de vogel knap opmerkt. Lang kunnen we haar (?) niet bewonderen, want al snel verdwijnt de vogel in het riet en even later vliegt ze hoog weg, waarschijnlijk het gebied uit.

Buidelmees – Penduline Tit (photo: Peter van der Meer)

Buidelmees – Penduline Tit (photo: Peter van der Meer)

Na dit geslaagde avontuurtje zetten we koers richting de Brabantse Biesbosch. Ook hier hangt het voorjaar in de lucht: het stikt van de Fitissen en Cetti’s Zangers, op meerdere plekken zingen Rietzangers en Veldleeuweriken en ook Zomertalingen zijn in goede aantallen aanwezig. Een paar Lepelaars vliegen over en zelfs een Oranjetipje is van de partij. De hier al lange tijd rondhangende Mongoolse Pieper is vandaag helaas niet weggelegd voor ons (gelukkig zagen we de vogel in januari). De Visarenden werken beter mee; een exemplaar zit op het nest en sleept geregeld met takken, terwijl een andere vogel met een vis richting het nest vliegt.

Zomertaling – Garganey

Tot slot nemen we een kijkje in de Polder Hardenhoek. Ook hier zijn meerdere Cetti’s Zangers aanwezig, een enkeling laat zich zelfs even zien. Door het hoge water zitten er helaas weinig eenden en steltlopers. In de meeuwenkolonie ontdekken we enkele Zwartkopmeeuwen en een jonge Pontische Meeuw. Spectaculair waren de 4 (!) Zeearenden die boven onze hoofden vliegen, vergezeld door meerdere Buizerds, een Slechtvalk en een Bruine Kiekendief. De arenden roepen zelfs af en toe naar elkaar. Wat een machtige beesten!

Zeearend – White-tailed Eagle (photo: Peter van der Meer)

Soms heb je van die dagen

Zondag 12 maart 2017

Soms heb je van die dagen dat het flink mee zit. Net voor we bij Winterswijk de afslag richting Bekendelle willen nemen, valt me een groep ganzen op die een stukje met de auto mee vliegt. “Leuk, hebben we toch nog onze portie ganzen”, grappen we. Het duurt opmerkelijk lang voor we door hebben dat het helemaal geen ganzen maar Kraanvogels zijn! Gauw zetten de auto langs de kant en kunnen we de vogels (circa 60) nog een minuutje volgen. Kort draaien ze en daarna raken we ze helaas kwijt. Ondanks een korte zoektocht (het leek er even op dat ze geland waren) kunnen we de Kraanvogels niet meer terugvinden. Toch een goed begin van de dag!

In het prachtige moerasbos van Bekendelle is onze portie geluk nog niet op. Uiteraard zien we leuke maar te verwachten bossoorten als Vuurgoudhaan, Appelvink en Glanskop. Zeker drie Middelste Bonte Spechten laten veel van zich horen en zien, net als een vrouwtje Zwarte Specht. Boven het bos vliegen vele Buizerds, maar even later is het raak: een fraaie Rode Wouw vliegt laag en dichtbij boven het bos, al zijn we door de bomen de vogel relatief snel kwijt. Zelfs een groepje Goudvinken, typisch zo’n soort die wij altijd missen, kan niet ongezien door het bos zwerven. Twee paartjes foerageren hoog in een lariks op de lariksappels. De Kortsnavelboomkruiper is eigenlijk de enige afwezige.

Middelste Bonte Specht – Middle Spotted Woodpecker (photo: Peter van der Meer)

vrouw Zwarte Specht van eerder dit jaar (Planken Wambuis) – female Black Woodpecker, photo from Jan 2017 (Veluwe, photo: Frank van der Meer)

De volgende stop ligt aan de andere kant van Winterswijk: in de steengroeve is de bekende ‘Beleef de Lente’-Oehoe binnen een minuut gevonden. Het vrouwtje zit alweer op het nest en wiegelt af en toe wat heen en weer. Minder geluk hebben we rond het Korenburgerveen. Hier worden we helaas niet getrakteerd op de gewenste broedverdachte Kraanvogels.

Oehoe – Eagle Owl

Dat onze portie geluk voor vandaag op lijkt, bewijzen de lege vissteigers bij Zutphen (geen Waterspreeuw) en het gebrek aan Europese Kanaries bij Ede. Op laatstgenoemde plek stuiten we wel op de eerste dagvlinders van het jaar (al zagen we vanuit de auto eerder op de dag al meerdere Citroenvlinders rondvliegen): minstens 1 Gehakkelde Aurelia en 2 Kleine Vossen zitten op de hoop ruige vegetatie waar de kanaries vaak op zitten.

Gehakkelde Aurelia – Comma Butterfly (photo: Peter van der Meer)

Heerlijk rondje door de Kop van Noord-Holland

Zaterdag 25 februari 2017

Vorige week zondag werd, toen wij in de Oostvaardersplassen aan het vogelen waren, in het Timorpark in Den Helder een Bruine Klauwier gevonden. Ruim drie jaar geleden, in januari 2014, zagen wij bij Netterden (Achterhoek) het eerste en enige geval van deze soort in ons land en daardoor kozen we er vorige week zondag voor om niet halsoverkop naar Den Helder te rijden, maar rustig verder te vogelen. De afgelopen week werd de vogel dagelijks gezien en werden bijzonder fraaie foto’s gemaakt van dit exemplaar, wat moet betekenen dat de klauwier op korte afstand te bewonderen valt. Over de vogel van Gelderland heb ik louter goede herinneringen, maar feit is dat deze vogel vaak relatief ver weg zat (+/- 150 meter). Een Kleine Topper in Den Oever zou een mooie combinatie vormen voor een rondje door de Kop van Noord-Holland.

Rond een uur of half 10 stappen mijn vader en ik de auto in en beginnen we aan de rit. Lang blijft het droog, maar als we Amsterdam voorbij rijden, zien we de eerste spetters op de voorruit. Hoe noordelijker we komen, hoe harder het begint te regenen, zonde! Ook als we aankomen in de havens van Den Oever is het nog steeds flink aan het regenen. We laten ons echter niet uit het veld slaan door de regen en even later staan we, samen met o.a. Luuk Punt, Wouter Teunissen, Kasper Hendriks, Herman van den Brand en Albert & Jacob Molenaar, uit te kijken over een grote groep duikeenden. De groep is erg vliegerig en bestaat vooral uit Kuifeenden en een enkele Tafeleend, maar ook de (hier voor de derde winter op rij overwinterende) man Buffelkopeend is van de partij.

Buffelkopeend – Bufflehead

Voor de Kleine Topper moeten we iets beter zoeken, maar dankzij de gebroeders Molenaar hebben we de Amerikaanse duikeend een minuut lang dichtbij in de telescoop voordat de hele groep opvliegt. Als de hele groep verder op het water landt, is het even goed zoeken, maar ook hier vinden we de dwaalgast weer terug. Ook de Buffelkopeend zwemt in dezelfde groep; af en toe zwemmen de twee Amerikaanse duikeenden in één scoopbeeld, leuk! De Zuiderhaven is verder goed voor een overvliegende Lepelaar en de nodige Toppers, Nonnetjes en Grote Zaagbekken.

Na dit hoopvolle begin brengen mijn vader en ik een bezoekje aan de Dijkwielen, dat bomvol zit met Kuifeenden. Ook hier zwemmen (minstens 17) Toppers tussen, al is het door de regen lastig om een goede telling te maken. Vanaf hier zetten we koers richting Den Helder, maar eerst kijken we opnieuw even in de Zuiderhaven (omdat de regen nu gestopt is; wel Buffelkopeend, maar geen Kleine Topper). In het Timorpark in Den Helder zoeken we fanatiek naar de Bruine Klauwier. De afgelopen dagen werd de vogel dagelijks, maar behoorlijk onregelmatig in dit park gezien (soms was de klauwier vele uren zoek). Ook als wij aan komen, is de klauwier niet in beeld. Sterker nog, de vogel is de hele dag nog niet gezien. Een klein uur speuren we de lage struiken en boompjes af, echter zonder succes. Een rondvliegende juveniele Kleine Burgemeester zorgt voor een tijdelijke adrenalinekick.

Na een uur komt eindelijk het verlossende bericht: de Bruine Klauwier is teruggevonden. Gauw haasten we ons naar de juiste plek en sluiten we ons aan bij de vele vogelaars, die ons vertellen dat de vogel een tuin in gevlogen is. Het duurt een paar minuten, maar al snel komt de Bruine Klauwier de tuin uit gevlogen en landt in de boomopslag. Hier begint het genieten: op een dikke 20 meter laat de klauwier zich fantastisch bekijken, eerst rustig om zich heen kijkend, maar later fanatiek ‘jagend’ op de neergestrooide meelwormen (wie heeft die hier in vredesnaam neergelegd?). Hierbij hipt de vogel, die in zuidelijk Rusland, Mongolië en en aangrenzende delen van China broedt en overwintert in ZO-Azië, als een grasmus over de grond en werkt de ene na de andere meelworm naar binnen. Wat een fantastische waarneming, zo goed heb ik überhaupt nooit een klauwier gezien!

Bruine Klauwier – Brown Shrike

Bruine Klauwier – Brown Shrike (photo: Peter van der Meer)

Na een paar minuten vliegt de Bruine Klauwier op van de grond en verdwijnt weer de tuin in, buiten ons zicht. Veel vogelaars vertrekken, maar wij blijven nog even staan. Dat wordt beloond: na een kwartier wachten duikt de klauwier weer op in dezelfde boompjes en begint het hele proces weer van voor af aan. Wat een vogel, voor mij is dit tot nu toe de waarneming van het jaar! Als de vogel voor de tweede keer de tuin induikt, vinden mijn vader en ik het wel mooi geweest en rijden we richting huis.

Onderweg merken we op dat in de Wieringermeer een groepje Kraanvogels aan de grond zit. Aangezien de locatie bijna langs onze route ligt, maken we een uitstapje naar de Zeugweg (waar deze statige vogels moeten zitten). De Kraanvogels zijn snel gevonden: 6 stuks foerageren tussen de Toendra- en Kolganzen op een weiland en laten zich, op enige afstand, leuk bekijken.

Kraanvogel – Common Crane

De hier in de buurt hangende Rode Wouw is helaas niet voor ons weggelegd, maar wat kan ons dat nou schelen na zo’n geweldige dag, waar we maar liefst 5 van de 4 doelsoorten zagen. 😉

Zeearenden stelen de show tijdens rustig rondje Oostvaardersplassen

Zondag 19 februari 2017

Gisteren was een dag om snel te vergeten. Zo’n anderhalf uur zoeken bleek niet genoeg om in De Bilt de Pestvogels in beeld te krijgen en ook de Kleine Burgemeester in eigen regio (Haarrijnse Plas) was niet voor ons (Peter, Frank en ondergetekende) weggelegd. Een Vuurgoudhaantje en twee Pontische Meeuwen verlichtten de pijn maar een beetje.

Vandaag staan mijn vader en ik (Frank moet helaas werken) rond elven uit te kijken over de Pampushaven bij Almere, in de hoop om de hier al jaren overwinterende man Grote Zee-eend te zien. Er zitten wel veel groepjes Kuif- en Tafeleenden, maar we slagen er (mogelijk vanwege het grijze weer) niet in de Grote Zee-eend of een andere leuke eendensoort te vinden. Jammer! Een paar kilometer verderop stoppen we even bij het Blocq van Kuffeler. Vergeleken met de Pampushaven drijven hier veel minder duikeenden (maximaal 50 Kuif- en Tafeleenden), maar hier zwemt wel een leuke soort: een jonge Zwarte Zee-eend, een aan de kust gebonden eendensoort die in het binnenland erg schaars is.

Zwarte Zee-eend – Common Scoter

De volgende stop is bij Almere-Buiten. Hier zitten in een stukje met opkomende vegetatie al geruime tijd meerdere Europese Kanaries. Dankzij de kenmerkende roep kost het me niet veel tijd om de vogels te lokaliseren. Het lukt me echter niet om de Europese Kanaries in de kijker te krijgen. Aangezien we meer op de planning hebben staan, spenderen we niet al te veel tijd in deze leuke vogeltjes en gaan we de Oostvaardersplassen bezoeken. Een korte wandeling bij het Julianapad (aan de NO-kant van de Oostvaardersplassen) levert helemaal niets op. Een uitstapje richting Lelystad-Haven is wel erg leuk dankzij twee soorten zaagbekken: 3 Grote Zaagbekken (2 man, 1 vrouw) foerageren lekker dichtbij in de woonwijk, terwijl ook 8 Nonnetjes van de partij zijn. Een Witoogeend, die hier ook vaak gezien wordt, zit er voor ons helaas niet in.

Grote Zaagbek – Common Merganser (photo: Peter van der Meer)

Grote Zaagbek – Common Merganser (photo: Peter van der Meer)

Vanwege de drukte bij het bezoekerscentrum kiezen we ervoor om het hutje naast het centrum over te slaan en gaan we door richting de (voormalige) Wildroosters. Dit hele gebied is flink op de schop gegaan en daardoor zitten er (op de Brandganzen na) erg weinig vogels. Slechts een Matkop laat enkele malen van zich horen en zich ook even zien. Zonde, want vroeger was dit een vaste locatie voor Klapekster en Ruigpootbuizerd.

Het leukste bewaren we voor het laatst, want als ik vanaf de Kleine Praambult de grote vlakte af scan, zie ik een grote roofvogel op een kadaver: een jonge Zeearend. De foto hieronder is slechts een sfeerimpressie, want door de scoop is deze grote arend erg leuk te zien. Zeker vergeleken met mijn andere waarnemingen van deze soort in dit gebied is dit een uitzonderlijk goede waarneming, want meestal zie je Zeearenden in dit gebied toch op kilometers afstand in de dode bomen rusten. In een sloot foerageert een paartje Wilde Zwaan met jong, ook een leuke aanvulling van de daglijst.

Zeearend – White-tailed Eagle

Op de Grote Praambult wordt de waarneming van de Kleine Praambult zelfs overtroffen, want vanaf dit uitkijkpunt heb ik binnen no time twee (andere, want juveniele) Zeearenden in beeld. Deze keer zitten de arenden nog iets dichterbij dan net vanaf de Kleine Praambult. Een exemplaar zit op de grond en vliegt geregeld een klein stukje, mogelijk vanwege een langslopend rund. Een tweede exemplaar zit een klein stukje verderop in een van de weinige overgebleven dode bomen. Na ongeveer vijf minuten vliegt dit exemplaar op richting het westen, hierbij flinke paniek veroorzakend bij de duizenden vogels op de vlakte (ganzen, kieviten, etc.). Net als eerder vanaf de Kleine Praambult zien we ook nu weer een paartje Wilde Zwanen en vanuit de top van een elektriciteitsmast roept een Raaf.

Zeearend – White-tailed Eagle

Na dit spektakel beseffen we dat we het best kunnen stoppen op het hoogtepunt, en dus zetten we een punt achter deze behoorlijk grijze vogeldag.

Ook in de sneeuw is Texel mooi

Vrijdag 10 t/m zondag 12 februari 2017

Vrijdagochtend reizen mijn vader, moeder en ik weer eens af naar het prachtige Texel om het weekend door te brengen. Vanwege werk moet Frank helaas in Woerden achterblijven. Aan het eind van de ochtend nemen we vanuit Den Helder de boot naar de overkant. Leuk is het vrouwtje Topper dat in de veerhaven van Den Helder zwemt. Op het eiland rijden we eerst naar De Krim om de tassen uit te pakken, gelukkig hebben we nog een paar uur om te vogelen. Als eerste rijden mijn vader en ik richting Oudeschild. In de polders rondom dit kleine dorpje aan de oostkant zit al even een jonge Wilde Zwaan tussen de Knobbelzwanen. Al gauw zie ik een jonge, geelsnavelige zwaan tussen de Knobbels staan. Een minuutje ben ik in de veronderstelling dat het de Wilde Zwaan (zeldzame soort op Texel) is. Als ik beter kijk, blijkt het echter een Kleine Zwaan te zijn, zeker als ik opmerk dat de vogel naast een volwassen Kleine Zwaan staat. Jammer. In de haven van dit dorp is het gelukkig wel raak: de juveniele Grote Burgemeester is snel gevonden. Deze fraaie meeuw zit lekker dichtbij en laat zich dus prachtig bekijken.

Grote Burgemeester – Glaucous Gull (photo: Peter van der Meer)

De rest van de middag vogelen we langs de Waddenkant, maar op een drietal Witbuikrotganzen bij Nieuweschild na, leidt dit niet tot leuke waarnemingen. Als laatste rijden we de Oorsprongweg op, waar volgens andere vogelaars een groep IJsgorzen moet zitten. We vinden wel een grote groep Veldleeuweriken, maar helaas ontbreekt van de gorzen ieder spoor. Noemenswaardig is een Kleine Zilverreiger die in de sloot naast de weg foerageert.

Toendrarietgans – Tundra Bean Geese (photo: Peter van der Meer)

Kleine Zilverreiger – Little Egret (photo: Peter van der Meer)

Op zaterdagochtend lopen we een stukje over het strand bij Paal 9, hopend op leuke meeuwensoorten. Het enige noemenswaardige is echter een Duitse Zilvermeeuw. Vanwege de kou en de lage aantallen vogels houden we het snel voor gezien. ’s Middags doen we een vergelijkbaar rondje als gisteren. De Wilde Zwaan langs de Veenselangweg laat zich nu wel zien, samen met twee Kleine Zwanen en een paar Knobbelzwanen. De Grote Burgemeester daarentegen is spoorloos. Vlakbij Dijkmanshuizen zien we tussen circa 500 Rotganzen een fraaie adulte Zwarte Rotgans. Ander leuk ganzennieuws is de Kleine Rietgans in de weilanden net ten zuiden van Dorpzicht. Opvallend zijn de vele Kemphanen die op de weilanden langs de Waddenkust foerageren, vast doordat de natuurgebieden zijn dichtgevroren. Net als gisteren sluiten we de dag af langs de Oorsprongweg, waar we opnieuw niet erin slagen om de IJsgorzen op te sporen.

Zondag is alweer onze laatste dag op het eiland. Als ik opsta, valt mijn mond open van verbazing: afgelopen nacht is er een flink laagje sneeuw (van enkele centimeters) gevallen. Dat driemaal scheepsrecht is, bewijst het feit dat we er nu eindelijk wel in slagen om de IJsgorzen langs de Oorsprongweg in de telescoop te krijgen. De gorzen foerageren samen met de vele Veldleeuweriken op een stoppelveld en laten in vlucht af en toe hun kenmerkende roep horen. Eenmaal vliegt de hele groep op; een langsvliegend mannetje Smelleken blijkt de oorzaak te zijn. Uit de sloot naast de weg vliegt een Witgat op.

sneeuw

Huisje in de sneeuw

Bij het dorpje De Waal zit een tamme Watersnip in de sneeuw langs de weg en laat zich goed fotograferen. In de haven van Oudeschild is de Grote Burgemeester nog steeds aanwezig. Net als eerder dit weekend oogt de vogel niet fit: de vogel reageert amper op auto’s, beweegt nauwelijks en zit vaak met de snavel naar adem te happen. Hoe lang zou deze arctische meeuw het nog volhouden? Erg gaaf is het jonge mannetje Topper dat vlak naast de auto zwemt en daardoor fantastisch te zien en fotograferen is. Wat een fraaie eend.

Watersnip – Common Snipe (photo: Peter van der Meer)

Grote Burgemeester – Glaucous Gull (photo: Peter van der Meer)

Topper – Great Scaup

Na dit leuke rondje gaan we weer terug naar het huisje en pakken we de tassen weer in. Halverwege de middag pakken we de boot naar het vasteland en rond half 6 zijn we weer in Woerden. Hiermee komt een einde aan een leuk, maar koud weekendje Texel. Het is weer eens duidelijk geworden dat een weekendje Texel in elke periode van het jaar een goed idee is.

Leuk ganzenrondje in de regio

Zaterdag 4 februari 2016

Vandaag vogelen we lekker dicht bij huis. Vorige week zondag vond Maria van Antwerpen in de polders bij Aarlanderveen een Dwerggans en vandaag wordt de vogel alweer vroeg gemeld door Bertus, dus is voor ons duidelijk waar we heen gaan. Twintig minuutjes later staan we langs de Achtermiddenweg bij Aarlanderveen uit te kijken over een flinke groep Kolganzen. Het duurt even, maar dan zie ik tussen de Kolganzen ineens een kolgansje met brede gele oogring in beeld. De Dwerggans loopt op enige afstand, maar is door de telescoop prima te zien. Lang genieten kunnen we helaas niet, want na zo’n 5 minuten verdwijnt het ‘Goudoogje’, zoals de soort ook wel eens genoemd wordt, in de grote groep ganzen. In het daaropvolgende uur krijgen we tot onze verbazing de gans niet meer in beeld. We moeten het doen met een tweetal Toendrarietganzen, een Kleine Rietgans en 5 Kolganzen met halsbanden.

Net ten noorden van de Groene Jonker stuiten we op een andere groep ganzen met daartussen de tweede Kleine Rietgans van de dag. Deze fraaie gans zit lekker dicht langs de weg en is dus fraai te zien en aardig vast te leggen.

Kleine Rietgans – Pink-footed Goose

Tot slot zoeken we op de recreatieplas Cattenbroek in Woerden naar de eerder gemelde Roodhalsfuut, maar net als een paar weken geleden bij het Valkenburgse Meer ontbreekt van de schaarse fuut elk spoor. Toch een leuk middagje. De Dwerggans was onze derde in de regio (na vogels bij Waverhoek en Mijdrecht), maar pas de eerste die we getwitcht hebben.

vogelaars

Helaas werkte de Roodhalsfuut in Woerden niet mee. V.l.n.r: Cock Blouw, mijn vader en ik.