Categorie archieven: Geen categorie

Het geluk is toch nog aan onze kant

Zaterdag 17 en zondag 18 februari 2018

Gisteren (zaterdag) stond het geluk niet aan onze zijde. Aan de NO-kant van Rotterdam missen we de Kleine Geelpootruiter en ook een overwinterende Zomertortel is niet voor ons weggelegd. Een leuke troostprijs is een Rode Wouw, die zich zowel in zit als vliegend erg leuk laat bekijken.

Vandaag (zondag) is een ‘bank hang’-dag. Dus geen Ross’ Meeuw of Zwartkeellijster voor ons vandaag, wel drie live voetbalwedstrijden. Berichten over een Kleine Burgemeester in hartje Utrecht en een overvliegende Bastaardarend op 10 km van ons vandaan kunnen ons niet in beweging brengen. Wanneer we willen beginnen aan de laatste wedstrijd (PEC Zwolle – Ajax, rond half 5) komt bij ons de informatie binnen dat de Bastaardarend net over de provinciegrens (tussen Lekkerkerk en Berkenwoude) is teruggevonden. Dat de arend maar kort ter plaatse zat en snel uit beeld is, is voor ons geen reden om voor de tv te blijven zitten: bij dit soort vogels kun je beter gewoon gaan. En dus zitten we zo’n 5 minuten later in de auto.

Rond kwart over 5 rijden we langs de plek waar de arend voor het laatst gezien is en begint onze (tamelijk kansloze) zoektocht. Van drie gelukkige waarnemers (Herman vd Brand, Arjan Boele en Harm Blom) krijgen we te horen waar we ons het best op kunnen focussen: de arend zit waarschijnlijk in de ruime omgeving van het Loetbos. Tot de schemering posten we aan de westkant van dit bos: het levert alleen de Rode Wouw van gisteren op. Net als we op het punt staan om naar huis te gaan, piept Herman Bouman de Bastaardarend op anderhalve km van ons!

Gauw rijden we om en trekken we een sprintje het bos in. Door de telescoop van Enno Ebels zie ik rond 6’en een paar seconde lang een vogel in een boom zitten; het is de Bastaardarend. Veel zie ik er niet aan (ik zie amper dat het een vogel is) en als de vogel al snel uit verdwijnt, overheerst dan ook een slecht gevoel. Zal het bij deze slechte waarneming blijven? Het snel afnemende licht werkt in ieder geval niet in ons voordeel.

Teruglopend richting de auto besluiten we toch nog even te posten op een open plek in het bos, op ruim 200 meter van waar de arend voor het laatst gezien is. We hebben eigenlijk geen hoop meer dat we de vogel zien en daarom praten we bij met Diederik Kok. We draaien ons net om om naar huis te gaan als Frank ineens een grote roofvogel over de boomtoppen ziet komen zeilen: “Hé, hé, dat is ‘m!” En verdomd, daar vliegt inderdaad de Bastaardarend! Het is inmiddels al rond half 7, de zon is al lang en breed onder, dus kleuren kunnen we niet meer onderscheiden, maar alsnog laat dit beest zich prima zien. Zelfs de lichte banen over de bovenvleugeldekveren zijn te onderscheiden. De arend vliegt driemaal een rondje boven de bomen om daarna (niet zichtbaar) een slaapplaats op te zoeken. Wat een ontknoping van deze memorabele twitch!

Het gaat hier om de 33e Bastaardarend voor Nederland, waarvan dit de 10e is sinds 2000. Voor de laatste (enigszins) twitchbare moeten we alweer ruim 15 jaar terug in de tijd, daarna werden nog wel enkele overvliegende vogels gezien. Indien aanvaard betekent dit mijn tweede nieuwe soort van het jaar (na de Zwartkeellijster) en 407e soort in Nederland.

Advertenties

Een prachtige Witstuitbarmsijs

Zaterdag 3 februari 2018

Sinds oktober en november worden in ons land opmerkelijk veel barmsijzen gemeld. Vooral de hoge aantallen Grote Barmsijzen zijn opvallend. Deze vogels komen uit  Scandinavië en daarom zijn veel vogelaars extra alert. Immers, de zeldzame Witstuitbarmsijs komt ook uit het uiterste noordoosten van Europa en zoekt vaak  aansluiting bij Grote Barmsijzen. Sinds oktober worden verspreid door het land enkele Witstuitbarmsijzen gezien. Voor mijn vader Peter en broer Frank is het nog een nieuwe soort, ik had de soort (alweer) vier jaar geleden gezien bij het Noordhollandse Twisk. Deze winter lijkt dan ook een ideale gelegenheid te zijn voor een weerzien met de soort.

Op een industrieterrein in Arnhem bivakkeert sinds eind januari een groep van enkele tientallen barmsijzen met daartussen een adult mannetje Witstuitbarmsijs. In tegenstelling tot bijna alle eerdere exemplaren deze winter zit deze vogel niet hoog in de bomen, maar foerageert vooral op zaden op de grond. Daardoor is de vogel erg goed te bekijken, wat de determinatie van deze lastig te determineren soort vergemakkelijkt. Vandaag verkiezen wij een tripje naar Arnhem boven de Dutch Birding-dag.

Bij onze aankomst in Arnhem is de groep barmsijzen even uit beeld. Terwijl wij gezellig bijpraten met Herman van den Brand komen de Grote Barmsijzen ineens aangevlogen en landen op het ijzeren hek. Op een metertje of 10 (!) zijn deze kleine, leuke vogeltjes geweldig te bekijken.

Grote Barmsijs – Mealy Redpoll (photo: Peter van der Meer)

De Witstuitbarmsijs is gauw gevonden. Opvallend hoe makkelijk de vogel te vinden is in de groep (van 35) Grote Barmsijzen. Naast de witte stuit zijn o.a. de witte grondkleur van de onderdelen met slechts spaarzame streping, de zuiver witte onderstaartveren, de zalmroze borst (dieper oranjerood bij Grote) en de grijzere rug goede aanknopingspunten. De periode dat de groep barmsijzen uit beeld is, wordt besteed om met de vele bekende medewaarnemers bij te praten.

Witstuitbarmsijs (onder) en Grote Barmsijzen (boven) – Arctic (under) and Mealy Redpolls (photo: Peter van der Meer)

Witstuitbarmsijs – Arctic Redpoll (photo: Peter van der Meer)

Witstuitbarmsijs – Arctic Redpoll (photo: Peter van der Meer)

Na deze geslaagde twitch rijden we weer terug richting Woerden. Bij Houten nemen we de afslag om de Ross’ Gans in de Lekuiterwaarden te bezoeken. Net als vorige week kost het weinig moeite om de gans in beeld te krijgen. Naast deze uit Noord-Amerika afkomstige gans zien we een ‘mooie’ groep van 20 Indische Ganzen en net als vorige week zien we vlakbij een groepje roestende Ransuilen.

Fotootje van vorige week: Ross’ Gans – Ross’ Goose (photo from last week)

Indische Gans – Bar-headed Goose

1e nieuwe soort in 2018 is binnen!

Zaterdag 27 en zondag 28 januari 2018

Afgelopen woensdag was een hectische onderbreking van deze rustige vogelwinter. In Vlissingen vond Jan Goedbloed een 1e winter Ross’ Meeuw, die zich blijkbaar erg fraai liet zien. Diezelfde dag werd bekend dat er aan de andere kant van het land een Zwartkeellijster regelmatig voedertafels in een achtertuin in Scheemda bezoekt. De rest van de week bleven beide soorten aanwezig, wat ons vrijdagavond voor een kleine dilemma stelt: waar gaan we heen dit weekend? Hoe gaaf een Ross’ Meeuw ook is, wij hebben deze soort al in april 2011 gezien, terwijl de Zwartkeellijster nieuw voor ons is.

En daarom spenderen mijn vader en ik (Frank kan helaas niet mee) de zaterdag in het noordoosten van het land, niet alleen voor de lijster, maar ook om andere leuke en lang verblijvende dwaalgasten mee te pakken. Uiteraard beginnen we in Scheemda, waar we de Zwartkeellijster in twee uur tijd vier keer fraai in de bekende achtertuin zien. Ondanks dat ik de vogel mooi in de scoop te zien krijg, lukt het me niet er een bewijsplaatje van te maken (o.a. doordat er een vogelaar telkens voor mijn beeld ging staan, zucht…), daarom onderstaande foto’s van mijn vader.

Zwartkeellijster – Black-throated Trush (photo: Peter van der Meer)

Zwartkeellijster – Black-throated Thrush (photo: Peter van der Meer)

De middag brengen we door in andere gebieden in Groningen en Friesland. Bij het vestingstadje Oudeschans vinden we met veel pijn en moeite 1 Grauwe Gors tussen de 10-tallen Geelgorzen. In de gracht zwemt bovendien een paartje Grote Zaagbekken. In Appingedam is de Ringsnaveleend helaas onvindbaar.

Als laatste bezoeken we het Lauwersmeer. Bij camping de Pomp stikt het van de roofvogels: naast de algemenere soorten zitten 2 adulte Zeearenden ver weg op een slikplaatje en vliegen 2 prachtige mannen Blauwe Kiekendieven elkaar in de haren. De soort waarvoor we komen, de Grijze Wouw die hier al maanden zit, laat het helaas afweten. Dat had een mooie dubbelslag voor mijn vader kunnen zijn, voor wie de Grijze Wouw nog een nieuwe soort is. In de Ezumakeeg is door de hoge waterstand weinig te beleven: een juveniele Ruigpootbuizerd op het grasveld tegenover de hut is het hoogtepunt.

Ruigpootbuizerd – Rough-legged Buzzard

Gisteren was een erg leuke, maar intensieve dag dus vandaag blijven we in de buurt. Aan het eind van de ochtend staan we op de Lekdijk bij Houten. Het doel is de Ross’ Gans die hier aan het begin van de week ontdekt is, en die is meteen gevonden. Een leuke herkansing nadat ik eerder deze maand dezelfde (?) vogel in de eigen regio op een dag miste. Vandaag laat de zeldzame gans zich een uurtje fraai bekijken, zowel foeragerend op de aanliggende graslanden als zwemmend in de uiterwaard.

Ross’ Gans – Ross’ Goose

Ross’ Gans – Ross’ Goose

Met dank aan Julian Bosch zien we op de terugweg 5 roestende Ransuilen en vlak voor we de snelweg oprijden, zit een mooie groep Roeken dicht langs de weg.

Ransuil – Long-eared Owl (photo: Peter van der Meer)

Roek – Rook (photo: Peter van der Meer)

Op Texel het nieuwe jaar in

Donderdag 28 december 2017 t/m dinsdag 2 januari 2018

Ten eerste wens ik alle lezers het beste voor het nieuwe jaar. Net als de afgelopen jaren zitten we ook deze kerstvakantie enkele dagen op Texel. De vorige keren zaten we rondom de kerstperiode op dit Waddeneiland, maar dit jaar gaan we enkele dagen later, rond de jaarwisseling.

We steken veel tijd in het afkijken van ganzen en zwanen. En met resultaat. Zo zien we 4 verschillende Wilde Zwanen. Een groepje van drie exemplaren zit helemaal afgezonderd van ander waterwild in de buurt van het vliegveld, terwijl een ander individu zich bevindt in een grote groep van ongeveer 100 Kleine Zwanen langs de Slufterweg. We worden dit najaar verwend met Wilde Zwanen op Texel (zeker met de vroegeling van afgelopen oktober die over de noordpunt zwierf in het achterhoofd), een soort die normaal gesproken toch erg lastig is op dit Waddeneiland.

Wilde Zwaan tussen de Kleine Zwanen – Whooper Swan and three Bewick’s Swans (photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwanen – Whooper Swans (photo: Peter van der Meer)

Ook qua ganzen kunnen we ons hart ophalen. Naast 6 verschillende Witbuikrotganzen en 4-5 Zwarte Rotganzen verspreid over het eiland stelen 3-4 Roodhalsganzen de show. Twee exemplaren zitten lekker dichtbij in een grote groep Rotganzen bij het dorp Oost, terwijl solitaire exemplaren zich op grotere afstand te zien zijn in Waalenburg en Dorpzicht. De grote vraag is of het hier om verschillende exemplaren gaat; enerzijds is de afstand tussen beide gebieden relatief groot, anderzijds zijn de vogels niet gelijktijdig gezien. Ook leuk is een groepje van 8 Kleine Rietganzen in een gemengde groep ganzen langs de Laagwaalderweg (tussen Den Burg en Oudeschild).

Roodhalsgans – Red-breasted Goose (photo: Peter van der Meer)

Witbuikrotgans – Pale-bellied Brent Goose (photo: Peter van der Meer)

Zwarte Rotgans – Black Brent (photo: Peter van der Meer)

Het hoogtepunt van deze periode Texel is een Waterspreeuw. Zoals eigenlijk de regel is in Nederland buiten Limburg, gaat het hier om de noordelijke ondersoort, oftewel een Zwartbuikwaterspreeuw. Deze fraaie vogel verblijft al enkele weken in de omgeving van vakantiepark de Bremakker, aan de rand van de Staatsbossen. Hier heeft deze zeldzame soort een aantal favoriete plekjes waar hij vaak gemeld wordt: de beste plek is een bosbeekje iets ten zuiden van het vakantiepark. Eenmaal gevonden is dit exemplaar erg fraai te bekijken en te fotograferen, maar er gaan genoeg dagen voorbij dat de vogel onvindbaar is. Blijkbaar is er nog een niet ontdekte stekje waar dit beest vaak zit. Zo hebben wij de vogel viermaal bezocht, waarvan de helft succesvol was.

Waterspreeuw- White-throated Dipper (photo: Peter van der Meer)

Waterspreeuw- White-throated Dipper (photo: Peter van der Meer)

Tot slot zijn er nog genoeg andere hoogtepuntjes deze vakantie. Zo mag een Bonte Kraai tussen Den Burg en Oudeschild natuurlijk niet ongenoemd blijven. De haven van Oudeschild is goed voor een Grote Stern (leuk zo midden in de winter!), een Zwarte Roodstaart en een Zeekoet. Terwijl Nederland overspoeld wordt door Grote Barmsijzen, slagen wij erin om geen enkele Grote, maar wel 2 Kleine Barmsijzen te zien: twee exemplaren foerageert in vakantiepark de Krim op een gazonnetje een paar tuinen verderop. Een man Nonnetje inspecteert het nieuw ingerichte Nieuw Buitenheim; een leuke waarneming, want deze zaagbek is erg schaars op het eiland.

Grote Stern – Sandwich Tern (photo: Peter van der Meer)

Zwarte Roodstaart – Black Redstart (photo: Peter van der Meer)

Siberische Boompieper in Wageningen

Dinsdag 26 december 2017

De afgelopen weken hielden slecht weer, weinig leuke vogels en een flinke verkoudheid ons thuis, maar daar komt vandaag (2e kerstdag) een eind aan. Frank, mijn vader Peter en ik zijn alle drie een dag vrij en dus gaan we voor het eerst sinds tijden weer eens naar buiten. Ons oog is gevallen op Wageningen, uiteraard voor de Siberische Boompieper die daar vorige week gevonden is. Toen had ik helaas geen tijd om in de namiddag te gaan, maar nu moet het er toch maar van komen.

Voordat we de Wageningse Bovenpolder binnen rijden, nemen we eerst een kijkje bij twee uilen. In Wageningen-Hoog is een Bosuil gauw gevonden. De uil zit goed verscholen in een schoorsteen van een villa, zijn bekende stekje. De tweede uil, een Steenuil bij de veerpont tussen Wageningen en Randwijk, laat zich daarentegen niet zien.

Eenmaal in de Wageningse Bovenpolder sluiten we ons aan bij de andere vogelaars die al aan het zoeken zijn. De pieper schijnt net enkele minuten uit beeld te zijn. Siberische Boompiepers sluipen vaak als muisjes door de vegetatie en kunnen daardoor verrassend lastig te lokaliseren zijn. Het duurt dan ook even voordat wij de pieper zien. Aanvankelijk blijft het bij twee slechte waarnemingen van een overvliegende pieper. De laatste keer landt de pieper in een perceeltje met veel hoge vegetatie en een verspreide knotwilg, niet bepaald ideaal terrein om hem terug te vinden…

Plek pieper

Locatie van de pieper

Toch lukt het om de pieper terug te vinden. Na een aantal minuten valt het oog van een van de medevogelaars ineens op de zeldzaamheid en vanaf dat moment laat de Siberische Boompieper zich bij tijd en wijle erg fraai zien. Ongeveer een kwartier lang kunnen we de Noord-Aziatische gast volgen terwijl deze door het gras sluipt. Een erg gave waarneming, voor mij mijn 4e in Nederland, maar pas de eerste buiten Texel. Bovendien is dit al onze tweede leuke piepersoort in dit gebied, na mijn allereerste Grote Pieper in november 2008.

Als digiscoper is het haast ondoenlijk om een scherpe foto te maken van deze vogel (zie de foto hieronder, waar de onscherpte vanaf spat), maar gelukkig heeft mijn vader meer geluk. Een mooi einde van deze korte, maar succesvolle vogelmiddag.

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Siberische Boompieper – Olive-backed Pipit (photo: Peter van der Meer)

Jaarverslag 2017

We zetten de traditie ook dit jaar voort: aan het einde van het jaar een overzicht van de hoogtepunten van het afgelopen jaar.

2017 in een notendop
Het jaar 2017 was een prima jaar voor zeldzaamheden. Er werden drie nieuwe soorten voor ons land vastgesteld: Seebohms Tapuit, Siberische Gierzwaluw en Bruine Gent. Van deze drie soorten was helaas alleen de eerstgenoemde twitchbaar, en zelfs die was alleen voor snellen onder ons te doen. Andere hoogtepunten waren de 2e Bruine Klauwier, Zwartkoprietzanger, Blauwe Rotslijster en Keizerarend, de 3e Stejnegers Roodborsttapuit, Westelijke Blonde Tapuit, Grijze Junco en Kokardezaagbek en ook de eerste twitchbare Vale Lijster sinds de jaren ’80 mag natuurlijk niet onbenoemd blijven.

Voor mijn gevoel was vooral de winter erg leuk, met een grote diversiteit aan leuke dwaalgasten. Het voorjaar viel behoorlijk tegen, een (niet-telbare) Lammergier als hoogtepunt zegt al genoeg. Qua vogels was het een rustige zomer, maar gelukkig waren er genoeg leuke vlinders te zien. Erg leuk was een weekendje in de Eifel. Het najaar was vervolgens wel leuk, bovendien pikte ik zo beetje alle leuke soorten mee in deze periode. Het jaar ging vervolgens als een nachtkaars uit.

Nieuwe soorten
Het duurde ruim een half jaar, maar mijn eerste nieuwe soort van 2017 was er dan ook gelijk eentje met een verhaal. Jarenlang wist ik ze vakkundig mis te lopen, maar in de avond van 8 augustus was het dan eindelijk. In de Groene Jonker vonden mijn vader en ik al binnen enkele minuten de pleisterende Waterrietzanger terug. We moesten wel geduld hebben om hem goed in beeld te krijgen, maar uiteindelijk liet de vogel zich een minuutje fantastisch zien (en zelfs aardig fotograferen).

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Eind augustus werd het weer tijd voor mijn jaarlijkse JNM-kamp, net als de laatste jaren gingen we naar Vlieland. Al bij aanvang van het kamp wisten we dat er een Kortteenleeuwerik op het eiland naast ons (Terschelling) zat. Ik heb het nog een paar dagen uitgehouden, maar al gauw bleek dat er vrijwel niets op Vlieland zat en was een oversteek onvermijdelijk. Op 22 augustus werden plannen gemaakt en toen bleek dat kampdeelnemer Julian Bosch ook interesse had, was een plan voor morgen snel gemaakt. Het kon haast niet beter die dag: niet alleen was de Kortteenleeuwerik snel binnen, ook qua andere vogelsoorten was er genoeg te beleven. Zo pikte Julian vanaf de Kortteenplek op km’s afstand knap een arend spec. op die later laag over kwam flappen (Zeearend, zie foto’s), kaapte ik op het wad (!) een Grauwe Franjepoot voor de neus van NJN’ers weg (altijd een hoogtepuntje voor een JNM’er; foto), zwom de overzomerende Zwarte Zeekoet nog altijd in de Terschellingse veerhaven en zelfs terug op Vlieland konden we ons geluk niet op (eerste en enige vogel tijdens avondrondje: Draaihals in een abeeltje!).

Kortteenleeuwerik – Greater Short-toed Lark (photo: Julian Bosch)

Van 10 september tot 22 oktober zat ik non-stop op Texel. Het tweede weekend was al goed voor de eerste nieuwe soort van deze periode. Tegen de avond werd bekend dat aan de rand van het dorpje Oost een Noordse Boszanger zat. De boszanger zat in de tuin van een bungalowtje en betrof een langverwachte nieuwe soort voor Texel.

Tijdens mijn periode Texel heb ik twee keer het eiland verlaten voor een dagtochtje. De eerste keer was op 4 oktober, samen met Marc Plomp en Jos van den Berg (de tweede keer staat een paar soorten hieronder beschreven). Doel was uiteraard de Keizerarend die de avond ervoor net ten noorden van Zwolle was gaan slapen. Vooral het eerste uur na de eerste waarneming kostte ons veel stress omdat we de vogel een paar keer misliepen, maar uiteindelijk kwam het allemaal goed. De arend was prachtig te zien, zowel in zit als in vlucht. Extra bijzonder was dat dit mijn 400e soort in Nederland was!

Keizerarend – Eastern Imperial Eagle

Afgelopen najaar werd Nederland geteisterd door enkele harde westerstormen. Voor vogelaars vaak een teken om het slechte weer te trotseren en over zee te gaan kijken. Tijdens deze stormen worden aan open zee gebonden vogelsoorten richting de kust geduwd. Zo zag ik tijdens de stormen die halverwege september plaatsvonden maar liefst 300 Grote Jagers langs de Westerslag (Texel) trekken in een tijdsbestek van 2 uur. Ter vergelijking, tot dat moment had ik er slechts 18 gezien in mijn hele leven… Aan aantallen dus geen gebrek, aan soortendiversiteit helaas wel (bv helemaal geen Noordse Pijlstormvogels, die in de rest van Nederland wel erg goed vlogen). Begin oktober was er weer een westerstorm, van een iets mindere intensiteit. Toen ontdekten we een nieuw plekje dat tijdens stormen met een noordelijk accent erg goed kan zijn: de Volharding. Doordat je hier over de grens van de Wadden- en Noordzee kijkt, zijn de aantallen lager, maar hier komt veel wel erg dichtbij langs. Een verademing t.o.v. de Westerslag, waar de hoofdmoot op 100-en meters vliegt. Zo ook op 6 oktober. Een Vaal Stormvogeltje stal de show, twee voorbij vliegende Rosse Franjepoten werden ternauwernood opgepikt en de juveniele Kleinste Jager die op middelgrote afstand langs vloog, betekende een nieuwe soort. Weer een schaamsoortje minder, nu die Vale Pijlstormvogel en Papegaaiduiker nog 😉

Tijdens mijn anderhalve maand Texel leek 19 oktober een dag zoals vele andere te worden: rustig, met prima weer en weinig vogels. Al vroeg in de ochtend kregen we een appje van Koen Stork: hij had mogelijk een spannende tapuit onderweg naar school, waarbij hij dacht aan een blonde tapuit. Het was een korte waarneming (letterlijke tekst: “Waardeloze waarneming, maar miss toch het checken waard”) en dus gingen we gewoon verder met ons rondje. Halverwege de ochtend bleek snel dat er weinig te beleven was en na wat overleg gingen we toch maar Koens tapuit checken. Het zal vast niets zijn, maar wat moesten we anders doen? Rond kwart voor 11 lopen we heel ontspannen de Waal En Burgerdijk op, nog niet wetende wat er zo zou gaan gebeuren. Op de velden bij de boerderijen foerageren wat Graspiepers. Na een kwartiertje valt mijn oog op een vogel op een hekje. Een tapuitachtig beestje, maar dan net wat anders. “Frank, er zit echt een hele enge tapuit” is het enige dat ik kon uitbrengen. Een paar berichtjes in de BAT en binnen een halfuur staan we met vele vogelaars te kijken naar de 3e Westelijke Blonde Tapuit voor NL. Een geweldige vondst van Koen en achteraf maar goed dat we de melding zijn gaan checken.

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear (photo: Frank van der Meer)

Twee dagen later werd het tijd voor een van mijn meest memorabele twitches ooit. Op 20 oktober werd namelijk een Vale Lijster gevonden tijdens het 3e Deception Tours-weekend op Vlieland. De volgende dag zat de lijster er nog en dus werd door meerdere Texelaars een plan opgesteld om naar het buureiland te gaan. Door twaalf man wordt een bootje gecharterd om de oversteek over een woeste Waddenzee te maken. De lijster werkte uiteindelijk prima mee en foerageerde met vele lijstersoorten in de achtertuinen in het dorp. Wat een beest!

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Aan mijn laatste nieuwe soort van het jaar (indien aanvaard) wil ik niet te veel worden vuilmaken.

Kokardezaagbek – Hooded Merganser (photo: Peter van der Meer)

Andere hoogtepunten
Naast bovengenoemde nieuwe soorten zat er natuurlijk nog veel meer in het vat voor 2017. Het jaar 2017 begon steengoed met een grote diversiteit aan zeldzame (onder)soorten. De eerste zeldzaamheid van het jaar was een Humes Bladkoning bij Noordwijkerhout, die veel van zich liet horen en zich ook mooi liet zien. Mijn 3e alweer in NL, en allemaal in de Randstad. Een Oosterse Zwarte Roodstaart die op 14 januari op een deurmat in Barendrecht zat, oogde niet heelmaal lekker, maar was wel een nieuwe ondersoort voor ondergetekende. Een week later twitchten Frank, mijn vader en ik de overwinterende Mongoolse Pieper in de Biesbosch, op dezelfde middag zagen we een waarschijnlijke Siberische Braamsluiper in een troosteloze woonwijk in Breda. Ondanks de goede foto’s van deze vogel, kon er geen DNA worden verzameld, en daarom ontbreekt deze soort nog op mijn levenslijst. Ook qua zeldzame zwemvliezen konden we in de eerste drie maanden van het jaar onze harten naar ophalen met 2 (pleisterende) Buffelkopeenden (Barendrecht en Den Oever), een Siberische Taling (Noordwijkerhout) en een Kleine Topper (Den Oever). Mijn persoonlijke hoogtepunt van de winter was de tamme Bruine Klauwier in een stadsparkje in Den Helder.

De Amerikaanse Wintertaling in de Biesbosch op 23 maart was voor Joachim Bertrands, Anne Schumacher, Bram de Vries en mij slechts een troostprijsje voor het missen van de Zwartkoprietzanger. Een paar weken weken Texel in het voorjaar was goed voor 2-3 Roodstuitzwaluwen. Het hoogtepunt van het voorjaar was een Lammergier op Texel, weliswaar een projectvogel en dus niet telbaar, maar dat maakt de vogel niet minder indrukwekkend. Al die moeite die we gedaan hebben om de overvliegende vogel halverwege het eiland op te pikken, bleken teveel toen bleek dat de vogel op een kleine 50 meter op een hooibaal ging zitten. Als we dat geweten hadden…

Op Terschelling overzomerende een Zwarte Zeekoet. Door een werkweek voor mijn studie en de Kortteenleeuweriktwitch zag ik de vogel in totaal drie keer. Bovendien vloog tijdens het JNM-kamp Vlie III een exemplaar over de Vlielandse Noordzee (24 augustus). Een Ralreiger in de Eempolders (20 augustus) betekende een nieuwe Utrechtsoort. Naast vogels waren er talloze dagvlinder- en libellenhoogtepunten deze zomer, zowel in Nederland als in de Eifel. Zo zag ik in Nederland o.a. Grote Vuurvlinders, Dwerg– en Staartblauwtjes (beide nieuw voor mij in NL), Donker Pimpernelblauwtje, leuke dikkopjes en mijn eerste Kempense Heidelibellen.

De eerste tekenen van het najaar was een Bonapartes Strandloper op 29 augustus in Zuidland. Naast de hierboven genoemde nieuwe soorten waren de maanden september en oktober op Texel goed voor andere leuke soorten. Op de eerste dag (9 september) van mijn periode Texel liet een Balkanbaardgrasmus zich aardig bekijken aan de rand van camping de Robbenjager. Een paar kilometer verderop (De Tuintjes) zat op 28 september een oostelijke Braamsluiper, maar ook van deze vogel kon helaas geen DNA verzameld worden. Ook Texel kreeg zijn aandeel in de Grote Kruisbekkeninvasie. Net voor het DB-weekend zagen wij twee exemplaren in de Staatsbossen. Eenmaal weer van het eiland werd het tijd om richting Houten (Steenwaard) te gaan. Op 4 november liet een Bruine Boszanger zich hier alleen horen, maar de volgende dag had ik meer geluk: toen liet een vogel zich af en toe fraai zien. Het jaar werd afgesloten met een Siberische Boompieper in de Wageningse Bovenpolder, die zich zeer fraai liet bewonderen.

Tot slot een mededeling aan alle lezers:

Kerstkaart

Eilandhoppen voor een Vale Lijster

Zaterdag 21 oktober 2017

Gisteren, tijdens de eerste dag van DT3, vond Jaap Denee rond het middaguur een heuse Vale Lijster op Vlieland. Ondanks dat Nederland al 8 gevallen kent van deze soort, is het voor vele vogelaars een droomsoort en bovendien was de laatste (en enige) twitchbare in 1988. Voor vele generaties vogelaars is het dus nog een nieuwe soort. Jaap lardeerde de melding met enkele beeldvullende foto’s waar je je vingers bij aflikt. Wat een knaller!

Diezelfde middag nog werd de vogel door vele 10-tallen vogelaars gezien (vele kwamen speciaal vanaf het vasteland voor deze vogel) en als vanochtend al vroeg doorkomt dat de Aziatische lijster er nog zit, ruiken Frank, vader Peter en ik bloed: is er een snelle manier om van Texel op Vlieland te komen? De vogel zit op nog geen twintig kilometer van ons vandaan, maar er ligt natuurlijk een stukje Waddenzee tussen en er gaan geen reguliere boten tussen Texel en Vlieland in het najaar en de winter. Uiteraard kun je het eiland af, naar Harlingen rijden en daar de reguliere boot naar Vlieland nemen: naast dat het een dure grap is, kost het ook veel te veel tijd.

Meer Texelse vogelaars zitten met dit dilemma en dus ontstaan er plannen om een bootje te huren die ons naar het Friese Waddeneiland moet brengen. Rond 9:45 uur is er dan eindelijk duidelijkheid: over drie kwartier vertrekt vanuit de haven van Oudeschild een gecharterd bootje voor twaalf man. Om half 11 ontmoeten we de andere deelnemers in de haven en na een rumoerige tocht over een klotsende Waddenzee varen we om iets over 12’en de jachthaven van Vlieland binnen.

De hele groep in de haven van Oudeschild (foto (c): Marc Plomp – Vogelinformatiecentrum)

Afgelegde route; een kortere route was niet mogelijk vanwege zandbanken en het getij

Gecharterde boot is aangemeerd in de jachthaven van Vlieland (foto (c): Frank vd Meer)

Op het eiland marcheren we zo snel mogelijk naar het dorp Oost-Vlieland, waar de lijster in een aantal achtertuinen zou zitten. Op de plek aangekomen wijzen de andere vogelaars ons op de plekken waar de vogel vaak zit. Het stikt er van de lijsters en bijna alle algemenere soorten zijn van de partij: vooral MerelsZanglijsters en Koperwieken, maar ook een enkele Kramsvogel en zelfs een Beflijster foerageert op de appels en bessenstruiken in de achtertuinen. De lijster waar we voor komen, de Vale Lijster, is dan al een tijdje uit beeld. Het begint inmiddels ook nog eens te regenen.

Achtertuin waar de vogel vaak zit

Na een halfuurtje wachten valt mijn oog op een verre lijster op een schutting: het is de Vale Lijster. Vanaf dat moment laat de vogel zich lange tijd geweldig bekijken op de grond en in de bessenstruiken, al blijft hij wel vliegerig. Wat een fraaie vogel en wat een waanzinnige vondst van Jaap!

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Vale Lijster – Eye-browed Trush

Rond half 2 zijn we anderhalf uur op Vlieland; dat vinden we meer dan genoeg. Twaalf zeer tevreden vogelaars lopen terug naar de jachthaven en 10 minuten later stappen we de boot, het Sop, weer in. De terugweg is iets heftiger, met behoorlijke golven die vol tegen het bootje rammen. Zie onderstaand filmpje, gemaakt door Frank (tip: zet het geluid even aan).

Om half vier varen we de haven van Oudeschild weer binnen en zit de boottocht erop. Alleen de tocht was al een ervaring op zich, maar die lijster was natuurlijk de kers op de taart. Wat een beest!

Toch nog een klapper!

Donderdag 19 oktober 2017

Vandaag, donderdag 19 oktober, zitten de 6 weken vakantie Texel er inmiddels bijna op. Zeker de oktober was behoorlijk saai, met erg lage aantallen vogels en relatief weinig krenten. Uiteraard, als je alle hoogtepunten opsomt, kom je toch aan een respectabel lijstje. Vooral de ‘Phylloscopi‘ leken te ontbreken: zo zag en hoorde ik vanaf 19 september tot vandaag slechts 5 Bladkoninkjes. Ter vergelijking, de afgelopen najaren had ik geregeld dagen met 5 exemplaren op één dag.

Ook vandaag lijkt een dag als alle anderen te worden: een rustige dag met weinig vogels en mooi weer. Frank en ik maken ’s ochtends vroeg een rondje door het vakantiepark. Rond 9’en krijgen we binnen dat Koen Stork tijdens zijn fietstochtje naar school een spannende bleke tapuit had gezien langs het Waal en Burgerdijkje en dacht aan een mogelijke Blonde Tapuit. Dit alles zonder verrekijker en de waarneming was behoorlijk kort; vandaar dat we gewoon zijn doorgegaan met onze ronde. Een uur later zijn we weer thuis (zonder noemenswaardige waarneming) en na wat overleg gaan we toch maar zoeken naar Koens tapuit. Het zal vast niets opleveren (we controleren wel eens vaker dit soort onzekere meldingen en tot nu toe heeft het nooit iets leuks opgeleverd), maar je weet het natuurlijk nooit.

Rond half 11 rijden we Waalenburg binnen, checken eerst nog wat plasjes langs De Staart en de Westerboerseweg (Witgat) en parkeren daarna bij het Waal en Burgerdijkje. Het is net voor elven als ik nonchalant wat Graspiepers langs de dijk bekijk en iets verderop op een hek een behoorlijk bleke tapuit met warmbruine bovendelen en borstband ontwaar. Mijn bloeddruk schiet omhoog: dit is inderdaad een blonde tapuit!

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear

Gauw maken we de eerste foto’s en verspreiden we het nieuws. Inmiddels is de vogel iets opgeschoven van de hekken langs het fietspad naar de naastgelegen akkers. Hier laat de vogel zich nog steeds fraai bekijken. Al binnen enkele minuten komen de eerste vogelaars aanlopen die zo kunnen aanschuiven. Vlak voordat de hoofdmoot van de aanwezige twitchers arriveert, vliegt de tapuit op naar achteren, waardoor de meeste vogelaars de vogel op minstens 200 meter zien. Gezien de warmbruine bovendelen en borstband lijkt het een Westelijke Blonde Tapuit te worden.

Westelijke Blonde Tapuit – Western Black-eared Wheatear

Op de weg terug naar de auto komen we Koen tegen, die zijn eigen ontdekking is komen twitchen. Felicitaties, bedankjes en een kort gesprekje volgen. Het gaat hier pas om de derde Westelijke Blonde Tapuit van Nederland, een geweldige vondst dus!

Een geweldige 400e soort!

Woensdag 4 oktober 2017

De afgelopen maanden heb ik weinig van me laten horen. Niet dat ik niets gezien heb.  Integendeel, sinds mijn laatste bericht is mijn Nederlandse lijst toch met twee soorten (Kortteenleeuwerik, Noordse Boszanger) gegroeid. De lange stilte komt dan ook vooral door vakanties op respectievelijk Vlieland (JNM-kamp Vlie III) en Texel en het ontbrak me aan de behoefte om van weken vakantie een blog te schrijven. Vandaag onderbrak ik mijn wekenlange vakantie op Texel echter even voor een twitch naar het vasteland en daarvan kan een weblogje toch echt niet ontbreken.

Het verhaal begint eigenlijk vorige week woensdag (27 september) net voor het middaguur, als Toy Jansen in de DBA-admingroep een foto van een overvliegende arend plaatst. Deze Keizerarend, want dat lijkt er op de foto’s te staan, vloog ongeveer twee uur boven de telpost Brobbelbies nabij Uden. Voor enkele snelle twitchers was dit net lang genoeg om de vogel te kunnen halen, anderen kwamen net te laat of zagen de arend alleen als onherkenbaar stipje aan de horizon. De rest van de middag en de volgende dag wordt de vogel, tot verdriet van vele vogelaars, niet meer teruggevonden. Het gaat hier pas om de 2e Keizerarend van Nederland, na een overvliegende vogel over Kamperhoek (Flevoland).

Dit verhaal krijgt gisteravond onverwachts een staartje, als via Facebook naar voren komt dat iemand de vogel die middag heeft gefotografeerd nabij Zwolle. De foto’s tonen onmiskenbaar hetzelfde exemplaar. Jeroen Bredenbeek, boswachter van de Wieden-Weerribben, ziet tegen de avond een flinke arend een slaapplek zoeken in een bosje ongeveer 5 kilometer daar vandaan en concludeert dat het om dezelfde vogel moet gaan. Velen, waaronder ik, smeden een plan voor de volgende dag. Gelukkig blijkt al snel dat ik vanaf Texel met Marc Plomp en Jos van den Berg mee kan rijden. Het plan is om niet af te wachten, maar met de eerste boot van het eiland te gaan en ons zo snel mogelijk naar de plek te spoeden.

Na een korte nacht gaat vannacht rond kwart voor 5 de wekker. Drie kwartier later pikken Marc en Jos me op aan de Roggeslootweg en dan kan het avontuur beginnen. De reis gaat voorspoedig: de boot is opvallend vol voor dit vroege tijdstip en pas in Friesland begint het voorzichtig licht te worden. De spanning stijgt, zal de vogel er nog zitten en gaat de laatste waarneming van Jeroen eigenlijk wel om de Keizerarend? Om 7.48 stijgt de spanning naar een (voorlopig) hoogtepunt als Laurens Steijn, via een speciaal voor deze twitch in het leven geroepen whatsappgroep, meldt dat hij de Keizerarend ziet vliegen! Voor ons is het op dat moment nog een halfuurtje rijden, dus de stress zit er goed in. Langzaam rijdende landbouwvoertuigen op het smalle landweggetje helpen op zo’n moment ook niet echt. Het bericht dat de vogel is geland, zorgt voor een iets lager adrenalinepeil. Het volgende kwartier volgen meerdere berichten dat de vogel opvliegt en vlakbij weer landt in bomen. Oftewel, veel rust kent de arend niet en wij dus ook niet.

Bericht in appgroep van eerste melding

Om 8 uur arriveren we aan de westkant van het dorp Hasselt, de plek waar de vogel de laatste keer heen gevlogen was. Met een andere auto vogelaars zien we flinke paniek in het luchtruim boven een polder, overal vliegen Kieviten e.d. Het lukt ons niet om de dader te vinden. We staan net op het punt om dieper de polder in te rijden als via de whatsapp doorkomt dat de vogel weer op de oude plek is gezien. Opnieuw stijgt de spanning, zal het nu wel lukken om de vogel te zien? Een paar minuten later komen we aan op de plek. Tot onze afschuw bleek het allemaal op een misverstand te berusten, vanaf deze plek was de vogel 10 minuten geleden vliegend waargenomen in de richting van waar we eerst stonden. Een hoop gevloek, en tot overmaat van ramp gaat de brug in Hasselt voor onze neus open. We voelen de arend steeds meer uit onze handen glippen…

Iedereen verspreidt zich weer en Marc, Jos en ik besluiten toch weer richting de eerder genoemde polder te gaan. Opnieuw is hier grote paniek onder de honderden Kieviten en zelfs de 10-tallen Grote Zilverreigers kiezen het luchtruim, daar moet toch iets aan de hand zijn? Even denken we iets groots te zien vliegen met de kijker, maar in de scoop zien we slechts nog enkele Buizerds. We beginnen net een kort praatje met Steven Wytema als in de app binnenkomt dat de vogel wederom gezien wordt, op twee minuutjes rijden. Als bezetenen stappen we het busje weer in en rijden we naar de bewuste plek. Deze keer zijn we wel op tijd, want al gauw worden we door de melders gewezen op de Keizerarend. De vogel zit minutenlang rustig in het weiland op enkele 100-en meters en is prima te zien. Wat een last valt er van onze schouders, wat een heerlijk gevoel!

Keizerarend – Eastern Imperial Eagle

Blije vogelaars na het zien van de Keizerarend (met een opgeluchte ik als meest linker vogelaar). Foto: Marc Plomp (Vogelinformatiecentrum).

Het wordt snel drukker met overal om ons heen opgeluchte vogelaars. Echter blijft de arend (afkomstig uit Oost-Europa en Centraal-Azië) ook hier niet lang zitten. Na een paar minuten vliegt hij op, maakt laag een rondje en landt een kilometer verderop weer in het weiland. Ook dit is van korte duur, want al snel vliegt de arend wederom op om laag over de weg heen richting Genemuiden. Hier laat de Keizerarend, volop gepest door kraaiachtigen, zich waanzinnig bekijken.

Na deze fantastische waarneming besluiten Jos, Marc en ik dat het haast niet beter kan en dus dat we net zo goed aan de terugweg kunnen beginnen. En zo zitten we rond half 10 alweer met een geweldig gevoel op de weg terug richting Texel. We hebben de boot van half 12 en rond het middaguur zijn we weer op het eiland. Wat een indrukwekkend beest zeg, en dat is dan mijn 400e soort in ons land! Dit laatste even onder voorbehoud dat de Amerikaanse Tafeleend en Marmereend van vorig jaar aanvaard worden. Over de determinatie is trouwens nog niet alles gezegd, want op dit moment is het nog even zaak om Spaanse Keizerarend (die net zo zeldzaam is in Nederland) uit te sluiten. Vooral in dit kleed (4kj) is dat een moeilijke zaak.

Van frustratiesoort naar hebben!

Dinsdag 8 augustus 2017

Het is zo’n soort die ons al jaren achtervolgt. Al vele malen hebben we geprobeerd zelf een exemplaar te vinden, of er eentje te twitchen. Altijd mislukte dat. Op deze manier vormde de Waterrietzanger, want daar gaan de vorige regels over, onze grote frustratiesoort. Als gistermiddag het bericht door komt dat er eentje in de Groene Jonker zit, zakt ons de moed alweer in de schoenen. In gedachten zie ik ons alweer vele uren door de Jonker rondstruinen, natuurlijk zonder resultaat. ‘Gelukkig’ blijven we thuis, zodat we een volgende tegenvaller niet hoeven mee te maken (hem zien behoort natuurlijk niet tot de mogelijkheden).

Vanmiddag wordt de rietzanger echter nog steeds gemeld en dus smeden mijn vader en ik stiekem een plan om ’s avonds een paar uurtjes in de Groene Jonker door te brengen. De verwachtingen zijn laag gespannen als we rond een uur of half 7 het moerasgebied binnenlopen. Vanaf de eerste stap die we zetten, vallen er regendruppels. Bovendien is er slechts één andere vogelaar aan het zoeken. Kortom, geen ideale omstandigheden en dus verspreiden mijn vader en ik ons langs het pad waar de vogel voor het laatst gezien is. Binnen een minuut hoor ik uit mijn rug een smakkend geluid en als ik me opdraai, zie ik (tot mijn schrik) een opvallend gele rietzanger bovenin de vegetatie zitten. Het zal toch niet? Een opvallende lichte middenkruinstreep, opvallende banen op de rug, het is verdorie echt een Waterrietzanger. Alle frustraties van de afgelopen jaren vallen in een keer van me af.

Voor mijn vader blijft het Waterrietendrama ‘gelukkig’ nog langer duren, want hoewel hij slechts enkele 10-tallen meters verderop staat, komt hij net te laat om de vogel te zien. Een dik halfuur verregenen we hevig op de plek, maar van de vogel helaas geen spoor. Daarna verspreiden we ons iets verder, maar nog steeds is de rietzanger spoorloos. Inmiddels is er versterking van zeker drie man gekomen.

Net op het moment dat (bij mij althans) bijna alle hoop is weggeëbd, roept mijn vader: “Ik heb hem!”. Een kleine minuut laat de Waterrietzanger zich in de lage vegetatie langs het pad fraai zien aan alle waarnemers. Er is zelfs tijd om foto’s van de vogel te maken. Wat een prachtig beestje!

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Waterrietzanger – Aquatic Warbler (photo: Peter van der Meer)

Mijn eerste nieuwe soort van dit jaar is eindelijk een feit (de Siberische Braamsluiper afgelopen januari niet meegerekend), en dat in de eigen regio! Nu wordt het tijd voor een nieuwe frustratiesoort. 🙂