Tagarchieven: Draaihals

Texel in het voorjaar

Vrijdag 14 april t/m zondag 14 mei 2017

Terwijl ik dit weblog schrijf, zit een man Beflijster op 15 meter van het raam te foerageren 🙂

Ook dit voorjaar was Texel de plek waar we het grootste deel van het voorjaar doorbrengen. Een weekendje halverwege april en vanaf 27 april twee volle weekjes hebben we vele uren buiten gevogeld, op zoek naar leuke en zeldzame soorten. Een echte klapper bleef helaas uit (die vielen wel direct ten noordwesten en zuiden van ons), al mag je met 2-3 Roodstuitzwaluwen, 2 Steppekiekendieven en twee nieuwe Texelsoorten (Roek en Ortolaan, nu in totaal 284 soorten op het eiland) natuurlijk niet klagen. Uiteraard geef ik de voorkeur aan vogelen, ook in de avonduren, in plaats van elke dag een weblog te schrijven. Vandaar nu een overzicht van de leukste waarnemingen in deze periode.

man IJseend tussen Eiders – drake Long-tailed Duck in flock Common Eiders

Groepen rotganzen blijven tegenwoordig tot eind mei hangen. In deze groepen zijn vaak ook een enkele Witbuik- en Zwarte Rotgans te vinden. De omgeving van Dijkmanshuizen en Dorpzicht zijn goede plekken om deze zeldzamere rotganzen te vinden. Opmerkelijk was de Wilde Zwaan die op 16 april tussen enkele Knobbelzwanen langs de Kadijksweg zat, ongetwijfeld dezelfde vogel die afgelopen winter in de omgeving van Oudeschild werd gezien. Zomertalingen zijn erg schaars op Texel en mogen dus niet ontbreken in dit overzicht. Een paartje bevond zich op 15 april in het Grote Vlak en een man zwom op 4 en 9 mei in Dijkmanshuizen. Leuk was de zomerkleed man IJseend die op 28 april vlakbij de Vuurtoren zwom. Een Grote Zilverreiger (nog steeds behoorlijk schaars op Texel) stond op 10 mei in het Grote Vlak. Adulten Jan-van-Genten vlogen over de Noordzee bij de Vuurtoren en bij Paal 9 (Hoornderslag).

Zwarte Rotgans (midden) – Black Brant (center; photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwaan – Whooper Swan (photo: Peter van der Meer)

Op zondag 30 april was er in heel Nederland beukende roofvogeltrek. Ook Texel kon een graantje hiervan meepikken. Uiteindelijk pikten wij die dag op de noordpunt 2 Visarenden (waarvan eentje over de tuin!), 1 Zwarte Wouw, 1 Grauwe of Steppekiek (foto’s) en 4 Smellekens op.
Gelukkig vlogen ook op andere dagen leuke rovers rond op Texel. Zo joeg op 6 mei een Visarend boven de Vijver van Jochems. Naast de ongedetermineerde ringtail zagen we ook twee zekere Steppekiekendieven. Op 4 mei zagen we samen met Han Zevenhuizen een jonge vogel in de Eierlandse Duinen en de volgende dag zat een exemplaar te rusten op een duintje in de Bollekamer. Een Boomvalk trok op 3 mei over de Krimweg. Naast de vier Smellekens op 30 april, zagen we deze periode nog 4 andere exemplaren.

Fijn was de adulte Kraanvogel die op 14 mei in de Muy liep. Drie Steltkluten liepen op 29 april in de Westerkolk. Een typische voorjaarsgast op Texel is de Morinelplevier. Elk voorjaar doet een kleine groep van deze fraaie plevieren dit Waddeneiland aan. Dit jaar waren de akkers langs de Muyweg de uitverkoren locatie. Vanaf 29 april liepen daar maximaal 8 exemplaren. Paarse Strandlopers waren te zien in Ottersaat, in de veerhaven van Den Helder en op de Eierlandse Dam. Net als in andere voorjaren was Dijkmanshuizen een goede locatie voor steltlopers, getuige de vele strandlopers hier te vinden waren. Hiertussen zaten ook ten minste 2 Kleine en 3 Temmincks Strandlopers en zelfs een ad zomerkleed Grauwe Franjepoot.

Kraanvogel – Common Crane

Regenwulp – Whimbrel (photo: Peter van der Meer)

De omgeploegde akkers trekken vaak grote groepen meeuwen aan. Hieronder bevonden zich zeker 4 Zwartkopmeeuwen (2 1e zomers, 1 2e zomer, 1 ad zomer), een soort die nog steeds behoorlijk schaars is op Texel. Een andere 2e zomer, in Dijkmanshuizen, was gekleurringd, maar helaas zat deze te ver om af te lezen. Tot slot zaten twee adulten en een jong beest op het wad bij de Cocksdorp. Een andere leuke meeuwensoort is de Dwergmeeuw, waarvan op 5 mei twee kleine groepjes ver over de Noordzee ter hoogte van de Vuurtoren vlogen. Dwerg- en Noordse Sterns zijn beide schaarse tot zeldzame broedvogels op Texel, die vooral aan de oostkust tot broeden komen. Voor Dwergsterns zijn de Volharding en het strand bij de Vuurtoren en Paal 9 goede locaties, terwijl we onze enige 2 Noordse Sterns van dit voorjaar op Ottersaat (op 16 april) zagen.

ad zomer Zwartkopmeeuw – ad summer Mediterranean Gull

1e zomer Zwartkopmeeuw – 1st summer Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Zomertortels lijken met het jaar zeldzamer op Texel te worden. Een van de beste plekken op het eiland is de ruime omgeving van de Krimweg (vakantieparken de Krim & Sluftervallei en het Krimbos). Hier waren op meerdere dagen maximaal 2 exemplaren aanwezig. Met dank aan Tim Schipper zagen we op 28 april een Draaihals. Deze zeldzame spechtensoort foerageerde in een klein duinvalleitje net ten zuiden van de Vuurtoren op mieren en liet zich erg fraai bekijken.

Zomertortel – European Turtle Dove (photo: Peter van der Meer)

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Op 14 mei liet een Wielewaal in het Krimbos enkele malen van zich horen. De eerste nieuwe Texelsoort (#283) van dit jaar zagen we op 16 april. Aan het eind van de Oorsprongweg zaten 3 Roeken, een soort die niet broedt op Texel en hier dus erg schaars is. Een van de hoogtepunten van deze periode Texel was de Roodstuitzwaluw. In de hele periode vlogen 2-3 exemplaren rond op het eiland: naast het unieke geval van de Roggesloot (die er een week zat), slaagden Frank en ik erin om op 6 mei tweemaal een exemplaar bij de Vuurtoren op te pikken. De vraag is of het tweemaal hetzelfde individu was of dat het gaat om twee beesten gaat. Fluiters waren opmerkelijk goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met minstens drie exemplaren op alleen al de noordpunt: 30 april in de Tuintjes en 2 in het Krimbos op 4 mei. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 3 Fluiters op het eiland. Leuk was de Vuurgoudhaan die zich op 30 april in de Tuintjes bevond. In dit gebied zat op 6 mei een prachtige zwart-witte man Bonte Vliegenvanger; een noordelijke vogel dus.

Roodstuitzwaluw – Red-rumped Swallow (photo: Peter van der Meer)

Vuurgoudhaan – Firecrest (photo: Peter van der Meer)

In vergelijking met andere jaren leken Beflijsters in hogere aantallen aanwezig. Op vele dagen waren exemplaren aanwezig in de duingebieden. Een prachtige man zat zeker 5 dagen achtereenvolgend in de tuin van onze bungalow. Een late Kramsvogel liep op 6 mei op het Renvogelveld. Paapjes waren opmerkelijk schaars met drie exemplaren: 2 in de Tuintjes en in de Mokbaai. Op het Renvogelveld liep een mannetje Rouwkwikstaart (14 april) en op dezelfde plek liepen in mei 3 Noordse en Engelse Kwikstaarten. Laatstgenoemde was ook te zien in Dijkmanshuizen (4 mei) en De Nederlanden (6 mei). Een Appelvink vloog op 12 mei roepend rond boven het Krimbos. Tot slot betekende een man Ortolaan op 7 en 8 mei een nieuwe Texelsoort (#284). De gors foerageerde in de wegberm van de Redoute op paardenbloemzaden en liet zich op korte afstand fraai zien.

Beflijster in de tuin – Ring Ouzel in garden (photo: Peter van der Meer)

man Rouwkwikstaart – male Pied Wagtail ssp. yarrellii (photo: Peter van der Meer)

Noordse Kwikstaart – Grey-headed Wagtail ssp. thunbergi

Ortolaan – Ortolan Bunting

Advertenties

Dag 4 Texel: weinig aankomst

Zondag 16 oktober 2016

Na zo’n geweldige dag als gisteren zijn de verwachtingen voor vandaag natuurlijk hoog gespannen. Voor het eerst deze vier dagen maak ik met Frank een ochtendrondje, we kiezen voor de camping op het park. Vooral de vinkachtigen zijn opvallend: zo hoor en zie ik 1 Appelvink overvliegen, zitten 4-8 Kleine Barmsijzen in de singels en op het gras en vliegt een roepende Kruisbek over. Ook leuk zijn 2 Vuurgoudhaantjes. Rond tienen zijn we weer terug in het huisje en gaan we, net als gisteren, richting de Staatsbossen voor de Blauwstaart.

Eenmaal in het bos is de eerste vogel die ik in beeld heb gelijk de goede: een fraaie Blauwstaart zit enkele seconden lang fraai vooraan in een klein esdoorntje en is dus erg leuk te zien. Even later kan ik de vogel ook aanwijzen aan de grote meute. In het daaropvolgende uur krijgen we deze dwaalgast (23e geval in Nederland) onregelmatig te zien. Zo zien Frank en ik, samen met nog zo’n 10 waarnemers, de vogel een kleine tien minuten erg fraai foerageren langs een smal bospaadje.

De middag besteden in het zuiden. Na enig zoekwerk lukt het ons om de Draaihals bij de NIOZ te lokaliseren. Deze spechtensoort laat zich bij tijd en wijle leuk zien in de lage bomen en stenen paden op het terrein. Twee andere leuke soorten zijn een Waterpieper op het Grote Vlak (en erg schaarse soort op Texel) en een Zwarte Roodstaart op de parkeerplaats aan de Jan Ayeslag.

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Zwarte Roodstaart – Black Redstart (photo: Peter van der Meer)

Hard werken op Vlieland

Maandag 22 t/m zaterdag 27 augustus 2016

Net als de laatste jaren vindt ook dit jaar weer een vogelkamp van de JNM plaats in de laatste week van augustus. Vorig jaar was dit in het Lauwersmeer, nu gaan we (net als in 2014) naar Vlieland. Het kamp begint op maandag 22 augustus als we gezamenlijk de half-3-boot nemen vanuit Harlingen. De rest van de dag doen we niet veel meer: fietsen huren, tent opzetten, elkaar beter leren kennen, etc. We zitten nog een uurtje aan zee, maar er vliegt niets noemenswaardig voorbij.

De dinsdag begint zeer vroeg, want al rond half zeven bevogelen we de oostpunt van het eiland. Op een zacht zingende Fitis na zit er helaas niet veel. Terug naar de camping (Lange Paal) voor ontbijt en dan verspreiden we ons in meerdere groepen over het eiland. Bij de Oostervallei krijgen Lonnie Bregman, Diedert Koppenol en ik de eerder op de ochtend door Lonnie gevonden Sperwergrasmus kort maar fraai te zien in een kaal struikje. Het is hier sowieso leuk vogelen met verder wat Tuinfluiters, Paapjes, een vroege Kramsvogel en een stille Sprinkhaanzanger. ’s Middags breekt de zon door en wordt het snikheet. In de Kroonspolders zit niet bijster veel, maar bij Bomenland is het wederom Lonnie die een Draaihals vindt. Ook de andere groepjes krijgen de vogel te zien. Bij de Oude Eendenkooi zien we bovendien nog een Grauwe en een Bonte Vliegenvanger. We zijn net terug op de camping als we het bericht krijgen dat de NJN (de ‘concurrent’) vanaf Terschelling over zee een Vale Pijlstormvogel richting Vlieland ziet vliegen. Als de wiederweerga fietsen we richting zee, maar wij moeten het doen met slechts een juveniele Zwarte Stern.

De volgende dag fietsen we richting de westkant. Tussen de Kroonspolders en de kazerne stop ik omdat ik duidelijk een Porseleinhoen hoor roepen. Het blijkt echter een tape te zijn dat vanaf de ringbaan komt… Een klein stukje verderop fietsen Lonnie, August van Steensel en ik bijna tegen een jonge Grauwe Klauwier aan. Het blijkt zelfs om twee exemplaren te gaan, die samen jagen vanuit de bosjes langs de weg. Net als gisteren is het al snel veel te warm om echt fanatiek te vogelen. De bosjes rondom de kazerne zijn angstvallig leeg. We zoeken tevergeefs naar een Sperwergrasmus van Gijsbert Twigt, wel komen we meerdere Paapjes, een groepje overvliegende Kruisbekken en roepende Baardmannen tegen. Bij de Nieuwe Eendenkooi zingt een Zwarte Mees. Na het avondeten inspecteren we het wad. Het zit barstensvol met steltlopers, maar gekke dingen komen we helaas niet tegen. De hoogtepunten worden gevormd door wat Kleine Strandlopers, Kanoeten, 1 Krombekstrandloper en een Zwarte Ruiter.

11818885

Grauwe Klauwier – Red-backed Shrike

De donderdagochtend begint met een roepende Witgat over mijn tent. In de Oostervallei vinden we de door Pieter van Veelen en co. gevonden Draaihals snel terug. Niet veel later worden we opgeschrikt door een luide kreet: “Wouw!”. En inderdaad, een paar tellen later hebben we een zeer fraaie jonge Zwarte Wouw in beeld. De roofvogel vliegt zeer laag boven de duintoppen en even later zien we de wouw zelfs in een den zitten. Erg gaaf! Hier vliegt ook een roepende Kruisbek over. Op de oostpunt is niet verder niet veel te beleven, dus besteden we de gehele middag aan zee. Een laagvliegende roofvogel boven de duinen blijkt opnieuw een (ongetwijfeld dezelfde) Zwarte Wouw te zijn. Over zee vliegt niet veel, alleen een groepje Zwarte Zee-eenden is het noemen waard. Een overvliegende kleinere Kokmeeuw met een opvallend doorschijnende handvleugel laat ons in verwarring achter… Tijdens het avondeten vliegt een Boomvalk over de camping en iets later krijgen we het bericht door dat Pieter en co. een Steppekiekendief hebben op de bij de kazerne. Daarom fietsen we terug de duinen in, maar helaas kunnen we de zeldzame kiekendief niet oppikken. Logisch, want later krijgen we bericht dat de kiekendief nog steeds in de duinen rondhangt. Voor velen van ons helaas te laat om actie te ondernemen.

11798200

Zwarte Wouw – Black Kite (photo: Casper Groenewegen)

De laatste hele kampdag beginnen we opnieuw aan zee. Op de weg daarheen stuit ik bij het bos van Lange Paal op een grote ‘flock’ met zangvogels. Het leukste zijn 2 Grauwe Vliegenvangers. Over zee zien we een clubje van 3 Drieteenmeeuwen, 2 Jan-van-Genten en een aantal Zwarte Zee-eenden. ’s Middags relaxen we wat en zien we niets noemenswaardigs.

De zaterdag staat in het teken van inpakken: om 12 uur precies nemen we de boot naar het vasteland. Ik word opgepikt door mijn broer en vader en we vogelen de rest van de dag langs de Friese Waddenkust. We beginnen bij de plasjes net ten zuiden van Harlingen (langs de N31), waar een van de eerste vogels die we hier zien een Koereiger blijkt te zijn! Andere leuke soorten zijn twee Goudplevieren, 1 Zomertaling en meerdere Zwarte Ruiters. Vervolgens zetten we koers richting Westhoek, waar we samen met Toy Janssen, Maartje Bakker en de mannen Molenaar intensief het wad afkijken voor strandlopers. Het tij blijkt echter niet mee te werken, want zelfs met hoogwater zitten de 10.000-en steltlopers te ver om te kunnen determineren. Mogelijk zorgt de oosterwind ervoor dat het wad niet onder water loopt? We kunnen slechts enkele Kleine en Krombekstrandlopers onderscheiden. Tijdens de terugweg stuiten we nog op de waarneming van de dag: een groep van 80+ Sneeuwganzen zit vlak langs de weg.  😉

11811362

Koereiger – Cattle Egret

11811886

Sneeuwganzen – Snow Geese

Helaas leverde het kamp geen knaller op (qua vogels viel het zelfs behoorlijk tegen), maar natuurlijk was het erg gezellig en dus zeker geen verspilde tijd. Volgende keer beter.  😉

Rovers kleuren de lucht tijdens het Dutch Birding-voorjaarsweekend

Donderdag 5 tot en met zondag 8 mei 2016

Afgelopen weekend vond het Dutch Birding-voorjaarsweekend op Texel plaats. Tijdens dit weekend vogelden 100-en vogelaars het hele eiland af, op zoek naar schaarse en zeldzame soorten. Leuke soorten werden vervolgens via Waarneming.nl en een Texelse Whatsappgroep verspreid (en echte zeldzaamheden ook via Dutch Bird Alerts). Doordat wij ook donderdag (bevrijdingsdag) en vrijdag vrij waren, maakten we er een lang weekend van. Het gehele weekend heerste er een wind uit zuidoostelijke richting, met temperaturen van ruim boven de 20 graden. Dit leidde tot overweldigende roofvogeltrek en ook andere vogels van zuidoostelijke herkomst (Bijeneters, Roodkeelpiepers, e.d.) werden vaker gemeld dan normaal. Hieronder volgt een verslag van deze succesvolle dagen, met maar liefst 4 nieuwe Texelsoorten voor mij.

Aan het eind van de avond van zaterdag 7 mei zat een Witbuikrotgans tussen plusminus 500 rotganzen aan het einde van de Hoofdweg, net ten zuiden van Dorpzicht. Een zoektocht naar de Balkankwikstaart in de Nederlanden op donderdag 5 mei leverde alleen een fraai foeragerende Kleine Zilverreiger op. Een van de hoogtepunten van het weekend was een overvliegende Zwarte Ooievaar op 7 mei. Doordat de vogel goed gevolgd en actief doorgegeven werd, lukte het Frank en mij om de ooievaar al vroeg boven de Slufter op te pikken. Uiteindelijk hebben we het beest vanaf een duintje naast bungalowpark de Sluftervallei ruim een kwartier kunnen volgen, tot ver boven de Vijver van Jochems. Op 4 mei pikten we vanaf de grote parkeerplaats in De Koog een Ooievaar op, een soort die qua zeldzaamheid niet veel onderdoet voor de Zwarte Ooievaar.

Zwarte Ooievaar – Black Stork

Ruigpootbuizerd – Rough-legged Buzzard

Dit lange weekend regende het leuke roofvogels. Vooral de Visarenden waren erg goed vertegenwoordigd met in totaal tientallen exemplaren. Voor ons eindigde de teller op 5 exemplaren: 1 op 6 mei (etend op een akker langs de Vuurtorenweg), 2 op 7 mei (langs de Robbenjager) en 2 op 8 mei (over De Tuintjes). Een van de absolute hoogtepunten was de waarneming van twee Zwarte Wouwen op 8 mei. Dankzij een whatsappje dat iemand er eentje vanaf het uitkijkpunt in de Tuintjes in beeld had, vonden wij diezelfde vogel vanuit de Tuintjes terug boven De Cocksdorp. Vanaf hier kwam de vogel steeds dichterbij, landde hier in de duinen en liet zich aan de grond fantastisch zien. Met die vogel in beeld werd een andere Zwarte Wouw gevonden boven de Vijver van Jochems. Toen de eerste vogel die tweede door had, vloog ook die op, schroefden ze samen omhoog en vlogen ze samen het eiland af richting Vlieland. Een fantastische waarneming van een soort die wij veel te weinig zien (pas mijn 5e en 6e exemplaar in 7 jaar tijd).

Zwarte Wouw – Black Kite

Zwarte Wouwen – Black Kites (photo: Peter van der Meer)

Een ander hoogtepunt was het mannetje Grauwe Kiekendief die we bij de Vuurtoren konden oppikken. De kiekendief vloog erg laag en op erg korte afstand, dus een erg fijne waarneming. Met dank aan Vincent van der Spek en co, die ons wezen op deze roofvogel. Erg laat was een Ruigpootbuizerd die wij op vrijdag 6 mei vanuit de auto oppikten. De vogel vloog vlak naast ons op de Stuifweg, waarna de vogel al cirkelend richting Dorpzicht vloog en hier nog door een andere vogelaar werd teruggevonden. Dit was pas mijn tweede Ruigpootbuizerd in mei. Een Smelleken vloog op 7 mei over de Vuurtoren, terwijl later die dag twee exemplaren op een akker zaten aan het eind van de Hollandseweg (plek Morinellen, die overigens schitterden door afwezigheid). Een andere schaarse valkensoort is de Boomvalk, waarvan wij ook twee waarnemingen deden dit weekend (ook beide op 7 mei): jagend boven de grote parkeerplaats in De Koog en overvliegend boven de tuin in vakantiepark De Krim.

Grauwe Kiekendief – Montagu’s Harrier (photo: Peter van der Meer)

Grauwe Kiekendief – Montagu’s Harrier (photo: Peter van der Meer)

Een zeer luid en fanatiek zingend Porseleinhoen langs de Roggesloot (De Cocksdorp) betekende een zeer fijne toevoeging aan mijn Texellijst. Een zelfgemaakte geluidsopname is hier te beluisteren. Een groepje van 4 Temmincks Strandlopers zat zaterdagavond (7 mei) op het Renvogelveldje, bij de Robbenjager. Hier zat een dag eerder ook een 2kj Dwergmeeuw. Diezelfde dag zong bij vakantiepark de Sluftervallei een Zomertortel vanuit de top van een boom. Net ten noorden van De Tuintjes vloog ook op 6 mei een Velduil ver over zee richting Vlieland. “Loeigaaf” (om Frank te citeren) was een, op 7 mei, door ons gevonden Draaihals bij de Hanenplas. De vogel zong zelfs (!) en vloog al snel de golfbaan over richting het vakantiepark De Krim. Hier konden we deze zeldzame spechtensoort helaas niet meer lokaliseren. Ook leuk was een Bonte Kraai die regelmatig op een nietszeggend gazonnetje midden in De Koog aan het foerageren was. Erg leuk om deze steeds zeldzamer wordende kraaiensoort eens van zo dichtbij te kunnen bekijken.

Bonte Kraai – Hooded Crow (photo: Peter van der Meer)

De noordkop zaten weer vol met zingende Nachtegalen, Braamsluipers en, in mindere mate, Sprinkhaanzangers. Mijn eerste Texelse Iberische Tjiftjaf (en 3e ooit) zong op 8 mei in de Vijver van Jochems (geluidsopname). Met enige moeite was de vogel prima te horen vanaf het fietspad tussen de Sluftervallei en de Robbenjager. Een fijne terugvondst van de vogel die wij op donderdag misten langs de Vuurtorenweg. Dit weekend leverde twee Paapjes op: eentje langs de Hanenplas en eentje net ten zuiden van De Tuintjes. Dit gebied was op 8 mei erg goed voor kleine zangers: in de struikencomplexen zaten minstens 2 Bonte Vliegenvangers, 1 Grauwe Vliegenvanger, 1 vrouw Gekraagde Roodstaart en zelfs een (1e zomer?) Kleine Vliegenvanger. Deze laatste was vaak lastig te zien, maar met enig geduld ging de vogel vrij zitten in een meidoorn en was dan prima te zien. De kale duintjes tussen de Robbenjager en de Vuurtoren waren op 7 mei goed voor vele Engelse en Noordse Kwikstaarten.

Tussen de buien door

Woensdag 27 april 2016

Na enige twijfel (i.v.m. de regen) gaan we aan het einde van de ochtend richting de Brabantse Biesbosch. Voordat we de Biesbosch bereiken, stoppen we aan de zuidkant van Werkendam even vlakbij Fort Bakkerskil. Hier was namelijk vanochtend en gisteren een Draaihals gezien, altijd een leuke soort. Eerst even een buitje afwachten en dan stappen we de auto uit en zoeken we samen met o.a. John en Marie-José van Gestel naar deze zeldzame spechtensoort. Het is even zoeken en de Grasmussen, Tapuiten, Roodborsttapuiten en Gele Kwikstaarten houden ons scherp. Na een half uurtje vinden de Draaihals terug. De vogel foerageert op een betonnen paadje boven op de dijk tegen de muur (oude waterkering) aan, maar is ook vaak te vinden in een van de wilgjes en op een van de vele paaltjes langs de dijk. Bij tijd en wijle (en tussen de buien door) laat de specht zich fraai bekijken. Het is Marie-José die bovendien (op afstand weliswaar) twee Patrijzen vindt, volgens een andere vogelaar waarschijnlijk het laatste paartje in de Biesbosch en omgeving.

Draaihals – Wryneck

Ondanks het vooruitzicht van nog meer buien geven we niet op en rijden we door naar de Biesbosch. Boven de Muggenwaard foerageert een gigantische groep zwaluwen (vooral Oever-, maar ook veel Gier- en enkele Boeren- en Huiszwaluwen). In Polder Hardenhoek foerageert een fraaie Dwergmeeuw tussen de Kokmeeuwen en Visdieven en even later staan we samen aan de andere kant van deze polder met opnieuw John en Marie-José te zoeken naar een Steenloper. Dit levert voor ons geen Steenloper op (die zit waarschijnlijk net achter wat pitrus), maar wel zien we drie slapende Regenwulpen en een onvolwassen Zeearend die hoog boven het gebied vliegt. Eindelijk onze eerste Zeearend in de Biesbosch (bij de derde poging). Op het paardenveldje lopen enkele Gele en vele Witte Kwikstaarten, waaronder 1 of 2 Rouwkwikstaart-achtige vogels (die echter te licht lijken voor zuivere Rouwkwikken). Met Albert de Jong en Jorrit Vlot staan we vervolgens bij het nest van de Visarenden, met ook de ouders in de buurt. Ze zijn zelfs even aan het paren.

Boerenzwaluw – Barn Swallow

Boerenzwaluw – Barn Swallow

Bij Polder Maltha zit, net als de vorige keer, een vrouwtje Nonnetje en foerageren er opnieuw 100-en Oeverzwaluwen met daartussen enkele Boeren– en Huiszwaluwen. Eenmaal vliegen alle zwaluwen hoog op door een (Boom?)valk. Tot slot zien we iets verderop onze eerste 2 Bosruiters en Oeverloper van het jaar.

Nonnetje – Smew (photo: Peter van der Meer)

Bosruiter – Wood Sandpiper (photo: Peter van der Meer)

 

Onderhoudend weekendje Texel, met knaller

Donderdag 10 tot zondag 13 september 2015

Aangezien het alweer veel te lang geleden is dat we op Texel zijn geweest (ruim 3 maanden geleden), besluiten we dat het dit weekend tijd wordt voor een weekendje Texel. Donderdagmiddag reis ik met de trein af naar het Noord-Hollandse Waddeneiland. Mijn vader en broer zijn diezelfde ochtend al vertrokken en hebben de Siberische Strandloper op het vasteland en een Sperwergrasmus bij het Reddingboothuisje bezocht toen ik nog in Wageningen was. De rest van de dag blijven we in ons huis in vakantiepark De Krim.

Vrijdagochtend staan Frank en ik al vroeg in het veld. In een haag bij bungalowpark Sluftervallei foerageert een Grauwe Vliegenvanger. Bij het Reddingboothuisje stoppen we een tijdje en hier horen we al snel de karakteristieke ratel van de Sperwergrasmus.  Het zien van de vogel duurt iets langer, maar uiteindelijk krijgt een 10-tal waarnemers (waaronder Ruud van Beusekom en Camilla Dreef uit In de ban van de Condor) de vogel ook mooi in beeld. Vaak zit de vogel verstopt in een vliertje, maar zo nu en dan zit de grasmus helemaal vrij en is dan prachtig in de telescoop te zien. Een goed begin van het weekend! In de bosjes bij het Reddingboothuisje zijn een Fitis en enkele Grasmussen het noemen waard. Een Slechtvalk vliegt hier over.
Een probleempje met mijn fiets levert veel tijdverlies op, maar in het begin van de middag gaan we weer verder met vogelen, nu in De Tuintjes. Het is hier leuk vogelen, met o.a. 1 Vuurgoudhaantje, 1 Bonte Vliegenvanger en een Paapje. Rond half 3 valt mijn oog op een slanke kiekendief met nogal oranje onderdelen en een smalle handvleugel. Helaas vliegt de vogel vol richting het tegenlicht en is de vogel al snel op te grote afstand. In de korte tijd dat we de kiekendief in beeld hebben gehad, kunnen we nog wel vaststellen dat het om een juveniele Grauwe of Steppekiekendief gaat, maar daar heb je helaas weinig aan. Jammer!
Tegen de avond is het zo goed als windstil geworden en dus gaan we nog een keertje richting De Tuintjes. We zien vergelijkbare dingen als ’s middags, maar nu kunnen nog wel een late Gierzwaluw, een Tuinfluiter (die me even aan een Sperwergrasmus deed denken) en 3 Gekraagde Roodstaarten worden genoteerd.

Kleine Vuurvlinder in De Tuintjes – Small Copper

Zaterdagochtend doen we een rondje langs de Hanenplas en door de Eierlandse Duinen, maar het valt hier erg tegen. De hoogtepunten worden gevormd door een Braamsluiper, een Paapje en twee langsschietende IJsvogeltjes. We vervolgen de ochtend bij de Robbenjager, waar Wouter van der Ham een juveniele Grauwe Franjepoot heeft gevonden. Dit steltlopertje is gauw gevonden en laat zich op zo’n 50 meter leuk bekijken. Lang blijven we hier niet, want om 10.59 uur krijgen we het bericht binnen dat er aan de NW-kant van de Slufter (langs de Lange Dam) een Kleine Spotvogel zit. De vogel is gevonden door Pieter van Veelen en (wederom) Wouter van der Ham. Een klein kwartiertje later zijn we ter plaatse en spreken we de ontdekkers, die de vogel helaas wel kwijt zijn geraakt in een nogal onoverzichtelijk gebied. Met enkele 10-tallen waarnemers zoeken we naar deze zeer zeldzame zangvogel, maar het lukt de spotvogel om uit beeld te blijven. Rond half 1 geven we het op en gaan we naar ons huisje in De Krim. Het is (uiteraard) Frank die in het plasje tegenover de Kleine Spotvogelplek nog wel een tweede kalenderjaar Pontische Meeuw vindt, leuk!
’s Middags doen we een rondje over de Robbenjager, zonder echt leuke waarnemingen te doen. De Grauwe Franjepoot zit er nog en hier blijven we een tijdje naar kijken. Leuk om te zien dat wanneer deze soort slaapt, zelfs dit rondtollend gebeurt. We kijken net over de bosjes van het Reddingboothuisje uit als we een berichtje in de Texelse Whatsappgroep ontvangen: Eric Menkveld heeft de Kleine Spotvogel teruggevonden! We bedenken ons geen moment en enkele minuten later wandelen we voor de tweede keer de Lange Dam op. Nu met meer geluk: al gauw zien we Eric bij het dode vliertje staan waar de vogel in moet zitten en iets later zien we eindelijk de Kleine Spotvogel in de kale takken van het vliertje. Lang duurt de waarneming niet: in de seconden die de vogel ons gunt, is deze dwaalgast van oostelijke komaf wel prachtig te zien, bijna beeldvullend in de telescoop. Zie deze prachtige foto’s die Eric van de vogel kon maken. Net voordat de eerste andere twitchers aankomen, vliegt de vogel echter zonder reden op en verdwijnt over ons heen. Het wordt steeds drukker met vogelaars, maar wederom slaagt de spotvogel erin om lang uit beeld te blijven. Na een uur geven we het op en zetten we een punt achter deze leuke vogeldag. Gelukkig voor de overgebleven vogelaars laat de Kleine Spotvogel zich na ons vertrek nog wel even zien.

juv Grauwe Franjepoot – juv Red-necked Phalarope

2kj Pontische Meeuw – 2cy Caspian Gull

Voor zondagochtend is het plan om in De Tuintjes te beginnen, maar zover komen we niet. In de bosjes aan de noordkant van de Eierlandse Duinen (op de plek waar vorig najaar de Hop zat) stikt het namelijk van de zangvogels: o.a. vele Zwartkoppen en Grasmussen, maar ook een Tuinfluiter, Bonte Vliegenvanger, 2 Gekraagde Roodstaarten, een Fitis, Paapje en zelfs een Blauwborst. Een jagende roofvogel blijkt een vrouwtje Blauwe Kiekendief te zijn.
Na dit leuke rondje bezoeken we meerdere plasjes aan de Waddenkant van het eiland. Leuk zijn twee juveniele Kleine Strandlopers (Dijkmanshuizen) en een juveniele Krombekstrandloper (Wagejot) die tussen de 100-en slapende Tureluurs staat. Na een korte pauze van amper 10 minuten rijden we nog even naar de Eierlandse Duinen, waar zowel een Draaihals als een (mogelijk rondhangende) Steppekiekendief zouden zitten. Deze laatstgenoemde soort laat zich niet meer zien, maar het lukt ons wel om de Draaihals terug te vinden. Enkele malen zit deze zeldzame spechtensoort helemaal bovenin de struikjes, maar we zien de vogel ook (op een afstandje weliswaar) foerageren in het duin. Na deze leuke waarneming gaan we terug naar het huisje om de spullen in te pakken en even later rijden we richting de boot. Het laatste wapenfeit is een Koekoek die een stukje parallel aan de auto vliegt en in de bosjes van de Van de Sterrweg landt.

Het was een fraai weekend met 4 zeldzame soorten, met een nieuwe Texelsoort (Kleine Spotvogel, 3e voor het eiland en 24e voor Nederland) en genoeg andere leuke soorten. Ik beloof dat de volgende Texelloze periode niet lang zal duren, slechts een weekje of twee / drie 😉

Vlie III

Vrijdag 22 tot zaterdag 30 augustus 2014

Vlie III is de naam van een vogelkamp dat jaarlijks in augustus wordt georganiseerd door de JNM. Dit jaar vindt het plaats van 22-30 augustus. Eigenlijk wilde ik vorig jaar al mee met dit kamp, maar iets in me besloot toch om thuis te blijven. Dat werd gigantisch afgestraft: het werd een legendarisch kamp met in een week tijd een Citroenkwikstaart, Zwarte Zeekoet, Roodkopklauwier, 10-tallen Draaihalzen en enkele Sperwergrasmussen. Gelukkig ben ik dit jaar wel van de partij.

Het kamp begint vrijdag als we om kwart over twee de boot naar Vlieland pakken. De rest van de dag doen we niet veel meer: tenten opzetten, eten, kennismakingsrondje, etc. De volgende dag begint voor Lonnie Bregman en mij bij het Westerse Veld, waar we een dode jonge Havik vinden. Over de Waddenzee vliegt een Kleine Zilverreiger. Later op de dag blijkt de vogel op een van de piertjes langs het wad te lopen, leuk! De Noordoosthoek blijkt vrij leeg te zijn en in de Oostervallei wordt door enkele JNM’ers een Draaihals gezien, maar ik mis de vogel net. Als laatste checken we het wad bij de Kroonspolders, waar tussen de 1000-en Bonte Strandlopers helaas geen Breedbek te vinden is. Wel zien we de eerste Kleine en Krombekstrandloper en Kanoet van de week en binnendijks zwemmen 3 Grauwe Franjepoten.

Dode juveniele Havik – dead Northern Goshawk

Zondag begint voor mij aan zee. Het vliegt aardig, met als hoogtepunten 1 Grote en minstens 2 Kleine Jagers. De rest van de dag brengen we door op de Vliehors, een immense zandplaat met duintjes en kweldertjes aan de uiterste westpunt van Vlieland. Het absolute hoogtepunt is een zeer fraaie Morinelplevier, gevonden door Wouter Monster. De vogel, een adult, laat zich op zo’n twintig meter prachtig bekijken (sommige fotografen onder ons kunnen zelfs op enkele meters afstand komen, ben benieuwd naar die foto’s!). Verder zit er eigenlijk niet bijster veel: een Tapuit, Rietzanger, Bontbekplevieren, Zilverplevier en een Distelvlinder zijn nog wel het noemen waard.

adulte (man?) Morinelplevier – ad (male?) Dotterel

De volgende dag wordt de noordoosthoek weer goed uitgeplozen, maar op een paar Tapuiten en een Paapje na zien we hier niets. Rond 10-en word ik gebeld: Lonnie heeft een Sperwergrasmus gevonden in de Oostervallei, slechts een halve kilometer verderop! Gauw fietsen we hiernaartoe. De vogel is, zoals het de soort betaamt, erg lastig. Het lukt me eenmaal om de vogel op te pikken als ‘ie van het ene bosjescomplex naar het andere vliegt. Daarna slaagt de vogel erin om uit beeld te blijven. De rest van de dag fietsen we wat over het eiland: t.h.v. het Westerse Veld zit een Zwarte Zee-eend tussen Eiders op het wad, de Kroonspolders blijken weer goed voor Grauwe Franjepoten (5 exemplaren deze keer), een Koekoek en een Dwergmeeuw en buitendijks lopen vele Bonte en Kleine Strandlopers. Van de laatste vind ik zowaar twee geringde vogels: eentje met alleen metaal rechts, eentje linksonder metaal en linksboven rode (maar tot geel verbleekte) ring en rechtsboven een gele ring met inscriptie. De vogel zit net te ver om de tekens af te kunnen lezen, maar misschien doen de foto’s die ik gemaakt heb nog wonderen?

Gekleurringde Kleine Strandloper – colour-ringed Little Stint

Dinsdag speelt de harde wind ons parten. Bij de Nieuwe Eendenkooi zien we nog wel mijn eerste Bonte Vlieg en Boomvalk van het kamp en ook bij Bomenland zien we Bonte Vliegenvangers. Bij gebrek aan vogels houden we maar een dennenappelgevecht 🙂 Als laatste fietsen we naar het Posthuiswad (wad buitendijks bij de Kroonspolders), waar Lonnie op de tweede Draaihals van het kamp stuit. Zelf zie ik de vogel wel als ie van de kwelder richting de Kroonspolders vliegt, maar bevredigend is het zeker niet. Daarom tel ik de vogel ook maar niet.
Woensdag belooft de mooiste dag van het kamp te worden, met een zeer zwakke oosterwind en goed weer. Helaas blijven echte klappers uit, maar wel zien we een Kleine Karekiet, Sprinkhaanzanger, Gierzwaluwen en de gebruikelijke Sylvia’s (Noordoosthoek). Bij Bomenland zien we wederom een Draaihals, en nu lukt het me wél om hem fatsoenlijk te zien 🙂 De vogel zit in een behoorlijke flock met Bonte en Grauwe Vliegenvangers en Gekraagde Roodstaarten. In de lucht vliegen vele Gierzwaluwen, we tellen er zeker 25.

De een-na-laatste dag van het kamp beginnen we rondom de Kazerne op de westpunt van het eiland. De bosjes zijn nogal leeg, met slechts één Gekraagde Roodstaart en Zwartkop. Wel leuk zijn mijn eerste Blauwborst en Tuinfluiter van het kamp. Net op het moment dat we richting de Kroonspolders willen fietsen, ontdekt Reinier de Vries de 4e Draaihals van het kamp. Met hoogwater zijn we bij de Kroonspolders, die goed zijn voor 5 Grauwe Franjepoten, een rustende 2e winter Dwergmeeuw en verder enorme aantallen steltlopers. Buitendijks zien Olmo en ik nog een Slechtvalk en miljoenen steltlopers, helaas wel te ver weg om ze op leuke soorten te kunnen controleren. Er is even paniek als Reinier een Grijze Snip spec. meent te zien, maar helaas kunnen we de vogel niet meer terugvinden. Later besluiten we om terug te gaan richting de Draaihals, en dat blijkt een goede keuze: de vogel laat zich nu op korte afstand prachtig zien, in de top van de struikjes. We sluiten de dag af met een Zwarte Roodstaart, die tussen de tanks rondfladdert.

Draaihals – Wryneck

Grote Groene Sabelsprinkhaan – Great Green Bush Cricket

Vrijdag (de laatste hele dag) houden we een sabbatical day. Zaterdag nemen we om 12 uur de boot terug naar het vasteland en eindigt voor bijna iedereen dit mooie kamp. Voor Lonnie, Jules van Engelen, mijn vader en broer (die mij in Harlingen komen ophalen) en mij echter nog niet: wij reizen namelijk met z’n 5-en af naar Texel. Hier verblijft namelijk al een enkele dagen een adult vrouwtje Koningseider in de NIOZ-haven, voor ons allen nog een nieuwe soort. De eend is gauw gevonden en laat zich fenomenaal zien, vaak op circa 20 meter afstand en met mooi licht. Een enkele keer laat de vogel haar compleet verragde vleugels zien (zie hier voor een foto).

vrouw Koningseider – female King Eider

Omdat we nog wat tijd hebben voordat de boot terug gaat, rijden we nog naar de Koereiger langs de Watermolenweg. De reiger blijkt, zo mogelijk, nog makkelijker te vinden te zijn dan de eider: vanuit de rijdende auto zien we de vogel al tussen de koeien staan. In de scoop is de vogel op een metertje of 50 prachtig te zien. Tussen de koeien jaagt hij op insecten en eenmaal vangt ‘ie een kikker.

Koereiger – Cattle Egret

Na dit korte verblijf op Texel nemen we de boot weer terug naar Den Helder. Hier zetten we Lonnie en Jules op de trein zetten. Op de terugweg komen we bijna letterlijk langs de Waterberging van Twisk, waar een Steppevorkstaartplevier verblijft. Daar kan je natuurlijk niet zomaar voorbijrijden… Bij aankomst is de vogel al even uit beeld. Na een halfuur gaan alle vogels in het gebiedje (voor de tweede keer) op voor een Sperwer of Havik (te kort gezien) en dan blijkt de Steppevorkstaartplevier gewoon in de groep te vliegen! De vogel vliegt de weg over, keert weer om en landt tussen de Kieviten op het plasje. Hier laat de vogel zich fraai zien. Tweemaal vliegt ‘ie nog een stukje en dan zijn mooi de donkere ondervleugels en het ontbreken van de lichte vleugelachterrand te zien. Een prachtige afsluiter van een mooie week (en stiekem misschien wel leuker dan de Koningseider…).

Steppevorkstaartplevier – Black-winged Pratincole

Steppevorkstaartplevier – Black-winged Pratincole

Uiteindelijk eindigen we het kamp zonder echte knaller à la Citroenkwikstaart (zoals vorig jaar), maar met een Sperwergrasmus, Morinelplevier, 4 Draaihalzen en 6 Grauwe Franjepoten en bovendien heel veel gezelligheid is het natuurlijk een heel geslaagd kamp geweest! De soortenlijst is geëindigd op 123 soorten, geen slechte score.

Kampfoto

Groepsfoto van het kamp. Er ontbreken wel enkele mensen (c. 5) die niet het hele kamp bleven.