Tagarchieven: Grauwe Franjepoot

Texel in het voorjaar

Vrijdag 14 april t/m zondag 14 mei 2017

Terwijl ik dit weblog schrijf, zit een man Beflijster op 15 meter van het raam te foerageren 🙂

Ook dit voorjaar was Texel de plek waar we het grootste deel van het voorjaar doorbrengen. Een weekendje halverwege april en vanaf 27 april twee volle weekjes hebben we vele uren buiten gevogeld, op zoek naar leuke en zeldzame soorten. Een echte klapper bleef helaas uit (die vielen wel direct ten noordwesten en zuiden van ons), al mag je met 2-3 Roodstuitzwaluwen, 2 Steppekiekendieven en twee nieuwe Texelsoorten (Roek en Ortolaan, nu in totaal 284 soorten op het eiland) natuurlijk niet klagen. Uiteraard geef ik de voorkeur aan vogelen, ook in de avonduren, in plaats van elke dag een weblog te schrijven. Vandaar nu een overzicht van de leukste waarnemingen in deze periode.

man IJseend tussen Eiders – drake Long-tailed Duck in flock Common Eiders

Groepen rotganzen blijven tegenwoordig tot eind mei hangen. In deze groepen zijn vaak ook een enkele Witbuik- en Zwarte Rotgans te vinden. De omgeving van Dijkmanshuizen en Dorpzicht zijn goede plekken om deze zeldzamere rotganzen te vinden. Opmerkelijk was de Wilde Zwaan die op 16 april tussen enkele Knobbelzwanen langs de Kadijksweg zat, ongetwijfeld dezelfde vogel die afgelopen winter in de omgeving van Oudeschild werd gezien. Zomertalingen zijn erg schaars op Texel en mogen dus niet ontbreken in dit overzicht. Een paartje bevond zich op 15 april in het Grote Vlak en een man zwom op 4 en 9 mei in Dijkmanshuizen. Leuk was de zomerkleed man IJseend die op 28 april vlakbij de Vuurtoren zwom. Een Grote Zilverreiger (nog steeds behoorlijk schaars op Texel) stond op 10 mei in het Grote Vlak. Adulten Jan-van-Genten vlogen over de Noordzee bij de Vuurtoren en bij Paal 9 (Hoornderslag).

Zwarte Rotgans (midden) – Black Brant (center; photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwaan – Whooper Swan (photo: Peter van der Meer)

Op zondag 30 april was er in heel Nederland beukende roofvogeltrek. Ook Texel kon een graantje hiervan meepikken. Uiteindelijk pikten wij die dag op de noordpunt 2 Visarenden (waarvan eentje over de tuin!), 1 Zwarte Wouw, 1 Grauwe of Steppekiek (foto’s) en 4 Smellekens op.
Gelukkig vlogen ook op andere dagen leuke rovers rond op Texel. Zo joeg op 6 mei een Visarend boven de Vijver van Jochems. Naast de ongedetermineerde ringtail zagen we ook twee zekere Steppekiekendieven. Op 4 mei zagen we samen met Han Zevenhuizen een jonge vogel in de Eierlandse Duinen en de volgende dag zat een exemplaar te rusten op een duintje in de Bollekamer. Een Boomvalk trok op 3 mei over de Krimweg. Naast de vier Smellekens op 30 april, zagen we deze periode nog 4 andere exemplaren.

Fijn was de adulte Kraanvogel die op 14 mei in de Muy liep. Drie Steltkluten liepen op 29 april in de Westerkolk. Een typische voorjaarsgast op Texel is de Morinelplevier. Elk voorjaar doet een kleine groep van deze fraaie plevieren dit Waddeneiland aan. Dit jaar waren de akkers langs de Muyweg de uitverkoren locatie. Vanaf 29 april liepen daar maximaal 8 exemplaren. Paarse Strandlopers waren te zien in Ottersaat, in de veerhaven van Den Helder en op de Eierlandse Dam. Net als in andere voorjaren was Dijkmanshuizen een goede locatie voor steltlopers, getuige de vele strandlopers hier te vinden waren. Hiertussen zaten ook ten minste 2 Kleine en 3 Temmincks Strandlopers en zelfs een ad zomerkleed Grauwe Franjepoot.

Kraanvogel – Common Crane

Regenwulp – Whimbrel (photo: Peter van der Meer)

De omgeploegde akkers trekken vaak grote groepen meeuwen aan. Hieronder bevonden zich zeker 4 Zwartkopmeeuwen (2 1e zomers, 1 2e zomer, 1 ad zomer), een soort die nog steeds behoorlijk schaars is op Texel. Een andere 2e zomer, in Dijkmanshuizen, was gekleurringd, maar helaas zat deze te ver om af te lezen. Tot slot zaten twee adulten en een jong beest op het wad bij de Cocksdorp. Een andere leuke meeuwensoort is de Dwergmeeuw, waarvan op 5 mei twee kleine groepjes ver over de Noordzee ter hoogte van de Vuurtoren vlogen. Dwerg- en Noordse Sterns zijn beide schaarse tot zeldzame broedvogels op Texel, die vooral aan de oostkust tot broeden komen. Voor Dwergsterns zijn de Volharding en het strand bij de Vuurtoren en Paal 9 goede locaties, terwijl we onze enige 2 Noordse Sterns van dit voorjaar op Ottersaat (op 16 april) zagen.

ad zomer Zwartkopmeeuw – ad summer Mediterranean Gull

1e zomer Zwartkopmeeuw – 1st summer Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Zomertortels lijken met het jaar zeldzamer op Texel te worden. Een van de beste plekken op het eiland is de ruime omgeving van de Krimweg (vakantieparken de Krim & Sluftervallei en het Krimbos). Hier waren op meerdere dagen maximaal 2 exemplaren aanwezig. Met dank aan Tim Schipper zagen we op 28 april een Draaihals. Deze zeldzame spechtensoort foerageerde in een klein duinvalleitje net ten zuiden van de Vuurtoren op mieren en liet zich erg fraai bekijken.

Zomertortel – European Turtle Dove (photo: Peter van der Meer)

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Op 14 mei liet een Wielewaal in het Krimbos enkele malen van zich horen. De eerste nieuwe Texelsoort (#283) van dit jaar zagen we op 16 april. Aan het eind van de Oorsprongweg zaten 3 Roeken, een soort die niet broedt op Texel en hier dus erg schaars is. Een van de hoogtepunten van deze periode Texel was de Roodstuitzwaluw. In de hele periode vlogen 2-3 exemplaren rond op het eiland: naast het unieke geval van de Roggesloot (die er een week zat), slaagden Frank en ik erin om op 6 mei tweemaal een exemplaar bij de Vuurtoren op te pikken. De vraag is of het tweemaal hetzelfde individu was of dat het gaat om twee beesten gaat. Fluiters waren opmerkelijk goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met minstens drie exemplaren op alleen al de noordpunt: 30 april in de Tuintjes en 2 in het Krimbos op 4 mei. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 3 Fluiters op het eiland. Leuk was de Vuurgoudhaan die zich op 30 april in de Tuintjes bevond. In dit gebied zat op 6 mei een prachtige zwart-witte man Bonte Vliegenvanger; een noordelijke vogel dus.

Roodstuitzwaluw – Red-rumped Swallow (photo: Peter van der Meer)

Vuurgoudhaan – Firecrest (photo: Peter van der Meer)

In vergelijking met andere jaren leken Beflijsters in hogere aantallen aanwezig. Op vele dagen waren exemplaren aanwezig in de duingebieden. Een prachtige man zat zeker 5 dagen achtereenvolgend in de tuin van onze bungalow. Een late Kramsvogel liep op 6 mei op het Renvogelveld. Paapjes waren opmerkelijk schaars met drie exemplaren: 2 in de Tuintjes en in de Mokbaai. Op het Renvogelveld liep een mannetje Rouwkwikstaart (14 april) en op dezelfde plek liepen in mei 3 Noordse en Engelse Kwikstaarten. Laatstgenoemde was ook te zien in Dijkmanshuizen (4 mei) en De Nederlanden (6 mei). Een Appelvink vloog op 12 mei roepend rond boven het Krimbos. Tot slot betekende een man Ortolaan op 7 en 8 mei een nieuwe Texelsoort (#284). De gors foerageerde in de wegberm van de Redoute op paardenbloemzaden en liet zich op korte afstand fraai zien.

Beflijster in de tuin – Ring Ouzel in garden (photo: Peter van der Meer)

man Rouwkwikstaart – male Pied Wagtail ssp. yarrellii (photo: Peter van der Meer)

Noordse Kwikstaart – Grey-headed Wagtail ssp. thunbergi

Ortolaan – Ortolan Bunting

Middagje vogelen in de regio

Zondag 28 augustus 2016

Na een drukke vogelweek op Vlieland (blog daarvan volgt komende week), kiezen Frank, mijn vader en ik er vandaag voor om dicht bij huis te blijven. Aan het begin van de middag rijden we naar Waverhoek, waar vanaf gisteravond een jonge Grauwe Franjepoot zit. Lang hoeven we niet te zoeken naar deze behoorlijk schaarse steltloper, die al zwemmend tussen de eenden foerageert. De afstand is niet heel groot, maar de harde wind (en daardoor het golvende wateroppervlak) maakt het lastig om deze vogel te digiscopen. Mijn 29e Grauwe Franjepoot in Nederland en tweede in de regio, na het exemplaar in Willeskop waar we zelf tegenaan blunderden.

Grauwe Franjepoot – Red-necked Phalarope

Door de hoge waterstand zitten er verder geen andere leuke soorten, al zijn 4 Zomertalingen natuurlijk het noemen waard.

Omdat het nog vroeg is, rijden we door naar de Groene Jonker. Een rondje door het gebied levert de nodige steltlopers op: Zwarte Ruiters, Bosruiters, Groenpootruiters, Kleine Plevieren, 3 Kleine Strandlopers, etc. Een volwassen Slechtvalk scant vanaf een bultje de omgeving af en net als in Waverhoek zwemmen ook hier enkele Zomertalingen. Het leukste hier is een foeragerend Porseleinhoen. Deze schaarse ral foerageert langs een liesgrasrandje vlakbij de kleine parkeerplaats, op 100-150 meter afstand.

Veel krenten maar weinig pap tijdens lange periode Texel

Zaterdag 14 mei tot dinsdag 31 mei 2016

Het begint voor mij bijna een traditie te worden: de tweede helft van mei doorbrengen op Texel. Voor het derde jaar op rij zat ik namelijk in deze periode voor een langere tijd op dit Waddeneiland, deze keer tussen 14 en 31 mei in totaal drie weekenden en enkele doordeweekse dagen. Kort samengevat was het hard werken, maar in ruil hiervoor kregen we een paar hele leuke soorten ervoor terug. De grootste klappers waren de tweede Grote Kanoet voor Nederland, een geweldige Vale Gier en mijn 5e Breedbekstrandloper. In totaal zagen wij vier nieuwe Texelsoorten (naast de eerstgenoemde twee soorten ook Strandplevier en IJseend, die de Texellijst uitbreide naar 271 soorten). Meer over deze en alle andere hoogtepunten wordt hieronder toegelicht.

Zomertalingen zijn (door een gebrek aan zoetwaterplassen) behoorlijk schaarse broedvogels op Texel. Een van de beste locaties is Dijkmanshuizen, waar op 21 en 30 mei meerdere vogels aanwezig waren. Een andere leuke eendensoort was een mannetje IJseend in zomerkleed, dat op 28 mei op het Westelijke Horsmeertje zwom. Niet alleen fenologisch interessant, maar voor ons ook nog een nieuwe Texelsoort. Op 16 mei zwommen hier ook minstens 5 Geoorde Futen, ook een behoorlijk schaarse soort op Texel, zeker zo laat in het voorjaar. Het duingebied De Nederlanden was dit voorjaar een goede locatie voor Kleine Zilverreigers. Een korte kijk over zee bij de Vuurtoren leverde op 21 mei meerdere Jan-van-Genten op, pas mijn eerste Jannen in het eerste halfjaar ooit.

De spectaculaire roofvogelstroom tijdens het Dutch Birding-weekend was nu zo goed als opgedroogd. Desondanks zagen we op 21 mei nog een Visarend boven de Vijver van Jochems. Dit was alweer onze 6e dit voorjaar op Texel. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 6 Visarenden op Texel. Diezelfde dag vloog een Vale Gier het eiland op. Dezelfde vogel  werd een dag eerder nog gezien boven IJmuiden en werd op 21 mei ook opgepikt op meerdere plekken in de Kop van Noord-Holland, voordat hij Texel bereikte. Boven het eiland daalde de gier en na een paar korte stops van enkele minuten landde de vogel vlakbij Ecomare in een den om de rest van de dag door te brengen. Hier was hij fantastisch te zien en kon ook worden vastgesteld dat hij geringd was. De code op de ring verraadt dat dit dezelfde vogel is die vorig jaar ook al door Nederland rondzwierf en hierbij ook Texel aan deed en die Frank en ik zelfs boven onze tuin in Woerden kon oppikken. Ook de volgende dagen werd de vogel dagelijks gezien in de Staatsbossen. In de middag van 28 mei verliet de Vale Gier weer het eiland en zat hij enkele dagen in Den Helder.

Vale Gier – Griffon Vulture

Vale Gier – Griffon Vulture (photo: Peter van der Meer)

De steltlopers deden het erg goed. Zo zat een paartje Steltkluten in Dijkmanshuizen. Ze waren wel vaak erg lastig te vinden, doordat ze vaak achter een randje met hoog gras zaten. Ergens op het strand deed een paartje Strandplevieren een broedpoging. Baltsende Houtsnippen vlogen boven de Staatsbossen. Hier zat ’s avonds ook een exemplaar langs de weg, die in de koplampen erg leuk te zien was.

vrouw Strandplevier – female Kentish Plover

Bontbekplevier (pullus) – Common Ringed Plover (nestling; photo: Peter van der Meer)

Een geweldige vondst van Diederik Kok was een adult zomerkleed Grote Kanoet op de Volharding op 13 mei. Ook de volgende dagen was de vogel hier aanwezig. De vogel was vaak lastig te zien (zat veel achter andere steltlopers, op afstand, aanwezigheid afhankelijk van het getijde), maar bijna alle vogelaars slaagden erin om de vogel te zien. Dit was pas het tweede geval voor Nederland (na eentje in 1991). Een andere goede ontdekking van Diederik was een Breedbekstrandloper in de Mokbaai op 30 mei. De strandloper bevond zich op afstand tussen Bontbekplevieren en andere strandlopers. Mijn tweede op Texel (na een vogel vorig jaar) en vijfde in Nederland. Kleine Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen (max. 5 exemplaren), op het wad bij De Schorren (2) en in de Mokbaai (2). Maximaal 5 (op 21 mei) Temmincks Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen, een klassieke locatie voor deze soort op Texel. Een andere leuke strandloper zat op de Eierlandse Dam: twee Paarse Strandlopers in vol zomerkleed liepen hier op 16 mei samen met enkele Steenlopers naar voedsel te zoeken. De laatste leuke steltlopersoort was een een vrouwtje Grauwe Franjepoot in adult zomerkleed dat op 16 en 17 mei in Dijkmanshuizen zat.

ad zomer Grote Kanoet – ad summer Great Knot, 2nd for the Netherlands!

Paarse Strandloper – Purple Sandpiper

Opmerkelijk was een groepje van 5 Drieteenmeeuwen bij de Vuurtoren. De meeuwen zaten even op zee en vlogen daarna weg richting zuid. Andere leuke meeuwen waren 1 adulte Zwartkopmeeuw die over de Roggesloot vloog (Zwartkopmeeuwen zijn nog steeds behoorlijk schaars op Texel) en 2 jonge Dwergmeeuwen (op Dijkmanshuizen en de Volharding). Broedende Dwergsterns zaten op de Volharding (zeker 16 ex.) en foeragerende vogels waren ook te zien bij op zee bij de Vuurtoren. Noordse Sterns zaten in Dijkmanshuizen, Ottersaat en De Petten.

Dwergmeeuw – Little Gull

Zomertortels werden uitsluitend waargenomen op vakantiepark De Krim (2) en bij de Horsmeertjes. Net als de voorgaande jaren zong minstens 1 Nachtzwaluw ergens in de duinen. Fraai en fijn was een mannetje Grauwe Klauwier in De Nederlanden. De vogel liet zich fraai zien en zat af en toe zelfs te zingen; een territorium? Grote Lijsters zijn erg schaars op Texel en dus mag een overvliegende vogel over de Ploegelanden (in de Staatsbossen) niet ongenoemd blijven.

Zomertortel – European Turtle Dove

Grauwe Klauwer – Red-backed Shrike (photo: Frank van der Meer)

Het Renvogelveldje was ook deze periode weer goed voor zowel Noordse als Engelse Kwikstaarten, op 15 mei lieten 6 resp. 3 exemplaren zich hier bewonderen. Een dag later zong een Kleine Barmsijs uit het struweel langs het Westelijk Horsmeertje, de vogel liet zich ook even zien (aan Frank dan). In tegenstelling tot 2015 zagen wij dit jaar wel weer een Roodmus op Texel: op 21 mei liet in Dorpzicht een adulte man veel van zich horen en was met enig geduld ook leuk te zien. Net als vorig jaar was ook dit jaar weer een Appelvink aanwezig in het Krimbos, het bleef helaas bij een eenmalige waarneming. Een leuke waarneming, want Appelvinken zijn erg schaars op dit eiland (broeden er niet, voor zover ik weet).

Roodmus – Common Rosefinch (photo: Frank van der Meer)

Onderhoudend weekendje Texel, met knaller

Donderdag 10 tot zondag 13 september 2015

Aangezien het alweer veel te lang geleden is dat we op Texel zijn geweest (ruim 3 maanden geleden), besluiten we dat het dit weekend tijd wordt voor een weekendje Texel. Donderdagmiddag reis ik met de trein af naar het Noord-Hollandse Waddeneiland. Mijn vader en broer zijn diezelfde ochtend al vertrokken en hebben de Siberische Strandloper op het vasteland en een Sperwergrasmus bij het Reddingboothuisje bezocht toen ik nog in Wageningen was. De rest van de dag blijven we in ons huis in vakantiepark De Krim.

Vrijdagochtend staan Frank en ik al vroeg in het veld. In een haag bij bungalowpark Sluftervallei foerageert een Grauwe Vliegenvanger. Bij het Reddingboothuisje stoppen we een tijdje en hier horen we al snel de karakteristieke ratel van de Sperwergrasmus.  Het zien van de vogel duurt iets langer, maar uiteindelijk krijgt een 10-tal waarnemers (waaronder Ruud van Beusekom en Camilla Dreef uit In de ban van de Condor) de vogel ook mooi in beeld. Vaak zit de vogel verstopt in een vliertje, maar zo nu en dan zit de grasmus helemaal vrij en is dan prachtig in de telescoop te zien. Een goed begin van het weekend! In de bosjes bij het Reddingboothuisje zijn een Fitis en enkele Grasmussen het noemen waard. Een Slechtvalk vliegt hier over.
Een probleempje met mijn fiets levert veel tijdverlies op, maar in het begin van de middag gaan we weer verder met vogelen, nu in De Tuintjes. Het is hier leuk vogelen, met o.a. 1 Vuurgoudhaantje, 1 Bonte Vliegenvanger en een Paapje. Rond half 3 valt mijn oog op een slanke kiekendief met nogal oranje onderdelen en een smalle handvleugel. Helaas vliegt de vogel vol richting het tegenlicht en is de vogel al snel op te grote afstand. In de korte tijd dat we de kiekendief in beeld hebben gehad, kunnen we nog wel vaststellen dat het om een juveniele Grauwe of Steppekiekendief gaat, maar daar heb je helaas weinig aan. Jammer!
Tegen de avond is het zo goed als windstil geworden en dus gaan we nog een keertje richting De Tuintjes. We zien vergelijkbare dingen als ’s middags, maar nu kunnen nog wel een late Gierzwaluw, een Tuinfluiter (die me even aan een Sperwergrasmus deed denken) en 3 Gekraagde Roodstaarten worden genoteerd.

Kleine Vuurvlinder in De Tuintjes – Small Copper

Zaterdagochtend doen we een rondje langs de Hanenplas en door de Eierlandse Duinen, maar het valt hier erg tegen. De hoogtepunten worden gevormd door een Braamsluiper, een Paapje en twee langsschietende IJsvogeltjes. We vervolgen de ochtend bij de Robbenjager, waar Wouter van der Ham een juveniele Grauwe Franjepoot heeft gevonden. Dit steltlopertje is gauw gevonden en laat zich op zo’n 50 meter leuk bekijken. Lang blijven we hier niet, want om 10.59 uur krijgen we het bericht binnen dat er aan de NW-kant van de Slufter (langs de Lange Dam) een Kleine Spotvogel zit. De vogel is gevonden door Pieter van Veelen en (wederom) Wouter van der Ham. Een klein kwartiertje later zijn we ter plaatse en spreken we de ontdekkers, die de vogel helaas wel kwijt zijn geraakt in een nogal onoverzichtelijk gebied. Met enkele 10-tallen waarnemers zoeken we naar deze zeer zeldzame zangvogel, maar het lukt de spotvogel om uit beeld te blijven. Rond half 1 geven we het op en gaan we naar ons huisje in De Krim. Het is (uiteraard) Frank die in het plasje tegenover de Kleine Spotvogelplek nog wel een tweede kalenderjaar Pontische Meeuw vindt, leuk!
’s Middags doen we een rondje over de Robbenjager, zonder echt leuke waarnemingen te doen. De Grauwe Franjepoot zit er nog en hier blijven we een tijdje naar kijken. Leuk om te zien dat wanneer deze soort slaapt, zelfs dit rondtollend gebeurt. We kijken net over de bosjes van het Reddingboothuisje uit als we een berichtje in de Texelse Whatsappgroep ontvangen: Eric Menkveld heeft de Kleine Spotvogel teruggevonden! We bedenken ons geen moment en enkele minuten later wandelen we voor de tweede keer de Lange Dam op. Nu met meer geluk: al gauw zien we Eric bij het dode vliertje staan waar de vogel in moet zitten en iets later zien we eindelijk de Kleine Spotvogel in de kale takken van het vliertje. Lang duurt de waarneming niet: in de seconden die de vogel ons gunt, is deze dwaalgast van oostelijke komaf wel prachtig te zien, bijna beeldvullend in de telescoop. Zie deze prachtige foto’s die Eric van de vogel kon maken. Net voordat de eerste andere twitchers aankomen, vliegt de vogel echter zonder reden op en verdwijnt over ons heen. Het wordt steeds drukker met vogelaars, maar wederom slaagt de spotvogel erin om lang uit beeld te blijven. Na een uur geven we het op en zetten we een punt achter deze leuke vogeldag. Gelukkig voor de overgebleven vogelaars laat de Kleine Spotvogel zich na ons vertrek nog wel even zien.

juv Grauwe Franjepoot – juv Red-necked Phalarope

2kj Pontische Meeuw – 2cy Caspian Gull

Voor zondagochtend is het plan om in De Tuintjes te beginnen, maar zover komen we niet. In de bosjes aan de noordkant van de Eierlandse Duinen (op de plek waar vorig najaar de Hop zat) stikt het namelijk van de zangvogels: o.a. vele Zwartkoppen en Grasmussen, maar ook een Tuinfluiter, Bonte Vliegenvanger, 2 Gekraagde Roodstaarten, een Fitis, Paapje en zelfs een Blauwborst. Een jagende roofvogel blijkt een vrouwtje Blauwe Kiekendief te zijn.
Na dit leuke rondje bezoeken we meerdere plasjes aan de Waddenkant van het eiland. Leuk zijn twee juveniele Kleine Strandlopers (Dijkmanshuizen) en een juveniele Krombekstrandloper (Wagejot) die tussen de 100-en slapende Tureluurs staat. Na een korte pauze van amper 10 minuten rijden we nog even naar de Eierlandse Duinen, waar zowel een Draaihals als een (mogelijk rondhangende) Steppekiekendief zouden zitten. Deze laatstgenoemde soort laat zich niet meer zien, maar het lukt ons wel om de Draaihals terug te vinden. Enkele malen zit deze zeldzame spechtensoort helemaal bovenin de struikjes, maar we zien de vogel ook (op een afstandje weliswaar) foerageren in het duin. Na deze leuke waarneming gaan we terug naar het huisje om de spullen in te pakken en even later rijden we richting de boot. Het laatste wapenfeit is een Koekoek die een stukje parallel aan de auto vliegt en in de bosjes van de Van de Sterrweg landt.

Het was een fraai weekend met 4 zeldzame soorten, met een nieuwe Texelsoort (Kleine Spotvogel, 3e voor het eiland en 24e voor Nederland) en genoeg andere leuke soorten. Ik beloof dat de volgende Texelloze periode niet lang zal duren, slechts een weekje of twee / drie 😉

Zeer geslaagde week met de JNM in het Lauwersmeer

Dinsdag 18 tot zondag 23 augustus 2015

Afgelopen week (van maandag 17 t/m zondag 23 augustus) vond het vogelkamp ‘Zoka Lauwers’ van de JNM plaats. Een week lang wordt het hele Lauwersmeer sterk bevogeld. De maandag moet ik helaas missen, de rest van het kamp was ik er wel. Dinsdagmiddag reis ik zwaar bepakt af naar de camping De Rousant in Zoutkamp, dat gedurende dit kamp onze uitvalsbasis is. Tijd om te vogelen heb ik niet meer: de tijd die ik heb, gebruik ik om me te installeren op de camping, de andere JNM’ers te ontmoeten en om een fiets te huren in het dorp. Tijdens het zoeken naar een fietsverhuur in Zoutkamp vliegen 2 roepende Reuzensterns over mijn hoofd, een goed begin van de week.

De volgende dag begint mijn excursie bij het Jaap Deensgat. Het zit barstensvol met vogels, vooral met eenden en Kieviten. Het leukste zijn de 10 Reuzensterns, enkele Pijlstaarten en een groepje Brilduikers (laatstgenoemde twee soorten zijn toch zeker niet de makkelijkste soorten in augustus). Daarna fietsen we naar twee kleine plasjes bij Lauwersoog. Het is Lonnie die hier 2 jonge Buidelmezen vindt. De vogels zijn nogal vocaal en laten zich op enige afstand prima bekijken. Een leuke opsteker. Via de jachthaven van Lauwersoog (Braamsluipers, Grasmus en veel Zwarte Roodstaarten) en het wad bij de Bantpolder (overvliegende Reuzenstern) fietsen we naar de Ezumakeeg, waar we korte tijd zoeken naar leuke soorten (het avondeten wacht). Het leukste zijn de 2 Gestreepte Strandlopers in de Ezumakeeg-Zuid, al zit deze zeldzaamheid wel op flinke afstand. Andere noemenswaardige soorten zijn enkele Kleine en Temmincks Strandlopers (waarvan 1 lekker dichtbij) en drie Reuzensterns.

ad Temmincks Strandloper – ad Temminck’s Stint

Op donderdag blijkt een interessant ogend ruig stukje bij het Oude Robbengat een goede stop: mijn oog valt al gauw op een klein vogeltje dat een jonge Grauwe Klauwier blijkt te zijn. Leuk! Hier zitten ook mijn eerste 2 Paapjes van het najaar. Vervolgens fietsen we door de plasjes bij Lauwersoog. De Buidelmezen zijn ook vandaag nog aanwezig en een Bonte Vliegenvanger zit in een struikjescomplex. Naast de vele Buizerds vliegt ook een jonge Zeearend hoog over. Omdat de avond al net begonnen is, fietsen we terug richting de camping. We stoppen nog wel in de hut van Jaap Deensgat. Naast het hoge zwemvliezengehalte – 30+ Casarca’s, geringde Nijlgans, hybrides Brand- x Keizergans, Brand- x Kolgans en Chileense Smient x Wilde Eend (?) – zitten hier ook nog interessante dingen: de gebruikelijke Reuzensterns, 4 Dwergsterns, Slechtvalk en een Kanoet. We staan net op het punt om naar de camping te fietsen als we een appje van Reinier de Vries (deelnemer aan dit kamp) krijgen die voor blinde paniek zorgt: “GRIJZE WOUW!!!!!! Telpost Kustweg!!! Tp op een paal”. Een minuut later belt Reinier met waar we precies moeten zijn. In recordtijd bereiken we de telpost aan de Kustweg en zien we in de scoop van Reinier een heuse Grijze Wouw, op een afstand rustig zittend op een torenvalkkast. Reinier vertelt hier hoe hij de vogel ontdekte: hij fietste in zijn eentje over de Kustweg en besloot bij de telpost even te stoppen in de hoop dat de Grauwe Kiekendieven nog aanwezig zouden zijn. Hij had net zijn telescoop neergezet toen hij op flinke afstand een wit stipje op een torenvalkkast zag zitten. Eenmaal in de scoop gezet kon Reinier zijn ogen niet geloven, een duidelijke Grijze Wouw. Nog wat ongeloof, foto’s maken en daarna doorgeven aan ons. Wat een vondst, wat een beest!
Een halfuurtje kunnen we de vogel prima zien, eenmaal jaagt de vogel zelfs even boven het terrein. Rond kwart over 8 vliegt de wouw echter onverwachts op, wint hoogte en vliegt hard richting het westen. De vogel is op enorme afstand nog wel een kwartiertje te zien, dit tot blijdschap van enkele aanstormende vogelaars. Hierna verdwijnt de vogel. Groot is de verrassing als de vogel iets later weer aan komt vliegen, nog steeds op meer dan 1,5 kilometer afstand en er is dan ook niet meer te zien dan een stipje. De vogel verdwijnt in het avondlicht achter de bomen en is dan voorgoed verdwenen. Zeer waarschijnlijk is de vogel ergens gaan slapen in het gebied.

juv Grauwe Klauwier – juv Red-backed Shrike

_GW

Grijze Wouw – Black-winged Kite

(Met dank aan Jillis Roos en Lonnie Bregman voor de bovenstaande 4 foto’s. Klik op de foto’s voor een slideshow).

Op vrijdag fietsen we vroeg naar de Marnewaard. Onderweg krijgen we al bericht dat onze doelsoort, de Grijze Wouw, nog aanwezig is. Op de telpost aangekomen duurt het nog even voordat we de wouw zien. Na een tijdje vliegt de wouw echter weer boven de torenvalkkast en valt twee Torenvalken aan, oef wat gaaf! Daarna verdwijnt deze zeldzame roofvogel weer, voor ons reden om de Marnewaard in te fietsen. Misschien kunnen we de wouw dan wat dichterbij zien en mogelijk zit er nog wel een andere leuke soort. Andere zeldzaamheden zien we niet, maar er is genoeg te beleven: 2 juveniele Grauwe Klauwieren (anderen zien er zelfs 3), een Paapje, Bonte Vliegenvanger en 2 IJsvogels zorgen ervoor dat het allerminst saai is. Ook de Grijze Wouw laat zich nog even zien, nu een heel stuk dichterbij (op een metertje of 150). Deze Zuidwest-Europese dwaalgast (11e of 12e geval voor NL en 1e voor de provincie Groningen) zit rustig in de top van een struikje en laat zich fraai zien. Wanneer een graafmachine de wouw dicht nadert, vliegt de Grijze Wouw op, wint hoogte en verdwijnt in het luchtdek. Voor zover ik weet, is deze roofvogel daarna niet meer gezien. Zie hier voor een fraaie serie van dit exemplaar.
We besluiten om verder te vogelen. Langs de Kustweg mis ik op een seconde een Draaihals (Lonnie, die naast me staat, ziet de vogel wel bovenin een struikje, maar ik zie slechts iets wegschieten). Lonnie had als enige ook nog een Sperwergrasmus gezien. Mooie aankomst dus! Daarna pauzeren we even in restaurant Schierzicht. De bosjes en veldjes in de haven van Lauwersoog zijn angstvallig leeg. Ook een tweede poging om de Draaihals te zien, mislukt. Een klein deel van de groep besluit zijn geluk te beproeven in de Ezumakeeg, wat achteraf een goede keuze blijkt te zijn. In de Ezumakeeg-Noord wijst een medevogelaar ons op een juveniele Witvleugelstern. Deze zeldzame stern foerageert korte tijd tussen enkele meeuwen op vliegende mieren (?) en laat zich prima zien. Daarna verdwijnt de vogel uit beeld. Andere hoogtepuntjes in dit deel van de Ezumakeeg zijn 14 Reuzensterns, enkele Krombekstrandlopers en roepende Baardmannetjes. In de Ezumakeeg-Zuid is het al helemaal feest en we houden het dan ook enkele uren uit in de hut. Het zit vol met steltopers: prachtige groepen Kemphanen, mooie aantallen Kleine Strandlopers en iets lagere aantallen Temmincks en Krombekstrandlopers. Naast de hut, op enkele meters afstand, foerageert een Gestreepte Strandloper in een klein plasje en verder in het gebied zitten er nog twee. Opvallend is dat de Bonte Strandloper de zeldzaamste strandloper is hier. In het gras loopt tot mijn verrassing een fraaie man Noordse Kwikstaart, een volledig uitgekleurd mannetje. Leuk! Dat het spannend vogelen is, blijkt wel als mijn oog na twee uur scannen opeens op een Grauwe Franjepoot valt. Het stukje waar de vogel zit, heb ik al enkele 10-tallen keren bekeken, maar opeens zit de vogel daar tussen de Kemphanen. Vijftien minuten later kunnen we de vogel nergens meer vinden. Nieuwe aankomst of zat de vogel eerder in een gedeelte dat niet te overzien is? Hoe dan ook, een zeer fijne bonus op deze fantastische dag!

De volgende dag (zaterdag) is alweer de laatste excursiedag. In het Jaap Deensgat zit helaas niet veel spannends, al mogen de 2 Dwergsterns, de Reuzensterns en 2 Kleine Strandlopers zeker niet onvermeld blijven. We vogelen daarna op veel plekken die we gisteren ook aandeden (omgeving van de haven, bosjes langs Kustweg), maar hier zien we helemaal niets. Dan maar (weer eens) naar de Ezumakeeg. Hier zien we veel vergelijkbare soorten als gisteren, in de Noord zitten deze keer wat meer Kleine Strandlopers en Bontbekplevieren, jaagt een Boomvalk de Kemphanen de stuipen op het lijf en zien we ver weg twee volwassen Zeearenden boven het bos vliegen. In de Ezumakeeg-Zuid zitten wederom 3 Gestreepte Strandlopers (waarvan eentje weer pal naast de hut). De Grauwe Franjepoot en Noordse Kwikstaart van gisteren zijn helaas onvindbaar.

ad Gestreepte Strandloper – ad Pectoral Sandpiper

_tekening Streep

De Gestreepte Strandlopers zijn voor altijd vereeuwigd in de kijkhut van de Ezumakeeg (tekening gemaakt door Rick Middelbos)

Zondag is alweer de laatste dag van het kamp. Rond 11 uur word ik opgepikt door mijn ouders en broer en gaan we vogelen in de omgeving van het Lauwersmeer. We bezoeken eerst een Zwarte Ooievaar op 10 km van Zoutkamp. Deze fraaie vogel is gauw gevonden. In het begin zit de vogel nog ver weg, maar na een tijdje komt de vogel dichterbij gevlogen en zit dan op een gegeven moment op zo’n 20 meter afstand. Vervolgens rijden we het Lauwersmeer weer binnen. De Buidelmezen laten niet van zich horen / zien en de Ezumakeeg is weer goed voor wat Reuzensterns, Temmincks Strandlopers, drie Gestreepte Strandlopers en 2 adulte Zeearenden. Als laatste rijden we langs de pleisterende 2kj Roodpootvalk bij Leeuwarden. Hoe goed we ook zoeken, de valk geeft zich helaas niet thuis. Jammer maar niet meer dan dat.

juv Zwarte Ooievaar – juv Black Stork

Daarmee komt een eind aan een prachtig kamp met veel gezelligheid en veel fijne soorten, met als kers op de taart de Grijze Wouw. Wat een soort, ook al had ik de soort nog geen drie weken geleden nog gezien in Noord-Brabant (’t was een fijne nieuwe Groningensoort) 😉 . Iedereen die dit kamp heeft bezocht, heel erg bedankt voor het gezelschap!

Texel in mei maakt iedere vogelaar blij

Zaterdag 2 mei tot zondag 31 mei 2015

Tussen 2 en 31 mei verbleef ik in totaal 19 dagen (5 weekenden en nog wat doordeweekse dagen) op Texel. Vanwege drukte met mijn studie heb ik niet dagelijks (zoals gebruikelijk) mijn weblog bijgehouden, maar heb ik besloten om aan het eind van de vakantie een samenvattend verhaal te schrijven. Zeker de laatste twee weken maakte het weer het zeer lastig om lekker te vogelen, met op veel dagen een harde (westen)wind en geregeld regen. Hierdoor vielen de laatste twee weken nogal tegen qua aantallen en leuke soorten. Desondanks zagen we in totaal 151 vogelsoorten deze periode, waarvan 150 op Texel (de Iberische Tjiftjaf was in Den Helder). Een prachtig aantal, zeker aangezien we nog wel enkele relatief makkelijke soorten gemist hebben. Hieronder een overzicht van de hoogtepunten, op taxonomische volgorde:

Een algemene gast op Texel: de Slobeend – Male Shoveler, a common visitor on Texel

De al weken aanwezige Roodhalsfuut in zomerkleed op het Westelijke Horsmeertje was op 17 mei aardig te zien. Een juveniele Kuifaalscholver zat regelmatig op een groene meetpaal ten zuiden van de NIOZ en was zelfs vanaf de veerboot zichtbaar. Een fenologisch hoogtepuntje was een Toendrarietgans met een kapotte vleugel op 16 mei vlakbij Dijkmanshuizen. Zwarte Rotganzen zaten in Wagejot en de omgeving van het ganzenreservaat Zeeburg. Op de laatstgenoemde locatie was ook nog minstens 1 Witbuikrotgans aanwezig. In Dijkmanshuizen zwom op 8 mei een mannetje Zomertaling, wat een erg lastige soort op Texel is.

Zwarte Rotgans tussen gewone Rotganzen – Black Brent among Brent Geese (photo: Frank vd Meer)

Een vrouwtype Grauwe of Steppekiekendief vloog op 24 mei over camping de Robbenjager richting zuid. De vogel vloog helaas te hoog en de waarneming was te kort om tot een sluitende determinatie te komen. Frappant is dat enkele uren later hoogstwaarschijnlijk dezelfde vogel is opgepikt in het zuiden van het eiland en hier is gedetermineerd als Grauwe Kiekendief. Erg fraai waren de drie solitaire Smellekens die op 8 mei in iets meer dan 2 uur tijd langs de Vuurtoren vlogen. Een ander exemplaar vloog op 10 mei over de Eierlandse Duinen. Op 23 t/m 25 mei liep een paartje Steltkluut in de Bunkervallei (eind Krimweg). Er vond zelfs paring plaats. Texel blijkt ook dit jaar weer een erg goede plek voor Morinelplevieren. De eerste zat op 3 mei in een groep Kemphanen en Goudplevieren in Polder Waalenburg. Later in de maand liepen op een andere locatie (hoek Hoofdweg-Stengweg) 4-7 exemplaren, helaas vaak wel op flinke afstand en met veel luchttrilling. Op deze plek zat in de laatste week van mei ook een exemplaar in winterkleed, een kleed dat ik nog nooit eerder gezien had. Een van de hoogtepunten was een Breedbekstrandloper. Deze zeldzaamheid werd op 14 mei door Pieter Duin gevonden in Ottersaat. De vogel liep samen met twee Kleine Strandlopers en een Steenloper op circa 100 meter langs de rand van een van de vele eilandjes. Het betreft hier pas de 8e voor Texel (en mijn eerste op dit eiland).

Ad zomer man Morinelplevier – adult summer male Dotterel

Morinelplevier in winterkleed – winter plumage Dotterel

Breedbekstrandloper (met op achtergrond 2 Kleine Strandlopers en 1 Steenloper) – Broad-billed Sandpiper (with 2 Little Stints and 1 Turnstone)

Laat was de Paarse Strandloper die op 14 mei in de NIOZ-haven de Steenlopers gezelschap hield. Naast de twee die de Breedbekstrandloper vergezelde, zagen we slechts één Kleine Strandloper en wel op 9 mei vanuit de kijkhut in Dijkmanshuizen. Nee, dan waren Temmincks Strandlopers beter vertegenwoordigd, met exemplaren in Dijkmanshuizen, de Robbenjager, Westerkolk (2) en Waalenburg (2). Houtsnippen baltsten in de avond van 24 mei boven de Bleekersvallei. Diezelfde avond zat er eentje midden op de weg Westerslag die zich een minuut lang erg fraai liet bekijken! Een andere fraaie waarneming was die van een volwassen vrouw Grauwe Franjepoot in Dijkmanshuizen op 9 mei.

adult zomerkleed vrouwtje Grauwe Franjepoot – adult summer female Red-necked Phalarope

Hoewel ze in zuidelijk en Midden-Nederland inmiddels niet meer weg te denken zijn, is de Zwartkopmeeuw op Texel nog steeds een zeldzame gast. Op 2 mei liep een adult exemplaar in de meeuwenkolonie in De Petten en op 8 mei vlogen twee duo’s boven Utopia en Dijkmanshuizen. Een jonge Dwergmeeuw zat op 4 mei in de Slufter en drie exemplaren vlogen op 8 mei over de Waddenzee t.h.v. de Bol. Mooie aantallen Noordse Sterns (max. 17) waren te bewonderen in Ottersaat. Ook in Dijkmanshuizen was een broedpaartje aanwezig. In beide gebieden waren ook Dwergsterns te bewonderen, net als in de Volharding en de Slufter. Helaas is ook op Texel een sterke afname in het aantal Zomertortels waar te nemen: alleen in de omgeving van de Krim / Sluftervallei is de soort nog relatief makkelijk te vinden. Deze fraaie duif is op Texel in 15 jaar met maar liefst 90 procent afgenomen: van circa 200 naar 20 paar. Een rondvliegende Kerkuil ergens in het zuiden van het eiland was voor ondergetekende nog een nieuwe Texelsoort. Op een niet nader te noemen locatie in de duinen zong minstens één Nachtzwaluw.

Parende Zomertortels (meer foto’s van de paring staan hier) – Mating Turtle Doves (click here for more photos; photo Peter vd Meer)

In de Bleekersvallei vlogen op 5 mei twee Boomleeuweriken (zeldzame broedvogel op Texel) vlak voor mijn voeten op. Een van de klappers van dit voorjaar Texel was een Roodstuitzwaluw op 10 mei. Deze vogel vloog eerst boven de Robbenjager, zat daarna korte tijd op een draadje naast de vuurtoren en uiteindelijk verdween de vogel richting zuid, waar we de vogel kwijtraakten boven de Witte Hoek. Een tweede vogel op 17 mei was helaas een klein half uur te snel weg. Engelse Kwikstaarten piekten in de eerste week van mei en waren te zien op de Robbenjager (max. 5), de omgeving van de vuurtoren en op meerdere plaatsen langs de Waddendijk. Noordse Kwikstaarten waren daarentegen erg schaars met slechts een groepje van 6 op 8 mei in het duinvalleitje ten zuiden van de vuurtoren. Hét hoogtepunt van de maand was een door Michel Veldt gevonden Citroenkwikstaart. De vogel (een jong mannetje) zat op 10 mei de hele dag op de Robbenjager en trok vele 10-tallen vogelaars.

1e zomer man Citroenkwikstaart – 1s male Citrine Wagtail

Engelse Kwikstaart – Yellow-crowned Wagtail

De randzone van de Staatsbossen was goed voor meerdere Gekraagde Roodstaarten, waaronder onderstaand vrouwtje. Paapjes waren erg schaars dit voorjaar met slechts eentje in de Bleekersvallei (5 mei) en een (fotogeniek) vrouwtje langs het fietspad door de Eierlandse Duinen (8 & 11 mei). Een erg late Koperwiek zat op 4 mei in de tuin van onze bungalow in De Krim, mooie meisoort! Fraai was een fanatiek zingende Fluiter vlak langs de Grensweg, aan de rand van de Staatsbossen. Een zingende Iberische Tjiftjaf in de Donkere Duinen in Den Helder kon natuurlijk niet overgeslagen worden. Mijn tweede in Nederland en eerste sinds 2010. Een zelfgemaakte opname van de vogel is hier te vinden.

vrouwtje Gekraagde Roodstaart op nestplaats – female Common Redstart at nesting location

Paapje – Whinchat

Het Krimbos bleek een goede locatie voor vliegenvangers, getuige de Bonte Vliegenvanger op 8 mei en een zingende Grauwe Vliegenvanger op 23 mei. De laatstgenoemde soort was ook aanwezig in Dorpzicht en vakantiepark Sluftervallei. De Mokbaai was weer goed voor roepende / rondvliegende Baardmannetjes. Onverwachts was een Bonte Kraai die op 14 mei op een akker op de hoek Hoofdweg-Stengweg liep. Tot slot vlogen twee Appelvinken op 11 mei rond door het Krimbos. Een spannende waarneming, maar helaas kwamen er geen vervolgwaarnemingen.

Bonte Kraai – Hooded Crow (photo: Peter vd Meer)

Eigen digitale ontdekking twitchen

Zondag 28 september 2014

Dit verhaal begint eigenlijk al gisteravond. Rond 11 uur ’s avonds besluit ik nog wat openstaande waarnemingen te keuren (wat een van mijn taken als admin van Waarneming.nl is). Na enkele waarnemingen goedgekeurd te hebben, stuit ik op een waarneming van een onzekere Groenpootruiter. Bij het openen van de bijgevoegde foto krijg ik haast een hartverzakking. De vogel op de foto is namelijk geen Groenpootruiter, maar een jonge Grote Franjepoot! De zeer lange en dunne snavel, korte poten (vooral tibia), haast ongetekende onderdelen, de vage koptekening en de karakteristieke houding wijzen allemaal op deze zeer zeldzame steltloper (slechts 24 aanvaarde gevallen). Voor de zekerheid (eigenlijk vooral om mijn ongeloof weg te werken) plaats ik de waarneming voor een bevestiging eerst op het forum van Waarneming.nl en op de Whatsapp. Al gauw volgt de bevestiging, meld ik het goede nieuws aan de waarnemers en wordt het nieuws landelijk bekend gemaakt.

Als blijkt dat de vogel vanochtend ook nog aanwezig is, besluiten mijn vader en ik naar Den Helder te rijden. Voor mij gaat het niet om een nieuwe soort (had de soort twee jaar geleden in zomerkleed in het Lauwersmeer), maar mijn vader had die vogel niet gezien, dus voor hem is deze Noord-Amerikaanse steltloper wel nieuw. Rond kwart voor twee bereiken we de bestemming en kunnen we aansluiten bij de circa 50 andere vogelaars, die de vogel al in beeld hebben. Dankzij de aanwijzingen van collega-admin Pim Julsing hebben we even later een fraaie Grote Franjepoot in beeld. Ondanks de afstand (ca. 150 meter) laat de vogel zich prima bekijken tussen de 100-en Tureluurs en strandlopers. Opvallend is het gedrag, vergelijkbaar met het drukke gedrag van de andere franjepoten, maar dan op het land. Na een uurtje vliegt de vogel ineens op en landt op enkele tientallen meters voor het kijkscherm. In het (te) krappe kijkschermpje is het lastig om de vogel goed in beeld te krijgen. Nadat ik een plekje veroverd heb, geeft de Amerikaanse steltloper een halfuur lang een show weg, fanatiek heen-en-weer rennend langs de waterkant. Daarna vliegt de vogel weer op; voor ons een teken om weer verder te gaan. Andere leuke soorten in dit gebied zijn 29(!) Kleine Zilverreigers, enkele Krombekstrandlopers en een Kanoet.

Juveniele Grote Franjepoot – juvenile Wilson’s Phalarope

Juveniele Grote Franjepoot – juvenile Wilson’s Phalarope

We controleren daarna enkele onder water gezette bollenveldjes tussen Den Helder en Petten, maar deze lijken erg leeg te zijn. De hoogtepuntjes worden gevormd door een Kleine Strandloper en een Groene Specht. Van de gemelde Grauwe Franjepoten ontbreekt voorlopig nog ieder spoor. Uiteindelijk lukt het ons toch om de vogels te vinden. Op enige afstand laten de vogels hun kenmerkende gedrag zien: de vogeltjes pikken al zwemmend fanatiek naar insecten om hen heen.

Grauwe Franjepoot – Red-necked Phalarope

Na deze leuke waarneming rijden we weer terug naar Woerden. Wat een prachtige middag, met twee verschillende soorten franjepoten (wat redelijk uniek genoemd mag worden in Nederland). Voor wie het leuk vindt, mijn broer Frank heeft enkele weken geleden op zijn weblog een stukje geschreven over zelf vinden van zeldzaamheden op internet.

Vlie III

Vrijdag 22 tot zaterdag 30 augustus 2014

Vlie III is de naam van een vogelkamp dat jaarlijks in augustus wordt georganiseerd door de JNM. Dit jaar vindt het plaats van 22-30 augustus. Eigenlijk wilde ik vorig jaar al mee met dit kamp, maar iets in me besloot toch om thuis te blijven. Dat werd gigantisch afgestraft: het werd een legendarisch kamp met in een week tijd een Citroenkwikstaart, Zwarte Zeekoet, Roodkopklauwier, 10-tallen Draaihalzen en enkele Sperwergrasmussen. Gelukkig ben ik dit jaar wel van de partij.

Het kamp begint vrijdag als we om kwart over twee de boot naar Vlieland pakken. De rest van de dag doen we niet veel meer: tenten opzetten, eten, kennismakingsrondje, etc. De volgende dag begint voor Lonnie Bregman en mij bij het Westerse Veld, waar we een dode jonge Havik vinden. Over de Waddenzee vliegt een Kleine Zilverreiger. Later op de dag blijkt de vogel op een van de piertjes langs het wad te lopen, leuk! De Noordoosthoek blijkt vrij leeg te zijn en in de Oostervallei wordt door enkele JNM’ers een Draaihals gezien, maar ik mis de vogel net. Als laatste checken we het wad bij de Kroonspolders, waar tussen de 1000-en Bonte Strandlopers helaas geen Breedbek te vinden is. Wel zien we de eerste Kleine en Krombekstrandloper en Kanoet van de week en binnendijks zwemmen 3 Grauwe Franjepoten.

Dode juveniele Havik – dead Northern Goshawk

Zondag begint voor mij aan zee. Het vliegt aardig, met als hoogtepunten 1 Grote en minstens 2 Kleine Jagers. De rest van de dag brengen we door op de Vliehors, een immense zandplaat met duintjes en kweldertjes aan de uiterste westpunt van Vlieland. Het absolute hoogtepunt is een zeer fraaie Morinelplevier, gevonden door Wouter Monster. De vogel, een adult, laat zich op zo’n twintig meter prachtig bekijken (sommige fotografen onder ons kunnen zelfs op enkele meters afstand komen, ben benieuwd naar die foto’s!). Verder zit er eigenlijk niet bijster veel: een Tapuit, Rietzanger, Bontbekplevieren, Zilverplevier en een Distelvlinder zijn nog wel het noemen waard.

adulte (man?) Morinelplevier – ad (male?) Dotterel

De volgende dag wordt de noordoosthoek weer goed uitgeplozen, maar op een paar Tapuiten en een Paapje na zien we hier niets. Rond 10-en word ik gebeld: Lonnie heeft een Sperwergrasmus gevonden in de Oostervallei, slechts een halve kilometer verderop! Gauw fietsen we hiernaartoe. De vogel is, zoals het de soort betaamt, erg lastig. Het lukt me eenmaal om de vogel op te pikken als ‘ie van het ene bosjescomplex naar het andere vliegt. Daarna slaagt de vogel erin om uit beeld te blijven. De rest van de dag fietsen we wat over het eiland: t.h.v. het Westerse Veld zit een Zwarte Zee-eend tussen Eiders op het wad, de Kroonspolders blijken weer goed voor Grauwe Franjepoten (5 exemplaren deze keer), een Koekoek en een Dwergmeeuw en buitendijks lopen vele Bonte en Kleine Strandlopers. Van de laatste vind ik zowaar twee geringde vogels: eentje met alleen metaal rechts, eentje linksonder metaal en linksboven rode (maar tot geel verbleekte) ring en rechtsboven een gele ring met inscriptie. De vogel zit net te ver om de tekens af te kunnen lezen, maar misschien doen de foto’s die ik gemaakt heb nog wonderen?

Gekleurringde Kleine Strandloper – colour-ringed Little Stint

Dinsdag speelt de harde wind ons parten. Bij de Nieuwe Eendenkooi zien we nog wel mijn eerste Bonte Vlieg en Boomvalk van het kamp en ook bij Bomenland zien we Bonte Vliegenvangers. Bij gebrek aan vogels houden we maar een dennenappelgevecht 🙂 Als laatste fietsen we naar het Posthuiswad (wad buitendijks bij de Kroonspolders), waar Lonnie op de tweede Draaihals van het kamp stuit. Zelf zie ik de vogel wel als ie van de kwelder richting de Kroonspolders vliegt, maar bevredigend is het zeker niet. Daarom tel ik de vogel ook maar niet.
Woensdag belooft de mooiste dag van het kamp te worden, met een zeer zwakke oosterwind en goed weer. Helaas blijven echte klappers uit, maar wel zien we een Kleine Karekiet, Sprinkhaanzanger, Gierzwaluwen en de gebruikelijke Sylvia’s (Noordoosthoek). Bij Bomenland zien we wederom een Draaihals, en nu lukt het me wél om hem fatsoenlijk te zien 🙂 De vogel zit in een behoorlijke flock met Bonte en Grauwe Vliegenvangers en Gekraagde Roodstaarten. In de lucht vliegen vele Gierzwaluwen, we tellen er zeker 25.

De een-na-laatste dag van het kamp beginnen we rondom de Kazerne op de westpunt van het eiland. De bosjes zijn nogal leeg, met slechts één Gekraagde Roodstaart en Zwartkop. Wel leuk zijn mijn eerste Blauwborst en Tuinfluiter van het kamp. Net op het moment dat we richting de Kroonspolders willen fietsen, ontdekt Reinier de Vries de 4e Draaihals van het kamp. Met hoogwater zijn we bij de Kroonspolders, die goed zijn voor 5 Grauwe Franjepoten, een rustende 2e winter Dwergmeeuw en verder enorme aantallen steltlopers. Buitendijks zien Olmo en ik nog een Slechtvalk en miljoenen steltlopers, helaas wel te ver weg om ze op leuke soorten te kunnen controleren. Er is even paniek als Reinier een Grijze Snip spec. meent te zien, maar helaas kunnen we de vogel niet meer terugvinden. Later besluiten we om terug te gaan richting de Draaihals, en dat blijkt een goede keuze: de vogel laat zich nu op korte afstand prachtig zien, in de top van de struikjes. We sluiten de dag af met een Zwarte Roodstaart, die tussen de tanks rondfladdert.

Draaihals – Wryneck

Grote Groene Sabelsprinkhaan – Great Green Bush Cricket

Vrijdag (de laatste hele dag) houden we een sabbatical day. Zaterdag nemen we om 12 uur de boot terug naar het vasteland en eindigt voor bijna iedereen dit mooie kamp. Voor Lonnie, Jules van Engelen, mijn vader en broer (die mij in Harlingen komen ophalen) en mij echter nog niet: wij reizen namelijk met z’n 5-en af naar Texel. Hier verblijft namelijk al een enkele dagen een adult vrouwtje Koningseider in de NIOZ-haven, voor ons allen nog een nieuwe soort. De eend is gauw gevonden en laat zich fenomenaal zien, vaak op circa 20 meter afstand en met mooi licht. Een enkele keer laat de vogel haar compleet verragde vleugels zien (zie hier voor een foto).

vrouw Koningseider – female King Eider

Omdat we nog wat tijd hebben voordat de boot terug gaat, rijden we nog naar de Koereiger langs de Watermolenweg. De reiger blijkt, zo mogelijk, nog makkelijker te vinden te zijn dan de eider: vanuit de rijdende auto zien we de vogel al tussen de koeien staan. In de scoop is de vogel op een metertje of 50 prachtig te zien. Tussen de koeien jaagt hij op insecten en eenmaal vangt ‘ie een kikker.

Koereiger – Cattle Egret

Na dit korte verblijf op Texel nemen we de boot weer terug naar Den Helder. Hier zetten we Lonnie en Jules op de trein zetten. Op de terugweg komen we bijna letterlijk langs de Waterberging van Twisk, waar een Steppevorkstaartplevier verblijft. Daar kan je natuurlijk niet zomaar voorbijrijden… Bij aankomst is de vogel al even uit beeld. Na een halfuur gaan alle vogels in het gebiedje (voor de tweede keer) op voor een Sperwer of Havik (te kort gezien) en dan blijkt de Steppevorkstaartplevier gewoon in de groep te vliegen! De vogel vliegt de weg over, keert weer om en landt tussen de Kieviten op het plasje. Hier laat de vogel zich fraai zien. Tweemaal vliegt ‘ie nog een stukje en dan zijn mooi de donkere ondervleugels en het ontbreken van de lichte vleugelachterrand te zien. Een prachtige afsluiter van een mooie week (en stiekem misschien wel leuker dan de Koningseider…).

Steppevorkstaartplevier – Black-winged Pratincole

Steppevorkstaartplevier – Black-winged Pratincole

Uiteindelijk eindigen we het kamp zonder echte knaller à la Citroenkwikstaart (zoals vorig jaar), maar met een Sperwergrasmus, Morinelplevier, 4 Draaihalzen en 6 Grauwe Franjepoten en bovendien heel veel gezelligheid is het natuurlijk een heel geslaagd kamp geweest! De soortenlijst is geëindigd op 123 soorten, geen slechte score.

Kampfoto

Groepsfoto van het kamp. Er ontbreken wel enkele mensen (c. 5) die niet het hele kamp bleven.

Leuk dagje in Noord-Holland-Noord

Zaterdag 9 augustus 2014

Na veel vlinder- en libellentochtjes de afgelopen maanden wordt het vandaag weer eens tijd voor een dagje vogelen, en waar kan dit in deze periode van het jaar beter dan in de Kop van Noord-Holland? Daar worden veel bollenvelden in de nazomer onder water gezet om ongedierte op een milieuvriendelijkere manier te bestrijden. Deze waterpartijen zijn een ware magneet voor steltlopers, waaronder geregeld zeldzame soorten zoals Grauwe Franjepoten, Poelruiters, Gestreepte Strandlopers en nog zeldzamere soorten. Het is bovendien de beste plek in Nederland om Lachsterns te zien.

Op de heenweg maken we een korte stop aan de noordkant van Alkmaar, waar in een nieuw natuurontwikkelingsgebiedje 3 Zwarte Ibissen moeten rondlopen. Voor Zwarte Ibissen hoeven we weliswaar niet helemaal naar Alkmaar te rijden (zitten ook in de Groene Jonker), maar we willen we een poging doen om ze aan de Noord-Hollandlijst toe te kunnen voegen 🙂 . We zijn de auto nog niet uit of we zien ze al lopen. Het blijken niet 3, maar zelfs 4 exemplaren te zijn. Ondanks dat wij (net als zij trouwens) veel last hebben van de harde wind, zijn ze op niet al te grote afstand prachtig te bekijken. Zie hier voor een amateuristisch filmpje. In hetzelfde leuke gebiedje vliegt ook nog een Kleine Zilverreiger rond, ook leuk.

Zwarte Ibis – Glossy Ibis

Daarna rijden we via de Belkmerweg (wat ons de eerste 2 Temmincks Strandlopers van het jaar oplevert) richting de bollenveldjes rondom het dorp ’t Zand, waar we hopen op de Lachsterns. Hoe goed we ook zoeken, van deze zeldzame soort ontbreekt elk spoor. Sterker nog, de plasjes zijn vrijwel leeg, op wat meeuwen en eenden na. Enigszins teleurgesteld rijden we naar de Nollen van Abbestede, een natuurgebiedje waar afgelopen week zowel een Grauwe Franjepoot als een (adulte!) Vorkstaartmeeuw waargenomen zijn. Het zou natuurlijk zomaar kunnen dat deze soorten nog in de ruime omgeving van dit gebied rondvliegen. Hier stuiten we zowaar op een jonge Strandplevier, wat buiten de bekende broedgebieden in het Deltagebied toch gewoon als een zeldzaamheid kan worden beschouwd. Ook hier lopen weer enkele Temmincks Strandlopers rond.

Jonge Strandplevier – Kentish Plover

Temmincks Strandlopers – Temminck’s Stint

Vervolgens rijden we door naar Den Helder, waar een Grauwe Franjepoot zou moeten zitten. Op het perceel waar deze zeldzame steltloper zou moeten zitten, miegelt het van de steltlopers: Kleine Strandlopers, Krombekstrandloper, Bonte Strandlopers, een Kanoet, Kemphanen, Bontbekplevieren, Witgat, Bosruiter e.v.a. Er zitten zelfs 2 Casarca’s op. Het duurt even voordat we de Grauwe Franjepoot vinden, maar uiteindelijk zien we op afstand hoe de vogel op karakteristieke wijze zijn voedsel verzamelt.

Omdat het inmiddels al laat in de middag is, besluiten we naar huis te rijden. Als we echter op de terugweg ’t Zand weer passeren, besluiten we nog eenmaal een poging te wagen om de Lachstern aan de jaarlijst toe te kunnen voegen. Als we het bekende perceel in de weinig inspirerend genaamde polder (Polder E) bereiken, zien we al gelijk hoe 3 vriendelijke vogelaars driftig in het bollenveld wijzen. Het zou toch niet…? Even later heb ik echter niet de veronderstelde Lachstern in beeld, maar de tweede Grauwe Franjepoot van de dag! De vogel foerageert op een kleine 100 meter en laat zich prima zien, fotograferen én filmen (zie hier voor het resultaat van het laatstgenoemde). Daarachter zien we toch nog een Lachstern. Als we daarna de franjepoot weer wat aandacht schenken en daarna proberen de stern weer in beeld proberen te krijgen, blijkt hij er sneaky tussenuit te zijn geknepen.

Grauwe Franjepoot – Red-necked Phalarope

Grauwe Franjepoot – Red-necked Phalarope

Hiermee sluiten we deze leuke dag af, met als hoogtepunt 4 Zwarte Ibissen, 2 Grauwe Franjepoten, een Lachstern en een Strandplevier. Bovendien weer drie nieuwe jaarsoorten en twee nieuwe Noord-Hollandsoorten 🙂 .