Tagarchieven: IJseend

Texel in het voorjaar

Vrijdag 14 april t/m zondag 14 mei 2017

Terwijl ik dit weblog schrijf, zit een man Beflijster op 15 meter van het raam te foerageren 🙂

Ook dit voorjaar was Texel de plek waar we het grootste deel van het voorjaar doorbrengen. Een weekendje halverwege april en vanaf 27 april twee volle weekjes hebben we vele uren buiten gevogeld, op zoek naar leuke en zeldzame soorten. Een echte klapper bleef helaas uit (die vielen wel direct ten noordwesten en zuiden van ons), al mag je met 2-3 Roodstuitzwaluwen, 2 Steppekiekendieven en twee nieuwe Texelsoorten (Roek en Ortolaan, nu in totaal 284 soorten op het eiland) natuurlijk niet klagen. Uiteraard geef ik de voorkeur aan vogelen, ook in de avonduren, in plaats van elke dag een weblog te schrijven. Vandaar nu een overzicht van de leukste waarnemingen in deze periode.

man IJseend tussen Eiders – drake Long-tailed Duck in flock Common Eiders

Groepen rotganzen blijven tegenwoordig tot eind mei hangen. In deze groepen zijn vaak ook een enkele Witbuik- en Zwarte Rotgans te vinden. De omgeving van Dijkmanshuizen en Dorpzicht zijn goede plekken om deze zeldzamere rotganzen te vinden. Opmerkelijk was de Wilde Zwaan die op 16 april tussen enkele Knobbelzwanen langs de Kadijksweg zat, ongetwijfeld dezelfde vogel die afgelopen winter in de omgeving van Oudeschild werd gezien. Zomertalingen zijn erg schaars op Texel en mogen dus niet ontbreken in dit overzicht. Een paartje bevond zich op 15 april in het Grote Vlak en een man zwom op 4 en 9 mei in Dijkmanshuizen. Leuk was de zomerkleed man IJseend die op 28 april vlakbij de Vuurtoren zwom. Een Grote Zilverreiger (nog steeds behoorlijk schaars op Texel) stond op 10 mei in het Grote Vlak. Adulten Jan-van-Genten vlogen over de Noordzee bij de Vuurtoren en bij Paal 9 (Hoornderslag).

Zwarte Rotgans (midden) – Black Brant (center; photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwaan – Whooper Swan (photo: Peter van der Meer)

Op zondag 30 april was er in heel Nederland beukende roofvogeltrek. Ook Texel kon een graantje hiervan meepikken. Uiteindelijk pikten wij die dag op de noordpunt 2 Visarenden (waarvan eentje over de tuin!), 1 Zwarte Wouw, 1 Grauwe of Steppekiek (foto’s) en 4 Smellekens op.
Gelukkig vlogen ook op andere dagen leuke rovers rond op Texel. Zo joeg op 6 mei een Visarend boven de Vijver van Jochems. Naast de ongedetermineerde ringtail zagen we ook twee zekere Steppekiekendieven. Op 4 mei zagen we samen met Han Zevenhuizen een jonge vogel in de Eierlandse Duinen en de volgende dag zat een exemplaar te rusten op een duintje in de Bollekamer. Een Boomvalk trok op 3 mei over de Krimweg. Naast de vier Smellekens op 30 april, zagen we deze periode nog 4 andere exemplaren.

Fijn was de adulte Kraanvogel die op 14 mei in de Muy liep. Drie Steltkluten liepen op 29 april in de Westerkolk. Een typische voorjaarsgast op Texel is de Morinelplevier. Elk voorjaar doet een kleine groep van deze fraaie plevieren dit Waddeneiland aan. Dit jaar waren de akkers langs de Muyweg de uitverkoren locatie. Vanaf 29 april liepen daar maximaal 8 exemplaren. Paarse Strandlopers waren te zien in Ottersaat, in de veerhaven van Den Helder en op de Eierlandse Dam. Net als in andere voorjaren was Dijkmanshuizen een goede locatie voor steltlopers, getuige de vele strandlopers hier te vinden waren. Hiertussen zaten ook ten minste 2 Kleine en 3 Temmincks Strandlopers en zelfs een ad zomerkleed Grauwe Franjepoot.

Kraanvogel – Common Crane

Regenwulp – Whimbrel (photo: Peter van der Meer)

De omgeploegde akkers trekken vaak grote groepen meeuwen aan. Hieronder bevonden zich zeker 4 Zwartkopmeeuwen (2 1e zomers, 1 2e zomer, 1 ad zomer), een soort die nog steeds behoorlijk schaars is op Texel. Een andere 2e zomer, in Dijkmanshuizen, was gekleurringd, maar helaas zat deze te ver om af te lezen. Tot slot zaten twee adulten en een jong beest op het wad bij de Cocksdorp. Een andere leuke meeuwensoort is de Dwergmeeuw, waarvan op 5 mei twee kleine groepjes ver over de Noordzee ter hoogte van de Vuurtoren vlogen. Dwerg- en Noordse Sterns zijn beide schaarse tot zeldzame broedvogels op Texel, die vooral aan de oostkust tot broeden komen. Voor Dwergsterns zijn de Volharding en het strand bij de Vuurtoren en Paal 9 goede locaties, terwijl we onze enige 2 Noordse Sterns van dit voorjaar op Ottersaat (op 16 april) zagen.

ad zomer Zwartkopmeeuw – ad summer Mediterranean Gull

1e zomer Zwartkopmeeuw – 1st summer Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Zomertortels lijken met het jaar zeldzamer op Texel te worden. Een van de beste plekken op het eiland is de ruime omgeving van de Krimweg (vakantieparken de Krim & Sluftervallei en het Krimbos). Hier waren op meerdere dagen maximaal 2 exemplaren aanwezig. Met dank aan Tim Schipper zagen we op 28 april een Draaihals. Deze zeldzame spechtensoort foerageerde in een klein duinvalleitje net ten zuiden van de Vuurtoren op mieren en liet zich erg fraai bekijken.

Zomertortel – European Turtle Dove (photo: Peter van der Meer)

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Op 14 mei liet een Wielewaal in het Krimbos enkele malen van zich horen. De eerste nieuwe Texelsoort (#283) van dit jaar zagen we op 16 april. Aan het eind van de Oorsprongweg zaten 3 Roeken, een soort die niet broedt op Texel en hier dus erg schaars is. Een van de hoogtepunten van deze periode Texel was de Roodstuitzwaluw. In de hele periode vlogen 2-3 exemplaren rond op het eiland: naast het unieke geval van de Roggesloot (die er een week zat), slaagden Frank en ik erin om op 6 mei tweemaal een exemplaar bij de Vuurtoren op te pikken. De vraag is of het tweemaal hetzelfde individu was of dat het gaat om twee beesten gaat. Fluiters waren opmerkelijk goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met minstens drie exemplaren op alleen al de noordpunt: 30 april in de Tuintjes en 2 in het Krimbos op 4 mei. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 3 Fluiters op het eiland. Leuk was de Vuurgoudhaan die zich op 30 april in de Tuintjes bevond. In dit gebied zat op 6 mei een prachtige zwart-witte man Bonte Vliegenvanger; een noordelijke vogel dus.

Roodstuitzwaluw – Red-rumped Swallow (photo: Peter van der Meer)

Vuurgoudhaan – Firecrest (photo: Peter van der Meer)

In vergelijking met andere jaren leken Beflijsters in hogere aantallen aanwezig. Op vele dagen waren exemplaren aanwezig in de duingebieden. Een prachtige man zat zeker 5 dagen achtereenvolgend in de tuin van onze bungalow. Een late Kramsvogel liep op 6 mei op het Renvogelveld. Paapjes waren opmerkelijk schaars met drie exemplaren: 2 in de Tuintjes en in de Mokbaai. Op het Renvogelveld liep een mannetje Rouwkwikstaart (14 april) en op dezelfde plek liepen in mei 3 Noordse en Engelse Kwikstaarten. Laatstgenoemde was ook te zien in Dijkmanshuizen (4 mei) en De Nederlanden (6 mei). Een Appelvink vloog op 12 mei roepend rond boven het Krimbos. Tot slot betekende een man Ortolaan op 7 en 8 mei een nieuwe Texelsoort (#284). De gors foerageerde in de wegberm van de Redoute op paardenbloemzaden en liet zich op korte afstand fraai zien.

Beflijster in de tuin – Ring Ouzel in garden (photo: Peter van der Meer)

man Rouwkwikstaart – male Pied Wagtail ssp. yarrellii (photo: Peter van der Meer)

Noordse Kwikstaart – Grey-headed Wagtail ssp. thunbergi

Ortolaan – Ortolan Bunting

Veel krenten maar weinig pap tijdens lange periode Texel

Zaterdag 14 mei tot dinsdag 31 mei 2016

Het begint voor mij bijna een traditie te worden: de tweede helft van mei doorbrengen op Texel. Voor het derde jaar op rij zat ik namelijk in deze periode voor een langere tijd op dit Waddeneiland, deze keer tussen 14 en 31 mei in totaal drie weekenden en enkele doordeweekse dagen. Kort samengevat was het hard werken, maar in ruil hiervoor kregen we een paar hele leuke soorten ervoor terug. De grootste klappers waren de tweede Grote Kanoet voor Nederland, een geweldige Vale Gier en mijn 5e Breedbekstrandloper. In totaal zagen wij vier nieuwe Texelsoorten (naast de eerstgenoemde twee soorten ook Strandplevier en IJseend, die de Texellijst uitbreide naar 271 soorten). Meer over deze en alle andere hoogtepunten wordt hieronder toegelicht.

Zomertalingen zijn (door een gebrek aan zoetwaterplassen) behoorlijk schaarse broedvogels op Texel. Een van de beste locaties is Dijkmanshuizen, waar op 21 en 30 mei meerdere vogels aanwezig waren. Een andere leuke eendensoort was een mannetje IJseend in zomerkleed, dat op 28 mei op het Westelijke Horsmeertje zwom. Niet alleen fenologisch interessant, maar voor ons ook nog een nieuwe Texelsoort. Op 16 mei zwommen hier ook minstens 5 Geoorde Futen, ook een behoorlijk schaarse soort op Texel, zeker zo laat in het voorjaar. Het duingebied De Nederlanden was dit voorjaar een goede locatie voor Kleine Zilverreigers. Een korte kijk over zee bij de Vuurtoren leverde op 21 mei meerdere Jan-van-Genten op, pas mijn eerste Jannen in het eerste halfjaar ooit.

De spectaculaire roofvogelstroom tijdens het Dutch Birding-weekend was nu zo goed als opgedroogd. Desondanks zagen we op 21 mei nog een Visarend boven de Vijver van Jochems. Dit was alweer onze 6e dit voorjaar op Texel. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 6 Visarenden op Texel. Diezelfde dag vloog een Vale Gier het eiland op. Dezelfde vogel  werd een dag eerder nog gezien boven IJmuiden en werd op 21 mei ook opgepikt op meerdere plekken in de Kop van Noord-Holland, voordat hij Texel bereikte. Boven het eiland daalde de gier en na een paar korte stops van enkele minuten landde de vogel vlakbij Ecomare in een den om de rest van de dag door te brengen. Hier was hij fantastisch te zien en kon ook worden vastgesteld dat hij geringd was. De code op de ring verraadt dat dit dezelfde vogel is die vorig jaar ook al door Nederland rondzwierf en hierbij ook Texel aan deed en die Frank en ik zelfs boven onze tuin in Woerden kon oppikken. Ook de volgende dagen werd de vogel dagelijks gezien in de Staatsbossen. In de middag van 28 mei verliet de Vale Gier weer het eiland en zat hij enkele dagen in Den Helder.

Vale Gier – Griffon Vulture

Vale Gier – Griffon Vulture (photo: Peter van der Meer)

De steltlopers deden het erg goed. Zo zat een paartje Steltkluten in Dijkmanshuizen. Ze waren wel vaak erg lastig te vinden, doordat ze vaak achter een randje met hoog gras zaten. Ergens op het strand deed een paartje Strandplevieren een broedpoging. Baltsende Houtsnippen vlogen boven de Staatsbossen. Hier zat ’s avonds ook een exemplaar langs de weg, die in de koplampen erg leuk te zien was.

vrouw Strandplevier – female Kentish Plover

Bontbekplevier (pullus) – Common Ringed Plover (nestling; photo: Peter van der Meer)

Een geweldige vondst van Diederik Kok was een adult zomerkleed Grote Kanoet op de Volharding op 13 mei. Ook de volgende dagen was de vogel hier aanwezig. De vogel was vaak lastig te zien (zat veel achter andere steltlopers, op afstand, aanwezigheid afhankelijk van het getijde), maar bijna alle vogelaars slaagden erin om de vogel te zien. Dit was pas het tweede geval voor Nederland (na eentje in 1991). Een andere goede ontdekking van Diederik was een Breedbekstrandloper in de Mokbaai op 30 mei. De strandloper bevond zich op afstand tussen Bontbekplevieren en andere strandlopers. Mijn tweede op Texel (na een vogel vorig jaar) en vijfde in Nederland. Kleine Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen (max. 5 exemplaren), op het wad bij De Schorren (2) en in de Mokbaai (2). Maximaal 5 (op 21 mei) Temmincks Strandlopers liepen in Dijkmanshuizen, een klassieke locatie voor deze soort op Texel. Een andere leuke strandloper zat op de Eierlandse Dam: twee Paarse Strandlopers in vol zomerkleed liepen hier op 16 mei samen met enkele Steenlopers naar voedsel te zoeken. De laatste leuke steltlopersoort was een een vrouwtje Grauwe Franjepoot in adult zomerkleed dat op 16 en 17 mei in Dijkmanshuizen zat.

ad zomer Grote Kanoet – ad summer Great Knot, 2nd for the Netherlands!

Paarse Strandloper – Purple Sandpiper

Opmerkelijk was een groepje van 5 Drieteenmeeuwen bij de Vuurtoren. De meeuwen zaten even op zee en vlogen daarna weg richting zuid. Andere leuke meeuwen waren 1 adulte Zwartkopmeeuw die over de Roggesloot vloog (Zwartkopmeeuwen zijn nog steeds behoorlijk schaars op Texel) en 2 jonge Dwergmeeuwen (op Dijkmanshuizen en de Volharding). Broedende Dwergsterns zaten op de Volharding (zeker 16 ex.) en foeragerende vogels waren ook te zien bij op zee bij de Vuurtoren. Noordse Sterns zaten in Dijkmanshuizen, Ottersaat en De Petten.

Dwergmeeuw – Little Gull

Zomertortels werden uitsluitend waargenomen op vakantiepark De Krim (2) en bij de Horsmeertjes. Net als de voorgaande jaren zong minstens 1 Nachtzwaluw ergens in de duinen. Fraai en fijn was een mannetje Grauwe Klauwier in De Nederlanden. De vogel liet zich fraai zien en zat af en toe zelfs te zingen; een territorium? Grote Lijsters zijn erg schaars op Texel en dus mag een overvliegende vogel over de Ploegelanden (in de Staatsbossen) niet ongenoemd blijven.

Zomertortel – European Turtle Dove

Grauwe Klauwer – Red-backed Shrike (photo: Frank van der Meer)

Het Renvogelveldje was ook deze periode weer goed voor zowel Noordse als Engelse Kwikstaarten, op 15 mei lieten 6 resp. 3 exemplaren zich hier bewonderen. Een dag later zong een Kleine Barmsijs uit het struweel langs het Westelijk Horsmeertje, de vogel liet zich ook even zien (aan Frank dan). In tegenstelling tot 2015 zagen wij dit jaar wel weer een Roodmus op Texel: op 21 mei liet in Dorpzicht een adulte man veel van zich horen en was met enig geduld ook leuk te zien. Net als vorig jaar was ook dit jaar weer een Appelvink aanwezig in het Krimbos, het bleef helaas bij een eenmalige waarneming. Een leuke waarneming, want Appelvinken zijn erg schaars op dit eiland (broeden er niet, voor zover ik weet).

Roodmus – Common Rosefinch (photo: Frank van der Meer)

3 uit 8

Zaterdag 6 februari 2016

Drie uit acht is de score na een dagje door het Deltagebied. We beginnen bij Wilhelminadorp voor het vrouwtje Witkopgors. Mijn vader en ik hadden deze vogel al in januari (en ik in december) gezien, maar Frank was beide keren verhinderd, dus werd het tijd om Frank eindelijk aan deze nieuwe soort te helpen. Dat blijkt makkelijker gezegd dan gedaan, want bij aankomst is de gors al een half uur niet gezien. Ondanks dat we een gorsachtige (ongetwijfeld dé vogel) horen roepen, slaagt de gors in het volgende uur erin om uit beeld te blijven, tot ongenoegen van de circa 20 aanwezigen. Een groep Bontbekplevieren (waaronder 1 gekleurringde), 100+ Zilverplevieren, wat Kanoeten en 100en Bonte Strandlopers kunnen de teleurstelling amper wegnemen.

Rond kwart voor 12 geven we het op (er staat meer op het programma) en rijden we richting Neeltje Jans. Onderweg stoppen we eerst bij het Veerse Meer, waar de IJsduiker gauw gevonden is. De vogel foerageert fanatiek op kreeftachtigen en blijft hierbij minutenlang onder water. Vervolgens stoppen we op Neeltje Jans. Hier moeten we even zoeken, maar dan vinden we toch de lange tijd aanwezige Zwarte Zeekoet. Aanvankelijk zit de koet op grote afstand, maar dan wordt deze vogel in eerste winterkleed steeds vliegeriger en bestrijkt hij grote delen van het haventje. Hierbij komt de vogel ook op mooie afstand. Samen met Jeroen de Bruijn zien we ook enkele leuke bijvangsten: een Kuifduiker, 4 op pontons rustende Zeehonden en een Bruinvis (niet een vis zoals de naam doet vermoeden, maar een walvis). Deze laatste komt geregeld naar lucht happen en laat hierbij zeer geregeld en op relatief korte afstand een rugvin zien, erg gaaf!

Zwarte Zeekoet – Black Guillemot

Zwarte Zeekoet – Black Guillemot

Na deze geslaagde waarnemingen verlaten we de Oosterscheldekering en bezoeken we de Brouwersdam. Hier zien we geen bijzonder spectaculaire soorten, met naast de te verwachten soorten (Kuifduiker, Roodkeelduiker, Middelste Zaagbekken, Brilduikers, e.d.) een man IJseend, 2 Roodhalsfuten (1 in zomerkleed, 1 in winterkleed) en een Zeekoet als hoogtepunten.

Belgische Zilvermeeuw op de Brouwersdam – Herring Gull (from Belgium) at the ‘Brouwersdam’ (photo: Peter vd Meer)

De laatste bestemming van de dag is Battenoord. De Europese Kanaries laten zich echter alleen in vlucht zien (dus een nogal onbevredigende waarneming) en van de Fraters en Dwerggors ontbreekt zelfs ieder spoor. Een groep van 55 flamingo’s is niet te missen, maar staat zo ver weg te slapen dat de soortsamenstelling niet vast te stellen is. Daarom besteden we niet al te veel aandacht aan deze roze zuurstokken en verlaten we de Delta enigszins in mineur.

Uiteindelijk hebben we dus slechts drie (IJsduiker, Zwarte Zeekoet, IJseend) van de acht (IJsduiker, Zwarte Zeekoet, IJseend, Frater, Dwerggors, Flamingo, Witkopgors, Europese Kanarie) doelsoorten van de dag gezien, een score die wel eens hoger is uitgevallen.

Een goed begin is het halve werk

Zaterdag 2 januari 2016

Allereerst de beste wensen voor 2016! Een nieuw jaar, dus we beginnen weer met een schone jaarlijst. Om deze zo snel mogelijk weer op te vullen met leuke soorten, rijden we vandaag naar het Deltagebied. Bovendien kunnen Frank en mijn vader eindelijk de Witkopgors bezoeken, voor beiden nog een nieuwe soort. Vanochtend beginnen we helaas met slecht nieuws: Frank voelt zich niet helemaal fit en blijft dus thuis. Er zit niets anders op dan met z’n tweeën een ronde langs alle bekende plekken in Zeeland en aangrenzend Zuid-Holland te maken.

Onderweg tikken enkele regendruppels op de voorruit, maar eenmaal in Zeeland wordt het steeds droger en helderder, en worden we zelfs verwelkomd door enkele zonnestralen. Bij Wilhelminadorp werkt de Witkopgors erg goed mee, want we kunnen gelijk aanschuiven. De gors zit in tegenstelling tot mijn eerdere bezoekje helemaal vrij en foerageert hier op de (kennelijk talrijk aanwezige) zaden. Hierbij laat de vogel zich op een metertje of 20 fantastisch bekijken. Op het slik verder in het gebied foerageren de eerste nieuwe jaarsoorten van het jaar: Zilverplevieren, Kanoeten, Pijlstaarten, e.d.

Witkopgors – Pine Bunting

Omdat er meer op het schema staat, lopen we na een dik half uur terug richting de auto en gaan we naar de volgende bestemming. Op het Veerse Meer laten de gewenste IJsduikers het echter afweten en moeten we het doen met enkele Geoorde Futen, Middelste Zaagbekken, Brilduikers en een Kleine Zilverreiger. Twee Zwarte Zwanen kunnen mooi op het exotenlijstje. 😉

Extra gemotiveerd bezoeken we vervolgens Neeltje Jans. De hier al enige tijd verblijvende Zwarte Zeekoet krijgen we gelukkig wel snel in beeld. De vogel zit in een van de vele havens en laat zich op een dikke 150 meter prima bekijken. Een mannetje Middelste Zaagbek zwemt een stuk dichterbij en wil wel graag op de foto. Op de blokkendam van de Roggenplaat (het eiland twee kilometer ten noorden van Neeltje Jans) zitten bovendien 4 Kuifaalscholvers.

man Middelste Zaagbek – drake Red-breasted Merganser

Inmiddels hebben we de Oosterscheldekering verlaten en zijn we op Schouwen-Duiveland aangekomen. Dat vogelen soms erg voorspelbaar is, blijkt even later. In de auto zeggen we tegen elkaar dat het leuk zou zijn als we een Patrijs tegenkomen. Nog geen vijf minuten later zitten vijf exemplaren van deze fraaie hoendersoort midden op de weg; gelukkig gaan ze snel de berm in. Verder zwemt bij Burghsluis op de Oosterschelde de bekende man Grote Zee-eend, zit langs de Stolpweg een IJsvogel en vliegt een Kleine Zilverreiger over.

Patrijs – Grey Partridge (photo: Peter van der Meer)

Aangezien we tijd over lijken te hebben, passen we de Prunje in in ons tijdschema. Dat is geen verkeerde keuze, want tussen zo’n 1000 Rotganzen loopt een zeer fraaie Zwarte Rotgans. Ook kunnen we weer wat nieuwe jaarsoorten aan de 2016-lijst toevoegen (o.a. Ringmus) en zien we de 3e en 4e Kleine Zilverreiger van de dag.

Zwarte Rotgans – Black Brent

Onze een na laatste stop is de Brouwersdam. Samen met vele bekenden (o.a. Luuk Punt, Wim Wiegant, André Prins) speuren we geduldig het zeewater af. Dit levert o.a. een man IJseend, Zeekoet, Alk (op zeer grote afstand) en verder de hier gebruikelijke soorten als Paarse Strandloper, Kuifduiker, Roodkeelduiker enzovoort op. De grote afwezige is (net als eerder vandaag) de IJsduiker. Ook een korte scan over het Grevelingenmeer levert geen IJs- of Parelduiker op. Als laatste zoeken we naar de Roodhalsgans bij Goedereede, maar tevergeefs (al levert het wel een Indische Gans en de 5e Kleine Zilverreiger van de dag op). Bij Markenje spreken we kort met Herman van den Brand en co, die bezig zijn met een Big Day in de Delta. Gezien de tijd kiezen we ervoor om niet meer naar Battenoord te gaan voor de Flamingo’s, maar om linea recta naar huis te rijden (achteraf gezien een slechte keus).

6 rode taxa op een dag

Zondag 8 maart 2015

Sinds onze Groenlandse Kolgans look-a-likes bij Mijdrecht in december 2014 heb ik een bovengemiddelde interesse voor de Groenlandse Kolgans, een ondersoort van de algemeen overwinterende Kolgans. ‘Onze’ Kolganzen komen uit Siberië en overwinteren in hoge aantallen in ons land, terwijl de Groenlandse Kolgans bijna uitsluitend overwintert in Schotland en Ierland. Zeer zelden dwaalt deze ondersoort af naar ons land, tot 2014 waren er slechts 41 gevallen (van in totaal 83 exemplaren). Zie de website van PieterGeert Gelderblom voor een interessant artikel over de determinatie en status van deze taxon. Afgelopen vrijdag ontdekte Fred Visscher twee adulte exemplaren in Wieringen. Voor ons een uitgelezen kans om dit taxon met eigen ogen te aanschouwen. Aangezien er in de Kop van Noord-Holland verder nog vele andere leuke soorten worden gezien, is een dagje Noord-Holland gauw gepland.

Rond 10-en staan we samen met Herman van den Brand en August van Rijn bij het dorpje Hippolytushoef, waar we de ganzen al snel in beeld hebben. Ze (een paartje) trekken samen op en laten zich op enige afstand prima bekijken. De vogels zitten tussen de Kolganzen, maar zijn er goed uit te halen door de lange oranje snavels, donkerdere tint van de onder- en bovendelen en donkerdere indruk door uitgebreidere zwarte buikvlekken en minder opvallende veerrandjes op de bovendelen. Door de afstand heb ik helaas niet op de breedte van de witte staartband (een belangrijk kenmerk van deze ondersoort) kunnen letten. Dank voor deze fraaie ontdekking, Fred!

2 adulte Groenlandse Kolganzen – 2 adult Greenland White-fronted Geese

Zilvermeeuw F.AHV in de bebouwde kom van Hippolytushoef – Herring Gull F.AHV in Hippolytushoef

Nu de kolganzen binnen zijn, rijden we naar Julianadorp voor onze volgende doelsoort: al enige tijd verblijven 10 Pestvogels in een parkje in het dorp. Ook deze soort is gauw gevonden, dankzij de roep hebben we de vogels al snel gelokaliseerd. Ze laten zich aardig zien, hoog in de bomen rustend. Na een dik kwartier duiken ze eindelijk naar beneden om van de vlierbessen te snoepen, maar dankzij een kat die opduikt duurt dit slechts zeer kort, erg jammer. Daarna gaan deze prachtige vogels weer hoog in een els zitten, aangezien ons drukke programma voor ons het teken om door te gaan.

Pestvogel – Bohemian Waxwing

We rijden door naar Callantsoog, waar we de gehoopte Siberische Braamsluiper helaas niet kunnen vinden. De Roze Pelikaan (hetzelfde individu dat wij in oktober op Texel zagen) die in hetzelfde gebied bivakkeert, is duidelijk niet te missen. Het bakbeest is een stuk actiever dan gedacht en maakt bij onze aankomst zelfs een vluchtje door de woonwijk. Daarna landt de pelikaan weer in ‘zijn’ vijvertje en is hier op enkele meters afstand te bewonderen… Ook leuk is dat we hier onze eerste dagvlinder van het jaar zien: een Kleine Vos warmt namelijk korte tijd op op een stenenpad.

Roze Pelikaan (foto: Peter vd Meer) – Great White Pelican

Roze Pelikaan – Great White Pelican

Roze Pelikaan – Great White Pelican

Nog geen vijf kilometer verder zuidelijk is onze volgende stop. Langs de N502, aan de rand van het Zwanenwater, overwintert namelijk een Dwerggors. Deze zeldzame gors is echter vaak erg lastig en ik ken vogelaars die meerdere pogingen nodig gehad hebben om de vogel te zien te krijgen. Ook voor ons duurt het even voordat we deze broedvogel van de Siberische taiga in beeld krijgen. Na een klein uur zit de vogel echter ineens in een heg van de boerderij tussen de Geelgorzen. Dit duurt helaas niet lang, want binnen enkele minuten vliegt de gors weg en zien we hem niet meer terug. Desondanks zijn we erg blij met deze waarneming, want onze laatste Dwerggors was alweer in 2009 (Texel). Helaas is de foto compleet onscherp, zie hieronder. 😦 Een fraaie man Geelgors werkt gelukkig beter mee.

_Dwerggors

Dwerggors – Little Bunting

Geelgors – Yellowhammer

Als laatste brengen we een bezoekje aan het recreatiegebied Vooroever bij Medemblik, waar sinds 19 januari een Amerikaanse Oeverloper overwintert. Ook al zagen we deze zeer zeldzame steltloper al in januari, we zouden de vogel graag nog wat beter zien dan toen. En dus staan we rond vier uur aan de rand van het Markermeer, waar we dankzij andere vogelaars al gauw de oeverloper in beeld hebben. De vogel foerageert op afstand langs de rand van een eilandje, maar is door de scoop prima te bekijken. Het afkijken van de duikeenden levert bovendien een man IJseend en een man Topper op, gaaf! Andere leuke soorten zijn een Middelste Zaagbek, een van de eerste Witte Kwikstaarten van 2015 en vele Kluten.

Hier sluiten we de dag af, met als resultaat maar liefst 6 zeldzame (‘rode’) taxa op een dag. Een persoonlijk record?

Rondje Goeree / Schouwen

Zondag 2 maart 2014

Exact een maand geleden (op 2 februari) zagen Frank, mijn vader, Marianne Wustenhoff en ik in de Delta een groep Flamingo’s. Helaas hadden we toen vol tegenlicht. Daarom hadden wij het idee om deze winter nogmaals een kijkje te gaan nemen bij deze exotische vogels. Vandaag was de dag.

Bij Battenoord staan 38 van deze roze ‘zuurstokken’. De groep bestaat vandaag uit 11 gewone Flamingo’s, 19 Chilenen, 1 Caribische Flamingo, twee hybriden (hybride Chileense x Europese Flamingo en hybride Europese Flamingo x Caribische Flamingo) en enkele jongen waar we de moeite niet voor hebben genomen om ze te determineren op soort. Hier vinden we, tot onze verrassing, ook twee Kleine Strandlopers, foeragerend met vier Bontbekplevieren en een Bonte Strandloper. In de trektijd is dit zeker geen zeldzame soort, maar ’s winters is de situatie toch geheel anders. Slechts een enkel exemplaar doen jaarlijks een poging om te overwinteren in ons land. Ondanks de harde wind en de afstand, lukt het Frank om enkele foto’s  (veel meer dan een bewijsplaatje is het niet geworden) van deze zeldzame wintergast te maken. Een erg leuke bijvangst (en stiekem misschien zelfs nog wel leuker dan de flamingo’s).

Een van de twee Kleine Strandlopers – Little Stint (photo: Frank van der Meer)

Hierna rijden we richting de Brouwersdam. Dat we niet de enige zijn met dit idee, blijkt wel uit de vele windsurfers en mensen die langs het strand van de zon willen genieten. Hier treffen we (samen met Jillis Roos) helaas niet de gehoopte Zwarte Zeekoet en IJsduiker en moeten we het doen met de gebruikelijke Steenlopers, Paarse en Drieteenstrandlopers, Zwarte Zee-eenden en Roodkeelduikers. Wel leuk is het mannetje IJseend die zich leuk laat zien.

mannetje IJseend – male Long-tailed Duck

mannetje IJseend – male Long-tailed Duck

Op het volgende eiland zoeken we ook nog naar leuke soorten, maar veel verder dan 100-en rotganzen, Rosse Grutto’s en Zilverplevieren komen we niet. Op de terugweg richting Woerden doen we Stellendam nog aan, maar hier zien we geen verrassende dingen. Bij Hellevoetsluis zien we boven de N57 onze eerste Lepelaars van 2014 overvliegen. Door een navigatiefout bij knooppunt Benelux rijden we langs Barendrecht en dan kan je de Buffelkopeend van de Gaatkensplas natuurlijk niet links laten liggen… In eerste instantie kunnen we de Amerikaanse eend, die al sinds november 2004 op deze plas overwintert, niet vinden, maar als we langs de plas lopen, blijkt de Buffelkopeend op zeer korte afstand van ons langs het riet te zitten. De foto’s zijn door het late tijdstip en de ingezette schemer niet super, maar toch ben ik er toch wel blij mee. Een mooie afsluiter van de dag.

adulte man Buffelkopeend – ad male Bufflehead

adulte man Buffelkopeend – ad male Bufflehead

Zeekoetendag

Zondag 2 februari 2014

Op de carpoolplaats bij de A12 pikken we rond negenen Marianne Wustenhoff op voor een rondje Zeeland. We beginnen de vogeldag bij het Bokkegat op Noord-Beveland, waar al lange tijd een Sneeuwgans verblijft. De vogel is gauw gevonden tussen de vele Grauwe Ganzen. Ondanks het felle tegenlicht laat hij zich leuk zien en zelfs aardig fotograferen, zie hieronder. De Grauwe Ganzen en de Sneeuwganzen bevinden zich in een internationaal gezelschap: naast de (Noord-Amerikaanse) Sneeuwgans en de Grauwe Ganzen (Europese soort) zien we een Zwarte Zwaan (Australische soort) en enkele Nijlganzen (Afrika).

witte vorm Sneeuwgans – white morph Snow Goose

Hierna bezoeken we Neeltje Jans, maar net als eerder in januari werken de Kuifaalscholvers ook vandaag niet bepaald mee. Een leuke verrassing is een eerste winter Alk die in de zuidelijke havens rondzwemt. Hierna reizen we af richting de Plompetoren, waar op de Oosterschelde een Zeekoet en Kuifduiker zwemmen. Helaas laat de Alk die hier al enige weken zit, zich niet zien. Wel zien we de rugvinnen van zeker 4 Bruinvissen (ondanks de naam geen vis, maar een kleine walvissoort), toch een van de hoogtepunten van de dag.

Langs de Stolpweg foerageert een groep van 6 Reeën en iets verderop zoeken 2 Kleine Zilverreigers in een slootje naar voedsel. Tegenover de Prunje lukt het ons om minstens 2 Zwarte Rotganzen uit een zeer compacte groep rotganzen te halen. Helaas vliegt de gehele groep al (te) snel op door een Slechtvalk en landt aan de andere kant van de weg, waar vol tegenlicht ons weerhoudt om de groep verder af te kijken. Bij Zonnemaire stuiten we ook nog op de eerste Bruine Kiekendief van het jaar. Deze rover (een mannetje) vliegt laag boven een weiland en jaagt zelfs een Fazant de stuipen op het lijf.

Hierna brengen we een bezoekje aan de Brouwersdam. Hier zien we de tweede Alk en Zeekoet van de dag. Verder zien we hier enkele IJseenden (waaronder drie heel dichtbij, zie foto van Frank hieronder), een IJs- en enkele Roodkeelduikers en natuurlijk algemenere soorten als Zwarte Zee-eend, Middelste Zaagbek en Brilduiker. In het noordelijke deel (bij het zogenoemde ‘haventje’) is ook de Zwarte Zeekoet, die Frank en ik in januari ook al zagen, nog aanwezig. Met deze zeekoetensoort hebben we vandaag maar liefst onze derde soort zeekoet binnen, wat redelijk uniek is in Nederland.

man IJseend – male Long-tailed Duck (photo: Frank van der Meer)

De laatste bestemming is Battenoord, waar op relatief korte afstand een groep van zeker 42 flamingo’s overwintert. Ondanks dat we vol tegenlicht hebben, kunnen we tussen de vele Chileense Flamingo’s zeker 12 Europese Flamingo’s herkennen, evenals een Caribische Flamingo en een hybride Europese Flamingo x Caribische Flamingo. De vogels roepen geregeld en zijn zelfs al aan het paren. Enkele (Europese) Flamingo’s zijn geringd, maar het lukte ons slechts om een vogel af te lezen: ZV33. De flamingo’s betekenen direct ook het einde van een mooie vogeldag, met maar liefst 5 zeldzame soorten, drie soorten zeekoeten en daarnaast ook nog een groepje Bruinvissen.

Europese Flamingo – Greater Flamingo

Geringde Europese Flamingo met code ZV33 – colour-ringed Greater Flamingo (code ZV33)

Caribische Flamingo – American Flamingo

Chileense Flamingo’s met zeker 2, waarschijnlijk 3 Europese Flamingo’s – Chilean Flamingos and 2 or 3 Greater Flamingos

Hybride Flamingo x Caribische Flamingo – Hybrid Greater Flamingo x American Flamingo