Tagarchieven: IJsgors

Ook in de sneeuw is Texel mooi

Vrijdag 10 t/m zondag 12 februari 2017

Vrijdagochtend reizen mijn vader, moeder en ik weer eens af naar het prachtige Texel om het weekend door te brengen. Vanwege werk moet Frank helaas in Woerden achterblijven. Aan het eind van de ochtend nemen we vanuit Den Helder de boot naar de overkant. Leuk is het vrouwtje Topper dat in de veerhaven van Den Helder zwemt. Op het eiland rijden we eerst naar De Krim om de tassen uit te pakken, gelukkig hebben we nog een paar uur om te vogelen. Als eerste rijden mijn vader en ik richting Oudeschild. In de polders rondom dit kleine dorpje aan de oostkant zit al even een jonge Wilde Zwaan tussen de Knobbelzwanen. Al gauw zie ik een jonge, geelsnavelige zwaan tussen de Knobbels staan. Een minuutje ben ik in de veronderstelling dat het de Wilde Zwaan (zeldzame soort op Texel) is. Als ik beter kijk, blijkt het echter een Kleine Zwaan te zijn, zeker als ik opmerk dat de vogel naast een volwassen Kleine Zwaan staat. Jammer. In de haven van dit dorp is het gelukkig wel raak: de juveniele Grote Burgemeester is snel gevonden. Deze fraaie meeuw zit lekker dichtbij en laat zich dus prachtig bekijken.

Grote Burgemeester – Glaucous Gull (photo: Peter van der Meer)

De rest van de middag vogelen we langs de Waddenkant, maar op een drietal Witbuikrotganzen bij Nieuweschild na, leidt dit niet tot leuke waarnemingen. Als laatste rijden we de Oorsprongweg op, waar volgens andere vogelaars een groep IJsgorzen moet zitten. We vinden wel een grote groep Veldleeuweriken, maar helaas ontbreekt van de gorzen ieder spoor. Noemenswaardig is een Kleine Zilverreiger die in de sloot naast de weg foerageert.

Toendrarietgans – Tundra Bean Geese (photo: Peter van der Meer)

Kleine Zilverreiger – Little Egret (photo: Peter van der Meer)

Op zaterdagochtend lopen we een stukje over het strand bij Paal 9, hopend op leuke meeuwensoorten. Het enige noemenswaardige is echter een Duitse Zilvermeeuw. Vanwege de kou en de lage aantallen vogels houden we het snel voor gezien. ’s Middags doen we een vergelijkbaar rondje als gisteren. De Wilde Zwaan langs de Veenselangweg laat zich nu wel zien, samen met twee Kleine Zwanen en een paar Knobbelzwanen. De Grote Burgemeester daarentegen is spoorloos. Vlakbij Dijkmanshuizen zien we tussen circa 500 Rotganzen een fraaie adulte Zwarte Rotgans. Ander leuk ganzennieuws is de Kleine Rietgans in de weilanden net ten zuiden van Dorpzicht. Opvallend zijn de vele Kemphanen die op de weilanden langs de Waddenkust foerageren, vast doordat de natuurgebieden zijn dichtgevroren. Net als gisteren sluiten we de dag af langs de Oorsprongweg, waar we opnieuw niet erin slagen om de IJsgorzen op te sporen.

Zondag is alweer onze laatste dag op het eiland. Als ik opsta, valt mijn mond open van verbazing: afgelopen nacht is er een flink laagje sneeuw (van enkele centimeters) gevallen. Dat driemaal scheepsrecht is, bewijst het feit dat we er nu eindelijk wel in slagen om de IJsgorzen langs de Oorsprongweg in de telescoop te krijgen. De gorzen foerageren samen met de vele Veldleeuweriken op een stoppelveld en laten in vlucht af en toe hun kenmerkende roep horen. Eenmaal vliegt de hele groep op; een langsvliegend mannetje Smelleken blijkt de oorzaak te zijn. Uit de sloot naast de weg vliegt een Witgat op.

sneeuw

Huisje in de sneeuw

Bij het dorpje De Waal zit een tamme Watersnip in de sneeuw langs de weg en laat zich goed fotograferen. In de haven van Oudeschild is de Grote Burgemeester nog steeds aanwezig. Net als eerder dit weekend oogt de vogel niet fit: de vogel reageert amper op auto’s, beweegt nauwelijks en zit vaak met de snavel naar adem te happen. Hoe lang zou deze arctische meeuw het nog volhouden? Erg gaaf is het jonge mannetje Topper dat vlak naast de auto zwemt en daardoor fantastisch te zien en fotograferen is. Wat een fraaie eend.

Watersnip – Common Snipe (photo: Peter van der Meer)

Grote Burgemeester – Glaucous Gull (photo: Peter van der Meer)

Topper – Great Scaup

Na dit leuke rondje gaan we weer terug naar het huisje en pakken we de tassen weer in. Halverwege de middag pakken we de boot naar het vasteland en rond half 6 zijn we weer in Woerden. Hiermee komt een einde aan een leuk, maar koud weekendje Texel. Het is weer eens duidelijk geworden dat een weekendje Texel in elke periode van het jaar een goed idee is.

Dag 10 Texel: het zit er bijna op

Zaterdag 22 oktober 2016

Frank en ik beginnen de dag op de noordpunt. Over de Eierlandse Duinen vliegt een groep van zeker 30 Kruisbekken en iets verder in dit duingebied worden we getrakteerd op de Klapekster die hier al enige tijd aanwezig is. De klauwier laat zich bij tijd en wijle erg fraai zien, op korte afstand in het ochtendzonnetje.

Klapekster – Great Grey Shrike

Bij de vuurtoren komen we Jeroen de Bruijn en Diederik Kok tegen. Tijdens een kort praatje passeert natuurlijk de Bergheggenmus die zij gisteren wel getwitcht hebben de revue. We hebben net afscheid van ze genomen als er vanuit de Tuintjes twee gorsachtigen over komen vliegen en landen in de zeereep bij de vuurtoren. Wij hebben er helemaal niets aan kunnen zien, maar binnen enkele seconden komen Jeroen en Diederik snel teruglopen: “Dat leken wel 2 Witkopgorzen!“. We bereiken de plek waar de gorzen geland waren niet, want al snel zien we de gorzen al roepend over ons heen vliegen, terug richting de Tuintjes. Het lijkt erop dat ze bij het 1e bosjescomplex landen, maar een lange zoektocht die de hele ochtend duurt, levert spijtig genoeg niets meer op. Diederik heeft gelukkig wel enkele zeer suggestieve fotootjes en geluidsopname kunnen maken (zie hier), die toch duidelijk de roodbruine kop en borst, witte onderdelen zonder een spoortje van geel en witte ondervleugels laten zien. Waarschijnlijk net te slecht gedocumenteerd voor aanvaarding, maar desalniettemin zeer spannend!

Tijdens de zoektocht richten wij ons vooral op de zeereep achter de Tuintjes. Zoals hierboven vermeld zien we de twee gorzen niet meer terug. Wel zien we vele Rietgorzen, 2 overvliegende IJsgorzen en roepende Barmsijzen. Bovendien stoten we alweer mijn 5e Bokje ooit op Texel op. Opvallend, want dit najaar had ik pas mijn eerste voor het eiland.

Net als de afgelopen dagen spenderen we de middag in het zuidwesten van het eiland. De steenhopen en directe omgeving aan de Westerslag en Jan Ayeslag en een wandeling in de Westerduinen levert helaas niet veel op: een handjevol Heggenmussen, veel Roodborsten, wat Rietgorzen, een Roodborsttapuit, Tjiftjaf e.d. Als laatste rijden we nog even langs Polder Waalenburg. Leuk is de jonge Kleine Rietgans die met wat Grauwe en Kolganzen op het grasland foerageert. Tot slot vinden we nog een Smelleken dat op een akker langs de Hoofdweg rust.

juveniele Kleine Rietgans – juvenile Pink-footed Goose

juveniele Kleine Rietgans – juvenile Pink-footed Goose

Dag 9 Texel: gemengde gevoelens

Vrijdag 21 oktober 2016

Onze vogeldag begint vroeg als Frank en ik rond achten het huisje uitlopen om te gaan vogelen in het vakantiepark. Bij de groenstort horen we een Bladkoninkje roepen, al snel gevolgd door een tweede exemplaar. Een leuk begin van de dag! Door de dreigende lucht blijven we dicht bij huis, zodat we niet al te nat regenen.

Als we teruglopen, ontvangen we een piepje dat onze hartslag doet stijgen: op de Maasvlakte zit een Bergheggenmus, een nieuwe soort voor ons land! De soort waar wij al ruim een week naar zoeken hier op Texel. Thuis volgt een kort overleg: blijven we op het eiland en gaan we proberen er zelf eentje te vinden of gaan we het eiland af, op naar de Maasvlakte? Hoe graag we de soort ook zouden willen zien, we kiezen er voor om op het eiland te blijven. Misschien krijgen we binnenkort een herkansing voor de Bergheggenmus en hopelijk zelfs op Texel?

Een nieuw rondje over het park levert 2 overvliegende Kruisbekken op. Vervolgens rijden we richting Dorpzicht, waar Arend Wassink een Hop gevonden heeft. Samen met Arend rijden we naar de locatie waar hij de vogel voor het laatst gezien had. Hier zien we de Hop al snel vliegen richting het monument op de dijk. Later zien we de vogel nog eenmaal fraai (maar op afstand) zittend op een paaltje.

We maken een rondje langs de bosjes bij het Reddingboothuisje en langs de Robbenjager. Over dit laatste gebied vliegt een roepende IJsgors en een Appelvink. De Taigaboomkruiper van gisteren is nog aanwezig. De vogel zit minutenlang op enkele decimeters hoogte te rusten en is dan fantastisch te zien en te digiscopen.

Taigaboomkruiper – Eurasian Treecreeper

Inmiddels breken serieuze regenbuien los en dus lopen we gauw weer terug richting de auto. Even later zitten we weer in de auto naar huis. Rond half twee is het weer even droog en lopen Frank en ik weer een stukje door het park. Bij de groenstort zien we samen met Eric Menkveld opnieuw de 2 Bladkoningen van vanochtend.

Rond drieën klaart het nog verder op en dus gaan we vol op zoek naar onze eigen Bergheggenmus, deze keer in het zuidwesten van het eiland. Bij Westerslag komen we niet verder dan 3 Heggenmussen. Ook op andere plekken in het duin kunnen wij deze doelsoort niet vinden. Sterker nog, eigenlijk zien we verder helemaal geen hoogtepunten. Rond 5-en kijken we nog even over zee, maar verder dan enkele Roodkeelduikers en een aantal Alken of Zeekoeten komen we niet. Niet veel later maken we een einde aan deze vogeldag. Precies op het goede moment, want eenmaal in de auto breken plensbuien uit.

Heggenmus – Dunnock (photo: Peter van der Meer)

Na een dag met 2 Bladkoningen, een Hop en een geweldige Taigaboomkruiper mag je normaal gesproken niet klagen, maar ja, die Bergheggenmus…

Dag 8 Texel: van net niet naar net wel

Donderdag 20 oktober 2016

Door de vele buien en de veel te harde wind doen we ’s ochtends niet eens een poging om te gaan vogelen. Rond 11’en gaan we dan toch even naar buiten, naar Dorpzicht. Daar sta je nog een beetje beschut en enigszins uit de regen. Het leidt helaas niet tot leuke waarnemingen, slechts een enkele Tjiftjaf en Goudhaan laat zich zien.

Het eerste deel van de middag is een herhaling van het grootste deel van de ochtend: veel regen en wind; dus blijven we schuilen in ons huisje. Rond drieën wordt het iets droger en windstiller en geïnspireerd door een over ons vakantiepark vliegende Pestvogel (waargenomen door Guus Peterse) maken we een kort rondje over het park, zonder iets te zien. We besluiten in het zuiden te gaan vogelen, die Bergheggenmus moet toch ergens zitten?

We beginnen bij de Horsmeertjes, waar 3 Pestvogels (nieuwe Texelsoort) worden gezien. Als we aankomen, zijn ze even uit beeld, maar we horen dat ze er nog wel moeten zitten. Ik zonder me af van het groepje vogelaars, misschien zitten de Pestvogels iets verderop. Dit wordt genadeloos afgestraft: de andere vogelaars (inclusief mijn vader en broer) zien de drie Pestvogels opvliegen en verdwijnen richting het vasteland, maar ik ben net enkele seconden te laat. Balen! Een groepje van 7 barmsijzen (waaronder een waarschijnlijke man Grote), 2 Grote en 2 Kleine Zilverreigers en 2 late Grutto’s bieden een schrale troost.

We vogelen verder in het zuiden: over het Grote Vlak vliegt een vrouw(type) Blauwe Kiekendief en op de steenhopen langs de Jan Ayeslag zit helaas geen Bergheggenmus. De melding van een Bonte Tapuit in de Slufter doet ons besluiten om ons plan om te vogelen op de zuidpunt overboord te gooien. Bij de Kilstee pikken we Koen Stork op. Samen met 10 man zoeken we naar de dwaalgast (22e geval voor NL), maar zonder resultaat. Een tapuit op afstand verhoogt de adrenaline even. Als ik dichterbij loop, blijkt het echter een gewone Tapuit te zijn. Andere leuke soorten hier zijn 2 overvliegende IJsgorzen, de gebruikelijke groep Strandleeuweriken, een langsvliegend en verderop invallend Bokje en een erg laat Paapje.

Tapuit – Northern Wheatear (photo: Peter van der Meer)

We zijn net weer bij de auto gearriveerd als Frank een Goudvink doorappt. Gauw loop ik weer de dijk over en even later heb ik dan eindelijk een nieuwe Texelsoort in beeld. De Goudvink, een vrouwtje, zit langs het wandelpad tussen de Muy en de Slufter. De vogel roept geregeld (trompetgoudvink) en laat zich bij tijd en wijle prima zien. Veel tijd wordt ons echter niet gegund, want op de camping Robbenjager zit een Taigaboomkruiper, ook nog een nieuwe Texelsoort. Met dank aan Diederik Kok hebben Jolanda Wannet & man, Koen, Frank, mijn vader en ik in het laatste licht de Taigaboomkruiper in beeld. De vogel zit in het abelenbosje naast de chalet van Diederik en laat zich ondanks het afnemende licht prima zien, op korte afstand. Opvallend zijn de korte snavel en de zuiverwitte onderdelen. Voor andere kenmerken is het helaas al te donker, al zijn kenmerken als ‘het trapje’ altijd moeilijk te zien in het veld (vind ik).

Na dit geslaagde einde van deze dag zetten we Koen weer thuis af en gaan we naar huis. Het hadden zomaar vier nieuwe Texelsoorten kunnen zijn (Pestvogel, Bonte Tapuit, Goudvink, Taigaboomkruiper), maar met een middag met twee nieuwe mag je natuurlijk niet klagen (mijn vader had er ook twee, Frank drie).

Dag 7 Texel: het gebruikelijke spul

Woensdag 19 oktober 2o16

Als Frank en ik rond achten naar buiten gaan, voelen we regen en een veel te harde wind: dat hadden ze niet voorspeld! In de (open) duinen is het niet uit te houden, dus zoeken we maar weer het Krimbos op. In het bos roepen twee verschillende Bladkoningen en een groepje van 12 Kruisbekken vliegt over.

Later op de middag bezoeken we de Staatsbossen bij De Koog waar Eric Menkveld een Humes Bladkoning gevonden heeft. In het uurtje tijd vinden we deze (voor ons) nieuwe Texelsoort niet en ook de Blauwstaart lijkt weg. In de groepen Goudhanen zit wel een zwijgzame Bladkoning en een fraaie Vuurgoudhaan. Vervolgens rijden we terug richting de Cocksdorp. Op de kruising Hoofdweg-Oorsprongweg foerageert een IJsgors tussen wat Vinken en Kepen op een akker en in de Volharding blijkt de geringde Drieteenstrandloper van gisteren nog aanwezig.

Drieteenstrandloper – Sanderling (photo: Peter van der Meer)

Drieteenstrandloper – Sanderling

De middag beginnen we in Dorpzicht. Samen met Arend Wassink, Jos van den Berg en de familie Molenaar zoeken we naar de door Arend gemelde Pallas’ Boszanger, helaas zonder resultaat. Net als eerder in de Staatsbossen komen we een Bladkoning en een Vuurgoudhaan tegen en eenmaal horen we een (overvliegende?) boompieper spec. roepen. Bovendien vliegt een adulte Zwartkopmeeuw over, wat zijn ze toch algemeen dit najaar.

Tot slot maken we een rondje langs de oostkant van het eiland. Bij Minkewaal komen we een fraaie adulte man Blauwe Kiekendief tegen, bij De Bol op zee zwemmen de eerste Brilduikers en Geoorde Futen (erg ver…) van het najaar en op een ondergelopen akker langs de Hoofdweg lopen veel steltlopers (Kemphaan, Bontbek- en Goudplevieren) die goed in de gaten worden gehouden door een Slechtvalk.

Nog steeds goed toeven op Texel

Vrijdag 7 t/m maandag 10 oktober 2016

Ook dit weekend staat een lang weekend Texel op de planning. Om vrijdagmiddag 5 uur ben ik op het eiland en heb ik dus nog even vogeltijd voor het donker wordt. Bij de Petten lopen we even de dijk op, waar de Visarend in de Mokbaai een inkoppertje blijkt te zijn. De paar Oeverpiepers die langs de dijk foerageren, vormen een nieuwe Texeljaarsoort. Vervolgens zetten we koers naar De Cocksdorp, waar al enkele dagen een jonge Roze Spreeuw zit. Deze is zeker geen inkopper, maar na zo’n half uurtje zoeken zie ik de bruingrijze rakker plotseling in een struik in een van de voortuinen van de Kikkertstraat zitten. Erg leuk en bovendien prima te zien, al is het voor een bewijsplaatje inmiddels al net iets te laat.

Zaterdagochtend staan Frank en ik vroeg op om ergens in de duinen te gaan vogelen. Zo ver komen we echter niet, want een brede haag langs de Krimweg (tussen de parken De Krim en Sluftervallei) blijkt barstensvol met vogels te zitten. De hoofdmoot wordt gevormd door algemene soorten (mezen, Roodborsten, opmerkelijk veel Tjiftjaffen e.d.), maar ook zeker drie Bladkoninkjes laten van zich horen en zich zien. Een Barmsijs spec. vliegt hier roepend over. Rond 10-en fietsen we weer terug naar ons park en zoeken we samen met Jacob Garvelink en Marc Plomp naar een Draaihals, maar we slagen er niet in om deze schaarse spechtensoort terug te vinden. Wij moeten het doen met een overvliegende Kruisbek en iets verderop in het park zit kort een Grote Gele Kwikstaart in een slootje.

Na een korte middagpauze rijden we weer even door de Kikkertstraat, waar we snel de Roze Spreeuw terugvinden. De spreeuw zit opnieuw in zijn, naar blijkt, favoriete struik tussen de Kikkertstraat nr. 86 en 88, maar ook op de daken van de omringende huizen en foerageert zelfs even op de Waddendijk. We sluiten de dag af in De Tuintjes, waar we ons (samen met Eric Menkveld) vooral richten op de vele gorzensoorten in de zeereep. Die wordt namelijk bevolkt door 100-200 Rietgorzen, maar wanneer de gehele groep opvliegt, horen we ook enkele IJsgorzen. Helaas lukt het me niet om laatstgenoemde gors aan de grond te zien. De Dwerggors, die hier ook moet zitten, krijgen we niet in beeld, maar wel worden we verblijd door een Geelgors. Voor mij pas mijn tweede waarneming van deze soort op Texel. Even later zien we zelfs twee exemplaren van deze op de Wadden behoorlijk schaarse soort samen in één beeld.

Geelgors – Yellowhammer

Geelgors – Yellowhammer

Voor zondag is het plan om samen met Marianne Wustenhoff en Maria van Antwerpen te gaan vogelen. ’s Ochtends gaan Frank en ik gewoon ons eigen gang en maken we (tussen de buien door) een rondje door het Krimbos en de Eierlandse Duinen. Langs de Krimweg zijn de twee Bladkoninkjes van gisteren nog aanwezig en hier vliegt een Kruisbek roepend over. Langs de oevers van het plasje in het Krimbos zit een IJsvogel, terwijl achter ons wederom een Bladkoning van zich laat horen. Het Bokje dat hier soms ook gezien wordt, is helaas niet voor ons weggelegd. Tot slot vogelen we ook nog een uurtje in ons vakantiepark, wat ons het 4e en 5e Bladkoninkje van de dag oplevert.

Rond twaalven sluiten we ons bij onze vader, Marianne en Maria aan. Speciaal voor Maria en Marianne stoppen we als eerste even in De Cocksdorp, waar de Roze Spreeuw snel gevonden is. Net als de afgelopen dagen zit de vogel vooral in ‘zijn’ struik langs de Kikkertstraat en op de daken van de omringende huizen en opnieuw is de vogel fraai te zien. De vogel blijkt in beide vleugels de binnenste handpennen geruid te hebben. Na deze geslaagde twitch rijden we door naar Dorpzicht, waar Diederik Kok ’s ochtends een Raddes Boszanger gevonden had. De vogel blijkt moeilijk te zijn (geen verrassing gezien het terrein) en als we na een halfuur nog niets van de vogel hebben vernomen, gaan we weer verder.

Dankzij een tip van Ruud van Beusekom zoeken we bij Oost succesvol naar een Bokje: op het laatste stuk van de sloot zien we uiteindelijk één vogel (voor ons nog een nieuwe Texelsoort) opvliegen. De laatste uren besteden we aan de zuidwestkant van het eiland: hier stuiten we op een mooie groep van 6 Boomleeuweriken (Westerslag), een kort rondvliegende Velduil (Jan Ayeslag) en op het slik van het Grote Vlak foerageren 3-6 Strandleeuweriken, een IJsgors, Grote Zilverreiger en enkele Oeverpiepers.

Roze Spreeuw – Rosey Starling (photo: Peter van der Meer)

Roze Spreeuw – Rosy Starling

De maandagochtend besteden Frank en ik op een kleine camping in de buurt. Het hoogtepunt hier wordt gevormd door 2 Bladkoningen en een goedlachse Kramsvogel. Als we terug naar het huisje fietsen, valt mijn oog op een klein licht puntje bovenop een doornstruik, het blijkt een Klapekster te zijn. Leuk! Samen met onze vader maken we vervolgens een rondje over de Sluftervallei en het aangrenzende deel van het Krimbos. Een leuk rondje dat wordt opgeleukt door een late Fitis, enkele overvliegende Kruisbekken, een fraaie Beflijster, een roepende Bladkoning die zich af en toe laat zien, de Zomertaling die al enkele weken in het plasje in het Krimbos zwemt en een overvliegende Barmsijs.

In de middag bezoeken we opnieuw de zuidwestkant van het eiland. Bij Oost is het Bokje van gisteren nu onvindbaar, op het opslagterreintje aan de Westerslag zit deze keer alleen een Tapuit, in de duinen langs de Jan Ayeslag vliegt een Blauwe Kiekendief rond en tussen de Jan Ayeslag en de Hoornderslag zit een opvallend tamme Watersnip in de slootkant. Om 5 uur stap ik de veerboot op, gelukkig ben ik zeer snel (woensdag of donderdag) weer terug op dit prachtige Waddeneiland, dan voor anderhalve week. Mijn doel is om dan elke dag een (kort) weblogje bij te houden, eens zien of dat gaat lukken 😉

Zomertaling – Garganey (photo: Peter van der Meer)

Tapuit – Nothern Wheathear (photo: Peter van der Meer)

Watersnip – Common Snipe (photo: Peter van der Meer)

Dutch Birding-weekend: dag 5

Woensdag 15 oktober 2014

Net als gisteren zijn Frank en ik met het eerste licht buiten voor een rondje achter de Robbenjager langs. Voor de vijfde dag op rij geeft de Bladkoning van het Reddingboothuisje zich thuis, enkele malen horen we de vogel roepen. Hier roept vanuit het dichte struikgewas ook een Beflijster. De bosjes achter de Robbenjagerplas lijken leger dan gisteren, eigenlijk zien we niets noemenswaardigs. Het Renvogelveld daarentegen zit barstensvol met piepers, lijsters en spreeuwen. Leuk zijn de twee fraaie foeragerende Beflijsters en twee Oeverpiepers.

Aangezien er een Sperwergrasmus wordt doorgegeven in de Tuintjes, lopen we door naar deze zeldzaamhedenhotspot. Ondanks het uur dat hem proberen in beeld te krijgen, lukt het de grasmus om uit beeld te blijven. Wel hoor en zie ik hier mijn eerste IJsgors van het najaar en zit in een groep Goudhanen een Vuurgoudhaantje. Als we het opgeven en verder de Tuintjes in lopen, belt Marnix Jonker dat de Sperwergrasmus weer in beeld is. Gauw lopen we terug, maar het duurt nog zeker een half uur voordat hij in beeld komt. Dit gebeurt op een voor de soort kenmerkende manier: vliegend tussen twee boscomplexen. Zodra de vogel de bramen induikt, zit de vogel binnen een seconde zo diep dat ‘ie gelijk niet meer te zien. Uiteindelijk vliegt de vogel nog een stukje en laat zich enkele seconden mooi zien in de top van een bramenstruweel. Hierna laten we de Sperwergrasmus met rust en zoeken we nog even naar de Hop die we zondag nog zo mooi zagen. Deze fraaie soort laat zich echter niet meer zien, misschien weer doorgetrokken?

Roodborsttapuit – Stonechat

In de middag rijden we naar de haven van Oudeschild, maar hier zien we niets. Vanaf hier rijden we gauw door naar het zuiden, waar in de Molenkolk een Rosse Franjepoot gevonden is. Deze hyperactieve steltloper laat zich op enige afstand leuk bekijken. Daarna rijden we naar het Grote Vlak, waar we mijn derde nieuwe Texelsoort van de week zien: langs de plas vinden we namelijk een Waterpieper, een soort die op Texel tamelijk zeldzaam is. Samen met Marnix Jonker kunnen we de vogel leuk bekijken op niet al te grote afstand. Voor een bewijsplaatje duikt hij helaas net te snel een niet-afzoekbare hoek in. Na deze leuke en verrassende waarneming rijden we enkele parkeerplaatsen langs de Noordzeekant af. Op de bergen met stenen hebben in het verleden leuke dwaalgasten gezeten (o.a. Bonte Tapuit en Alpenheggenmus). Wij zien hier twee Roodborsttapuiten en een erg fotogenieke Tapuit. Daarna rijden terug naar het huisje, waar net als gisteren een Bladkoninkje in de bosjes in onze tuin rondhipt. Deze Siberische doortrekker foerageert op ooghoogte en laat zich een minuutje of 10 echt fantastisch bekijken.

Rosse Franjepoot – Red Phalarope

Tapuit – Northern Wheatear