Tagarchieven: Rouwkwikstaart

Texel in het voorjaar

Vrijdag 14 april t/m zondag 14 mei 2017

Terwijl ik dit weblog schrijf, zit een man Beflijster op 15 meter van het raam te foerageren 🙂

Ook dit voorjaar was Texel de plek waar we het grootste deel van het voorjaar doorbrengen. Een weekendje halverwege april en vanaf 27 april twee volle weekjes hebben we vele uren buiten gevogeld, op zoek naar leuke en zeldzame soorten. Een echte klapper bleef helaas uit (die vielen wel direct ten noordwesten en zuiden van ons), al mag je met 2-3 Roodstuitzwaluwen, 2 Steppekiekendieven en twee nieuwe Texelsoorten (Roek en Ortolaan, nu in totaal 284 soorten op het eiland) natuurlijk niet klagen. Uiteraard geef ik de voorkeur aan vogelen, ook in de avonduren, in plaats van elke dag een weblog te schrijven. Vandaar nu een overzicht van de leukste waarnemingen in deze periode.

man IJseend tussen Eiders – drake Long-tailed Duck in flock Common Eiders

Groepen rotganzen blijven tegenwoordig tot eind mei hangen. In deze groepen zijn vaak ook een enkele Witbuik- en Zwarte Rotgans te vinden. De omgeving van Dijkmanshuizen en Dorpzicht zijn goede plekken om deze zeldzamere rotganzen te vinden. Opmerkelijk was de Wilde Zwaan die op 16 april tussen enkele Knobbelzwanen langs de Kadijksweg zat, ongetwijfeld dezelfde vogel die afgelopen winter in de omgeving van Oudeschild werd gezien. Zomertalingen zijn erg schaars op Texel en mogen dus niet ontbreken in dit overzicht. Een paartje bevond zich op 15 april in het Grote Vlak en een man zwom op 4 en 9 mei in Dijkmanshuizen. Leuk was de zomerkleed man IJseend die op 28 april vlakbij de Vuurtoren zwom. Een Grote Zilverreiger (nog steeds behoorlijk schaars op Texel) stond op 10 mei in het Grote Vlak. Adulten Jan-van-Genten vlogen over de Noordzee bij de Vuurtoren en bij Paal 9 (Hoornderslag).

Zwarte Rotgans (midden) – Black Brant (center; photo: Peter van der Meer)

Wilde Zwaan – Whooper Swan (photo: Peter van der Meer)

Op zondag 30 april was er in heel Nederland beukende roofvogeltrek. Ook Texel kon een graantje hiervan meepikken. Uiteindelijk pikten wij die dag op de noordpunt 2 Visarenden (waarvan eentje over de tuin!), 1 Zwarte Wouw, 1 Grauwe of Steppekiek (foto’s) en 4 Smellekens op.
Gelukkig vlogen ook op andere dagen leuke rovers rond op Texel. Zo joeg op 6 mei een Visarend boven de Vijver van Jochems. Naast de ongedetermineerde ringtail zagen we ook twee zekere Steppekiekendieven. Op 4 mei zagen we samen met Han Zevenhuizen een jonge vogel in de Eierlandse Duinen en de volgende dag zat een exemplaar te rusten op een duintje in de Bollekamer. Een Boomvalk trok op 3 mei over de Krimweg. Naast de vier Smellekens op 30 april, zagen we deze periode nog 4 andere exemplaren.

Fijn was de adulte Kraanvogel die op 14 mei in de Muy liep. Drie Steltkluten liepen op 29 april in de Westerkolk. Een typische voorjaarsgast op Texel is de Morinelplevier. Elk voorjaar doet een kleine groep van deze fraaie plevieren dit Waddeneiland aan. Dit jaar waren de akkers langs de Muyweg de uitverkoren locatie. Vanaf 29 april liepen daar maximaal 8 exemplaren. Paarse Strandlopers waren te zien in Ottersaat, in de veerhaven van Den Helder en op de Eierlandse Dam. Net als in andere voorjaren was Dijkmanshuizen een goede locatie voor steltlopers, getuige de vele strandlopers hier te vinden waren. Hiertussen zaten ook ten minste 2 Kleine en 3 Temmincks Strandlopers en zelfs een ad zomerkleed Grauwe Franjepoot.

Kraanvogel – Common Crane

Regenwulp – Whimbrel (photo: Peter van der Meer)

De omgeploegde akkers trekken vaak grote groepen meeuwen aan. Hieronder bevonden zich zeker 4 Zwartkopmeeuwen (2 1e zomers, 1 2e zomer, 1 ad zomer), een soort die nog steeds behoorlijk schaars is op Texel. Een andere 2e zomer, in Dijkmanshuizen, was gekleurringd, maar helaas zat deze te ver om af te lezen. Tot slot zaten twee adulten en een jong beest op het wad bij de Cocksdorp. Een andere leuke meeuwensoort is de Dwergmeeuw, waarvan op 5 mei twee kleine groepjes ver over de Noordzee ter hoogte van de Vuurtoren vlogen. Dwerg- en Noordse Sterns zijn beide schaarse tot zeldzame broedvogels op Texel, die vooral aan de oostkust tot broeden komen. Voor Dwergsterns zijn de Volharding en het strand bij de Vuurtoren en Paal 9 goede locaties, terwijl we onze enige 2 Noordse Sterns van dit voorjaar op Ottersaat (op 16 april) zagen.

ad zomer Zwartkopmeeuw – ad summer Mediterranean Gull

1e zomer Zwartkopmeeuw – 1st summer Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Zomertortels lijken met het jaar zeldzamer op Texel te worden. Een van de beste plekken op het eiland is de ruime omgeving van de Krimweg (vakantieparken de Krim & Sluftervallei en het Krimbos). Hier waren op meerdere dagen maximaal 2 exemplaren aanwezig. Met dank aan Tim Schipper zagen we op 28 april een Draaihals. Deze zeldzame spechtensoort foerageerde in een klein duinvalleitje net ten zuiden van de Vuurtoren op mieren en liet zich erg fraai bekijken.

Zomertortel – European Turtle Dove (photo: Peter van der Meer)

Draaihals – Wryneck (photo: Peter van der Meer)

Op 14 mei liet een Wielewaal in het Krimbos enkele malen van zich horen. De eerste nieuwe Texelsoort (#283) van dit jaar zagen we op 16 april. Aan het eind van de Oorsprongweg zaten 3 Roeken, een soort die niet broedt op Texel en hier dus erg schaars is. Een van de hoogtepunten van deze periode Texel was de Roodstuitzwaluw. In de hele periode vlogen 2-3 exemplaren rond op het eiland: naast het unieke geval van de Roggesloot (die er een week zat), slaagden Frank en ik erin om op 6 mei tweemaal een exemplaar bij de Vuurtoren op te pikken. De vraag is of het tweemaal hetzelfde individu was of dat het gaat om twee beesten gaat. Fluiters waren opmerkelijk goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met minstens drie exemplaren op alleen al de noordpunt: 30 april in de Tuintjes en 2 in het Krimbos op 4 mei. Ter vergelijking, tot dit jaar had ik in totaal 3 Fluiters op het eiland. Leuk was de Vuurgoudhaan die zich op 30 april in de Tuintjes bevond. In dit gebied zat op 6 mei een prachtige zwart-witte man Bonte Vliegenvanger; een noordelijke vogel dus.

Roodstuitzwaluw – Red-rumped Swallow (photo: Peter van der Meer)

Vuurgoudhaan – Firecrest (photo: Peter van der Meer)

In vergelijking met andere jaren leken Beflijsters in hogere aantallen aanwezig. Op vele dagen waren exemplaren aanwezig in de duingebieden. Een prachtige man zat zeker 5 dagen achtereenvolgend in de tuin van onze bungalow. Een late Kramsvogel liep op 6 mei op het Renvogelveld. Paapjes waren opmerkelijk schaars met drie exemplaren: 2 in de Tuintjes en in de Mokbaai. Op het Renvogelveld liep een mannetje Rouwkwikstaart (14 april) en op dezelfde plek liepen in mei 3 Noordse en Engelse Kwikstaarten. Laatstgenoemde was ook te zien in Dijkmanshuizen (4 mei) en De Nederlanden (6 mei). Een Appelvink vloog op 12 mei roepend rond boven het Krimbos. Tot slot betekende een man Ortolaan op 7 en 8 mei een nieuwe Texelsoort (#284). De gors foerageerde in de wegberm van de Redoute op paardenbloemzaden en liet zich op korte afstand fraai zien.

Beflijster in de tuin – Ring Ouzel in garden (photo: Peter van der Meer)

man Rouwkwikstaart – male Pied Wagtail ssp. yarrellii (photo: Peter van der Meer)

Noordse Kwikstaart – Grey-headed Wagtail ssp. thunbergi

Ortolaan – Ortolan Bunting

Rustig weekendje Texel

Vrijdag 13 maart tot zondag 15 maart 2015

Vrijdagmiddag reis ik met de trein af naar Texel, waar mijn ouders al sinds donderdag zitten. Dit gehele jaar ben ik nog geen enkele keer op dit Waddeneiland geweest, dus het wordt weer eens tijd. 😉 Rond 4-en pikt mijn vader me op in de veerhaven en rijden we wat rond langs de Waddenkust, maar hier is het erg rustig. Slechts wat Rotganzen en een Dodaars (in de haven van Oudeschild) zijn het noemen waard. In het park bekijken we twee Ransuilen die in enkele dennen roesten.

Zaterdagochtend zetten we koers richting de Staatsbossen. Hier was Marc Plomp afgelopen donderdag namelijk op zoek naar Boomleeuweriken (een zeer schaarse broedvogel op Texel), toen hij vanuit een elzenbos ineens een Kleine Bonte Specht hoorde roepen. De dagen daarna werd deze specht (pas het 7e geval ooit voor Texel) regelmatig gezien en werd zelfs een tweede vogel gevonden. Onderweg naar ‘De Dennen’ (zoals het bosgebied op Texel genoemd wordt) zien we langs de Postweg ter hoogte van de Slufterweg een Kleine Zilverreiger in tegengestelde richting langs de auto vliegen, leuk! Samen met Jos van den Berg, Arend Wassink en Marc zoeken we de gehele ochtend naar Europa’s kleinste spechtensoort, maar het is mij niet gegund om de vogel waar te nemen. Mijn vader ziet de vogel wel kort en hoort de vogel ook roepen, maar wanneer ik eindelijk op de goede plek ben, is de vogel alweer spoorloos verdwenen. Jammer! In het bos stuit ik nog wel op een Witkop(pige) Staartmees. De vogel trekt op met een ‘normale’ Staartmees. In het veld leek de kop geheel wit en ook de andere kenmerken leken prima voor een zuivere Witkop, maar op basis van de door anderen gemaakte foto’s lijkt het toch te gaan om een Witkoppige Staartmees.

Rond 1-en verlaten we het bos en zoeken we op verschillende plekken in het zuiden en oosten van het eiland naar leuke soorten. Langs de Jan Ayeslag komen we twee vrouwtype Blauwe Kiekendieven tegen en in de Mokbaai zien we tussen de Eiders, Brilduikers en Middelste Zaagbekken helaas niet de gehoopte IJseend.

Blauwe Kiekendief – Hen Harrier

In de haven van Oudeschild merken we een adulte, gekleurringde Zilvermeeuw op. De vogel is als kuiken geringd op 24 juni 2010 in de duinen bij de Horsmeertjes (Kelderhuispolder) en is al 65x afgelezen: bijna uitsluitend op Texel, maar ook in Kornwerderzand en Den Helder.

adulte Zilvermeeuw (K.ACL) – adult colour-ringed Herring Gull (K.ACL)

Een van de hoogtepunten van vandaag is een grote groep van enkele 1000-en Rotganzen tussen Wagejot en De Bol. In zo’n grote groep moeten natuurlijk ook leuke rotganzen zitten. Het duurt even voordat we ze vinden, maar uiteindelijk tellen we zeker 2 Zwarte en 6 Witbuikrotganzen, waaronder een Witbuikrotgans die lekker dichtbij zit (zie foto hieronder).

Ad Witbuikrotgans – adult Pale-bellied Brent Goose

Ook de zondagochtend besteden we in de Staatsbossen. Na ongeveer 2 uur zoeken hoor ik eindelijk eenmaal duidelijk de roep van de Kleine Bonte Specht. We wachten nog een uur, maar de vogel laat helaas niet meer van zich horen of zien. Eén roepsessie, het is niet veel maar altijd nog beter dan niets… De mogelijke Witkopstaartmees laat zich ook weer even zien en daarnaast kunnen we een kekkende Havik en meerdere overvliegende Sijs noteren. In de middag nemen we een kijkje bij Polder Waalenburg. Leuk zijn 2 Rouwkwikstaarten die samen met enkele Witte Kwikstaarten op de drogere delen van het gebied foerageren. Verder zien we mijn derde Lepelaar van 2015 en foerageert een Kemphaan op korte afstand van de weg.

Rouwkwikstaart – Pied Wagtail

Kemphaan – Ruff (photo: Peter vd Meer)

Daarna rijden we naar onze bungalow om de spullen in te pakken en zit het weekendje Texel er alweer op.

Weekendje Texel I

Vrijdag 9 tot zondag 11 mei 2014

Van vrijdag 9 mei tot zondag 25 mei zitten mijn ouders in een bungalow op Texel (bij De Cocksdorp). Doordeweeks heb ik helaas studieverplichtingen, maar waarschijnlijk lukt het me wel om drie weekenden door te brengen op dit prachtige Waddeneiland 🙂 Hieronder een verslag van het eerste weekend.

Op vrijdag reis ik na mijn laatste tentamen van deze periode samen met mijn broer Frank met de trein naar Den Helder, waar we om 20.30 uur de boot naar Texel hebben. Op het eiland rijden we nog even langs de Roggesloot, waar de afgelopen week een Snor (zeer zeldzame en voor mij tevens een nieuwe soort voor Texel) werd waargenomen. Mede door de harde wind horen we deze soort echter niet, wij moeten het doen met twee Rietzangers.

Op zaterdagochtend blijken, zoals verwacht, de regenbuien te overheersen. In de tuin zingt een erg fanatieke Braamsluiper. In de miezer rijden we naar de Robbenjager, waar we 5 soorten kwikstaarten (Witte, Rouw-, Gele, Engelse en Noordse), drie soorten zwaluwen, Kleine en Bontbekplevier en Groenpoot- en Bosruiters zien. Leuk om te zien hoe het gebied en het uitkijkpunt zijn opgeknapt, het ziet er nu zeer fraai uit (en belangrijker: we kunnen hier enigszins droog en uit de wind zitten). Later rijden we naar de andere kant van De Cocksdorp, waar we een mooie groep van 33 Morinelplevieren zien. Ondanks de harde wind en de regen laten ze zich aardig zien. Op dezelfde akker foerageren ook nog 30 Bontbek- en 2 Kleine Plevieren en twee fraaie Bonte Strandlopers in zomerkleed. Op de terugweg rijden we langs de Volharding, waar de eerste Dwergsterns van het jaar, Rosse Grutto’s, Regenwulp en Drieteenstrandlopers foerageren. Als het ’s middags opklaart, vogelen we nog bij de plasjes langs de Waddenkant. De hoogtepunten worden gevormd door 2 Noordse Sterns, een gewonde Toendrarietgans en verder de al eerder vandaag waargenomen steltlopers (Bonte Strandlopers, Steenlopers, Rosse Grutto, Regenwulp e.d.).

Vernieuwd uitkijkpunt op De Robbenjager, met op de achtergrond het Renvogelveldje.

Vernieuwd uitkijkpunt op De Robbenjager, met op de achtergrond het Renvogelveldje.

4 Morinelplevieren – 4 Dotterels

Zondag is een herhaling van zetten. ’s Ochtends door de zeer krachtige wind en intense regenval niets gedaan. In de middag beginnen we bij het Renvogelveldje (Robbenjager), waar we vooral dezelfde soorten als gisteren zien. In tegenstelling tot gisteren zien we hier vandaag een Steenloper, 2 Bonte en 2 Drieteenstrandlopers. Op een akker langs de Vuurtorenweg zit een mooie groep steltlopers: zeker 50 Zilverplevieren met daartussen vele Bonte Strandlopers, Rosse Grutto’s, Bontbekplevieren en Steenlopers. Als laatste rijden we via de plasjes langs de oostkust, maar echte hoogtepunten blijven helaas uit. Frank en ik hebben nog net de boot van 16.00 uur naar Den Helder, waar ons vogelweekend stopt.

Conclusie van het eerste weekend: een compleet verregend en verwaaid weekend dat enigszins werd opgeleukt door enkele leuke soorten (Morinelplevier, Engelse & Noordse Kwikstaart).

Lente

Zaterdag 5 en zondag 6 april 2014

Op zaterdag Waverhoek met een bezoekje vereerd. Hier lopen zeker 100 Kemphanen, 24 Kluten en een Zwarte Ruiter naar voedsel te zoeken. Verder horen we 2 Blauwborsten en de eerste Rietzanger van het jaar en zitten er in het gebied zeker 200 Wintertalingen, met daartussen minstens 6 Zomertalingen. We bekijken alle Wintertalingen zorgvuldig, maar helaas treffen we geen Amerikaanse Wintertaling ;). Het leukste zijn 2 Dwergmeeuwtjes in winterkleed, die fanatiek boven de plas foerageren. Een enkele maal landen ze even op het water tussen de Kokmeeuwen.

mannetje Blauwborst – male Bluethroat

mannetje Blauwborst – male Bluethroat

mannetje Blauwborst – male Bluethroat

Op Botshol zwemt een relatief late vrouw Brilduiker en zitten op een eilandje twee broedverdachte Lepelaars. Vervolgens rijden we naar de Ruygeborg, een nieuwe natuurontwikkelingsgebiedje bij Nieuwkoop, om de Zwarte Ibissen op de maandlijst te zetten (sorry Marianne ;)). Naast de parkeerplaats komen we de twee ibissen gelijk al tegen, rustig foeragerend in een brede sloot. Hier zwemt ook een mannetje Zomertaling en enkele Wintertalingen. Dieper in het gebied zwemmen 35 Pijlstaarten, Slobeenden, vliegt een Slechtvalk over en foerageert een Kemphaan. Een Roerdomp laat een enkele maal van zich horen. De mogelijke vrouw Blauwvleugeltaling, die hier al een week verblijft, komt echter niet in beeld.

Vanochtend (zondag) werd een Amerikaanse Wintertaling ontdekt in de Brabantse Biesbosch. Aangezien wij verder geen plannen hadden gemaakt, en omdat wij wel weer eens graag een Zeearend (die in dit gebied broeden) zouden willen zien (en dan niet op 1 km afstand zoals in de Oostvaardersplassen), werd de Biesbosch onze bestemming voor vandaag. Bij aankomst in Polder Hardenhoek is deze zeldzame eend echter niet meer in beeld en tijdens onze aanwezigheid zou hij ook niet in beeld komen. Wel horen we hier een Cetti’s Zanger, Fitis, 2 Rietzangers en een Blauwborst. In een grote meeuwen- en Klutenkolonie zien we, op grote afstand, bovendien twee Zwartkopmeeuwen en een stukje verderop treffen we ook nog een Rouwkwikstaart en een fanatiek zingende Veldleeuwerik.

Daarna rijden we de Deeneplaatweg op. Ook hier liggen veel natuurontwikkelingsgebiedjes. Bij een van deze gebiedjes stoppen we om het af te kijken op steltlopers. Ons eerste Witgatje van het jaar en een Kleine Plevier zoeken hier naar voedsel. Net voor we de auto bereiken, vliegt plotseling een zeer lichte en slanke kiekendief mijn beeld in. Dit moet wel een Steppekiekendief zijn! De vogel vliegt eerst hoog, maar daalt gelukkig al snel iets. Hij vervolgt zijn weg rustig richting zuid. Zeer goed zijn de zwarte ‘wybertjes’ en het ontbreken van een donkere ondervleugelachterrand te zien. De waarneming duurt maar ongeveer een minuut, maar laat drie waarnemers in extase achter. Wat een gave soort en wat een mooie vogel! Terwijl Frank en ik de kenmerken controleren, lukt het mijn vader om een 10-tal foto’s van de vogel te maken. Gezien de afstand (ongeveer 150 meter) zijn het geen topplaatjes, maar ze laten toch duidelijk een Steppekiekendief zien.

Hoogtepunt van de dag: man Steppekiekendief – male Pallid Harrier: highlight of the day (photo: Peter van der Meer)

man Steppekiekendief – male Pallid Harrier (photo: Peter van der Meer)

Terug bij de auto rijden we weer terug richting Polder Hardenhoek. Onderweg stoppen we nog een keertje, hier zingt wederom een Cetti’s Zanger (zie hier voor een geluidsopname) en daarnaast laten een Matkop, Zwartkop, Gekraagde Roodstaart en meerdere Fitissen en Tjiftjaffen van zich horen. Op een pinksterbloem zit een Klein Geaderd Witje. Aan de andere kant van de weg vliegen zeker 50 Oeverzwaluwen boven een plas-drasgebiedje.

Klein Geaderd Witje – Green-veined White

Als laatste proberen we nog eenmaal de Amerikaanse Wintertaling te vinden. Samen met Mary en Ed van der Es zoeken we wederom alle Wintertalingen af, op zoek naar de Amerikaanse equivalent. De talingen zitten nu een stuk dichterbij en de spanning stijgt, zullen we hem nu wel in beeld krijgen? Al gauw zien we wel een aparte Bergeend, het blijkt een albino Bergeend te zijn (dus een Bergeend met een kleurafwijking). Voor een goede foto zit de vogel echter veel te ver.

albino Bergeend – albino Common Shelduck

Via Mary en Ed krijgen we te horen dat vogelaars aan de overkant van het gebied de Amerikaanse Wintertaling op dit moment in beeld hebben. Omdat wij hem vanaf onze kant echt niet kunnen vinden, rijden we naar de andere kant van het gebied. Hier krijgen we al gauw de zeldzame taling in beeld, zij het op enige afstand. De vogel is zeer goed tussen de Wintertalingen uit te halen door de verticale witte borststreep en het ontbreken van een horizontale witte flankstreep. De vogel zit te ver om vast te kunnen stellen of de vogel geringd is.

Amerikaanse Wintertaling – Green-winged Teal

Amerikaanse Wintertaling – Green-winged Teal

Nu we ook deze taling (toch de doelsoort van vandaag) gezien hebben, rijden we weer naar huis. Met twee Zwarte Ibissen, een zelfontdekte man Steppekiekendief, een Amerikaanse Wintertaling en liefst 10 nieuwe jaarsoorten is het een zeer geslaagd weekend geworden waar ik nog geregeld aan zal terugdenken.

Weer een Amerikaanse eend

Zondag 16 maart 2014

Vorige week zondag fotografeerde Thea van Gogh een mannetje Ringsnaveleend in de Broekpolder (Vlaardingen). De afgelopen week werd de vogel dagelijks waargenomen en omdat het alweer 4 jaar geleden was dat we een Ringsnaveleend hebben gezien, werd het wel weer eens tijd voor een nieuwe waarneming.

Gelijk bij aankomst in Vlaardingen wordt ons al duidelijk dat de Tjiftjaffen alweer massaal zijn teruggekeerd uit hun overwinteringsgebieden. In totaal horen we vandaag zeker 10 exemplaren. Ter vergelijking, voor vandaag had ik er pas eentje dit jaar. De Ringsnaveleend vinden, blijkt niet al te moeilijk te zijn: binnen 5 minuten hebben we de vogel gevonden. Hij laat zich, op 100-200 meter afstand, leuk zien samen met 10-tallen andere duikeenden. Wel is de vogel erg duikerig. Op dezelfde plas zwemmen ook een Geoorde Fuut en meerdere Dodaarzen (die alweer fanatiek hun baltsroep laten horen).

man Ringsnaveleend – male Ring-necked Duck

man Ringsnaveleend (links) met Kuif- en Krakeenden – male Ring-necked Duck (left) with Tufted Ducks and Gadwalls

Iets verderop komen we een Klapekster tegen. Leuk, zeker nu deze soort deze winter schaarser lijkt te zijn dan anders. Hier treffen we ook een mannetje Rouwkwikstaart die samen met enkele Witte Kwikstaarten langs een plas foerageert.

Klapekster – Great Grey Shrike

Klapekster – Great Grey Shrike

Rouwkwikstaart – Pied Wagtail (photo: Frank vd Meer)

Als we weer bij de auto zijn, rijden we iets verder naar de Alkeet-Buitenpolder. Hier waren afgelopen week 2 Roodhalsganzen gezien. Helaas laten deze fraaie ganzen zich niet zien. Tussen de 100-en Kol- en Brandganzen vinden we wel een Kleine Canadese Gans die samen met een kruising tussen een Kleine Canadese Gans en een Brandgans foerageert. Ook laten zeker twee Cetti’s Zangers enkele malen van zich horen.

We sluiten de dag af in Breeveld om nog even te kijken of we de Hybride Kuifeend x Ringsnaveleend kunnen vinden. Hoe vaak krijg je nou de kans om op één dag een Ringsnaveleend, Kuifeend én een kruising tussen beide soorten te zien? In Woerden hebben we deze eend gauw gevonden. Actief is hij zeker niet, slechts eenmaal zie ik even kort de kop en kenmerkende snavel.