Tagarchieven: Wespendief

Geweldig voorjaar op Texel

Vrijdag 27 april t/m zondag 10 juni 2018

Vanwege mijn stage bij Imares (Den Helder) woon ik van koningsdag t/m eind augustus op het prachtige Waddeneiland Texel. De eerste tweeënhalve week stonden in het teken van fanatiek vogelen, daarna begon de stage en werd het vogelen beperkt tot de avonduurtjes en weekenden.

Het was een geweldige eerste anderhalve maand, met talloze krenten in de pap. De periode leverde mij 5 nieuwe Texelsoorten (#294-298) op: Krooneend, Zee- en Bastaardarend, Kleine Klapekster en Grauwe Gors. Buiten deze 5 soorten waren er genoeg hoogtepunten, zie het uitgebreide verhaal hieronder.

—–

Op 5 en 6 mei zat een (ongeringd) paartje Casarca’s in het ganzenreservaat Zeeburg; weliswaar een discutabele soort maar wel behoorlijk schaars op Texel. Een man Krooneend dat op 7 mei op het Grote Vlak zwom, vormde een zeer welkome nieuwe Texelsoort. Door de afstand konden we de poten niet checken op ringen. Een man Koningseider bevond zich op 19 mei in een grote groep Eiders op de Waddenzee t.h.v. het Wagejot; het is onduidelijk of het om het exemplaar betrof dat eerder langs de Texelse Noordzeekust zat, of wellicht de Vlielandse vogel (of een derde exemplaar). De man Topper op de Robbenjagerplas bleef daar tot 1 mei. Net als de afgelopen jaren bivakkeerde eind mei een zomerkleed Roodhalsfuut op de Horsmeertjes.

Topper – Greater Scaup (photo: Frank van der Meer)

Roofvogels waren goed vertegenwoordigd dit voorjaar, met vooral in de tweede helft van mei hoge aantallen. We zagen in totaal 5 Visarenden (5, 8, 21 & 25 mei en 9 juni, waaronder eentje over de tuin!) en 4 Wespendieven (25 & 26 mei en 9 juni, waaronder eentje fraai tp in een meidoorn in de Vijver van Jochems). Een van de blikvangers van dit voorjaar was onze 2e Bastaardarend in Nederland. De vogel zat op 26 mei een uurtje aan de grond in polder Eierland en verkoos vervolgens het luchtruim. Ook de volgende dag werd de vogel gezien (maar niet door ons). Het lukte Frank en mij om op 11 mei een Zeearend boven de tuin op te pikken; een nieuwe Texelsoort voor ons. Naast de nodige Bruine en Blauwe Kiekendieven zagen we ook een trekkende Grauwe (21 mei over de Krimweg) en Steppekiekendief (8 mei, vuurtoren). Tijdens de Big Day vlogen beide wouwen over de noordpunt; de Rode en Zwarte Wouw waren soms zelfs samen in één beeld te zien! De volgende dag vloog bovendien een Rode Wouw laag over de Big Day-teams bij het maken van de groepsfoto. Op 25 mei liet mijn eerste Roodpootvalk (2kj man) in 5 jaar tijd zich, zowel in vlucht als in zit, fraai bekijken bij de Vijver van Jochems.

Bastaardarend – Greater Spotted Eagle (photo: Peter van der Meer)

Steppekiekendief – Pallid Harrier (photo: Peter van der Meer)

Grauwe Kiekendief – Montagu’s Harrier (photo: Peter van der Meer)

Een Kwartel zong op 6 juni onregelmatig in de Prins Hendrikpolder. Vanaf half mei was, net als 2 jaar geleden, het geluid van een Porseleinhoen vaak en luid te horen uit de Roggesloot, zelfs vanaf ons huisje op de Krim. Boven datzelfde huis vlogen op 2 mei 2 Kraanvogels, een erg leuke tuinsoort. Het luchtruim boven het Krimbos was op 21 mei goed voor mijn 4e Texelse Zwarte Ooievaar.

Kraanvogel – Common Crane (photo: Peter van der Meer)

Naast groepjes Morinelplevieren in Polder Eierland zat op 2 mei een vrouwtje in een groepje Goudplevieren langs de Vuurtorenweg (t.h.v. het Krimbos). Net als in april zat een Gestreepte Strandloper enkele dagen in Waalenburg (misschien wel hetzelfde exemplaar?). De nieuw ingerichte Hanenplas was dit voorjaar een goede plek voor strandlopers: Temmincks Strandlopers foerageerden hier regelmatig, terwijl we hier ook eenmaal een Kleine en Krombekstrandloper zagen. Het kan haast niet anders of dit plasje gaat dit jaar nog een leuke soort opleveren… Ook elders op het eiland kwamen we deze soorten zo af en toe tegen. De leukste steltloper zat in Dijkmanshuizen: op 8 mei vond Klaas de Jong hier een Kleine Geelpootruiter, de 6e voor het eiland en de 2e voor dit gebied.

Morinelplevier – Dotterel (photo: Peter van der Meer)

Gestreepte Strandloper – Pectoral Sandpiper (photo: Peter van der Meer)

https://waarneming.nl/fotonew/0/16713440.jpg

Kleine Geelpootruiter – Lesser Yellowlegs

Een late, adulte Drieteenmeeuw vloog op 10 mei langs Paal 20 (De Koog). Op de Big Day vloog tweemaal een Kleine Jager over het strand bij de vuurtoren. Een verzwakte Zeekoet zat op 19 mei op het strand bij de vuurtoren. We moesten er even op wachten, maar vanaf 7 mei zongen er weer Zomertortels in ons vakantiepark. Een ander (broedverdacht) paartje bevond zich bij de Sluftervallei. Naast een doortrekkende Velduil op de Big Day zag ik in de periode eind mei / begin juni 3 exemplaren in potentieel broedbiotoop. Op 5 en 12 mei vlogen solitaire Bijeneters over de Tuintjes. De vogel op de laatstgenoemde datum zat bovendien enige tijd aan de grond.

Zomertortel – European Turtle Dove

Velduil – Short-eared Owl

Naast de roofvogels waren, tot onze vreugde, ook de klauwieren goed vertegenwoordigd dit voorjaar. Het begon met 2 Grauwe Klauwieren; op 6 mei een man in Dorpzicht en op 12 mei een vrouw in de Tuintjes. Er zat echter nog meer in het vat, want op 10 mei zat een fraaie man Roodkopklauwier in de Nederlanden. Het was alweer 4 jaar geleden dat deze voor het laatst op dit Waddeneiland gezien was. Het hoogtepunt was echter een schitterende man Kleine Klapekster die op 26 mei over de noordkop zwierf. Het kostte mijn vader en mij wel wat bloed, zweet en tranen om de vogel terug te vinden (was een uur uit beeld), maar het resultaat mocht er zijn… Ook leuk waren twee Wielewalen. Het eerste exemplaar liet zich bij tijd en wijle fraai bekijken in het Krimbos (en niet horen!), het tweede exemplaar vloog op 3 juni over Polder Wassenaar richting de Cocksdorp.

Roodkopklauwier – Woodchat Shrike (photo: Frank van der Meer)

https://waarneming.nl/fotonew/4/16936234.jpg

Kleine Klapekster – Lesser Grey Shrike

Op 5 mei vond Diederik Kok een Iberische Tjiftjaf in de Staatsbossen bij de Koog. Naast de volgende dag zagen en hoorden we de phylloscopus ook nog op 9 juni; een echte longstayer dus. In het Krimbos zaten in begin mei 2 Fluiters; helaas bleken ze net voor de Big Day te zijn vertrokken. In hetzelfde bos zong op 2 mei ook een Vuurgoudhaan, toch pas mijn eerste zingende op het eiland. Ook Texel deelde mee in de grote influx van Roze Spreeuwen in NW-Europa: mijn eerste adulte vogel zat op 3 juni een minuutje in de top van een meidoorntje bij het Reddingboothuisje.

Iberische Tjiftjaf – Iberian Chiffchaff

Iberische Tjiftjaf – Iberian Chiffchaff

Op 28 april en 4 mei bevonden zich 5 resp. 1 Beflijster in de Eierlandse Duinen; een andere erg schaarse lijstersoort (op Texel althans), de Grote Lijster, foerageerde langs de Pelikaanweg. Een fraaie noordelijke man Bonte Vliegenvanger liet zich op 4 mei fraai zien in het Krimbos. Paapjes waren schaars met slechts 2 exemplaren: op 4 mei in de Eierlandse Duinen (foto) en 20 mei bij het Reddingboothuisje.

Bonte Vliegenvanger – Pied Flycatcher (photo: Peter van der Meer)

Paapje – Whinchat

Op de dag voor de Big Day liep op een prima afstand een volwassen Roodkeelpieper op het Renvogelveld; pas mijn tweede op het eiland en eerste aan de grond. In de periode 28 april – 3 mei zaten maximaal 3 Kleine Barmsijzen en 1 fraaie Keep in zomerkleed in onze tuin; het kan slechter. De enige Appelvink buiten de Big Day was een roepende vogel op een boerenerf bij ’t Horntje (24 mei). Hier vlakbij, over de Mokbaai, vloog een dag eerder een Europese Kanarie over. Last but not least, op 5 mei zat een hele goede Texelsoort bij de Robbenjager: een Grauwe Gors vloog de hele dag rond het Renvogelveld. Hij was erg lastig, uiteindelijk heb ik de vogel helaas maar een tel door de scoop gezien. Niet echt een mooie waarneming, maar wel een erg zeldzame soort op de Wadden en nieuw voor ons op Texel!

Keep – Bramling (photo: Peter van der Meer)

Op vogelgebied was er genoeg te beleven (understatement), maar een van de (zo niet hét) hoogtepunten was een vlinder. Op 3 mei liepen we aan het eind van de ochtend Dorpzicht in. Qua vogels viel het wat tegen. Langs het pad stuitten Frank en mijn vader op een grote oranje vlinder. De eerste gedachte was een Gehakkelde Aurelia, maar het een en ander klopte niet voor deze soort. Toen de vlinder naar de voet van een populier vloog (en ik hem eindelijk ook zag) bleek het inderdaad te zijn wat we stiekem al dachten: een Grote Vos!

Enigszins verbouwereerd meldde ik het nieuws toch maar in de BAT (weliswaar geen vogel, maar er was gelukkig genoeg animo voor) en in het volgende uur liet de vlinder zich aan circa 10 medewaarnemers fraai zien en fotograferen. Het bleek een voorbode voor meer waarnemingen; de volgende dagen werden in de omgeving van het Krimbos nog meer exemplaren gevonden, waaronder een exemplaar op 5 mei waar Frank en ik tegenaan blunderden. Dit zijn op Waarneming.nl de allereerste waarnemingen van deze soort op het eiland, om maar even aan te geven hoe zeldzaam de soort hier is. Voor ons betrof het bovendien een nieuwe soort, erg leuk om er dan zelf tegenaan te lopen!

https://waarneming.nl/fotonew/8/16626368.jpg

Grote Vos – Large Tortoiseshell

Grote Vos – Large Tortoiseshell

Advertenties

Dagje vlinders kijken eindigt in telpost zitten

Zaterdag 20 mei 2017

Vandaag moet het dan eindelijk gebeuren: het zien en fotograferen van een Bont Dikkopje. Twee jaar geleden zag ik een exemplaar in het Haaksbergerveen tijdens een excursie voor mijn studie. Een foto zat er toen niet in en natuurlijk willen Frank en mijn vader deze mooie soort ook graag eens zien. Al jaren staat zo’n dagje voor deze zeldzame doelsoort op de planning, maar door onze langdurige vakanties op Texel in deze periode kwam het er maar niet van.

Na wat voorbereiding kiezen we ervoor om vandaag richting Valkenswaard, onder Eindhoven, te gaan voor deze soort. De keuze is gevallen op een heideveldje met de naam Cartierheide. Het duurt wel even voor we deze zeldzame dagvlinder (die in Nederland alleen in enkele gebieden in Twente, de Achterhoek, delen van Noord-Brabant en aangrenzend Limburg voorkomt) zien. In de heidevegetatie langs het pad zien we een of twee erg vliegerige exemplaren, maar een klein stukje verderop is het raak: bij een klein vennetje kunnen we drie Bont Dikkopjes erg fraai bekijken én fotograferen. Vlakbij de parkeerplaats zien we bovendien nog eens 9 exemplaren. Erg leuk en wat zijn ze klein hè?!

Bont Dikkopje – Chequered Skipper

Bont Dikkopje – Chequered Skipper

Ook andere leuke soorten zijn van de partij.

Citroenvlinder – Brimstone

Grote Keizerlibel – Blue Emperor

Grote Keizerlibel – Blue Emperor (exuviae)

Wespendief – Eurasian Honey Buzzard (photo: Peter van der Meer)

Rond vier uur zijn we weer bij de auto en gaan we weer huiswaarts. Op de snelweg bij Zaltbommel bereiken ons echter berichten dat een groep Vale Gieren (29 vogels) boven de Alblasserwaard vliegt. Aangezien ze richting NO vliegen, zouden ze zomaar de regio binnen kunnen vallen. Telpost de Horde lijkt een goede kanshebber om ze op te kunnen pikken. Bij Nieuwegein-Zuid nemen we daarom even later de afslag. Op de telpost sluiten we ons aan bij Ronald Jansen en even later sluiten ook Arjan Boele en Gert Vonk aan. Opvallend is de man Grote Zaagbek die voor de telpost zwemt, dat is een late!

Grote Zaagbek – Goosander (photo: Peter van der Meer)

De gieren zien we helaas niet (die blijken al snel te ver ZO van de Horde te zijn doorgestoken). Het is echter een gekke telling, met weinig maar wel erg leuke soorten. Aan de andere kant van de Lek cirkelt een Rode Wouw, terwijl hoog boven ons de derde Wespendief van de dag vliegt. De leukste soort betreft echter een laag overvliegende, roepende zangvogel. Ondanks dat we er niets aan zien, laat de roep geen ruimte aan te twijfelen: een Europese Kanarie! Dat is voor ons zelfs nog een nieuwe regiosoort. Rond kwart over 6 zetten we een punt achter deze succesvolle dag en keren we definitief huiswaarts.

100 procent

Zaterdag 30 en zondag 31 juli 2016

In augustus 2013 deden we een weekendje Zuid-Limburg, vooral gericht op dagvlinders. Dat weekend beviel zo goed dat we dit vaker wilden gaan doen. Door omstandigheden slaagden we er de afgelopen jaren niet in om af te zakken richting het Heuvelland, maar dit jaar moest het er van komen. Na wat voorbereidend werk viel de keuze op dit weekend, en gelukkig waren er nog kamers vrij in Valkenburg aan de Geul.

En dus vertrekken we zaterdagochtend richting Valkenburg. Op de weg daarnaartoe stoppen we wel een enkele maal, de eerste keer vlakbij Heteren. Op een grindstrand langs de Nederrijn loopt namelijk al enkele dagen een Griel. De vele vogelaars op de dijk geven aan waar we moeten zijn en even later is de Griel in beeld. De zeer zeldzame steltloper foerageert tussen de Kieviten op zo’n 250 meter afstand, maar is ondanks de afstand prima te zien. Leuk om weer eens een Griel te zien, onze laatste was op 25 april 2011 (in het Oudeland van Strijen, ten zuiden van Rotterdam). Een 4kj Geelpootmeeuw die op enkele 100-en meters van de Griel zit, mag zeker niet onbenoemd blijven.

De volgende stop is in Midden-Limburg, bij het riviertje de Roer. We zoeken hier ruim een uur naar de volgende doelsoort: de Gaffellibel, een extreem zeldzame rombout met maar 1-3 vaste locaties in ons land. Overal vliegen Weidebeekjuffers en ook qua vogels mogen we niet klagen: o.a. 2 overvliegende Appelvinken en een Wespendief. Net op het moment dat je er niet meer in gelooft, vliegt een vaalgroene libel voor me op en landt in de akker naast het smalle (wandel?)pad: het is de Gaffellibel. Gauw bel ik mijn vader en broer, maar voordat zij gearriveerd zijn, vliegt de libel op. Gelukkig kunnen we de rombout snel weer herlokaliseren en slagen we erin mooie foto’s van de soort te maken. Leuk om weer eens een nieuwe libellensoort te zien, dat was alweer 2 jaar geleden (Zuidelijke Heidelibel).

Gaffellibel – Green Snaketail

Gaffellibel – Green Snaketail

Via een geheime plek (6 Bijeneters) rijden we naar een andere geheime plaats, waar we één Donker Pimpernelblauwtje vinden.

3 van de 6 Bijeneters – 3 out of 6 European Bee-eaters

Donker Pimpernelblauwtje – Dusky Large Blue

Vanaf hier rijden we door naar Valkenburg, waar we aan het eind van de middag aankomen. Na een goed diner maken we plan de campagne voor morgen: we gaan de Sint Pietersberg beklimmen voor o.a. Oehoe en dikkopjes.

De zondagochtend valt nogal tegen; het is behoorlijk bewolkt en er valt zelfs motregen. Niet bepaald ideaal vlinderweer, dus we besluiten eerst via wat andere locaties (die helaas niets opleveren) naar de Sint Pietersberg te rijden. In Maastricht zelf blijken echter nogal wat wegen afgezet te zijn voor een triatlon genaamd de IRONMAN. Het blijkt dat we niet naar de gewenste parkeerplaats kunnen; we hebben al moeite zat om de wijk weer uit te komen (wat lukt dankzij wat gesleep met de hekken  😉 ). Uiteindelijk komen we weer op de goede weg terecht en parkeren we bij de ENCI B.V. Na een flinke klim bereiken we de Oehoevallei waar we al snel maar liefst 3 Oehoes vinden, rustend op een van de mergelwanden. Twee exemplaren zitten dicht tegen elkaar aan en zitten redelijk verstopt; het derde exemplaar zit iets verderop en laat zich bijzonder fraai bekijken.

Oehoe – Eurasian Eagle Owl

Het weer is niet veel beter geworden, het blijft behoorlijk wisselvallig. Niet echt het beste vlinderweer, maar alsnog lopen we terug naar de auto en parkeren we een paar kilometer verderop. De vlinders blijken gelukkig ‘gewoon’ te vliegen, getuige o.a. de vele Bruine Zandoogjes. Langs de bosrand komen we de eerste zeldzame vlindersoort tegen: hier vliegen enkele Boswitjes. Door wat belichtingsprobleempjes (het is voor mijn cameraatje blijkbaar niet makkelijk om compleet witte vlinders zonder duidelijke tekening te fotograferen) vallen de foto’s eerst wat tegen. Gelukkig slaag ik er toch nog in leuke foto’s te maken van deze soort, die in ons land alleen in Zuid-Limburg voorkomt. Net na het fotograferen van een van de witjes vliegt een exemplaar plotseling het web van een Wespenspin in, die wel raad weet met dit hapje. Een kort filmpje van dit spektakel is hieronder te zien.

Boswitje – Wood White

Boswitje – Wood White

Klein Geaderd Witje – Green-veined White

Na een kort gesprek met Pieter Doorn en vriendin Janneke vervolgen we onze weg naar de bloemrijke grasvelden. Door het koude weer (met zelfs wat regenbuitjes) zien we echter geen van de doelsoorten. Ons oog valt op een grote kever op een van de houten palen, na een korte speurtocht op internet komen we uit op een Vliegend Hert. EDIT: via Waarneming.nl blijkt het toch een Klein Vliegend Hert te zijn, ook leuk.

Klein Vliegend Hert – Lesser Stag Beetle

De zon breekt gelukkig iets vaker door het wolkendek heen. Dit heeft gelijk zijn werking op vlinders: als eerste stuiten we op een zeer fraaie Koninginnepage, iets verderop gevolgd door minstens twee Kaasjeskruiddikkopjes en 1 Bruin Dikkopje. Ook vlak naast de parkeerplaats stuiten we op 1 Bruin Dikkopje, die voor de foto iets beter meewerkt.

Koninginnepage – Swallowtail

Bruin Dikkopje – Dingy Skipper

Kaasjeskruiddikkopje – Mallow Skipper

Rond half 6 zijn we weer terug bij de auto en beginnen we aan de terugreis naar Woerden. Tijdens deze reis passeren geregeld de geweldige waarnemingen van dit weekend de revue. Hoe vaak komt het nou voor dat alle doelsoorten lukken?

Geelsprietjes

Zaterdag 9 juli 2016

Vanmiddag een paar uurtjes op de vliegbasis van Soesterberg doorgebracht voor met name het Geelsprietdikkopje. Dit is ruimschoots gelukt met zeker 7 exemplaren. Terwijl ik er een probeer te fotograferen, gaat er zelfs eentje op mijn vinger zitten.

Geelsprietdikkopje – Small Skipper

_Geelspriet op vinger

Geelsprietdikkopje – Small Skipper

Ook andere soorten zijn van de partij: o.a. enkele Heivlinders, een Kleine Vuurvlinder en een Groot Dikkopje, Grote Keizerlibellen, een Watersnuffel en twee (vocale!) overvliegende Wespendieven.

Watersnuffel – Common Bluet

Op de terugweg gaan we even langs Vleuten, waar op de Haarijnse Plas de aanwezige adult zomerkleed Roodhalsfuut gauw gevonden is. De vogel zit weliswaar op afstand, maar is met de telescoop prima te zien. Een Geoorde Fuut zit een stuk dichterbij.

Grijze Wouw!

Dinsdag 4 augustus 2015

Gisteravond vond Marc Gottenbos in de Maashorst (een natuurgebied tussen Uden en Oss) een Grijze Wouw. Vanochtend werd de vogel al vroeg teruggevonden en gedurende de dag zagen meer dan 150 vogelaars de vogel. Deze kleine maar fraaie roofvogel is een zeer zeldzame dwaalgast in ons land, met slechts 9 eerdere aanvaarde gevallen (waarvan maar liefst 6 sinds 2009). Voor mij is het bovendien nog een nieuwe soort. Als Sander Haak aangeeft dat hij vanavond van plan is te gaan en nog plek over heeft, is de keuze gauw gemaakt.

Zoeken naar de vogel hoeven we niet: als we rond kwart over acht aankomen op de plek, krijgen we de vogel gelijk in beeld. De wouw zit bovenop een houten paal op 200 à 300 meter afstand en laat zich in het avondzonnetje fraai bekijken. Veel actie vertoont de vogel niet, af en toe poetst zij wat en strekt zij de vleugel. Vanaf de paal loert zij naar een prooi, waarbij de kop erg uilachtig wordt gedraaid. Voor acceptabele foto’s zit de vogel helaas net iets te ver. Onder andere de geschubte bovendelen en de roomkleurige tint op de borst maken dit een jonge vogel, de allereerste juveniel in Nederland (de andere aanvaarde gevallen betroffen adulte vogels en van een enkel geval kon de leeftijd niet worden vastgesteld). Een fijne bonus is een man Wespendief die fraai langs komt vliegen, leuk!

Grijze Wouw – Black-winged Kite

Omgeving

Sander met op de achtergrond andere twitchers

Rond kwart voor negen vliegt de vogel onverwachts op. Een minuutje bidt deze Zuidwest-Europese soort boven het veld, waarbij de vogel zich van korte afstand fraai laat bekijken (zie foto hieronder). Vervolgens vliegt de wouw richting de bosrand, vliegt hier nog enkele minuten rond (wat een gekke zweefvlucht heeft deze soort) en landt dan op grote afstand in de top van een naaldboom. Voor Sander en mij het teken om, met een zeer goed gevoel, weer aan de terugweg te beginnen.

Grijze Wouw – Black-winged Kite

Weerribben

Zondag 20 juli 2014

Afgelopen woensdag hoorden Frank en ik bij de Oostelijke Vossen meerdere verhalen over prachtig te fotograferen Grote Vuurvlinders en Zilveren Manen in de Weerribben. Deze bedreigde en zeldzame dagvlinders zijn geen nieuwe soort voor me, maar het zijn wel prachtig gekleurde vlinders en zeker van de Grote Vuurvlinder heb ik in het verleden nog geen goede foto’s kunnen maken. Daarom reizen Marianne Wustenhoff, Maria van Antwerpen, mijn vader, mijn broer en ondergetekende vandaag af naar dit grote laagveengebied in de Kop van Overijssel.

Onze eerste stop ligt langs de Hoogeweg. Hier zouden beide soorten moeten vliegen. Het duurt inderdaad niet lang voordat we de eerste Zilveren Manen zien vliegen. Ze drinken (samen met o.a. Kleine Vossen en Bruin Zandoogjes) nectar uit de aanwezige distels (Kale jonker) en zijn erg goed te zien en te fotograferen. Een voorzichtige schatting komt uit op zeker 10 exemplaren. De Zilveren Maan is niet de enige leuke soort op dit stukje. Zo vliegen onder meer een Wespendief en Ooievaar over en komen we vele Bruine Glazenmakers en een Blauwe Breedscheenjuffer tegen. Een veel te snel voorbijvliegende vlinder zou goed een Grote Vuurvlinder geweest kunnen zijn, maar helaas vinden we hem niet meer terug.

Zilveren Maan – Small Pearl-bordered Fritillary

Blauwe Breedscheenjuffer – Blue Featherleg

Ik kies ervoor om niet met de auto naar de volgende plek (het Woldlakebos) te rijden, maar om een flink stuk langs de Hoogeweg te lopen. Deze weg loopt namelijk dwars door de Weerribben heen en is waarschijnlijk de beste plek voor de Grote Vuurvlinder in Nederland. Op de vele kruiden langs de weg stikt het van de vlinders: zo tel ik vele Kleine Vossen, Dagpauwogen en witjes, enkele Groot Dikkopjes en 2 Landkaartjes. Van onze doel ontbreekt voorlopig echter nog elk spoor. Uiteindelijk vindt mijn vader twee Grote Vuurvlinders die samen foerageren op Kattenstaart. Ze zitten helaas voor mij net te ver voor foto’s, dus hieronder staan enkele foto’s van mijn vader. Ook leuk zijn de Wielewalen die op de achtergrond zingen. Eenmaal zien Marianne en ik een mannetje uit een boom opvliegen en een stukje vliegen boven de boomtoppen. Iets verderop landt de vogel weer in een berk en dan doen zijn schutkleuren gelijk weer zijn werk. 😦

man Grote Vuurvlinder – male Large Copper (photo: Peter van der Meer)

man Grote Vuurvlinder – male Large Copper (photo: Peter van der Meer)

Na een kleine 2 kilometer lopen langs de weg (wat nog wel een zingende Snor en een mannetje Groene Glazenmaker oplevert) vind ik het wel genoeg en rijden we door naar het Woldlakebos. We verblijven hier niet al te lang, maar een vrouwtje Groene Glazenmaker is natuurlijk wel het noemen waard. De leukste waarneming hier betreft die van een Gevlekte Glanslibel. Deze zeer zeldzame libel vliegt boven een met krabbenscheer dichtgegroeide sloot en verjaagt alles wat hier rondvliegt (waaronder ook een Groene en Bruine Glazenmaker, die groter zijn dan de glanslibel!).

Op de terugweg rijden we nog langs de inmiddels beroemde camping De Boomgaard in Bunnik, waar al dagenlang een Oostelijke Vos zit. Voor Marianne, Maria en mijn vader is dit nog een nieuwe soort en Frank en ik hebben er natuurlijk ook geen moeite mee. Als we richting het speeltuintje lopen, krijgen we te horen dat de vos al enkele uren niet meer gezien is. Toch lopen we door. Vanaf een krakkemikkige rood bankje (waar al veel vlinderaars hebben gezeten 😉 ) hebben we een mooi uitzicht op de ‘bloedende’ berk waar de vlinder vaak op zit, maar in een krap uur tijd zien we enkel Atalanta’s van het sap van de boom drinken.

Insecten zijn de bom

Zondag 8 en maandag 9 juni 2014

Zondag
Gezien de goede weersvoorspellingen die voor vandaag afgegeven worden, hebben we met Marianne Wüstenhoff, Maria van Antwerpen en Anne Hueber afgesproken om naar libellen te gaan kijken in de Weerribben. We stoppen eerst bij een nieuwe uitkijktoren aan de westkant van het Woldlakebos. Deze toren kijkt uit over een nieuw natuurontwikkelingsgebied. Hier zien we een adult zomer Roodhalsfuut, 2 Zomertalingen en een bewoonde broedwand voor Oeverzwaluwen.

In het Woldlakebos (onze volgende stop) blijkt het aanvankelijk nogal tegen te zitten, met geregeld fikse buien en enorme aantallen muggen die het massaal op ons voorzien lijken te hebben. We laten ons echter niet uit het veld slaan door deze tegenvallers en dat is goed ook, want na regen komt zonneschijn (in dit geval letterlijk). Rond 14.00 uur klaart het gelukkig op en direct neemt het aantal libellen in dit bos explosief toe: overal vliegen Viervlekken en Bruine Korenbouten en met iets meer moeite vinden we enkele Smaragdlibellen, Vroege Glazenmakers, Grote Keizerlibellen, Gevlekte Witsnuitlibellen, een Glassnijder en wat Grote Roodoogjuffers. Een vriendelijke libellenman wijst ons op het hoogtepunt van hier, namelijk op een mannetje Sierlijke Witsnuitlibel. Deze zeer zeldzame libel, die in Nederland alleen in de Weerribben te vinden is, zit op redelijke afstand op een plompeblad (zeer typisch voor deze soort), maar m.b.v digiscopen lukt het me nog om leuke plaatjes te maken.

mannetje Sierlijke Witsnuitlibel – male Lilypad Whiteface

Nogmaals de Sierlijke Witsnuit. Waar zou de naam ‘Witsnuitlibel’ nou vandaan komen…? – Lilypad Whiteface

Gevlekte Witsnuitlibel – Yellow-spotted Whiteface

Gevlekte Witsnuit – Yellow-spotted Whiteface

Laatste van de Gevlekte Witsnuit – Yellow-spotted Whiteface

Glassnijder – Hairy Hawker

man Bruine Korenbout – male Blue Chaser

Bruine Korenbout – Blue Chaser

Ook qua vogels is het zeer goed vertoeven in het Woldlakebos, met een Roerdomp die zo vriendelijk is een rondje te vliegen, een Wespendief, vele Purperreigers, roepende Zwartkopmeeuwen, zingende Geelgors, Koekoek etc. Leuk is een jagende Boomvalk, die geregeld achter libellen aanjaagt. Op verschillende plekken in het bos ligt de grond bezaaid met libellenvleugeltjes (en eenmaal vinden we zelfs ogen). Eigenlijk laten alleen de Zilveren Manen (een zeldzame dagvlinder) het afweten.

Na deze mooie excursie rijden we nog even een paar kilometer verder naar een recent geopende libellenvlonder, speciaal gemaakt om waarnemers een kans te bieden om Sierlijke Witsnuitlibellen in Nederland te bewonderen. Het duurt niet lang voordat we ze in beeld hebben, in totaal zien we zeker 4 mannen. Verder zien we hoofdzakelijk dezelfde soorten als eerder in het Woldlakebos, al kunnen nog wel de Blauwe Breedscheenjuffer aan de daglijst toevoegen. Zelfs tijdens het avondeten in een nabijgelegen dorpje worden we van ons eten afgehouden door een fanatiek zingende Spotvogel en een libel die na enige discussie toch een Glassnijder blijkt te zijn.

mannetje Sierlijke Witsnuitlibel – male Lilypad Whiteface

Blauwe Breedscheenjuffer – Blue Featherleg

Maandag
Aangezien de Zilveren Manen gisteren niet wilden meewerken, kiezen Frank, mijn vader en ik er vandaag voor om naar een bekende plek voor deze soort in Gelderland te rijden. Bij aankomst in het gebied stuiten we al gauw op enkele Weidebeekjuffers. Als we naar de plek toelopen waar de zeldzame dagvlinder zou moeten vliegen, begint het weer opeens om te slaan en even later schuilen we onder de bomen voor een flinke (onweers)bui. Dit was niet voorspeld! Gelukkig breekt na een klein uurtje de zon weer door en lopen we weer vrolijk over een paadje door de moerasachtige velden. Het is mijn vader die de eerste Zilveren Maan ziet vliegen. Het blijken nogal zenuwachtige, kleine beestjes die maar niet willen gaan zitten (langs het pad althans). Gelukkig werkt een exemplaar wat beter mee, zie de foto hieronder. Leuk is een zingende Zomertortel, die langs de bosrand zit te koeren. We krijgen hem ook even te zien. Op de terugweg komt nog een Vuurjuffer op mijn t-shirt zitten en laat een vrouwtje Weidebeekjuffer zich aardig fotograferen

Zilveren Maan – Small Pearl-bordered Fritillary

Vuurjuffer op mijn schouder! – Large Red Damsel on my shoulder!

Weidebeekjuffer – Banded Demoiselle

Het was een mooi weekend met voor mijn vader en broer drie nieuwe soorten, verdeeld over 3 verschillende soortgroepen (Vale Gier, Sierlijke Witsnuitlibel en Zilveren Maan; de laatste had ik al enkele jaren geleden in de Weerribben gezien).

Weekend Texel III

Vrijdag 23 tot zondag 25 mei 2014

Vrijdag
In tegenstelling tot de afgelopen twee weekenden heb ik nu de boot van half 8 en slaat Frank dit weekendje Texel over. Mijn vader en ik stoppen kort langs de Pontweg, waar een mannetje Blauwe Kiekendief boven een weiland jaagt. Bij het huisje blijkt de plek van de Braamsluiper (die de afgelopen twee weekenden bij ons huisje verbleef) te zijn ingenomen door een Spotvogel, leuk!

Zaterdag
Vanochtend loop ik een rondje over de Robbenjager. Een ietwat tegenvallend rondje dat wordt opgeleukt door zingende Nachtegalen en Braamsluipers. Boven het restaurant De Robbenjager cirkelt een roofvogel. “Vast een Buizerd”, denk ik als ik de telescoop pak. Door de scoop zie ik echter een fraaie Wespendief. Al gauw vliegt nóg een exemplaar mijn beeld binnen, en dan nog een, en nog een: een groepje van vier Wespendieven! Op het moment dat ze uit beeld raken, krijg ik de melding binnen dat Diederik Kok een zingende Struikrietzanger heeft gevonden in de Tuintjes (500 meter verderop), gauw er naartoe natuurlijk. Als ik aankom op de plek, blijkt de vogel al een kwartier stil te zijn. Gelukkig begint de vogel na ongeveer een kwartier weer te zingen. Helaas krijg ik de vogel niet te zien. Zie hier voor een prachtige geluidsopname van medewaarnemer Ruud van Beusekom.

Wespendief – European Honey Buzzard

Wespendief – European Honey Buzzard

Samen met Ruud en Aart & Henny Vink loop ik een klein stukje verder om een zojuist ontdekte Grauwe Klauwier te zien te krijgen. Met enig geluk komt het nogal mobiele vrouwtje kort in beeld. Inmiddels zijn de Wespendieven massaal gaan vliegen, het ene na het andere exemplaar (soms zelfs in groepsverband) vliegt over ons heen. In totaal tel ik zeker 16 exemplaren, wat verreweg mijn hoogste aantal Wespendieven is (was 3). We besluiten weer terug te lopen naar de Struikrietzanger, hopelijk krijg ik de vogel nu wel in beeld. Hier krijgen we versterking van Pieter en Maartje Doorn, Toy Janssen, Alwin Borhem, René Pop en nog enkele anderen. We horen hem wel geregeld zingen, maar helaas krijgen we deze zeer zeldzame zangvogel (28e voor Nederland) niet te zien. Een roofvogel die laag over komt vliegen, blijkt voor de verandering geen Wespendief, maar een Rode Wouw te zijn. Wauw! Ook vliegt een Boomvalk over.

Grauwe Klauwier – Red-backed Shrike

Rode Wouw – Red Kite

Met dank aan een telefoontje van Pieter Doorn lukt het ons zelfs om de Rode Wouw vanuit onze tuin te zien. ’s Middags bezoeken we nog enkele gebiedjes verspreid over het hele eiland en dat levert ons wederom enkele leuke soorten. Zo zien we onze eerste Temmincks Strandloper van het jaar (Robbenjager), zijn de Staatsbossen goed voor een groepje laag overvliegende Kruisbekken en een Grauwe Vliegenvanger en zien we elders 1000-en mannetjes Eiders (Volharding), Noordse Sterns en een 2kj Dwergmeeuw (Dijkmanshuizen) en horen en zien we een Bosrietzanger (Parkeerplaats Jan Ayeslag)

2kj Dwergmeeuw – 2cy Little Gull

Zondag
Viavia hebben we een tip gekregen dat vlakbij ons huisje een Roodmus zou zitten. Als we de auto uitstappen, horen we gelijk al het kenmerkende “please-to-meet-you” van deze zeldzame broedvogel (jaarlijks slechts een handvol paartjes in heel Nederland). Deze fraaie adulte man blijkt een rondje over het terrein te maken en komt dan geregeld langs een stukje waar de vogel zich zeer fraai laat bekijken.

Roodmus – Common Rosefinch

De Spotvogel die het hele weekend al rond ons huisje verblijft, zit er ook vandaag nog. Ditmaal laat de vogel zich meerdere malen zeer fraai zien, namelijk helemaal open op een kale tak. Het lukt me nog nét om enkele foto’s te maken voordat de batterij van mijn fototoestel het begeeft… Zie onderstaand plaatje. Later op de middag bezoeken we een (nieuwe?) Struikrietzanger (ontdekt door Ruud). Samen met o.a. Vincent Hart horen we enkele malen een stukje van de zang. Net als gisteren wil de vogel helaas niet in beeld komen.

Spotvogel – Icterine Warbler

We rijden (als laatste auto) de boot van 16.30 uur op om weer naar het vasteland te gaan. Op de terugweg rijden we nog langs Kockengen, waar we de Grote Karekiet bezoeken die hier al enkele weken zit. Zo nu en dan laat hij zijn kenmerkende raspende zang horen, maar van harte gaat het allemaal niet.

Met dit laatste weekend sluiten we een mooie periode Texel af. Afgelopen zaterdag is misschien wel een van mijn beste ochtenden ooit op Texel, met in 2 à 2,5 uur een zingende Struikrietzanger, 16 (!) Wespendieven, Grauwe Klauwier en Rode Wouw. Van de drie weekenden was het laatste weekend verreweg het beste.