Tagarchieven: Zeearend

Dagje Biesbosch

Zondag 2 april 2017

Na gisteren een paar uurtjes in de buurt te hebben gevogeld (Groene Jonker, met een vroege Zwarte Stern als hoogtepunt) is vandaag het plan om richting de Biesbosch te gaan. Voor we vanochtend vertrekken, meldt Ronald Jansen een Buidelmees in de Everdinger Uiterwaarden. Aangezien we daar bijna langskomen en omdat het veel te lang geleden is dat we deze schaarse soort hebben gezien, passen we Everdingen in het plan in.

In Everdingen worden we welkom geheten door veel teruggekeerde zomergasten: meerdere Fitissen zingen vanuit de wilgen, terwijl de zang van Blauwborst en Rietzanger uit de rietkragen klinkt. Een Cetti’s Zanger laat zijn explosieve zang horen en op de slikplaatjes lopen een Kleine Plevier en onze eerste Gele Kwikstaart van het jaar. Voor de Buidelmees moeten we wat geduld hebben, maar het is Frank die de vogel knap opmerkt. Lang kunnen we haar (?) niet bewonderen, want al snel verdwijnt de vogel in het riet en even later vliegt ze hoog weg, waarschijnlijk het gebied uit.

Buidelmees – Penduline Tit (photo: Peter van der Meer)

Buidelmees – Penduline Tit (photo: Peter van der Meer)

Na dit geslaagde avontuurtje zetten we koers richting de Brabantse Biesbosch. Ook hier hangt het voorjaar in de lucht: het stikt van de Fitissen en Cetti’s Zangers, op meerdere plekken zingen Rietzangers en Veldleeuweriken en ook Zomertalingen zijn in goede aantallen aanwezig. Een paar Lepelaars vliegen over en zelfs een Oranjetipje is van de partij. De hier al lange tijd rondhangende Mongoolse Pieper is vandaag helaas niet weggelegd voor ons (gelukkig zagen we de vogel in januari). De Visarenden werken beter mee; een exemplaar zit op het nest en sleept geregeld met takken, terwijl een andere vogel met een vis richting het nest vliegt.

Zomertaling – Garganey

Tot slot nemen we een kijkje in de Polder Hardenhoek. Ook hier zijn meerdere Cetti’s Zangers aanwezig, een enkeling laat zich zelfs even zien. Door het hoge water zitten er helaas weinig eenden en steltlopers. In de meeuwenkolonie ontdekken we enkele Zwartkopmeeuwen en een jonge Pontische Meeuw. Spectaculair waren de 4 (!) Zeearenden die boven onze hoofden vliegen, vergezeld door meerdere Buizerds, een Slechtvalk en een Bruine Kiekendief. De arenden roepen zelfs af en toe naar elkaar. Wat een machtige beesten!

Zeearend – White-tailed Eagle (photo: Peter van der Meer)

Zeearenden stelen de show tijdens rustig rondje Oostvaardersplassen

Zondag 19 februari 2017

Gisteren was een dag om snel te vergeten. Zo’n anderhalf uur zoeken bleek niet genoeg om in De Bilt de Pestvogels in beeld te krijgen en ook de Kleine Burgemeester in eigen regio (Haarrijnse Plas) was niet voor ons (Peter, Frank en ondergetekende) weggelegd. Een Vuurgoudhaantje en twee Pontische Meeuwen verlichtten de pijn maar een beetje.

Vandaag staan mijn vader en ik (Frank moet helaas werken) rond elven uit te kijken over de Pampushaven bij Almere, in de hoop om de hier al jaren overwinterende man Grote Zee-eend te zien. Er zitten wel veel groepjes Kuif- en Tafeleenden, maar we slagen er (mogelijk vanwege het grijze weer) niet in de Grote Zee-eend of een andere leuke eendensoort te vinden. Jammer! Een paar kilometer verderop stoppen we even bij het Blocq van Kuffeler. Vergeleken met de Pampushaven drijven hier veel minder duikeenden (maximaal 50 Kuif- en Tafeleenden), maar hier zwemt wel een leuke soort: een jonge Zwarte Zee-eend, een aan de kust gebonden eendensoort die in het binnenland erg schaars is.

Zwarte Zee-eend – Common Scoter

De volgende stop is bij Almere-Buiten. Hier zitten in een stukje met opkomende vegetatie al geruime tijd meerdere Europese Kanaries. Dankzij de kenmerkende roep kost het me niet veel tijd om de vogels te lokaliseren. Het lukt me echter niet om de Europese Kanaries in de kijker te krijgen. Aangezien we meer op de planning hebben staan, spenderen we niet al te veel tijd in deze leuke vogeltjes en gaan we de Oostvaardersplassen bezoeken. Een korte wandeling bij het Julianapad (aan de NO-kant van de Oostvaardersplassen) levert helemaal niets op. Een uitstapje richting Lelystad-Haven is wel erg leuk dankzij twee soorten zaagbekken: 3 Grote Zaagbekken (2 man, 1 vrouw) foerageren lekker dichtbij in de woonwijk, terwijl ook 8 Nonnetjes van de partij zijn. Een Witoogeend, die hier ook vaak gezien wordt, zit er voor ons helaas niet in.

Grote Zaagbek – Common Merganser (photo: Peter van der Meer)

Grote Zaagbek – Common Merganser (photo: Peter van der Meer)

Vanwege de drukte bij het bezoekerscentrum kiezen we ervoor om het hutje naast het centrum over te slaan en gaan we door richting de (voormalige) Wildroosters. Dit hele gebied is flink op de schop gegaan en daardoor zitten er (op de Brandganzen na) erg weinig vogels. Slechts een Matkop laat enkele malen van zich horen en zich ook even zien. Zonde, want vroeger was dit een vaste locatie voor Klapekster en Ruigpootbuizerd.

Het leukste bewaren we voor het laatst, want als ik vanaf de Kleine Praambult de grote vlakte af scan, zie ik een grote roofvogel op een kadaver: een jonge Zeearend. De foto hieronder is slechts een sfeerimpressie, want door de scoop is deze grote arend erg leuk te zien. Zeker vergeleken met mijn andere waarnemingen van deze soort in dit gebied is dit een uitzonderlijk goede waarneming, want meestal zie je Zeearenden in dit gebied toch op kilometers afstand in de dode bomen rusten. In een sloot foerageert een paartje Wilde Zwaan met jong, ook een leuke aanvulling van de daglijst.

Zeearend – White-tailed Eagle

Op de Grote Praambult wordt de waarneming van de Kleine Praambult zelfs overtroffen, want vanaf dit uitkijkpunt heb ik binnen no time twee (andere, want juveniele) Zeearenden in beeld. Deze keer zitten de arenden nog iets dichterbij dan net vanaf de Kleine Praambult. Een exemplaar zit op de grond en vliegt geregeld een klein stukje, mogelijk vanwege een langslopend rund. Een tweede exemplaar zit een klein stukje verderop in een van de weinige overgebleven dode bomen. Na ongeveer vijf minuten vliegt dit exemplaar op richting het westen, hierbij flinke paniek veroorzakend bij de duizenden vogels op de vlakte (ganzen, kieviten, etc.). Net als eerder vanaf de Kleine Praambult zien we ook nu weer een paartje Wilde Zwanen en vanuit de top van een elektriciteitsmast roept een Raaf.

Zeearend – White-tailed Eagle

Na dit spektakel beseffen we dat we het best kunnen stoppen op het hoogtepunt, en dus zetten we een punt achter deze behoorlijk grijze vogeldag.

Dagje vogelen in Noord-Brabant

Zaterdag 24 september 2016

Afgelopen donderdag vond John van Gestel in het natuurgebied Huis ter Heide, bij Tilburg, een Marmereend. De volgende dag werd vastgesteld dat de vogel met zekerheid ongeringd is en het verenkleed op het oog vrijwel gaaf is. Enkele foto’s van de staart en open vleugels brachten echter al snel enkele ongeregeldheden voort (gebroken buitenste handpentoppen en een rommelige staart). Desondanks maakt deze vogel m.i. een erg goede kans om aanvaard te worden als de tweede Marmereend voor Nederland (het eerste geval was augustus 2004). Vandaar dat wij vanochtend afreizen richting Noord-Brabant.

Als we arriveren in Huis ter Heide worden we door de andere vogelaars gelijk gewezen op de dwaalgast. De eend rust op de kant, in de hoge vegetatie, en is alleen te zien als de vogel even gaat staan. Lange tijd verandert de situatie niet en dus richten we ons vooral op de omgeving. Geen verkeerde keuze, want het levert 2 Slechtvalken, 2 Raven en een Havik op.

Plas waar de Marmereend zit

Plas waar de Marmereend zit

Na ruim anderhalf uur benadert een stier de Marmereend, die hierdoor eindelijk in beweging komt. Gelukkig voor ons stapt de eend het water in en zwemt recht op de aanwezige vogelaars af, om langs de rand van de plas te foerageren. Hier laat de vogel, die normaal in het Middellandse Zeegebied voorkomt, zich fenomenaal zien. Mijn tweede nieuwe soort dit najaar (na de Zwartkopgors) en indien aanvaard mijn 394e soort in Nederland.

Marmereend – Marbled Duck

Marmereend – Marbled Duck

Rond half drie laten we de eend voor wat ‘ie is en na wat overleg rijden we door de Brabantse Biesbosch, om te gaan vogelen in de Noordwaard. Na een rustig begin (met een groep van 4 Kleine Zilverreigers langs de Bandijk en 2 Casarca’s elders in de waard) sluiten we af in de Polder Hardenhoek. De eerste stop levert ons een Knobbelzwaan met een halsband op, met de code 8UA8. De zwaan blijkt uit Noord-Frankrijk te komen, zie hier voor de exacte gegevens. Als alle vogels in het gebied opvliegen, blijkt een overvliegende volwassen Zeearend de oorzaak te zijn. Even later zien we ook een Visarend, fraai tp in de top van een dode boom.

gehalsbande Knobbelzwaan (8UA8) – colour-ringed Mute Swan (inscription 8UA8)

Halverwege de Polder Hardenhoek stoppen we nog twee keer, met opnieuw leuk resultaat: 12 Casarca’s, opnieuw een Visarend (vast dezelfde als even daarvoor), 2 rustende Zeearenden en een zingende Cetti’s Zanger.

Visarend – Osprey (photo: Peter van der Meer)

Casarca – Ruddy Shelduck (photo: Peter van der Meer)

We zijn net weer bij de auto aangekomen om aan de terugreis te beginnen, als ineens alle vogels in het gebied opvliegen. We kunnen de oorzaak deze keer niet vinden. Als Frank een paar minuten later voor de laatste keer met de kijker de slikjes af scant, ziet hij opeens een adulte Zeearend zitten. Gauw lopen we weer het gebied in en nu kunnen we deze gigantische vogel fantastisch bekijken, op ongeveer 150 meter en met de zon in onze rug. Na zo’n 10 minuten vliegt de arend op en verlaat het gebied. Als we horen dat achter ons opnieuw alles opvliegt, kunnen we de reden hiervoor wel verzinnen: opnieuw een Zeearend, nu een onvolwassen beest. Deze vliegt op een nog kortere afstand langs en volgt dezelfde lijn als de adulte vogel, want al gauw zijn we hem weer kwijt.

Zeearend – White-tailed Eagle

Na deze geweldige waarneming (waarschijnlijk mijn beste Zeearendwaarneming ooit!) lopen we opnieuw naar de auto en nu beginnen we wel aan de terugweg. Een waardige afsluiter van deze erg leuke dag, met als hoogtepunten de Marmereend en twee soorten arenden.

Boem is ho, tuut tuut. Met z’n allen missen we de ontdekking van Ruud.

Vrijdag 9 t/m zondag 11 september 2016

Voor de eerste keer dit najaar staat een weekend Texel voor de deur. Na de aankomst op het eiland vrijdagmiddag rijden we linea recta door naar de Tuintjes, waar Diederik Kok ’s ochtends een Ortolaan aan de grond had. Tegen beter weten in proberen we de vogel terug te vinden, maar helaas slagen we hier niet in.

Zaterdagochtend maken Frank en ik een rondje door de Eierlandse Duinen, zonder al te veel te zien. Door de bosjes schieten enkele Braamsluipers, Zwartkoppen en 1 Tuinfluiter en vliegt een roepende Boompieper over ons heen. Dankzij een tip van Eric Menkveld zien een Zomertaling in het kleine plasje in het Krimbos (onze eerste op de Noordpunt), bovendien zie ik hier zeer kort een Zomertortel in de top van een kale boom.

Zomertaling

Met z’n drieën bezoeken we vervolgens aan het eind van de ochtend de Muy, waar een Paapje en een rondvliegende Boomvalk de hoogtepunten vormen. Niet veel later zien we nog een exemplaar van laatstgenoemde soort, deze keer boven onze eigen tuin.

De middag besteden we aan het zoeken van de gemelde Morinelplevier. Bij het dorpje Oost kunnen we deze zeldzame plevier niet vinden en ook op andere plekken langs de oostkant lijkt de soort niet te zitten. Groot is dan ook de verbazing als blijkt dat de vogel even later toch gewoon weer op de oude locatie gemeld wordt. Gauw rijden we terug en nu hebben we de Morinelplevier snel in beeld. De vogel, een juveniel exemplaar, foerageert wat afstandig van de grote groep Goudplevieren (die bij ons eerdere bezoek niet aanwezig waren, dat verklaart wat) en laat zich ondanks de afstand toch leuk zien. Extra leuk is dat we hier te horen krijgen dat Pieter van Veelen, Thijs Fijen en Rutger Wilschut bij Waalenburg een Gestreepte Strandloper hebben gevonden. Wanneer wij arriveren in Waalenburg is de strandloper net opgevlogen, maar binnen enkele minuten vinden we de strandloper terug.

robert

Robert digiscoopt Gestreepte Strandloper (foto: Frank van der Meer)

De zeldzame strandloper, onze tweede in een week tijd, foerageert op een prettige afstand in het kleine plasje langs de weg. In tegenstelling tot het exemplaar van vorige week is dit een adulte vogel. Mijn 17e Gestreepte Strandloper in Nederland en 2e op Texel, na een exemplaar op 11 mei 2013 op de Robbenjager. ’s Avonds bezoeken we de jaarlijkse Texelse-vogelaars-barbecue in de tuin van Marc Plomp. Een gezellige en smakelijke avond.

ad Gestreepte Strandloper – ad Pectoral Sandpiper

De volgende ochtend beginnen we bij de Hanenplas en lopen we daarna weer een rondje door de Eierlandse Duinen. Net als gisteren zien we niet bijster veel. Het rondje door de Hanenplas wordt gekenmerkt door aardig wat Sylvia’s (1 Braamsluiper en minstens 6 Zwartkoppen) en een Paapje, terwijl het enige noemenswaardige in de Eierlandse Duinen 2 Gekraagde Roodstaarten en een jagende man Blauwe Kiekendief is. De Zomertaling die we gisteren in het plasje in het Krimbos zagen, lijkt vertrokken. Het hoogtepunt van de hele ochtend is een fraaie Zomertortel, die in de boomtop langs het plasje zit. Gisteren zag ik de vogel al heel even, maar nu laat de vogel zich veel langer en beter zien.

Zomertortel – European Turtle Dove

De rest van de ochtend besteden aan het zoeken naar de Bairds Strandloper aan de Waddenkant van het eiland. Ruud van Beusekom vond deze zeer zeldzame Amerikaanse strandloper (slechts 10 eerdere gevallen in Nederland, waarvan 1 op Texel) op een akker bij Oost, maar helaas raakte Ruud de vogel snel kwijt. Zodoende wordt de hele ochtend alle nattere gebieden op het eiland afgezocht, maar het leidt helaas niet tot de herontdekking van deze extreme dwaalgast. De Morinelplevier van gisteren is nog wel aanwezig.

Om half 3 verlaten we het eiland en bezoeken we een Roodpootvalk in Wieringen. In de anderhalf uur tijd die we hier besteden, zien we geen Roodpootvalk. Erg leuk is de Zeearend, die aanvankelijk op grote afstand, maar later opeens wat dichterbij cirkelt. Een leuke troostprijs en bovendien een nieuwe Noord-Hollandsoort.

Zeearend – White-tailed Eagle

Vliegende start tijdens rustig weekendje

Zaterdag 30 april en zondag 1 mei 2016

De zaterdagochtend begint letterlijk met een vliegende start. Op weg naar de Groene Jonker valt mijn oog op een grote roofvogel boven de Nieuwkoopse Plassen: even later galmt de kreet ‘Zeearend‘ door de auto. Vanaf een van de parkeerhaventjes kunnen we de ‘vliegende deur’ een tijdje volgen als die, begeleid door wat Grauwe Ganzen, dieper het plassengebied in vliegt. Helaas gaat het allemaal nogal snel, maar het blijft natuurlijk een erg leuke waarneming.

Samen met Kees Janmaat speuren we vervolgens de Groene Jonker af, maar het is hier opvallend rustig met slechts de gebruikelijke soorten: 2 Geoorde Futen, enkele Regenwulpen, een foeragerende Zwarte Stern en een zingende Snor. Vervolgens bezoeken we de uitkijktoren aan het fietspad de Hollandse Kade (in de Nieuwkoopse Plassen) om de Zeearend terug te vinden, maar ons plannetje levert helaas niet het gewenste doel op. De vele Zwartkopmeeuwen, de tweede Zwarte Stern van de dag (en 2016), een zingende Braamsluiper mogen zeker niet onvermeld blijven. Hetzelfde geldt voor onze eerste Kleine Karekiet van het jaar, die vanuit een smal rietkraagje zijn kenmerkende zang te hoor brengt.

Zwartkopmeeuw – Mediterranean Gull (photo: Peter van der Meer)

Als laatste brengen we een bezoekje aan Waverhoek en Botshol. In Waverhoek is het gelukkig een stukje drukker met vogels dan eerder in de Groene Jonker. Vooral de vele verschillende soorten steltlopers vallen op: verschillende Groenpootruiters en Kemphanen, zeker 40 Regenwulpen, 5 Bontbekplevieren, 3 Zwarte Ruiters, een Bosruiter en zelfs 2 Zilverplevieren, een toch behoorlijk schaarse soort in het binnenland. Samen met Paul van de Werken en Dirk Dijkhof kunnen we ook meerdere Zomertalingen noteren.

Zwarte Ruiter – Spotted Redshank

Op zondag stappen we net de deur uit als we een Zwartkopmeeuw boven ons huis opmerken, leuk! Daarna struinen we enkele uren over het Leersumse Veld. In het bos zijn de vele Bonte Vliegenvangers opvallend: we zien en horen minstens 5 vogels, waaronder een opvallend zwart-wit mannetje. Andere hoogtepunten worden gevormd door enkele zingende Gekraagde Roodstaarten, een drietal jagende Boomvalken, een Boompieper en een Roodborsttapuit. Een Groentje zit op de bladeren van bosbessen die langs het pad groeien en er vliegen ook meerdere Citroenvlinders langs. Via de uiterwaarden langs de Nederrijn rijden we terug richting huis, maar hier zien we eigenlijk niets dat het noemen waard is. De dag eindigt zoals die begon: met een leuke soort (Slechtvalk) boven de tuin.

Bonte Vliegenvanger – Pied Flycatcher (photo: Peter van der Meer)

Tussen de buien door

Woensdag 27 april 2016

Na enige twijfel (i.v.m. de regen) gaan we aan het einde van de ochtend richting de Brabantse Biesbosch. Voordat we de Biesbosch bereiken, stoppen we aan de zuidkant van Werkendam even vlakbij Fort Bakkerskil. Hier was namelijk vanochtend en gisteren een Draaihals gezien, altijd een leuke soort. Eerst even een buitje afwachten en dan stappen we de auto uit en zoeken we samen met o.a. John en Marie-José van Gestel naar deze zeldzame spechtensoort. Het is even zoeken en de Grasmussen, Tapuiten, Roodborsttapuiten en Gele Kwikstaarten houden ons scherp. Na een half uurtje vinden de Draaihals terug. De vogel foerageert op een betonnen paadje boven op de dijk tegen de muur (oude waterkering) aan, maar is ook vaak te vinden in een van de wilgjes en op een van de vele paaltjes langs de dijk. Bij tijd en wijle (en tussen de buien door) laat de specht zich fraai bekijken. Het is Marie-José die bovendien (op afstand weliswaar) twee Patrijzen vindt, volgens een andere vogelaar waarschijnlijk het laatste paartje in de Biesbosch en omgeving.

Draaihals – Wryneck

Ondanks het vooruitzicht van nog meer buien geven we niet op en rijden we door naar de Biesbosch. Boven de Muggenwaard foerageert een gigantische groep zwaluwen (vooral Oever-, maar ook veel Gier- en enkele Boeren- en Huiszwaluwen). In Polder Hardenhoek foerageert een fraaie Dwergmeeuw tussen de Kokmeeuwen en Visdieven en even later staan we samen aan de andere kant van deze polder met opnieuw John en Marie-José te zoeken naar een Steenloper. Dit levert voor ons geen Steenloper op (die zit waarschijnlijk net achter wat pitrus), maar wel zien we drie slapende Regenwulpen en een onvolwassen Zeearend die hoog boven het gebied vliegt. Eindelijk onze eerste Zeearend in de Biesbosch (bij de derde poging). Op het paardenveldje lopen enkele Gele en vele Witte Kwikstaarten, waaronder 1 of 2 Rouwkwikstaart-achtige vogels (die echter te licht lijken voor zuivere Rouwkwikken). Met Albert de Jong en Jorrit Vlot staan we vervolgens bij het nest van de Visarenden, met ook de ouders in de buurt. Ze zijn zelfs even aan het paren.

Boerenzwaluw – Barn Swallow

Boerenzwaluw – Barn Swallow

Bij Polder Maltha zit, net als de vorige keer, een vrouwtje Nonnetje en foerageren er opnieuw 100-en Oeverzwaluwen met daartussen enkele Boeren– en Huiszwaluwen. Eenmaal vliegen alle zwaluwen hoog op door een (Boom?)valk. Tot slot zien we iets verderop onze eerste 2 Bosruiters en Oeverloper van het jaar.

Nonnetje – Smew (photo: Peter van der Meer)

Bosruiter – Wood Sandpiper (photo: Peter van der Meer)

 

Zeer geslaagde week met de JNM in het Lauwersmeer

Dinsdag 18 tot zondag 23 augustus 2015

Afgelopen week (van maandag 17 t/m zondag 23 augustus) vond het vogelkamp ‘Zoka Lauwers’ van de JNM plaats. Een week lang wordt het hele Lauwersmeer sterk bevogeld. De maandag moet ik helaas missen, de rest van het kamp was ik er wel. Dinsdagmiddag reis ik zwaar bepakt af naar de camping De Rousant in Zoutkamp, dat gedurende dit kamp onze uitvalsbasis is. Tijd om te vogelen heb ik niet meer: de tijd die ik heb, gebruik ik om me te installeren op de camping, de andere JNM’ers te ontmoeten en om een fiets te huren in het dorp. Tijdens het zoeken naar een fietsverhuur in Zoutkamp vliegen 2 roepende Reuzensterns over mijn hoofd, een goed begin van de week.

De volgende dag begint mijn excursie bij het Jaap Deensgat. Het zit barstensvol met vogels, vooral met eenden en Kieviten. Het leukste zijn de 10 Reuzensterns, enkele Pijlstaarten en een groepje Brilduikers (laatstgenoemde twee soorten zijn toch zeker niet de makkelijkste soorten in augustus). Daarna fietsen we naar twee kleine plasjes bij Lauwersoog. Het is Lonnie die hier 2 jonge Buidelmezen vindt. De vogels zijn nogal vocaal en laten zich op enige afstand prima bekijken. Een leuke opsteker. Via de jachthaven van Lauwersoog (Braamsluipers, Grasmus en veel Zwarte Roodstaarten) en het wad bij de Bantpolder (overvliegende Reuzenstern) fietsen we naar de Ezumakeeg, waar we korte tijd zoeken naar leuke soorten (het avondeten wacht). Het leukste zijn de 2 Gestreepte Strandlopers in de Ezumakeeg-Zuid, al zit deze zeldzaamheid wel op flinke afstand. Andere noemenswaardige soorten zijn enkele Kleine en Temmincks Strandlopers (waarvan 1 lekker dichtbij) en drie Reuzensterns.

ad Temmincks Strandloper – ad Temminck’s Stint

Op donderdag blijkt een interessant ogend ruig stukje bij het Oude Robbengat een goede stop: mijn oog valt al gauw op een klein vogeltje dat een jonge Grauwe Klauwier blijkt te zijn. Leuk! Hier zitten ook mijn eerste 2 Paapjes van het najaar. Vervolgens fietsen we door de plasjes bij Lauwersoog. De Buidelmezen zijn ook vandaag nog aanwezig en een Bonte Vliegenvanger zit in een struikjescomplex. Naast de vele Buizerds vliegt ook een jonge Zeearend hoog over. Omdat de avond al net begonnen is, fietsen we terug richting de camping. We stoppen nog wel in de hut van Jaap Deensgat. Naast het hoge zwemvliezengehalte – 30+ Casarca’s, geringde Nijlgans, hybrides Brand- x Keizergans, Brand- x Kolgans en Chileense Smient x Wilde Eend (?) – zitten hier ook nog interessante dingen: de gebruikelijke Reuzensterns, 4 Dwergsterns, Slechtvalk en een Kanoet. We staan net op het punt om naar de camping te fietsen als we een appje van Reinier de Vries (deelnemer aan dit kamp) krijgen die voor blinde paniek zorgt: “GRIJZE WOUW!!!!!! Telpost Kustweg!!! Tp op een paal”. Een minuut later belt Reinier met waar we precies moeten zijn. In recordtijd bereiken we de telpost aan de Kustweg en zien we in de scoop van Reinier een heuse Grijze Wouw, op een afstand rustig zittend op een torenvalkkast. Reinier vertelt hier hoe hij de vogel ontdekte: hij fietste in zijn eentje over de Kustweg en besloot bij de telpost even te stoppen in de hoop dat de Grauwe Kiekendieven nog aanwezig zouden zijn. Hij had net zijn telescoop neergezet toen hij op flinke afstand een wit stipje op een torenvalkkast zag zitten. Eenmaal in de scoop gezet kon Reinier zijn ogen niet geloven, een duidelijke Grijze Wouw. Nog wat ongeloof, foto’s maken en daarna doorgeven aan ons. Wat een vondst, wat een beest!
Een halfuurtje kunnen we de vogel prima zien, eenmaal jaagt de vogel zelfs even boven het terrein. Rond kwart over 8 vliegt de wouw echter onverwachts op, wint hoogte en vliegt hard richting het westen. De vogel is op enorme afstand nog wel een kwartiertje te zien, dit tot blijdschap van enkele aanstormende vogelaars. Hierna verdwijnt de vogel. Groot is de verrassing als de vogel iets later weer aan komt vliegen, nog steeds op meer dan 1,5 kilometer afstand en er is dan ook niet meer te zien dan een stipje. De vogel verdwijnt in het avondlicht achter de bomen en is dan voorgoed verdwenen. Zeer waarschijnlijk is de vogel ergens gaan slapen in het gebied.

juv Grauwe Klauwier – juv Red-backed Shrike

_GW

Grijze Wouw – Black-winged Kite

(Met dank aan Jillis Roos en Lonnie Bregman voor de bovenstaande 4 foto’s. Klik op de foto’s voor een slideshow).

Op vrijdag fietsen we vroeg naar de Marnewaard. Onderweg krijgen we al bericht dat onze doelsoort, de Grijze Wouw, nog aanwezig is. Op de telpost aangekomen duurt het nog even voordat we de wouw zien. Na een tijdje vliegt de wouw echter weer boven de torenvalkkast en valt twee Torenvalken aan, oef wat gaaf! Daarna verdwijnt deze zeldzame roofvogel weer, voor ons reden om de Marnewaard in te fietsen. Misschien kunnen we de wouw dan wat dichterbij zien en mogelijk zit er nog wel een andere leuke soort. Andere zeldzaamheden zien we niet, maar er is genoeg te beleven: 2 juveniele Grauwe Klauwieren (anderen zien er zelfs 3), een Paapje, Bonte Vliegenvanger en 2 IJsvogels zorgen ervoor dat het allerminst saai is. Ook de Grijze Wouw laat zich nog even zien, nu een heel stuk dichterbij (op een metertje of 150). Deze Zuidwest-Europese dwaalgast (11e of 12e geval voor NL en 1e voor de provincie Groningen) zit rustig in de top van een struikje en laat zich fraai zien. Wanneer een graafmachine de wouw dicht nadert, vliegt de Grijze Wouw op, wint hoogte en verdwijnt in het luchtdek. Voor zover ik weet, is deze roofvogel daarna niet meer gezien. Zie hier voor een fraaie serie van dit exemplaar.
We besluiten om verder te vogelen. Langs de Kustweg mis ik op een seconde een Draaihals (Lonnie, die naast me staat, ziet de vogel wel bovenin een struikje, maar ik zie slechts iets wegschieten). Lonnie had als enige ook nog een Sperwergrasmus gezien. Mooie aankomst dus! Daarna pauzeren we even in restaurant Schierzicht. De bosjes en veldjes in de haven van Lauwersoog zijn angstvallig leeg. Ook een tweede poging om de Draaihals te zien, mislukt. Een klein deel van de groep besluit zijn geluk te beproeven in de Ezumakeeg, wat achteraf een goede keuze blijkt te zijn. In de Ezumakeeg-Noord wijst een medevogelaar ons op een juveniele Witvleugelstern. Deze zeldzame stern foerageert korte tijd tussen enkele meeuwen op vliegende mieren (?) en laat zich prima zien. Daarna verdwijnt de vogel uit beeld. Andere hoogtepuntjes in dit deel van de Ezumakeeg zijn 14 Reuzensterns, enkele Krombekstrandlopers en roepende Baardmannetjes. In de Ezumakeeg-Zuid is het al helemaal feest en we houden het dan ook enkele uren uit in de hut. Het zit vol met steltopers: prachtige groepen Kemphanen, mooie aantallen Kleine Strandlopers en iets lagere aantallen Temmincks en Krombekstrandlopers. Naast de hut, op enkele meters afstand, foerageert een Gestreepte Strandloper in een klein plasje en verder in het gebied zitten er nog twee. Opvallend is dat de Bonte Strandloper de zeldzaamste strandloper is hier. In het gras loopt tot mijn verrassing een fraaie man Noordse Kwikstaart, een volledig uitgekleurd mannetje. Leuk! Dat het spannend vogelen is, blijkt wel als mijn oog na twee uur scannen opeens op een Grauwe Franjepoot valt. Het stukje waar de vogel zit, heb ik al enkele 10-tallen keren bekeken, maar opeens zit de vogel daar tussen de Kemphanen. Vijftien minuten later kunnen we de vogel nergens meer vinden. Nieuwe aankomst of zat de vogel eerder in een gedeelte dat niet te overzien is? Hoe dan ook, een zeer fijne bonus op deze fantastische dag!

De volgende dag (zaterdag) is alweer de laatste excursiedag. In het Jaap Deensgat zit helaas niet veel spannends, al mogen de 2 Dwergsterns, de Reuzensterns en 2 Kleine Strandlopers zeker niet onvermeld blijven. We vogelen daarna op veel plekken die we gisteren ook aandeden (omgeving van de haven, bosjes langs Kustweg), maar hier zien we helemaal niets. Dan maar (weer eens) naar de Ezumakeeg. Hier zien we veel vergelijkbare soorten als gisteren, in de Noord zitten deze keer wat meer Kleine Strandlopers en Bontbekplevieren, jaagt een Boomvalk de Kemphanen de stuipen op het lijf en zien we ver weg twee volwassen Zeearenden boven het bos vliegen. In de Ezumakeeg-Zuid zitten wederom 3 Gestreepte Strandlopers (waarvan eentje weer pal naast de hut). De Grauwe Franjepoot en Noordse Kwikstaart van gisteren zijn helaas onvindbaar.

ad Gestreepte Strandloper – ad Pectoral Sandpiper

_tekening Streep

De Gestreepte Strandlopers zijn voor altijd vereeuwigd in de kijkhut van de Ezumakeeg (tekening gemaakt door Rick Middelbos)

Zondag is alweer de laatste dag van het kamp. Rond 11 uur word ik opgepikt door mijn ouders en broer en gaan we vogelen in de omgeving van het Lauwersmeer. We bezoeken eerst een Zwarte Ooievaar op 10 km van Zoutkamp. Deze fraaie vogel is gauw gevonden. In het begin zit de vogel nog ver weg, maar na een tijdje komt de vogel dichterbij gevlogen en zit dan op een gegeven moment op zo’n 20 meter afstand. Vervolgens rijden we het Lauwersmeer weer binnen. De Buidelmezen laten niet van zich horen / zien en de Ezumakeeg is weer goed voor wat Reuzensterns, Temmincks Strandlopers, drie Gestreepte Strandlopers en 2 adulte Zeearenden. Als laatste rijden we langs de pleisterende 2kj Roodpootvalk bij Leeuwarden. Hoe goed we ook zoeken, de valk geeft zich helaas niet thuis. Jammer maar niet meer dan dat.

juv Zwarte Ooievaar – juv Black Stork

Daarmee komt een eind aan een prachtig kamp met veel gezelligheid en veel fijne soorten, met als kers op de taart de Grijze Wouw. Wat een soort, ook al had ik de soort nog geen drie weken geleden nog gezien in Noord-Brabant (’t was een fijne nieuwe Groningensoort) 😉 . Iedereen die dit kamp heeft bezocht, heel erg bedankt voor het gezelschap!

Rondje door de Flevopolder

Zondag 4 januari 2014

Gezien de leuke waarnemingen die de laatste tijd in Flevoland gedaan worden, is het vandaag tijd voor een rondje Flevoland. We beginnen op de Grote Praambult, een van de uitkijkpunten waar je een prachtig uitzicht hebt over de Oostvaardersplassen. We zien hier o.a. drie Wilde Zwanen, drie Vossen, twee Ruigpootbuizerds en een flinke groep Brandganzen. Vlak voor ons landt korte tijd een Raaf, die gezelschap krijgt van een Zwarte Kraai. Dan pas zie je hoe groot Raven eigenlijk zijn. Hierna bezoeken we de Kleine Praambult (eerste Slechtvalk van het jaar, 5 Wilde Zwanen) en de Wildroosters, die tot onze schrik helemaal op de schop zijn gegaan. Vorige winter stond het hier nog vol met meidoorns, nu lag er een plas met een kijkhut. Daar gaat onze kans op een Klapekster… Wel zien we ons eerste Nonnetje van 2015.

Vervolgens rijden naar de Oostvaardersdijk, waar langs het Julianapad al enige tijd een Pallas’ Boszanger verblijft. Onderweg komen we wederom Nonnetjes (nu 2) en twee Rosse Stekelstaarten tegen. Samen met Diederik Kok en nog zo’n dertig vogelaars zoeken we ruim een uur naar de zeer kleine Siberische zangvogel, maar de vogel weet helaas goed uit beeld te blijven.

We besluiten de Oostvaardersplassen te verlaten en de Kleine Topper van het Veluwemeer te gaan zoeken. Op de plek aangekomen duurt het niet lang voor de eend in beeld komt, want binnen 5 minuten zien we de Kleine Topper al drijven tussen de vele andere duikeenden. Aanvankelijk is de vogel veel aan het poetsen, waarbij de snaveltekening mooi te zien is. Later, als we iets dichterbij gelopen zijn, houdt deze Amerikaanse eend alleen nog maar de kop in de veren. Op een gegeven zwemt hij samen in beeld met een hybride, mogelijk een Hybride Kuif- x Tafeleend. Dit is alweer mijn 4e Kleine Topper, na de vogel van Den Oever (maart 2009), Stellendam (april 2013) en Almere (november 2014). Andere leuke eenden die we hier zien, zijn een man Krooneend en enkele Brilduikers.

Kleine Topper met 3 Kuifeenden – Lesser Scaup with 3 Tufted Ducks

Na deze geslaagde twitch rijden we langs enkele plekken langs de Randmeren, met wisselend succes: het Broekbos is goed voor een roepende Sijs, 2 Krooneenden en enkele Dodaarzen, maar de Witoogeend laat zich helaas niet zien, zowel van de dijk als vanuit de hut niet. In het Harderbroek laat een 2kj Zeearend zich daarentegen wel fraai zien in de top van een dode boom. Net als ik mijn cameraatje wil pakken, vliegt de ‘vliegende deur’ (zoals deze enorme roofvogel ook wel genoemd wordt) op en vliegt nog een rondje door het gebied om daarna te verdwijnen. Gaaf, zeker omdat dit een nieuwe januarisoort was, waardoor ik deze soort nu in alle maanden gezien heb!

Tot slot kijken we (met opnieuw Diederik) een klein plasje langs het Wolderwijd af dat barstensvol met duikeenden zit, maar het lukt ons helaas niet om iets leuks uit de 100-en Kuif- en Tafeleenden te halen.