Tagarchieven: Zwarte Wouw

Eifel dag 2: Eifel NP en Blankenheim

Zaterdag 22 juli 2017

Vandaag gaan we de Eifel verkennen. Voor de ochtend staat een wandeltocht door het Nationale Park Eifel op het programma. Onderweg rijden we langs uitgestrekte agrarische gebieden waar we, net als gisteren, verschillende wouwen zien. Eenmaal stoppen we even langs de weg, zodat we ze wat beter kunnen bekijken. Hier tellen we zeker 3 Zwarte en 2 Rode Wouwen. Vooral de Zwarte Wouwen laten zich prachtig bekijken en fotograferen.

Zwarte Wouw – Black Kite

Zwarte Wouw – Black Kite

Aan het eind van de ochtend arriveren we bij het dorpje Dreiborn en even later lopen we over de uitgestrekte vlaktes van Dreiborn (genaamd de Dreiborner Hochfläche). De doelsoort hier is de Brilgrasmus, een in Zuid-Europa voorkomende grasmus die zeer zeldzaam is in NW-Europa. In dit gebied zit sinds half juni een mannetje te zingen (pas het 5e geval voor Duitsland). Eind juli, een paar dagen na ons bezoek, blijkt zelfs dat hier het eerste broedgeval van Duitsland heeft plaatsgevonden. Ik zal het kort houden, ondanks goed zoeken vinden we helaas geen Brilgrasmus. Gelukkig is er genoeg te beleven: in de lucht hangen enkele Rode Wouwen, een mannetje en jonge Grauwe Klauwier bevolken de struikjes en in de bosranden stikt het van de Geelgorzen.

Dreiborner Hochfläche

Geelgors – Yellow Hammer (photo: Peter van der Meer)

De show wordt vooral gestolen door de vele vlinders. Zagen we gisteren nog ons eerste Dambordje ooit, vandaag is het verreweg de talrijkste vlindersoort in dit gebied met vele 10-tallen exemplaren. Er zijn genoeg andere leuke soorten te zien: naast de algemene soorten vinden we o.a. een Bruine Vuurvlinder en een Koninginnepage vliegt snel langs ons heen. In de bosrand zien we nog meer leuke soorten: dankzij mannetje Keizersmantel blunderen we tegen zowel een Sleedoornpage als een Grote Weerschijnvlinder aan. We zien hier ook de enige libel tijdens deze vakantie: een Blauwe Glazenmaker.

Dambordje – Marbled White

Dambordje – Marbled White

Bruine Vuurvlinder – Sooty Copper

Blauwe Glazenmaker – Blue Hawker

De laatste uren van de middag besteden we bij Blankenheim, waar we de vele vlinders op de kalkgraslanden intensief afkijken. Vergeleken met bijvoorbeeld de Sint Pietersberg is het hier erg soortenrijk: soorten die in Nederland schaars of zeldzaam zijn, zoals Bleek Blauwtje, Dambordje, Keizersmantel en Bruine Vuurvlinder, zijn in groten getale aanwezig. Met wat meer geduld vinden we ook een Grote Parelmoervlinder, Boswitje, Bruin en Dwergblauwtje en onze tweede Sleedoornpage van de dag. Een gekke, kleinere parelmoervlinder (mogelijk Purperstreep-) is helaas te snel verdwenen.

Kalkgraslanden bij Blankenheim

Bleek Blauwtje – Chalk-hill Blue

Bleek Blauwtje – Chalk-hill Blue

Sleedoornpage – Brown Hairstreak

Grote Parelmoervlinder – Dark Green Fritillary (photo: Peter van der Meer)

Keizersmantel – Silver-washed Fritillary (photo: Frank van der Meer)

Advertenties

Hard werken op Vlieland

Maandag 22 t/m zaterdag 27 augustus 2016

Net als de laatste jaren vindt ook dit jaar weer een vogelkamp van de JNM plaats in de laatste week van augustus. Vorig jaar was dit in het Lauwersmeer, nu gaan we (net als in 2014) naar Vlieland. Het kamp begint op maandag 22 augustus als we gezamenlijk de half-3-boot nemen vanuit Harlingen. De rest van de dag doen we niet veel meer: fietsen huren, tent opzetten, elkaar beter leren kennen, etc. We zitten nog een uurtje aan zee, maar er vliegt niets noemenswaardig voorbij.

De dinsdag begint zeer vroeg, want al rond half zeven bevogelen we de oostpunt van het eiland. Op een zacht zingende Fitis na zit er helaas niet veel. Terug naar de camping (Lange Paal) voor ontbijt en dan verspreiden we ons in meerdere groepen over het eiland. Bij de Oostervallei krijgen Lonnie Bregman, Diedert Koppenol en ik de eerder op de ochtend door Lonnie gevonden Sperwergrasmus kort maar fraai te zien in een kaal struikje. Het is hier sowieso leuk vogelen met verder wat Tuinfluiters, Paapjes, een vroege Kramsvogel en een stille Sprinkhaanzanger. ’s Middags breekt de zon door en wordt het snikheet. In de Kroonspolders zit niet bijster veel, maar bij Bomenland is het wederom Lonnie die een Draaihals vindt. Ook de andere groepjes krijgen de vogel te zien. Bij de Oude Eendenkooi zien we bovendien nog een Grauwe en een Bonte Vliegenvanger. We zijn net terug op de camping als we het bericht krijgen dat de NJN (de ‘concurrent’) vanaf Terschelling over zee een Vale Pijlstormvogel richting Vlieland ziet vliegen. Als de wiederweerga fietsen we richting zee, maar wij moeten het doen met slechts een juveniele Zwarte Stern.

De volgende dag fietsen we richting de westkant. Tussen de Kroonspolders en de kazerne stop ik omdat ik duidelijk een Porseleinhoen hoor roepen. Het blijkt echter een tape te zijn dat vanaf de ringbaan komt… Een klein stukje verderop fietsen Lonnie, August van Steensel en ik bijna tegen een jonge Grauwe Klauwier aan. Het blijkt zelfs om twee exemplaren te gaan, die samen jagen vanuit de bosjes langs de weg. Net als gisteren is het al snel veel te warm om echt fanatiek te vogelen. De bosjes rondom de kazerne zijn angstvallig leeg. We zoeken tevergeefs naar een Sperwergrasmus van Gijsbert Twigt, wel komen we meerdere Paapjes, een groepje overvliegende Kruisbekken en roepende Baardmannen tegen. Bij de Nieuwe Eendenkooi zingt een Zwarte Mees. Na het avondeten inspecteren we het wad. Het zit barstensvol met steltlopers, maar gekke dingen komen we helaas niet tegen. De hoogtepunten worden gevormd door wat Kleine Strandlopers, Kanoeten, 1 Krombekstrandloper en een Zwarte Ruiter.

11818885

Grauwe Klauwier – Red-backed Shrike

De donderdagochtend begint met een roepende Witgat over mijn tent. In de Oostervallei vinden we de door Pieter van Veelen en co. gevonden Draaihals snel terug. Niet veel later worden we opgeschrikt door een luide kreet: “Wouw!”. En inderdaad, een paar tellen later hebben we een zeer fraaie jonge Zwarte Wouw in beeld. De roofvogel vliegt zeer laag boven de duintoppen en even later zien we de wouw zelfs in een den zitten. Erg gaaf! Hier vliegt ook een roepende Kruisbek over. Op de oostpunt is niet verder niet veel te beleven, dus besteden we de gehele middag aan zee. Een laagvliegende roofvogel boven de duinen blijkt opnieuw een (ongetwijfeld dezelfde) Zwarte Wouw te zijn. Over zee vliegt niet veel, alleen een groepje Zwarte Zee-eenden is het noemen waard. Een overvliegende kleinere Kokmeeuw met een opvallend doorschijnende handvleugel laat ons in verwarring achter… Tijdens het avondeten vliegt een Boomvalk over de camping en iets later krijgen we het bericht door dat Pieter en co. een Steppekiekendief hebben op de bij de kazerne. Daarom fietsen we terug de duinen in, maar helaas kunnen we de zeldzame kiekendief niet oppikken. Logisch, want later krijgen we bericht dat de kiekendief nog steeds in de duinen rondhangt. Voor velen van ons helaas te laat om actie te ondernemen.

11798200

Zwarte Wouw – Black Kite (photo: Casper Groenewegen)

De laatste hele kampdag beginnen we opnieuw aan zee. Op de weg daarheen stuit ik bij het bos van Lange Paal op een grote ‘flock’ met zangvogels. Het leukste zijn 2 Grauwe Vliegenvangers. Over zee zien we een clubje van 3 Drieteenmeeuwen, 2 Jan-van-Genten en een aantal Zwarte Zee-eenden. ’s Middags relaxen we wat en zien we niets noemenswaardigs.

De zaterdag staat in het teken van inpakken: om 12 uur precies nemen we de boot naar het vasteland. Ik word opgepikt door mijn broer en vader en we vogelen de rest van de dag langs de Friese Waddenkust. We beginnen bij de plasjes net ten zuiden van Harlingen (langs de N31), waar een van de eerste vogels die we hier zien een Koereiger blijkt te zijn! Andere leuke soorten zijn twee Goudplevieren, 1 Zomertaling en meerdere Zwarte Ruiters. Vervolgens zetten we koers richting Westhoek, waar we samen met Toy Janssen, Maartje Bakker en de mannen Molenaar intensief het wad afkijken voor strandlopers. Het tij blijkt echter niet mee te werken, want zelfs met hoogwater zitten de 10.000-en steltlopers te ver om te kunnen determineren. Mogelijk zorgt de oosterwind ervoor dat het wad niet onder water loopt? We kunnen slechts enkele Kleine en Krombekstrandlopers onderscheiden. Tijdens de terugweg stuiten we nog op de waarneming van de dag: een groep van 80+ Sneeuwganzen zit vlak langs de weg.  😉

11811362

Koereiger – Cattle Egret

11811886

Sneeuwganzen – Snow Geese

Helaas leverde het kamp geen knaller op (qua vogels viel het zelfs behoorlijk tegen), maar natuurlijk was het erg gezellig en dus zeker geen verspilde tijd. Volgende keer beter.  😉

Rovers kleuren de lucht tijdens het Dutch Birding-voorjaarsweekend

Donderdag 5 tot en met zondag 8 mei 2016

Afgelopen weekend vond het Dutch Birding-voorjaarsweekend op Texel plaats. Tijdens dit weekend vogelden 100-en vogelaars het hele eiland af, op zoek naar schaarse en zeldzame soorten. Leuke soorten werden vervolgens via Waarneming.nl en een Texelse Whatsappgroep verspreid (en echte zeldzaamheden ook via Dutch Bird Alerts). Doordat wij ook donderdag (bevrijdingsdag) en vrijdag vrij waren, maakten we er een lang weekend van. Het gehele weekend heerste er een wind uit zuidoostelijke richting, met temperaturen van ruim boven de 20 graden. Dit leidde tot overweldigende roofvogeltrek en ook andere vogels van zuidoostelijke herkomst (Bijeneters, Roodkeelpiepers, e.d.) werden vaker gemeld dan normaal. Hieronder volgt een verslag van deze succesvolle dagen, met maar liefst 4 nieuwe Texelsoorten voor mij.

Aan het eind van de avond van zaterdag 7 mei zat een Witbuikrotgans tussen plusminus 500 rotganzen aan het einde van de Hoofdweg, net ten zuiden van Dorpzicht. Een zoektocht naar de Balkankwikstaart in de Nederlanden op donderdag 5 mei leverde alleen een fraai foeragerende Kleine Zilverreiger op. Een van de hoogtepunten van het weekend was een overvliegende Zwarte Ooievaar op 7 mei. Doordat de vogel goed gevolgd en actief doorgegeven werd, lukte het Frank en mij om de ooievaar al vroeg boven de Slufter op te pikken. Uiteindelijk hebben we het beest vanaf een duintje naast bungalowpark de Sluftervallei ruim een kwartier kunnen volgen, tot ver boven de Vijver van Jochems. Op 4 mei pikten we vanaf de grote parkeerplaats in De Koog een Ooievaar op, een soort die qua zeldzaamheid niet veel onderdoet voor de Zwarte Ooievaar.

Zwarte Ooievaar – Black Stork

Ruigpootbuizerd – Rough-legged Buzzard

Dit lange weekend regende het leuke roofvogels. Vooral de Visarenden waren erg goed vertegenwoordigd met in totaal tientallen exemplaren. Voor ons eindigde de teller op 5 exemplaren: 1 op 6 mei (etend op een akker langs de Vuurtorenweg), 2 op 7 mei (langs de Robbenjager) en 2 op 8 mei (over De Tuintjes). Een van de absolute hoogtepunten was de waarneming van twee Zwarte Wouwen op 8 mei. Dankzij een whatsappje dat iemand er eentje vanaf het uitkijkpunt in de Tuintjes in beeld had, vonden wij diezelfde vogel vanuit de Tuintjes terug boven De Cocksdorp. Vanaf hier kwam de vogel steeds dichterbij, landde hier in de duinen en liet zich aan de grond fantastisch zien. Met die vogel in beeld werd een andere Zwarte Wouw gevonden boven de Vijver van Jochems. Toen de eerste vogel die tweede door had, vloog ook die op, schroefden ze samen omhoog en vlogen ze samen het eiland af richting Vlieland. Een fantastische waarneming van een soort die wij veel te weinig zien (pas mijn 5e en 6e exemplaar in 7 jaar tijd).

Zwarte Wouw – Black Kite

Zwarte Wouwen – Black Kites (photo: Peter van der Meer)

Een ander hoogtepunt was het mannetje Grauwe Kiekendief die we bij de Vuurtoren konden oppikken. De kiekendief vloog erg laag en op erg korte afstand, dus een erg fijne waarneming. Met dank aan Vincent van der Spek en co, die ons wezen op deze roofvogel. Erg laat was een Ruigpootbuizerd die wij op vrijdag 6 mei vanuit de auto oppikten. De vogel vloog vlak naast ons op de Stuifweg, waarna de vogel al cirkelend richting Dorpzicht vloog en hier nog door een andere vogelaar werd teruggevonden. Dit was pas mijn tweede Ruigpootbuizerd in mei. Een Smelleken vloog op 7 mei over de Vuurtoren, terwijl later die dag twee exemplaren op een akker zaten aan het eind van de Hollandseweg (plek Morinellen, die overigens schitterden door afwezigheid). Een andere schaarse valkensoort is de Boomvalk, waarvan wij ook twee waarnemingen deden dit weekend (ook beide op 7 mei): jagend boven de grote parkeerplaats in De Koog en overvliegend boven de tuin in vakantiepark De Krim.

Grauwe Kiekendief – Montagu’s Harrier (photo: Peter van der Meer)

Grauwe Kiekendief – Montagu’s Harrier (photo: Peter van der Meer)

Een zeer luid en fanatiek zingend Porseleinhoen langs de Roggesloot (De Cocksdorp) betekende een zeer fijne toevoeging aan mijn Texellijst. Een zelfgemaakte geluidsopname is hier te beluisteren. Een groepje van 4 Temmincks Strandlopers zat zaterdagavond (7 mei) op het Renvogelveldje, bij de Robbenjager. Hier zat een dag eerder ook een 2kj Dwergmeeuw. Diezelfde dag zong bij vakantiepark de Sluftervallei een Zomertortel vanuit de top van een boom. Net ten noorden van De Tuintjes vloog ook op 6 mei een Velduil ver over zee richting Vlieland. “Loeigaaf” (om Frank te citeren) was een, op 7 mei, door ons gevonden Draaihals bij de Hanenplas. De vogel zong zelfs (!) en vloog al snel de golfbaan over richting het vakantiepark De Krim. Hier konden we deze zeldzame spechtensoort helaas niet meer lokaliseren. Ook leuk was een Bonte Kraai die regelmatig op een nietszeggend gazonnetje midden in De Koog aan het foerageren was. Erg leuk om deze steeds zeldzamer wordende kraaiensoort eens van zo dichtbij te kunnen bekijken.

Bonte Kraai – Hooded Crow (photo: Peter van der Meer)

De noordkop zaten weer vol met zingende Nachtegalen, Braamsluipers en, in mindere mate, Sprinkhaanzangers. Mijn eerste Texelse Iberische Tjiftjaf (en 3e ooit) zong op 8 mei in de Vijver van Jochems (geluidsopname). Met enige moeite was de vogel prima te horen vanaf het fietspad tussen de Sluftervallei en de Robbenjager. Een fijne terugvondst van de vogel die wij op donderdag misten langs de Vuurtorenweg. Dit weekend leverde twee Paapjes op: eentje langs de Hanenplas en eentje net ten zuiden van De Tuintjes. Dit gebied was op 8 mei erg goed voor kleine zangers: in de struikencomplexen zaten minstens 2 Bonte Vliegenvangers, 1 Grauwe Vliegenvanger, 1 vrouw Gekraagde Roodstaart en zelfs een (1e zomer?) Kleine Vliegenvanger. Deze laatste was vaak lastig te zien, maar met enig geduld ging de vogel vrij zitten in een meidoorn en was dan prima te zien. De kale duintjes tussen de Robbenjager en de Vuurtoren waren op 7 mei goed voor vele Engelse en Noordse Kwikstaarten.

Een drukke week

Zaterdag 23 april 2016

Het was me het weekje wel. Vooral de eerste dagen was ik nog steeds in de wolken door de spectaculaire vondst van ‘mijn’ Westelijke Baardgrasmus (die helaas dinsdag vertrokken bleek te zijn). Mooi weer bovendien, waardoor ik af en toe tijd wat vrij gemaakt heb om te gaan vogelen. Zo leverde me dat de afgelopen week in de omgeving van Wageningen veel leuke soorten op. Maandagavond (18 april) een avondje in de Wageningse Bovenpolder gedaan, waar (medestudenten) Bram de Vries, Martijn van der Neut en ik onder het luide gehoemp van een Roerdomp zochten naar Beflijsters. Met resultaat, uiteindelijk vonden we twee exemplaren.

Donderdagmiddag spoedde ik mij na mijn middagvak opnieuw naar de Wageningse Bovenpolder, deze keer om zelf lekker te vogelen. Dat viel me niet bepaald tegen. Zo zongen in de uiterwaarden vele Grasmussen, een enkele Braamsluiper en vond ik mijn eerste Koekoek van het jaar. Een Groene Specht vloog met me mee, terwijl een 2kj Pontische Meeuw boven de nevengeul in het gebied vloog. De vogel twijfelde even om te landen, maar besloot toch door te vliegen. Het hoogtepunt hier was een Zwarte Wouw, een soort waar wij absoluut niet verwend mee worden. Dit was pas mijn vierde in 7 jaar tijd. De vogel cirkelde laag boven de uiterwaard, maar won wel snel hoogte om boven de steenfabriek uit beeld te verdwijnen. Vervolgens fietste ik door naar het Renkumse Beekdal om op zoek te gaan naar een van mijn lievelingsvogels: de Middelste Bonte Specht. Het duurde even, maar gelukkig vond ik minstens 1 vogel in een gemengd Eiken-Beukenbos. De specht liet zich prachtig zien en deed aardig broedverdacht.

Dan ’s avonds het bericht dat de eerder gevangen Zwartkoprietzanger zich liet horen. Voor Rick Schonewille en mij was dit het teken om donderdagavond te gaan luisteren in de Ooijpolder. Helaas voor ons hield de vogel zijn snavel. Opmerkelijk trouwens was hoe weinig man zijn kans schoon zag die avond, met slechts drie andere vogelaars.

Terwijl vandaag (zaterdag) vrijwel iedere vogelaar richting de Ooijpolder ging om de rietzanger te horen, weerstaan Frank, mijn vader en ondergetekende die verleiding (alhoewel, hoe verleidelijk is het om via een parabool een ver weg zingende en onzichtbaar in het riet verstopte vogel te horen die soms zelfs voor een Kleine Karekiet wordt uitgescholden?) en rijden we naar Waverhoek. Hier had Sander Haak gisteren een Steltkluut gevonden, een zeldzame maar toch jaarlijks in de regio verschijnende steltloper. Samen met Paul van de Werken vinden we al gauw de vogel, die vlak langs het pad foerageert. Boven onze hoofden vliegen vrijwel alle soorten zwaluwen (Gier-, Huis-, Oever- en Boerenzwaluwen). De behoorlijk straffe wind maakt het niet bepaald aangenaam buiten en nadat we de plassen gauw hebben afgespeurd (paar Zwarte Ruiters, waaronder enkelen in zomerkleed) lopen we gauw weer terug naar de auto.

Steltkluut – Black-winged Stilt

We rijden een klein stukje door richting Botshol, waar we boven de Grote Wije verblijd worden door een negental Dwergmeeuwen, die op kenmerkende wijze vlak boven het wateroppervlak op insecten foerageren. In een polder langs de Hoofdweg stuiten we bovendien op drie Zwartkopmeeuwen, die net als enkele Kokmeeuwen op een pas bewerkt weiland foerageren. Als alle meeuwen opvliegen (oorzaak onbekend), zien we plotseling ook weer drie Dwergmeeuwtjes. Een leuk einde van deze dag.